Summary Algemene managementkennis

-
ISBN-13 9789057523007
129 Flashcards & Notes
3 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Algemene managementkennis". The author(s) of the book is/are Ad Bakker & Ton Verweij. The ISBN of the book is 9789057523007. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Algemene managementkennis

  • 1 Management

  • Ee ziekenhuis is een voorbeeld van een non-profitorganisatie. Desondanks spelen financieel-economische overwegingen in het management van ziekenhuis een steeds belangrijkere rol.
    A. Leg uit waarom een ziekenhuis wel een bedrijf maar geen onderneming is.
    B. Motiveer waarom steeds meer managementmethoden en -hulpmiddelen uit de profitsector een rol spelen in ziekenhuizen.
    A. Een ziekenhuis is een bedrijf omdat het een product/dienst levert voor een markt (gezondheidsmarkt). Het is geen onderneming omdat het winststreven ontbreekt.
    B. In het management van ziekenhuizen spelen bedrijfseconomische factoren een steeds grotere rol (budgetten, tarieven, kengetallen, financiële normen en investeringen). Bedrijfseconomische principes spelen daardoor een dominante rol naast overwegingen van gezondheidszorg 
  • In bedrijven vinden transformatieprocessen plaats. Deze zijn onderdeel van het primaire proces van het bedrijf.

    A. Leg uit wat het verschil is tussen het transformatieproces e het primaire proces in het bedrijf.
    B. Motiveer of er in dienstverlenende organisaties wel of geen transformatieprocessen voorkomen.
    A. Een transformatieproces is de omzetting van productiemiddelen in eindproducten (of diensten). Dit maakt deel uit van het primaire proces, waartoe behalve het transformatieproces, het inkoop- en verkoopproces worden gerekend 
    B. In puur dienstverlenende organisaties vinden geen fysieke transformatieprocessen plaats. Wel worden kennis en ervaring van medewerkers omgezet in oplossingen voor probleemsituaties
  • We onderscheiden drie niveaus van management: Strategisch, tactisch en operationeel.
    A. Beschrijf de kenmerken van tactisch management.
    B. Geef drie voorbeelden van beslissingen die tot het tactisch management gerekend worden.
    A. Tactisch management betreft veelal de middellangetermijnwerking, is een concretisering van het strategisch management (beleid), wordt doorgaans uitgevoerd door het middle management en beslissingen worden genomen in een beperkte mate van onzekerheid.
    B.  Ontwerpen van een organisatiestructuur, beoordelings- en beloningssysteem en beslissingen inzake de marketingmix van een bedrijf zijn voorbeelden van tactische beslissingen.
  • Zie casus HS.1 Opgavenboek Middle Management Aardewerkfabrik
    1. De productie en verkoop van beschilderd aardewerk (aan diverse markten).
    2. Ja, het is een samenwerkingsverband van mensen gericht op een bepaalde doelstelling (organisatie), waarmee in een bepaalde maatschappelijke behoefte wordt voorzien (bedrijf), opdat daarmee winst wordt behaald (onderneming).
    3. Natuur: Grond- en hulpstoffen (aardewerk en verf). Energie: Voor verwarming. Kapitaal: Grond en gebouwen. Machines en gereedschappen: Ambachtelijk, dus weinig (kwasten e.d.). Arbeid (medewerkers): (te veel) plateelschilders met langdurige opleiding. Diensten van derden: Administratie
    4. Er is geen strategie. De indruk bestaat dat er niet naar de markt wordt gekeken. Er wordt al jaren gewerkt volgens een bestaand procédé, waarbij op voorraad wordt geproduceerd. Omdat een verkoopplanning ontbreekt, vindt er geen coördinatie plaats tussen de verschillende bedrijfsfuncties. Daarnaast ontbreekt een financiële administratie zodat er geen cijfermatig inzicht is in de activiteiten, de kostprijs van de verschillende producten en de personeelskosten. Gebouwen verkeren in deplorabele staat, er ontbreken machines en modern gereedschap (ambachtelijke productie), er is afhankelijkheid van (te veel) plateelschilders, er zijn geen administratieve medewerkers.
    5. In de eerste plaats zal drs. Vijn een nieuwe strategie moeten opzetten. Dat betekent dat hij op basis van een marktonderzoek komt tot een bepaalde omzet- en winstdoelstelling. Daarna gaat hij beleid formuleren op verschillende deelterreinen. Verkoopbeleid: Marktonderzoek, aantrekken verkoopdeskundigen. Productieplanning: Opstellen productienormen naar kwaliteit en productietijd; investeren in productiemiddelen machines, gebouwen. Administratie: Opzetten van een informatiesysteem waarin normen voor informatievoorziening en -verwerking zijn opgenomen. Personeel: Opzetten van personeelsbeleid voor omscholing en dergelijke. Management: Gebrek aan management oplossen door inzet van moderne managementtechnieken.
    6. Verandering van productiegestuurde productie naar marktgestuurde productie, financiering rondkrijgen (extern), terwijl geldverschaffers op de hoogte zijn van de slechte situatie en vooruitzichten van het bedrijf (voorraden, gebouwen, directie, personeel) en doorvoeren van personeelsbeleid (andere functies, afvloeiing e.d.), afstemming korte-, middellange- en langetermijnplanning.
  • 2 Omgeving en belanghebbenden

