Summary Anatomie en fysiologie

-
194 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Anatomie en fysiologie

  • 1 Cellen

  • Wat zijn de onderdelen van een cel?
    1. Celmembraan

    2. Cytoplasma

    3. Celkern
  • Wat is een celmembraan?
    Het omhulsel van een cel. 

    Deze wand is soepel en poreus (doorlaatbaar). Daardoor kunnen voedingsstoffen en zuurstof naar binnen  en afvalstoffen naar buiten.
  • Wat is cytoplasma?
    De opvulling van een cel.

    In deze halfvloeibare stof zitten stoffen die van belang zijn bij de stofwisseling en celorganen die zorgen voor energievoorziening of vor vervoer van voedingsstoffen.
  • Wat is een celkern?
    Hierin zit het erfelijk materiaal in de vorm van chromosomen (met DNA). De kern regelt de stofwisseling, de groei en de vermeerdering.
  • De onderdelen van een cel zijn:

    1. Celmembraan
    2. Cytoplasma
    3. Celkern
  • Celmembraan (omhulsel):
    Deze wand is soepel en poreus (doorlaatbaar). Daardoor kunnen voedingsstoffen en zuurstof naar binnen  en afvalstoffen naar buiten.
  • Cytoplasma (opvulling):
    In deze halfvloeibare stof zitten stoffen die van belang zijn bij de stofwisseling en celorganen die zorgen voor energievoorziening of voor vervoer van voedingsstoffen.
  • Celkern:
    Hierin zit het erfelijk materiaal in de vorm van chromosomen (met DNA). De kern regelt de stofwisseling, de groei en de vermeerdering.
  • 2 Weefsels

