Summary Biologie voor jou / 1 Vmbo-t/havo/vwo / deel Handboek / druk 5 Biologie voor de basisvorming

-
ISBN-10 9020859404 ISBN-13 9789020859409
365 Flashcards & Notes
23 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Biologie voor jou / 1 Vmbo-t/havo/vwo / deel Handboek / druk 5 Biologie voor de basisvorming". The author(s) of the book is/are G Smits. The ISBN of the book is 9789020859409 or 9020859404. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Biologie voor jou / 1 Vmbo-t/havo/vwo / deel Handboek / druk 5 Biologie voor de basisvorming

  • 1 wat is biologie

  • Wat is Biologie?
    De leer van het leven
  • De levensverschijnselen zijn de kenmerken van het leven.
  • De jongen groeien.
     Als ze volwassen zijn,kunnen ook zij zich voortplanten.
  • 1.1 Levend-dood-levenloos

  • Wat is een ander woord voor levende wezens?
    Een ander woord voor levende wezens is organismen
  • Wat zijn levensverschijnselen?
    Organismen vertonen levensverschijnselen. Door deze levensverschijnselen kun je organismen onderscheiden van de levenloze natuur. De levensverschijnselen zijn de kenmerken van het leven.
  • Wat zijn de 7 levensverschijnselen?
    1. Ademhalen
    2. Voeden
    3. Uitscheiden
    4. Bewegen
    5. Waarnemen (zien, horen, voelen, ruiken, proeven)
    6. Groeien
    7. Voortplanten
  • Wat is levenloos?
    Levenloos noem je een voorwerp dat nooit levensverschijnselen heeft vertoond, zoals een tractor. Iets is levenloos als het nooit heeft geleefd.
  • Wanneer is iets dood?
    Iets is dood als het niet meer leeft. Als een organisme geen levensverschijnselen meer vertoont.
  • Noem enkele voorbeelden van levenloze voorwerpen
    Levenloze voorwerpen zijn: hout, steen, water, lucht, bank, tafel enz. De levenloze natuur heeft vaak een grote invloed op de levende natuur.
  • Zijn alle levensverschijnselen altijd gemakkelijk waar te nemen?
    Bij mensen en dieren vaak wel, maar bij planten is dit niet zo goed te zien. Toch kunnen planten ook alle levensverschijnselen vertonen. 
  • 1.2 Tekeningen maken

  • Welke 2 soorten tekeningen onderscheiden we in de biologie?
    1. Natuurgetrouwe tekeningen
    2. Schematische tekeningen


    Schematische tekening van een vlieg
  • In een natuurgetrouwe tekening geef je zo nauwkeurig mogelijk alle details weer. In een schematische tekening laat je de details weg en teken je de belangrijkste kenmerken.
  • Wat is een buitenaanzicht?
    Een buitenaanzicht is een tekening van een organisme zoals dat van buiten af te zien is.
  • Wat is een doorsnede?
    Een doorsnede is een tekening van een organisme dat op een bepaalde manier is doorgesneden.

    Hiernaast een lengtedoorsnede van een tomaat
  • Bij een lengtedoorsnede snijd je het organisme of het voorwerp in de lengte door.


    Bij een dwarsdoorsnede snijd je het organisme of het voorwerp dwars door. 

    In een doorsnede teken je alleen het snijvlak, dus niet de diepte die je niet kunt zien.
  • Welke tekenregels zijn er?
    1. Maak grote tekeningen. Niet meer dan 2 of 3 per bladzijde.
    2. Gebruik een potlood (niet te zacht).
    3. Gebruik kleurpotloden als je kleurt.
    4. Teken (dun) eerst de omtrek en dan de delen.
    5. Teken alleen wat je ziet.
    6. Maak je tekening niet te ingewikkeld.
    7. Zet bij je tekening welk organisme of welk deel van een organisme het is.
    8. Als je een schematische tekening hebt gemaakt, zet je er schematisch bij. Als je een doorsnede tekent, zet je er lengtedoorsnede of dwarsdoorsnede bij. Als je iets tekent met behulp van een loep of microscoop, zet je de vergroting erbij.
    9. Zet de naam bij de delen die je kent. Zet tussen een deel en een naam een - (horizontaal lijntje)
  • 1.3 Vergroten

  • Welke manieren ken je om een organisme dat je wilt bestuderen te vergroten?
    1. Loep (vergrootglas). Het best is een loep die ongeveer 10 x vergroot.
    2. Microscoop
  • 1.3.1 Een zaad

  • De meeste plantjes groeien uit zaden die ontkiemen. Noem een voorbeeld van een zaad.
    Een bruine boon
  • Beschrijf de buitenkant van een bruine boon
    Aan de buitenkant van een bruine boon zit een stevig bruin vlies, de zaadhuid. De zaadhuid beschermt het zaad. De witte ovale vlek op een bruine boon noemen we de navel. Hiermee heeft het zaad vastgezeten aan de plant waaraan het zaad is gegroeid. Onder de navel is een donker hartvormig bultje te zien. Aan de andere kant van de navel zit een heel klein gaatje in de zaadhuid, het poortje. Door het poortje kan een zaad water opnemen. Water is nodig voor de kieming van het zaad. 
  • Hoe ziet de boon er van binnen uit?
    In een zaad zit een kiem. De kiem is het begin van een nieuwe boonplant. 
    De kiem bestaat uit een worteltje, een stengeltje en twee kleine blaadjes. 
  • Om te kunnen groeien heeft de kiem reservevoedsel nodig. Waar haalt de kiem dit vandaan?
    Het reservevoedsel zit in de zaadlobben.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

wat is een bruine boon
een bruine boon is een zaad
wat is een preparaatbeveiliging
die staat afgesteld zodat je nooit het preparaat raakt
wat zit er tussen het lampje en de tafel in
diafragma
wat zit er onder de tafel
het lampje
hoe hou je een preparaat vast
preparaatklemmen
wat doet de KLEINE schroef
verandert langzaam
hoe komt de tafel SNEL omhoog
door aan de grote schroef te draaien
hoe heten de lenzen
objectieven
wat zit er onderaan de tubus
revolver
waar zit het oculair in
tubus