Summary Basisboek Sales

-
ISBN-13 9789001886431
352 Flashcards & Notes
2 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Basisboek Sales". The author(s) of the book is/are Robin van der Werf. The ISBN of the book is 9789001886431. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Basisboek Sales

  • 1 Sales omgeving

  • Beschrijf de politieke/juridische factoren de MACRO omgeving
    - Subsidies
    - Anti-rookcampagnes
    - Leeftijd alcohol
    - Data roaring in EU
     En juridische factoren: 
    -Wet bescherming persoonsgegevens- Colportagewet,
    - Inschrijvingsbewijs en verkoop door enquête,
    - Contract bij koop,
     - Overrompeleffect neutraliseren.
     - Wet consumenten krediet: vergunning bij verstrekken AFM
      -Faillissementswet, Blz 51 data 
  • Beschrijf de ecologische-esthetische factoren de MACRO omgeving
    -Klimaat
    - Beschikbaarheid grondstoffen
    - Milieuvervuiling
    - Normen en waarden
  • Beschrijf de technologische factoren de MACRO omgeving
    branche afhankelijk, per organisatie is de technologische ontwikkeling verschillend. Het gaat bij houten meubelen minder hard dan bij smartphones en of robots
  • Beschrijf de sociale factoren de MACRO omgeving
    - Toenemende individualisatie
    -  Gezondheid en milieu
    -  Zelfbewuste consument
  • Beschrijf de economische factoren de MACRO omgeving
    Economische ontwikkeling die invloed uitoefenen op het investeringsbeleid van een organisatie.
    Bijvoorbeeld door de recessie of de economische groei.
  • Beschrijf de demografische factoren als in de Macro om
    Hebben betrekking op de bevolkingsomvang.
    - Leeftijdsopbouw, omvang en samenstelling van huishoudens.
     bijvoorbeeld: huishoudens die kleiner worden , inspringen door kleinere verpakkingen.
    - Culturele diversiteit.
    - Vergrijzing en ontgroening.
  • Noem de 5 factoren in de MACRO omgeving.
    - Demografische factoren
    - Economische factoren
    - Sociale factoren
    - Technologische factoren
    - Ecologische-esthetische factoren
    - Politieke/juridische factoren
  • Wat is de MARCO omgeving?
    Omgeving die verder staat dan de organisatie en de consumenten en die toch van invloed zijn.
  • Wast hoort er ook in de MESO omgeving?
    PORTER - model
    5 krachtenmodel
  • Wat is de afgeleide vraag?
    Vraag wat voortvloeit door het maken van producten, vraag naar banden en rubber door de automotive.
  • Wat is de additionele vraag?
    Uitbreiding van het aangeschafte product.
  • Wat is de vervangingsvraag?
    Vraag naar eerder gekochte producten
  • Wat is de initiële vraag?
    De eerste aanschaf
  • Wat is de selectieve vraag?
    relatieve vraag % naar merk in bepaalde productklassen op bepaald tijdstip in bepaalde periode. HET MARKTAANDEEL
  • Wat is de secundaire vraag?
    vraag naar eenheden van bepaald merk ( vraag naar apple)
  • Wat is de primaire vraag?
    totale vraag, productklasse in tijd. (jaarlijkse vraag in nl voor apple)
  • Wat is de potentiële vraag?
    Wat gevraagd zou kunnen worden
  • Wat is de effectieve vraag?
    de daadwerkelijke vraag, afnemers zijn overgegaan tot koop
  • Noem de 9 vragen voortvloeiend van het marktpotentieel.
    - Effectieve vraag
    -  Potentiële vraag
    -  Primaire vraag
    - Secundaire vraag 
    - Selectieve vraag 
    - Initiële vraag 
    - Vervangingsvraag 
    - Additionele vraag
    - Afgeleide vraag
  • Wat marktpotentieel?
    Deel van de markt die interesse heeft in een bepaalt product waarvan het niet zeker is dat zij dit product gaan aanschaffen. Hieruit vloeien vraagvormen uit voort:
  • Licht monopolistische concurrentie toe als in marktvorm
    Bijv G- Star. Allemaal spijkerbroeken maar elk merk met eigen visie.
  • Licht heterogene oligopolie als in marktvorm toe
    Heterogene (verschillende producten) oligopolie (weinig aanbieders)
    bijvoorbeeld KPN, zorgen door klantenservice dat ze aantrekkelijker worden dan hun concurrent.
  • Licht Homogene oligopolie als marktvorm toe
    Homogene (zelfde producten) oligopolie ( weinig grote aanbieders) 
    bijvoorbeeld benzinestation
  • Licht oligopsomie als marktvorm toe
    Marktvorm waarbij slechts enkele afnemers zijn tegenover een groot aantal aanbieders
  • Licht oligopolie toe
    Marktvorm met weinig grote aanbieders en de producten niet of weinig met elkaar verschillen. Bijvoorbeeld een tankstation
  • Licht monopolie toe
    Marktvorm die door de leveranciers beheerst wordt.
  • Licht volledige mededingen toe
    Marktvorm op basis van vraag en aanbod, meestal in de vorm van een veiling.
  • Noem 7 marktvormen
    - Volledige Mededingen
    - Monopoly
    - Olipologie
    - Oligopsonie
    - Homogene oligopolie    
    - Heterogene olipologie
    - Monopolische concurrentie
  • |Maak de zin af... Externe factoren kunnen....
    Kansen en bedreigingen zijn. Bijvoorbeeld:
    Leveranciers
    Concurrenten
    Afnemers
    Economische krimp
    Overheidsmaatregelen
    Nieuwe toetreders 
    Seizoensgebonden ondernemingen
  • Beschrijf kleinhandel als in distributiekanaal
    De detailhandel die verkoopt kleine hoeveelheden aan de consument
  • Beschrijf groothandel als in distributiekanaal
    Distribueren groothandel koopt grote hoeveelheden in eventueel bij collecterende handel en verkoopt kleine hoeveel heden eventueel aan distribuerende kleinhandel
  • Beschrijf collecteren groothandel, als in bedrijfskolom
    Koopt grote hoeveelheden eventueel van kleinhandel en verkoopt deze aan de volgende schakel productie of handelsondernemingen
  • Beschrijf collecteren kleinhandel, als in bedrijfskolom
    koopt kleine hoeveelheid oerproduct en verkoopt deze aan de volgende schakel in de bedrijfskolom
  • Noem de 5 soorten concurrenten
    - Generieke concurrenten
    - Behoefte concurrenten
    - Productvorm concurrenten
    - Merken concurrenten
    - Ondernemings concurenten
  • Noen de marktpartijen in de MESO omgeving
    - Concurrenten
    - Distributiekanalen  
    - Afnemers
  • Waardoor wordt de MESO omgeving beïnvloed?
    Door verschillende marktpartijen in de bedrijfskolom
  • Beschrijf de MESO omgeving
    De externe omgeving die niet nauwelijks beinvloedbaar is door een individuele onderneming.
  • Noem Ecologische/Estische factoren als in Foetsje
    - Milieubesparingen (alternatieve energie etc.)

