Summary Algemene Muziektheorie

-
ISBN-10 9043115959 ISBN-13 9789043115957
111 Flashcards & Notes
3 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Algemene Muziektheorie". The author(s) of the book is/are Jan van den Eijnden. The ISBN of the book is 9789043115957 or 9043115959. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Algemene Muziektheorie

  • 1 Algemene muziektheorie

  • Noem de kleine tertstoonladder tot en met 7 mollen 
    D/G/C/F/Bes/Es/As
  • Noem de kleine tertstoonladder tot en met 7 kruizen
    E/B/Fis/Gis/Cis/Dis/Ais
  • Noem de grote terts toonladder tot en met 7 mollen
    F/Bes/Es/As/Des/Ges/Ces
  • Wat betekent gelijknamige toonladder?
    2 Toonladders met de zelfde grondtoon en met verschillende voortekens 
  • Wat betekent parallel toonladder?
    2 Toonladders met de zelfde vaste voortekens
  • Wat is een modulatie?
    Verandering van toonsoort bijv. van C groot naar G groot
  • Welke Intervallen lees je rechtsom en welke linksom?
    Kruizen (kwint)rechtsom en Mollen kwart linksom
  • In welke soort muziek kom je de pentatonische toonladder tegen?
    In de Negro Spirituals
  • Wat is een Hexatonische toonladder?
    Dat is een toonladder bestaande uit 6 tonen en alleen hele afstanden.
  • Noem de grote terts toonladder tot en met 7 kruizen
    G/D/A/E/B/Fis/Cis
  • Zigeunertoonladder ?
    Dat is een Harmonische kleine terts toonladder met een verhoogde kwart
  • Welke Diatonische toonladders zijn er(hele en halve afstanden)?
    1 Grote tertstoonladder 
    2 Kleine tertstoonladder -Oorspronkelijk
                                              -Harmonisch
                                              -Melodisch
    3 Zigeuner toonladder(harmonische kleine terts met verhoogde kwart) 
    4Chromatische toonladder (alleen maar halve afstanden)
    5 Hexatonische toonladder (hele toon afstanden)
    6 Pentatonische toonladder (c-d-e-g-a-c) (slechts 5 tonen) komt vaak voor in Negro spirituals.
  • Welke majeurtoonladders zijn enharmonisch gelijk?
    Des/Cis Ges/Fis B/Ces
  • Hoeveel majeurtoonladders zijn er in totaal ?
    12
  • 2 Intervallen

  • Welke intervallen zijn dissonant?
    K2-G2-K7-G7-O4-V5
  • Welke intervallen zijn onvolkomen consonant?
    K3-G3-K6-G6
  • Welke intervallen zijn consonant?
    R1-R4-R5-R8
  • Geef de naam van de omkering van de onderstaande intervallen?

    Rein / Groot / Klein /Verminderd / Overmatig?
    Rein / Klein/  Groot/ Overmatig /  Verminderd
  • Als je een interval omkeert is de som altijd?
    9
  • Wat is een omkering?
    Omkering van twee tonen in een interval
  • Wat is een tritonus of Diabolus in Musica
    Dat is het interval C-Fis    (overmatige kwart)
    of het interval       C-Ges  (verminderde kwint)
  • Wat is een Chromatisch interval?
    Interval waarbij een of twee toevallige voortekens nodig zijn
  • Wat is een Diatonisch interval?
    Interval tussen twee tonen van een toonladder
  • Wat is een stamtoon interval?
    Interval tussen twee stamtonen
  • Bij verkleining wordt een klein interval?
    Verminderd
  • Bij verkleining wordt een groot interval ?
    Klein
  • Bij verkleining wordt een rein interval?
    Verminderd
  • Bij vergroting wordt een groot interval?
    Overmatig
  • Bij vergroting wordt een rein interval?
    Overmatig
  • Welke intervallen zijn er (hoofdnamen)
    1.Prime 2.Secunde 3.Terts 4.Kwart 5.Kwint 6.Sext 7.Septiem 8. Octaaf
    R1         G2              G3       R4         R5         G6       G7            R8
  • Wat is een interval?
    Een interval is de afstand in hoogte tussen twee tonen
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Periode 6. Romantische periode
1830-1900
Componisten: Schubert,Ravel,Debussy,Bruckner,Wagner,Verdi en Mahler 
(romantische periode incl.hoogromantiek).

Kenmerken: - nadruk op persoonlijk gevoel in de muziek
                     - beeldende muziekonderwerpen uit natuur, sprookjes verhalen 
                     - de vorm is soms onduidelijk,delen vloeien in elkaar over.
                     - veel dynamische contrasten en passages 
                     - lange avond vullende composities 
vocaal/instrumentaal grote opera,sololied met piano
Instrumentaal grote symfonieën ,symfonisch gedicht
Dansen:Wals en Bolero
Periode 7. Moderne periode
1900 tot heden
Componiisten: Stravinsky,Berg,Satie,Poulenc en Honegger 

Kenmerken: - complexe ritme,s
                      - het maatgevoel wordt losgelaten 
                      - vreemde samenklanken
                     - experimenten met geluiden 
                     - opkomst van populaire muziek
vocaal/instrumentaal:musical/filmmuziek/jazz/pop
Periode 3. De Renaissance
1500-1700
Componisten: J.Pzn.Sweelinck en Monteverdi Gabrieli en Couperin

kenmerken: -geestelijke en wereldlijke muziek
                     -eenvoudige structuur
                     -mooie samenklanken met tertsen en sexten
                     -gebruik van kleine en grote tertstoonladders  
Vocaal:polyfone mis,motet,chanson
Instrumentaal:ricercare en canzone
Dansen:Pavane en Gaillarde
Periode 5. Klassieke periode
1750-1830
Componisten; Haydn, Mozart en Beethoven

Kenmerken: - opkomst piano
                     - duidelijke vorm door goed afgescheiden onderdelen
                     - dynamiek door crescendo decrescendo effecten
                     - meer blazers in de symfonieorkesten
Vocaal /instrumentaal:opera
Instrumentaal: symfonie,soloconcert en kamermuziek
Dansen:Menuet
Periode 4.Barok-Rococo
1650-1750
Componisten: Bach,Vivaldi en Albinoni

Kenmerken: -Fuga = ingewikkeld plan of  Suite= veeldelig plan
                      -veel versieringen
                      -veel vermenging van koor en instrumenten
                      -veel gebruik van begeleidingsinstrumenten Klavecimbel/Orgel
                      - afwisseling tussen grote en kleine speelgroepen 
Vocaal /instrumentaal: opera,oratorium,cantate.
Instrumentaal:Concerto grosso,suite,sonate,en soloconcert   
Dansen:Allemande en Courante
sub. Subito
Onmiddelijk
string. Stringendo
sneller en sterker worden
sim. Simile
op de zelfde manier vervolgen
s.sord Senza Sordino
zonder demper
rall. Rallentando 
geleidelijk langzamer worden