  • Celdifferentiatie:
    Dat een groep cellen zich heeft gespecialiseerd in een bepaalde functie.
  • Wat is celdifferentiatie?
    Dat een groep cellen zich heeft gespecialiseerd in een bepaalde functie.
  • Tussencelstof:
    De stof rondom de cellen waarin stoffen kunnen worden opgeslagen waardoor deze past bij de functie van de groep cellen.
  • Wat is tussencelstof?
    De stof rondom de cellen waarin stoffen kunnen worden opgeslagen waardoor deze past bij de functie van de groep cellen.
  • Wat zijn weefsels:
    Een groep gedifferentieerde cellen met dezelfde functie die door de daarbij horende tussencelstof verbonden is.
  • Weefsels:
    Een groep gedifferentieerde cellen met dezelfde functie die door de daarbij horende tussencelstof verbonden is.
  • Soorten weefsels:
    1. Epitheel (dekweefsel)
    2. Spierweefsel
    3. Bindweefsel
    4. Zenuwweefsel
    5. Bloedenlymfe
  • Welke soorten weefsels bestaan er?
    1. Epitheel (dekweefsel)
    2. Spierweefsel
    3. Bindweefsel
    4. Zenuwweefsel
    5. Bloed en lymfe
  • Epitheel (dekweefsel):
    Bedekt het lichaam aan de buitenkant en aan de binnenzijde van de lichaamsholtes en heeft een beschermende functie.
  • Wat is epitheel of dekweefsel?
    Bedekt het lichaam aan de buitenkant en aan de binnenzijde van de lichaamsholtes en heeft een beschermende functie.
  • Spierweefsel:
    Kan samentrekken (contraheren) waardoor beweging mogelijk wordt.
  • Wat is spierweefsel?
    Kan samentrekken (contraheren) waardoor beweging mogelijk wordt.
  • Soorten spierweefsel:
    1. Dwarsgestreept
    2. Glad
    3. Hartspierweefsel
  • Welke soorten spierweefsels zijn er?
    1. Dwarsgestreept
    2. Glad
    3. Hartspierweefsel
  • Dwarsgestreept spierweefsel:
    • samensmelting van veel cellen, daardoor: veel kernen
    • krachtige werking maar snel vermoeid
    • skelet spieren (bijv: arm en been)
  • Wat is dwarsgestreept spierweefsel?
    • samensmelting van veel cellen, daardoor: veel kernen
    • krachtige werking maar snel vermoeid
    • skeletspieren (bijv: arm en been)
  • Glad spierweefsel:
    • langgerekte cellen met elk een kern
    • samentrekken gebeurt onwillekeurig, langzaam en langdurig
    • in wanden van holle organen (bijv maag/darmkanaal, bloedvaten)
  • Wat is glad spierweefsel?
    • langgerekte cellen met elk een kern
    • samentrekken gebeurt onwillekeurig, langzaam en langdurig
    • in wanden van holle organen (bijv maag/darmkanaal, bloedvaten)
  • Hartspierweefsel:
    • aparte vorm van dwarsgestreept spierweefsel
    • werkt buiten de wil om en onvermoeibaar
  • Wat is hartspierweefsel?
    • aparte vorm van dwarsgestreept spierweefsel
    • werkt buiten de wil om en onvermoeibaar
  • Bindweefsel (steunweefsel):
    heeft een steunende en verzorgende functie.
  • Wat is bindweefsel (steunweefsel)
    heeft een steunende en verzorgende functie.
  • Soorten bindweefsel (steunweefsel):
    1. Bindweefsel
    2. Kraakbeen
    3. Been
    4. Vetweefsel
  • Welke soorten bindweefsel ken je?
    1. Bindweefsel
    2. Kraakbeen
    3. Been
    4. Vetweefsel
  • Bindweefsel:
    • losse structuur
    • verbindt weefsels
    • vult weefsels op
    • bijv. onderhuid
  • Wat is bindweefsel?
    • losse structuur
    • verbindt weefsels
    • vult weefsels op
    • bijv. onderhuid
  • Kraakbeen:
    • zeer elastisch van structuur
    • stootkussenfunctie
    • bijv. oorschelp, gewrichten
  • Wat is kraakbeen?
    • zeer elastisch
    • stootkussenfunctie
    • bijv. oorschelp, gewrichten
  • Been:
    • hard en stevig van structuur
    • geeft steun aan het lichaam
    • bijv. skelet
  • Wat is been?
    • hard en stevig
    • geeft steun aan het lichaam
    • bijv. skelet
  • Vetweefsel:
    • zachte structuur
    • opslag van energie
    • beschermt en isoleert
  • Wat is vetweefsel?
    • zacht
    • opslag van energie
    • beschermt en isoleert
  • Zenuwweefsel:
    Vangt prikkels op en geeft deze door aan de rest van het lichaam.
  • Wat is zenuwweefsel?
    Vangt prikkels op en geeft deze door aan de rest van het lichaam.
  • Bloed en lymfe:
    Vloeibare weefsels die zorgen voor vervoer van stoffen door het lichaam.
  • Wat zijn bloed en lymfe?
    Vloeibare weefsels die zorgen voor vervoer van stoffen door het lichaam.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Hoe brengt de slokdarm het voedsel van de keelholte naar de maag?
Door een peristaltische (knijpende) beweging.
Waaruit bestaat het maag/darmkanaal?
  1. Maag
  2. Dunne darm
  3. Dikke darm
Wat zijn symptomen van tandvleesontsteking /tandsteen?
  • stinken uit bek
  • slecht eten
  • rood, pijnlijk tandvlees
  • met de bek langs de grond wrijven
Wat is tandsteen?
Wit, geel of bruin, hard materiaal
Wat is tandplak?
Wit, papperig, zacht materiaal.
Hoe herken je gezond tandvlees?
  • voelt stevig aan 
  • rand sluit dicht tegen de tanden aan 
  • roze of gepigmenteerd
  • mag geen wondjes vertonen
  • moet glad en glanzend zijn
Wanneer moet je melktanden door DA laten verwijderen?
Als die nog aanwezig zijn bij een leeftijd van 7/8 maanden.
In welke periode groei het volwassen gebit van een kat?
Vanaf 3 maanden tot 6/7 maanden
In welke periode groeit het volwassen gebit van een hond?
Vanaf 3 maanden tot 6/7 maanden
In welke periode groeit het melkgebit van een kat?
Tussen de 2 en 6 weken.