    - Normen en waarden
  • Noem juridische factoren als in Foetsje
     -Algemene levering- en betalingsvoorwaarden.
     -Patenten
     -Overeenkomsten
     - Registraties
     - Merknamen
     - Veiligheid, waarschuwingen, gebruiksaanwijzigingen.
               
     Ondernemingsvormen:  
    - Naamloze vennootschap
     - Besloten vennootschap
     - Eenmanszaak
     - Vennootschap onder firma
     - Commanditaire vennootschap.
  • Noem sociale factoren als in Foetsje
    - Managementstijl
    - Voorbeeldgedrag directie
    - Algemene opleiding en coaching faciliteiten
  • Noem technologische factoren als in Foetsje
    -Beschikken over voldoende technologische mogelijkheden zodat de
     organisatie sneller kan inspelen op de verandering in de markt.
  • Noem economische factoren als in Foetsje
    - Veiligheidsmarge en of de break-evenpoint van een bedrijf monitoren.
    - Bezettingsgraad
  • Noem organisatorische factoren als in Foetsje
    - Personeel
    - Kwaliteit
    - Levenscyclus
    - Structuur
    - Activiteiten
  • Noem voorbeelden van financiële factoren als in Foetsje
    - Investeringen
    - Vreemd vermogen aan trekken.
    - Gezonde verhouden kosten opbrengsten
    - Budgetten
    - Sales promotion
  • Waar staat FOETSJE voor en bij welke omgeving hoort het?
    FOETSJE is een acroniem voor de interne (micro omgeving), de omgeving waar de onderneming gebruikelijk veel invloed op kan uitoefenen

    F =  Financiële factoren  
    O = Organisatorische factoren
    E = Economische factoren
    T = Technologische factoren
    S = Sociale factoren
    J = Juridische factoren
    E = Ecologische/ Esthetische factoren
  • Hoe is de omgeving van een salesorganisatie op te splitsen?
    1. Micro omgeving
    2. Meso omgeving
    3. Macro omgeving
  • Noem 4 marktbenaderingsconcepten.
    1. Productieconcept
    2. Productconcept
    3. Verkoopconcept
    4. (Maatschappelijk) marketingconcept
  • Geef 3 soorten organisaties
    1. Salesgerichte organisaties
    2. Productgerichte organisaties
    3. Klantgerichte organisaties
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.