Summary Anatomie en fysiologie 1

-
402 Flashcards & Notes
10 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Anatomie en fysiologie 1". The author(s) of the book is/are Dr Monique Van Miert. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Anatomie en fysiologie 1

  • 1 Inleiding

  • Wat is anatomie in de opleiding?
    Anatomie heeft verschillende onderdelen:
    • anatomie (met toepassing naar pathologie
    • fysiologie (temperatuurregulatie en shock
    • histologie
    • cytologie
    • biochemie (zuur-base evenwicht en verstoringen)
    • chemie
    • farmacologie
    • inleiding in de pathologie

  • Wat is de korte beschrijving van anatomie?
    De beschrijving van de organen en stelsels, hun ligging, hun uitzicht, hun onderdelen en de benamingen
  • Wat is de korte beschrijving van fysiologie?
    De werking van organen, bijvoorbeeld de samenstelling van sappen, regelfuncties
  • Wat is de korte beschrijving van histologie?
    Het is weefselleer, bijvoorbeeld lagen van de darmwand
  • Wat is de korte beschrijving van cytologie?
    Dit is celleer bijvoorbeeld de grootte van de cel
  • Wat is de korte beschrijving van biochemie?
    Dit zijn chemische processen in de levende cel, het metabolisme, de stofwisseling bijvoorbeeld de energiewinning in de cel, belang van O2 en het zuur-base evenwicht en verstoringen
  • Wat is de korte beschrijving van farmacologie?
    Er wordt een inleiding gegeven in de farmacologie als toepassing op anatomie en fysiologie
  • Welke 4 stelsels houden een mens in leven?
    1. Spijsverteringsstelsel
    2. Cardiovasculair stelsel
    3. Ademhalingsstelsel
    4. Excretiestelsel
  • Geef wat meer uitleg bij de stelsels die de mens in leven houden
    • In de cel wordt glucose verbrand met behulp van O2, dit levert energie in de cel
    • Het spijsverteringsstelsel zorgt voor de glucose
    • Het ademhalingsstelsel zorgt voor de O2
    • Het cardiovasculair stelsel zorgt ervoor dat deze moleculen tot in de cel geraken
    • De cellen moeten in een "constant milieu" worden gehouden. Daar zorgen vooral de nieren.
  • 1.1 functiesystemen

  •  Welke 2 soorten metabolische processen zijn er?
    • katabolisme: - glucose + O2 = H2O + CO2 + energie    energie = ATP en warmte
    • anabolisme : met de energie uit ATP moleculen (ATP wordt dan ADP) worden complexe moleculen opgebouwd
  • Wat zijn functiesystemen?
    Cellen (= fundamentele stofwisselingseenheid) vormen samen weefsels, die op hun beurt samen organen vormen. Deze organen worden samengevoegd in functiesystemen.
  • Waarin bevinden zich cellen?
    Cellen bevinden zich in tussencelvocht = intercellulair vocht = interstitieel vocht = milieu interne =milieu intérieur (m.i.) waaruit zij metabolieten opnemen en waarin zij afvalstoffen afgeven.
  • Noem 10 functiesystemen
    1. het circulatiestelsel
    2. het spijsverteringsstelsel
    3. het urinewegstelsel
    4. het ademhalingsstelsel
    5. de huid
    6. het hormoonstelsel
    7. zenuwstelsel: het vegetatieve deel
    8. het sensorisch systeem
    9. het motorisch systeem
    10. het voorplantingsstelsel
  • Beschrijf het circulatiestelsel
    Het milieu extérieur moet zelf voorzein worden van metabolieten en gezuiverd worden van afvalstoffen.
    Het buizenstelsel zijn de bloedvaten, de pomp het hart, de circulerende stof het bloed met al zijn functies.
    Nog een alternatief systeem van afvoer is het lymfestelsel
  • Beschrijf het spijsverteringssysteem
    Het bloed moet de voedingsstoffen kunnen betrekken uit het milieu extérieur. Het spijsverteringsstelsel wordt gezien als de buitenwereld. Verteren is met andere woorden in de holte van het maag-darmkanaal onder invloed van spijsverteringssappen opbreken in kleinere stukken
    Resorberen is het opnemen van die kleinere stukken in het bloed. De eerste metabole omzetting gebeurt in de lever
  • Beschrijf het urinewegstelsel
    Het bloed moet op zijn beurt ontdaan worden van afvalstoffen. Deze afvalstoffen en H2O worden afgevoerd naar het m.e.
  • Beschrijf het ademhalingsstelsel
    Het bloed moet ook vanuit het m.e. voorzien worden van O2 en moet gezuiverd worden van CO2
  • Beschrijf de huid
    Dit is de afgrenzing van het organisme ten opzichte van de buitenwereld
  • Wat is vegetatieve integratie?
    De vegetatieve functies staan in dienst van het levensonderhoud van de cellen. Deze functies moeten geïntegreerd worden, dit noemt men vegetatieve integratie. De input van informatie gebeurt door de vegetatieve sensoriek en de output van informatie gebeurt door de vegetatieve motoriek
    Het homoonstelsel en het vegetatieve gedeelte van het zenuwstelsel horen hier ook nog bij.
  • Beschrijf het hormoonstelsel
    Het hormoonstelsel leveren chemische regelstoffen die door gespecialiseerde cellen gemaakt en die gaan via het circulatiesysteem naar de cellen
  • Geef de definitie van een hormoon
    Een hormoon is een stof die door endocriene klier wordt afgescheiden, rechtstreeks in het bloed.
  • Wat is animale integratie?
    Dit zorgt voor de active interactie tussen het organisme en diens omgeving. Input van informatie gebeurt door het animale gedeelte van het sensorisch systeem (animale sensoriek) en de output gebeurt door het animale gedeelte van het zenuwstelsel die activiteit initiëert van het animale gedeelte van het motorisch systeem (gestreepte spieren of skeletspieren)
  • Beschrijf het sensorisch systeem
    Dit systeem geeft informatie over de omringende wereld. Het animale gedeelte vna het sensorisch systeem zorgt hiervoor.
  • Geef de korte beschrijving van het motorisch systeem
    Het animale zenuwstelsel initiëert activiteite vna het animale gedeelte van het motorisch systeem. Dit zijn de beenderen, spieren en gewrichten
  • Geef de korte beschrijving van het voortplantingssysteem
    Dit zorgt voor de handhaving van de soort
    1. frontaal
    2. sagitaal
    3. transversale of dwarse