  • Bedrijven functioneren in een omgeving. Door goed in te spelen op de omgevingsinvloeden kan het management de continuïteit van een bedrijf waarborgen. Een van de onderdelen van de omgeving is de meso-omgeving van een bedrijf.
    A. Wat verstaan we onder de meso-omgeving van een bedrijf?
    B. Leg uit of de meso-omgeving tot de directe of de indirecte omgeving van een bedrijf behoort.
    A. De meso-omgeving betreft dat deel van de omgeving dat zich buiten het bedrijf bevindt en waar het management te maken heeft met belanghebbenden die enigermate zijn te beïnvloeden. Voorbeelden zijn vakbonden, banken en afnemers.
    B. De meso-omgeving hoort tot de directe omgeving, omdat factoren in de meso-omgeving tot op zekere hoogte door het management van een bedrijf zijn te beïnvloeden, bijvoorbeeld door reclame, prijzen verlagen en/ of onderhandelingen
  • Banken horen als verschaffers van vreemd vermogen tot de directe omgeving van een bedrijf. Daarmee zijn banken belanghebbende bij de resultaten van een bedrijf.

    A. Leg uit wat het belang is van baken bij de continuïteit van een bedrijf.
    B. Waarom behoren baken tot de directe en niet tot de indirecte omgeving van een bedrijf?
    A. De meeste bedrijven werken niet uitsluitend met eigen vermogen. Voor de financiering van hun activiteiten zijn die bedrijven afhankelijk van de financiering door banken. Wanneer de bank de kredietkraan dichtdraait brengt dat de continuïteit van het bedrijf direct in gevaar.
    B. Het management van een bedrijf heeft een onderlinge afhankelijkheidsrelatie met banken. Door onderhandelingen komen directie en banken tot gezamenlijke beslissingen. Ze beïnvloeden elkaar over en weer
  • Een bedrijf heeft te maken met verschillende belanghebbenden, zoals vakbonden, medewerkers, banken en kapitaalverschaffers.
    A. Motiveer waarom de verschillende belanghebbenden van een bedrijf niet allemaal maximaal hun zin kunnen krijgen.
    B. Geef twee voorbeelden van strijdige belangen van stakeholders die bij een bedrijf betrokken zijn.
    A. Belanghebbenden (stakeholders) hebben voor een deel tegenstrijdige belangen. Meer salaris (werknemers) gaat bijvoorbeeld ten koste van de winst (eigen-vermogenverschaffers). Het management moet die tegenstrijdige belangen onder één noemer brengen en elk van de belanghebbenden naar tevredenheid bedienen.
    B. Voorbeelden van tegengestelde belangen: Lage verkoopprijs (afnemers) kan in strijd komen met hoge winst (eigen-vermogenverschaffers) en hoge lonen kan in strijd komen met een gewenste lage verkoopprijs
  • De ondernemingsraad is een wettelijk orgaan van een bedrijf. Dankzij de ondernemingsraad hebben medewerkers zeggenschap in de beslissingen van het management.
    A. Leg uit of er in geval van de ondernemingsraad sprake is van directe of indirecte zeggenschap.
    B. Noem twee voorbeelden van managementbeslissingen waarbij de ondernemingsraad adviesrecht heeft.
    A. Bij de ondernemingsraad is sprake van indirecte zeggenschap. Medewerkers van een bedrijf hebben zeggenschap via de door hen gekozen vertegenwoordigers (leden van de ondernemingsraad).
