Summary Aarde, Mens en Milieu 1

-
416 Flashcards & Notes
5 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Aarde, Mens en Milieu 1

  • 1.1 Over het ontstaan van elementen, ons zonnestelsel , de aarde en het leven

  • Wanneer en hoe is het heelal ontstaan?
    Heelal is ongeveer 14 miljard jaar geleden ontstaan door een geweldige explosie(Oerknal) waarbij de ontstane materie afkoelde en sterren zijn gevormd.
  • Welke twee processen liggen ten grondslag aan het ontstaan van elementen in ons heelal?
    Kernfusieproces en neutronenproces
  • Kernfusieproces in sterren gebeurt onder extreem hoge temperaturen  waarbij veel energie vrijkomt in de vorm van straling. Daarbij wordt waterstof omgezet in helium, wat weer omgezet wordt in koolstof. Hiermee is het opbouwproces van elementen begonnen, echter geen elementen zwaarder dan ijzer.
  • Neutronenproces komt opgang wanneer sterren tegen het einde van hun 'leven' ontploffen. 
    De zgn. supernova's .
    Er ontstaat een zwaarder isotoop van een element door 'vangen' neutron. Dit zwaardere isotoop stoot elektron af waardoor nieuw element ontstaat.  
    Dit gebeurt voor elementen zwaarder dan ijzer.
  • Hoe is ons zonnestelsel ontstaan?
    Zonnestelsel is ontstaan als 'oernevel' door uitstoot van materiaal uit oude sterren waarbij dit materiaal werd gemengd met waterstofgas, stof en gruis  dat al aanwezig was tussen sterren. Door condensatie van dit materiaal zijn de zon en andere vaste lichamen ontstaan.
    Door differentiatie van materie in de gevormde lichamen ontstond bv. ijzer en silicium.
  • Hoe is de aarde samengesteld?
    1. Kern     -  Binnenste kern vast door druk. Bevat hoofdzakelijk ijzer.                                                        Buitenste kern vloeibaar door hitte.
    2. Mantel - Min of meer plastisch. Silicaat
    3. Korst    - 3.8 miljard jaar gelegen gevormd. Silicaat
  • Hoe is aarde ontstaan?
    Condensatie - Door samenpersing van oernevel materie 
                            - Kinetische energie van bewegende deeltjes omgezet in warmte
                            - Radioactieve isotopen in nevel met korte halveringstijd geeft veel warmte

    Differentiatie - Warm radioactief afval zorgde voor opsmelting aardmassa waarbij
                              zwaarder ijzer naar beneden is gezakt en silicatenmantel en gasvormige
                              atmosfeer is ontstaan.
  • Welke soorten aardgesteenten kunnen we onderscheiden?
    1. Metamorf - Ontstaan uit oudere gesteenten als gevolg van rekristallisatie en chemische reacties onder invloed van verhoging temperatuur en druk
    2. Magmatisch - Ontstaan door stolling uit magma
    3. Afzettings of sediment - Ontstaan door afzetting van afbraakprodukten van oudere gesteenten vermengd met plantaardige en/of dierlijke resten. 
  • Wat is gefractioneerde kristallisatie?
    Gesteenten gevormd door herhaaldelijk smelten en stollen.
  • Wat is selectieve extractie?
    Door verschil in oplosbaarheid zijn aantal stollingsgesteenten geheel of gedeeltelijk opgelost in water.
  • Wat is de evolutietheorie (Biologische evolutie)?
    Met het voortschrijden van de geologische tijd ontwikkelen jonge levensvormen  zich uit oudere levensvormen.
  • Wat is paleontologie?
    Studie van uitgestorven levensvormen en de biologische evolutie.
  • Wat is radioactieve tijdmeting?
    Ouderdom kan eenduidig worden vastgesteld wanneer men in een gesteente de verhouding meet tussen de radioactieve isotoop en zijn stabiele verval produkt.
  • Wat is relatieve tijdmeting?
    Relatieve tijdmeting gebeurt dmv. fossielen. Hiermee kan de ouderdom van gesteenten tov. elkaar worden vastgesteld. Er kunnen geen absolute jaartallen aan worden verbonden.
    Het kan alleen in sedimentsgesteenten worden gebruikt  uitgezonderd in tijdschaal Pre-cambrium
  • Ontwikkeling biosfeer heeft zich in een aantal stadia voltrokken.
    1. Uit niet-levende materie via complexe chemische reacties
    2. Atmosfeer bestond in begin alleen uit water, methaan en/of koolstofdioxide en amoniak en/of stikstof. Geen zuurstof aanwezig.
    3. Dmv. elektrische ontladingen of UV-straling kunnen complexe organische moleculen worden gesynthetiseerd. Dit zijn de bouwstenen voor alle levensvormen.
    4. Levende organismen in oersoep waren heterotroof. Zij haalden voedsel uit organische moleculen. Vereist voor de absorptie van UV-straling van de zon bij het ontbreken van zuurstof.
    5. Ontwikkeling van chlorofyl houdende organismen bracht zuurstof in atmosfeer agv fotosynthese.
    6. Toename van zuurstof in atmosfeer had als gevolg dat UV-straling meer en meer werd geabsorbeerd waardoor leven zich kon uitbreiden naar ondieper water en uiteindelijk naar het aardoppervlak.
  • 1.2 De lithosfeer: dynamiek door plaattektoniek