  • Bekijk goed de afbeeldingen in martine pg 19 - 23
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Beschrijf de farmaco bij het urinair systeem?
  • diuretica: 
wat? geneesmiddel die zout en water doen afscheiden
soorten? Snelwerkende lisdiuretica/thiaziden
kaliumsparende en combinaties 
  • urinair antisepticum: middel die de urinewegen ontsmetten
beschrijf de urethra bij man en vrouw?
Bij de vrouw:3cm ventraal van de vagina
bij de man: 20 cm pars prostatica, pars spongiosa
Beschrijf de blaas?
De basis van de blaas ligt in de blaasdriehoek (trigonum vesicae), ureters gaan schuin door de wand van de blaas (dit voorkomt visico-ureterale reflux) er is een inwendige onwillekeurige sfincter en een uitwendige willekeurige sfincter
Wat is het gevolg van vitamine D bij een slechte nierfunctie?
Te weinig vitamine D dan is er te weinig opname van Ca uit het maagdarmkanaal, hypocalcemie als gevolg
Er wordt vervolgens PTH geproduceerd uit de bijschildklieren. Er wordt Ca uit botten gehaald en terugresorptie van Ca thv de nefronen. Ook de fosfaat eliminatie vermindert.
Dus renale osteodystrofie (botten kunnen minder goed gevormd worden) en metastatische calcificaties (het produkt van Ca en fosfaat stijgt en Ca fosfaat slaat neer op andere plaatsen)
Welke rol speelt de nier mbt vitamine D
opname via de voeding, omvorming in de huid onder invloed van UV, omvorming in de lever met tot slotte omvorming in de nieren
Wat is het RAA-systeem?
De BD daalt: juxta glomulair apparaat secreteert renine,
Renine zedt angiotensinogeen om in angiotensine 1 dat op zijn beurt omgezet wordt in angiotensine 2 (vasocontrictie, BD stijgt)
Angiotensine 2 zorgt ervoor dat in de bijnierschors aldosterone wordt afgegeven (Na+ en H2O retentie in de nier: bloedvolume stijgt : BD stijgt
Dus bij shock daalt de urineproductie
Hoe verloopt de bloeddrukregulatie van de nier?
De nier "voelt" dat de BD laag is omdat zij zelf minder doorbloed is (meting in juxta-glomerulair apparaat)
nier "zorgt ervoor" dat de BD stijgt via het RAA-systeem. Deze bestaat uit renine, angiotensine en aldosterone
Welke hormonen worden geproduceerd door de nier?
Renine (zie RAA-systeem)
erytropoietine (EPO) Deze wordt geproduceerd bij O2 tekort: lever produceert een globuline
samen met renale erytropoietische factor
Wat gebeurt bij de derde stap van de diurese?
Sommige stoffen worden op een actieve manier door de celeln van de tubulus geëxcreteerd (oa fosfaat)
Wat is ANP?
Artiaal natriuretisch peptide is een hormoon afkomstig van de atria van het hart. Het wordt afgescheiden bij uitrekking van arteriale wand (de rekreceptoren worden geprikkeld bij een verhoging van veneuze retour)
Het effect is dat de reabsorptie van Na en water daalt in TC1 en verzamelgang. Er is dus een verhoogde diurese en natriumverlies, bloedvolume daalt, ook een daling in secretie van ADH en aldosteron