    B. Fusie, grote investeringen, benoeming van bestuurders en reorganisaties.
  • Casus Slapende honden worden wakker. zie HS. 2 van Opgavenboekje Middle Mangement
    1. Janssens ziet de financiële positie van zijn bedrijf langzaam verslechteren. Om daarin verbetering te brengen kan naar de opbrengsten- en naar de kostenkant worden gekeken. Meer aandacht voor de opbrengstenkant (België en de Arabische wereld) heeft niet tot noemenswaardige effecten geleid op omzet en resultaten. Vandaar dat Janssens nu probeert wat aan de kostenkant te doen. Daarbij volgt hij de volgende redenering: Toenemende mechanisatie kan de kosten per eenheid drukken; er zullen minder dure vakbekwame arbeidskrachten nodig zijn. Dat leidt tot een daling van de verkoopprijs, waardoor de vraag naar de producten toeneemt. Om de kosten zo veel mogelijk te drukken moeten de overheadkosten ook omlaag. Sluiting van een complete vestiging levert daaraan een flinke bijdrage.
    2 a/b/c De ondernemingsraad (bij monde van zijn voorzitter) wil invloed op het beleid kunnen uitoefenen. De ondernemingsraad heeft adviserende bevoegdheden waar het gaat om het beleid van het bedrijf (belangrijke investeringen of inkrimping van activiteiten), en daarvan is hier sprake. 

    3 A. Janssens zal snel alles in het werk moeten stellen om ervoor te zorgen dat de zaak niet uit de hand loopt, want dan verliest hij greep op de zaak. Hij moet de betrokkenen snel inlichten, waarschijnlijk nog dezelfde avond. Hij doet er goed aan het reorganisatieplan niet als het definitieve plan voor te stellen, maar het bespreekbaar te maken. Enige tact is daarbij wel nodig, omdat de ondernemingsraad zich gepasseerd voelt. Iedereen is erg verrast. Hij zal de voorstellen goed financieel moeten onderbouwen.
    B. De randvoorwaarden liggen in het financiële en sociale vlak. Hoe zwak is de financiële positie van Janssens? Is er nog tijd om alternatieven te bedenken? Geniet Janssens voldoende vertrouwen van de belanghebbenden, zodat zij het overleg met hem willen openen?
    4.  De omgeving waarin een onderneming werkt is in de loop der jaren sterk veranderd. Belanghebbenden, zo bleek uit de casus, zijn zich intensiever gaan bezighouden met de activiteiten van de leiding. Ook de individuen of medewerkers zijn mondiger geworden. De organisatie en de leiding van de onderneming zal hierop moeten inspelen, onder andere door meer openheid en inspraak. De in- en externe belanghebbenden kunnen niet genegeerd worden. Voor de directeur van kleinere bedrijven betekent dit dat van hem wordt verwacht dat hij zich persoonlijk bemoeit met de belanghebbenden en uit zijn ivoren toren komt.
    5. Overlegvergadering.
    6. Adviesbevoegdheid.
    7 a. Instemmingsbevoegdheid.
    B
    Personele aangelegenheden; bijvoorbeeld werk- en rusttijden, arbeidsreglement, pensioenvoorzieningen en werkoverleg.
    8 Bij de Ondernemingskamer van het Gerechtshof te Amsterdam kan de OR in beroep gaan. 
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.