  • Waarom toont het huidige beeld van de aarde alleen de jongste fase van de voortgaande "face-lifting"van de aarde?
    Dit komt door de dynamische samenhang van gesteenten, lucht, water, ijs en levende organismen. Deze zijn continu in beweging tov. elkaar en veroorzaken veranderingen in en op de aardkorst. vb Klimaat, verdeling land-zee
  • Welke krachtbronnen drijven de bewegingen in een dynamische aarde aan?
    1. Exogene energie afkomstig van kernfusie in de zon. Deze externe warmte is van invloed op de atmosfeer, hydrosfeer en biosfeer.
    2. Endogene energie geproduceerd door verval van radioactieve elementen in de aarde.
    3. Getijdenenergie.
  • Wat is tektoniek?
    Leer der bewegingen van de aardkorst.
  • Wat is het plaattektoniek model?
    Volgens de platentektoniek bewegen de continenten (platen) als gevolg van convectiestroming in de mantel. Ze bewegen langzaam van elkaar af, botsen tegen elkaar, schuiven onder elkaar door, of schuren langs elkaar heen. Dit veroorzaakt verschillende verschijnselen aan de oppervlakte, zoals aardbevingen, vulkanisme, en langzame veranderingen, zoals bodemdaling, gebergtevorming en de verplaatsing van continenten. 
  • Welke twee onderzoeksmethoden ondersteunen het plaattektoniek model en beschrijf deze?
    1. Paleoklimatologie - Onderzoek van vroegere klimaten.
    2. Paleomagnetisme - Gesteenten kunnen magnetisch zijn als ze magnetische mineralen bevatten. Magnetische mineralen in gesteenten nemen de richting aan van het aardmagnetisch veld ten tijde van hun vorming, waardoor de steen zelf ook (zwak) magnetisch wordt. Door het magnetisch veld in een gesteente te meten kan bepaald worden op welke breedtegraad en soms zelfs lengtegraad het gevormd is. Als gesteenten onbeweeglijk op dezelfde plek op aarde zouden blijven zou dit niet interessant zijn, maar dankzij plaattektoniek bewegen gesteenten met de continenten over het aardoppervlak. Als de ouderdom van een gesteente bekend is, kunnen aan de hand van paleomagnetisme de bewegingen van de continenten gereconstrueerd worden.
  • Wat is een MOR?
    Mid oceanische ruggen zijn gebergtegordels in oceanen tussen continenten.
  • Hoe wordt oceanische lithosfeer gevormd?
    Door het uiteenwijken van de oceanische lithosfeer in het centrale deel van de MOR's  en het opvullen van de ontstane spleten met  stollend magma wordt weer nieuwe oceanische lithosfeer gevormd.
  • Welke soorten begrensingen kunnen de lithosferische platen hebben?
    1. Spreidingsruggen waar de platen van elkaar af bewegen.
    2. Subductiezones waar de platen naar elkaar toe bewegen en over elkaar heen worden geschoven.
    3. Transformbreuken waar de platen langs elkaar bewegen.
  • Wat is de oorzaak van de beweging van lithosferische platen?
    Convectiestromen. Deze stromen worden in stand gehouden door de warmte die vrijkomt uit het verval van radioactieve elementen in de aardmantel.
  • Welke twee processen verklaren het vulkanisme boven subductiezones?
    1. Sterke opwarming aan de bovenkant van de onderschuivende lithosfeer veroorzaakt een smelt die relatief licht is en opstijgt.
    2. Door magmavorming doordat gesteenten smelten in de bovenmantel (asthenosfeer) boven de onderschuivende lithosfeer. Door drukverhoging komt water vrij dat smeltpunt van gesteenten in bovenmantel verlaagd.

  • De maximale diepte waarop aardbevingen plaatsvinden, blijkt 700 km te zijn. Deze hellende zones van hypocentra worden Benioff-zones genoemd. Zij markeren de plaats waar oceanische lithosfeer verdwijnt in de mantel. Dergelijke gebieden worden subductiezones genoemd.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

vitamine d
zorgt voor een sterk skelet. wordt door de huid aangemaakt in de zon en kan worden opgenomen in voedsel
calcium
tekort kan zorgen voor osteoporose en fracturen. calciumopname wordt positief beinvloed door vitamine d. eiwit en natrium verhogen calciumuitscheiding. regelmatige inspanning heeft een positief effect op de calciumbalans
enkelvoudig onverzadigde vetzuren
vormen de sluitpost voor energieinname door vetten
meervoudig onverzadigde vetzuren
n-3-vetzuren hebben een bescherming tegen hartziekten, adequaat: 1% energieinname
verzadigde vetzuren en transvetzuren
niet nodig in voeding, kunnen zorgen voor hartziekten, maximaal 10% van energieinname
Minimumbehoefte vetten
maximaal 40% van de energie inname, 35% voor mensen met overgewicht. minimaal 20% van de energieiname. lager is nadelig voor HDL cholestrol, en voorziening met essentiele vetzuren
minimum behoefte eiwitten
ongeveer 10% van energieiname. ongeveer 0,8g/kg(lichaamsgewicht) per dag. Voor veganisten 1,3
minimumbehoefte koolhydraten
minimaal 40% van de energieinname. bij een tekort aan koolhydraten breekt het lichaam eiwitten af om glucose te vormen
Aanbevolen voedingsstof
hoeveelheden energie en voedingsstoffen die per persoon per dag beschikbaar moeten zijn voor consumptie om een goede voedselvoorziening voor de totale bevolking te kunnen verzekeren. hier is uitgegaan van de minimumbehoefte om stofwisselingsfuncties normaal te laten verlopen
Starveren
onthouden van eten (verlagen Ei) zorgt voor een verlaging van gewicht tot een nieuwe evenwichtssituatie