Summary Basisboek Bedrijfseconomie opgaven

-
ISBN-13 9789001797768
470 Flashcards & Notes
288 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Basisboek Bedrijfseconomie opgaven". The author(s) of the book is/are P De Boer, M P Brouwers & W Koetzier. The ISBN of the book is 9789001797768. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Basisboek Bedrijfseconomie opgaven

  • 5.1 Investeringsprojecten en cashflow

  • Wat verstaan we onder investeren?
    Onder investeren verstaan we het vastleggen van vermogen in activa.
  • Benoem duurzame activa?
    Duurzame activa kunnen zijn, gebouwen en machines, vlotte activa, zoals voorraden en liquide middelen.
  • Welke vragen worden er gesteld voor het opstellen van het investeringsvraagstuk?
    Het investeringsvraagstuk houdt zicht bezig met de keuze van de omvang en de samenstelling van de activa waarin het vermogen van de onderneming wordt geïnvesteerd.
  • Waarop worden investeringsplannen onderzocht.
    investeringsplannen worden onderzocht op hun haalbaarheid en rentabiliteit. financiering van dezeplannen spelen hierbij voorlopig nog geen rol.
  • Waarvan is een beslissing voor een investering afhankelijk van?
    Voor de beslissing of de investeringen daadwerkelijk worden uitgevoerd , is van  belang in hoeverre de ontwikkelde plannen een bijdrage leveren aan de ondernemingsdoelstellingen. Met name de continuiteitsdoelstellingen en de winstdoelstellingen spelen hierbij een rol.
  • Doel van een investering?
    Investeringen dienen om de levensvatbaarheid van de onderneming te behouden of te vergroten.
  • Waarin kunnen bij investeringen  een onderscheid maken voor de levensvatbaarheid van een onderneming? 
    we maken hierbij onderscheid tussen vervangingsinvesteringen, die dienen om de productiecapaciteit in stand te houden, en uitbreidingsinvesteringen, die de productiviteit vergroten.
  • 5.6 Kernbegrippenlijst

  • Definitie Cashflow.
    het verschil tussen de bruto-ontvangsten uit de verkoop van producten en de uitgaven in verband met aanschaffing en aanwending van productmiddelen. 
  • Definitie constante waarde!
    De huidige waarde van in de toekomstige vervallend kapitaal of kapitalen.
  • Definitie eindwaarde!
    De waarde van een kapitaal (kapitalen) op een toekomstige tijdstip.
  • Definitie enkelvoudige intrest!
    Intrestberekening over het oorspronkelijk bedrag.
  • Definitie financiele lease!
    Onopzegbaar huurcontract met een lange looptijd.
  • Definitie Gemiddelde boekhoudkundige rentabiliteit!
    De verhouding tussen gemiddelde jaarlijkse winst en het gemiddeld geinvesteerd vermogen van een project.
  • Definitie Interne rentabiliteit!
    De disconteringsvoet, waarbij  de constante waarde vd verwachte cashflows gelijk is aan het investeringsbedrag.
  • Definitie Investeren.
    Het vastleggen van vermogen in activa.
  • Definitie investeringsproject!
    Het geheel van investeringen in bij elkaar behorende duurzame en vlotte activa.
  • Definitie leasing.
    Huren van duurzame productmiddelen.
  • Definitie van netto contante waarde.
    De constante waarde van alle cashflows (inclusief het oorspronkelijke investeringsbedrag)
  • Definitie Operational lease.
    Huurcontract waarbij de verhuurder het onderhoud en dergelijke verzorgt.
  • Definitie rente.
    Een serie periodiek vervallende bedragen.
  • Definitie samengestelde intrest.
    Intrestberekening waarbij over de intrest ook intrest wordt gecalculeerd.
  • Definitie terugverdienperiode.
    De periode die verstrijkt tot het oorspronkelijke investeringsbedrag geheel is terugontvangen uit de cashflows van een project.
  • Definitie tijdsvoorkeur.
    De ontvangst van een bedrag wordt hoger gewaardeerd naarmate deze eerder plaatsvindt.
  • Definitie uitbreidingsinvesteringen.
    Investeringen die dienen om de productiecapaciteit te vergroten. 
  • Definitie vermogenskostenvoet.
    Gemiddelde kostenvoet waartegen de onderneming vermogen kan aantrekken. 
  • Definitie vervangingsinvesteringen.
    Investeringen die dienen om de productiecapaciteit in stand te houden.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Hoe bereken je de percentage of completionmethode?
Tot nu toe bestede kosten/totale verwachte kosten.

VB.  Waardering ultimo 2008: 5.000.000
waardering ultimo 2009: 17.500000
waardering ultimo 2010: 20.500000  

2008:
5000000/(5mil+12,5mil+8mil)*100%

2009:
(5mil+12,5mil)/(5mil+12,5mil+8mil)*100%

Vergeet niet dat bij de waardering de volgende berekening er nog bij komt:
Kijken naar wat de uiteindelijke winst is. vermenigvuldigen met het percentage dat er uit de eerdere berekening is gekomen. en daarna optellen bij de tot nu toe bestede kosten
Hoe bereken je de completed contractmethode
Het onderhanden werk wordt gewaardeerd aan de daaraan bestede kosten. vb. Kosten 2008: 5mil
2009 12,5mil
2010 8 mil

Waardering ultimo 2008: 5.000.000
waardering ultimo 2009: 17.500000
waardering ultimo 2010: 20.500000
Wat is het verschil tussen completed contractmehtode en percentage-of-completionmethode?
Bij completed contractmethode wordt pas winst genomen als het gehele werk is opgeleverd. Bij percentage of completionmethode wordt winst genomen naar rate van de voortang van het werk.
Wat is het verschil tussen een categoriale of functionele resultatenrekening?
Categoriaal: Gebaseerd op de kostensoort ( Salariskosten, afschrijvingskosten etc)

Functioneel: Gebaseerd op de bedrijfsfunctie (fabricage, verkoop, overhead etc)
Wat is de invloed van vervroegde afschrijving op een investering in vaste activa bij de NCW-methode?
Dit heeft invloed op de hoogte van de NCW. IVM de berekening hiervan
bestendigheidsprincipe
het bestendigheidsprincipe houdt in dat informatie uit de jaarrekening vergelijkbaar moet zijn. 2 soorten bestendigheid: volgtijdelijke bestendigheid en gelijktijdige bestendigheid.
Continuiteitsprincipe
het continuïteitsprincipe houdt in dat er bij de waardering van activa en passiva uitgegaan wordt dat de onderneming blijft voortbestaan. Als de continuïteit in gevaar is, wordt dit in de toelichting in de jaarrekening aangegeven.
Matchingprincipe
het matchingprincipe houdt in dat kosten aan de opbrengsten gematcht moeten worden. Dit betekent dat de kosten in dezelfde periode verantwoord moeten worden als waarin de samenhangende opbrengsten worden behaald.
Realisatieprincipe
het realisatieprincipe houdt in dat de opbrengsten genomen mogen worden als de prestatie voltooid is. Hierdoor kun je met zekerheid vaststellen wat de winst is.
Toerekeningsprincipe
het toerekeningsprincipe houdt in dat alles van een onderneming wordt toegerekend aan de juiste perioden. Toerekening aan de juiste perioden geeft tussentijds informatie over het vermogen van een onderneming.