Summary Anatomie en fysiologie in gezondheid en ziekte

-
ISBN-10 0443104042 ISBN-13 9780443104046
1054 Flashcards & Notes
68 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Anatomie en fysiologie in gezondheid en ziekte". The author(s) of the book is/are Ross Wilson. The ISBN of the book is 9780443104046 or 0443104042. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Anatomie en fysiologie in gezondheid en ziekte

  • 1 Hoofdstuk 1

  • De eiwitten worden verpakt in membraangebonden blaasjes
  • 1.1 Bloedvaten

  • hee
    heet
  • 1.2 Milieu intérieur en homeostase

  • Het milieu extérieur omringt het lichaam en is de bron van zuurstof en voedingsstoffen.
  • Het milieu intérieur is het vocht dat de lichaamscellen omspoelt, ook wel interstitiële of weefselvloeistof genoemd. 
  • Het celmembraan is het omhulsel van een cel die de milieus binnen en buiten de cel scheidt. 
  • Selectieve permeabiliteit of semipermeabiliteit regelt de beweging van moleculen in en uit de cel en maakt het mogelijk dat de cel de eigen interne samenstelling regelt. 
  • De homeostase is de relatief stabiele toestand die ontstaat wanner het milieu intérieur heel nauwkeurig wordt gereguleerd. Bij bedreiging of verstoring loopt het welzijn van het individu in gevaar. Enkele belangrijke fysiologische variabelen zijn: de kerntemperatuur, de water- en elektrolyhuishouding, de zuurgraad van lichaamsvloeistoffen, het bloedsuikergehalte, de bloed- en weefselzuurstof en koolstofdiocidegehaltes en de bloeddruk.
  • Het regulatiesysteem handhaaft de homeostase door veranderingen in het milieu intérieur op te sporen en daarop te reageren. Zo’n systeem heeft drie basiscomponenten: de detector, het controlecentrum en de effector.
  • In systemen die door een negatief feedbackmechanisme worden gereguleerd, zorgt het signaal naar de effector voor afname of negatie van het effect van de oorspronkelijke stimulus. Hierdoor ontstaat continue regulering van een variabele binnen nauwe grenzen. De meeste homeostatische processen in het lichaam worden door negatieve feedback gereguleerd om plotselinge en grote veranderingen in het milieu intérieur te voorkomen.
  • De hypothalamus is het regelcentrum voor de lichaamstemperatuur.
  • Bij positieve feedbackmechanismen doet de stimulus de respons progressief toenemen zodat, zolang de stimulus aanhoudt, de respons progressief wordt versterkt. Hiervan zijn er maar een paar mechanismen, zoals de bloedstolling en de baarmoedercontracties bij een bevalling.
  • De verstoring van de homeostase treedt op als de fijnregeling van een onderdeel van het milieu intérieur niet goed werkt, zodat deze waarden bereikt die buiten de range vallen. Dit kan de gezondheid schaden of levensbedreigend zijn.
  • 1.3 cellen, weefsels en structuur van het lichaam

  • Cellen in groepsverband zijn
    Weefsels
  • Organen zijn bijvoorbeeld het hart, de maag of de hersenen.
  • Wat zijn organellen?
    Kleine organen in een cel, die een eigen specialistische functie hebben.
    Voorbeelden:
    - Nucleus(de kern)
    - Mitochondriën
    - Ribosomen
    - Lysosomen
    - Endoplasmatisch reticulum
    - Golgi apparaat
    - Cytoskelet
  • Uit hoeveel lagen bestaat het plasmamembraan?
    Uit 2 lagen fosfolipiden. 
  • 1.4 Inleiding tot de ziekteleer

  • Voor een beter begrip van de ziekten wordt de volgende indeling gebruikt:
    -Ethiologie: oorzaak van de ziekte.
    -Pathogenese: de aard van het ziekteproces en de effecten daarvan op het normaal functioneren van het lichaam.
    -Complicaties: andere aandoeningen die kunnen ontstaan als het ziekteproces voortschrijdt.
    -Prognose: de verwachte afloop.
  • Mogelijke oorzaken (ethiologie) zijn: genetische afwijkingen, een infectie door nano-organismen, chemicaliën, ioniserende straling, fysiek trauma en degeneratie. Wanneer er geen duidelijk oorzaak is wordt dit een idiopathische, essentiële of cryptogene aandoening genoemd. In deze situatie zijn er vaak wel risicoverhogende factoren (predisponerende factoren) aan te wijzen. Iatrogene aandoeningen zijn door een medische behandeling ontstaan.
  • De belangrijkste processen die tot een ziekte leiden zijn:
    -Ontsteking: naam eindigt op –itis en is een reactie van een weefsel op beschadeging.
    -Tumoren: naam eindigt op –oom en is ontstaan doordat abnormale cellen aan de controle van het lichaam ontsnappen en zich verspreiden. De celproductie is sneller dan de afbraak waardoor er massa ontstaat.
    -Abnormale immunologische mechanismen: ongewenste reacties van het immunsysteem.
    -Trombose, embolie en infarcering: gevolgen van een afwijking van het bloed en/of de vaatwanden.
    -Degeneratie/slijtage: verouderingsproces of snellere slijtage.
    -Metabolische afwijkingen: zoals diabetes mellitus.
    -Genetische afwijkingen: door overerving en omgevingsfactoren.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Functies van boten
ondersteuning;
aanhechtingen voor spieren en pezen;
productie van bloedcellen in rood beenmerg;
begrenzing vormen van de schedel, borst  en bekkenholte;
bescherming van organen;
opslag van mineralen, vooral calciumfosfaat;
Wat verstaat men onder fibrose?

Toeneming van bindweefsel.

Waaruit bestaat botweefsel?
  • Kalkzouten voor stevigheid.
  • Botcellen
  • Collageenvezels (ook elastisch)
Hoe wordt de bloedvoorziening van het bot geregeld?

Van de schacht wordt deze voorzien van bloed door takken van een of meer voedende arteriën. De uiteinden hebben een eigen bloedvoorziening.

Uit welke lagen bestaat het periost, en wat is de functie hiervan?

Buitenste laag; taai en vezelig, ter bescherming van het bot eronder.

Binnenste laag; bevat oseoclasten (afbraak) en osteoblasten (opbouw), is van belang bij vernieuwing en herstel van botweefsel.

Wat gebeurt er met de epifyse wanneer de groei is afgerond?

Deze verbeent (en wordt ook platter)

Wat zijn de kenmerken van pijpbeenderen?
  • Zijn langer dan dat ze dikt zijn?
  • hebben een schacht en twee uiteinden

Je vindt pijpbeenderen in het scheenbeen, bovenbeen (femur), bovenarm, spaakbeen en ellepijp.

Wat verstaat men onder onregelmatige beenderen?

Deze hebben geen schacht of uiteinden en zijn divers in vorm en grootte. Bijv. handwortel, voetwortel, wervels

Waar vindt men platte beenderen?

Schedel, bekken, schouderbladen, borstbeen.

In welke beenderen worden vnl. de rode bloedcellen aangemaakt?

De platte beenderen.