Summary biologie voor jou 2 havo/vwo

-
ISBN-13 9789034582560
273 Flashcards & Notes
30 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "biologie voor jou 2 havo/vwo". The author(s) of the book is/are a bos. The ISBN of the book is 9789034582560. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - biologie voor jou 2 havo/vwo

  • 1 verbranding en ademhaling

  • beschrijf verbranding

    voor verbranding heb je brandstof nodig


    Voor de verbranding van een brandstof is zuurstof nodig.


    er ontstaan verbrandingsproducten bij de vebranding
  • test
  • wat zijn de verbrandingsproducten bij de verbranding van een kaars?

     koolstofdioxide
     water
  • wat komt er naast de verbrandingsproducten vrij bij verbranding?

    energie voor:
    beweging en warmte.
  • geef het schema van verbranding van een kaars
    kaarsvet + zuurstof   water + koolstofdioxide + energie
  • wat is een indicator?

     een stof waarmee je een andere stof kunt aantonen.
     
    indicator voor koolstofdioxide: helder kalkwater.


      (Helder kalkwater wordt troebel als er koolstofdioxide bijkomt.)
  • noem de verschillen tussen ingeademde lucht en uitgeademde lucht zie afb. 5


      Ingeademde lucht:
    78% uit stikstof,
    21% uit zuurstof
    1% uit andere gassen (0,04% koolstofdioxide)


      De lucht die je uitademt, bevat:
      minder zuurstof;
      meer koolstofdioxide;
      meerwaterdamp.
     
    De hoeveelheid stikstof en edelgassen is in
    ingeademde en uitgeademde lucht gelijk.
  • beschrijf de verbranding in cellen

    In alle cellen van organismen vindt verbranding plaats.
     
    Verbranding vindt voortdurend plaats: dag en nacht.


    De energie die vrijkomt, wordt gebruikt voor de processen in de cel.
  • geef het schema van de verbranding in een cel

    glucose + zuurstof   water + koolstofdioxide + energie
    (brandstof)                             (verbrandingsproducten)
  • noem de verbanden tussen lichamelijke activiteit en de verbranding in de cellen

    energiebehoefte is afhankelijk van lichamelijke inspanning.


    Energie is nodig om iets te kunnen doen.


    Energie kan van de ene vorm overgaan in de andere vorm.


    Hoe groter de lichamelijke inspanning, hoe meer verbranding 


    Organen zoals de longen en het hart werken dan harder.

  • noem  het verschil in verbranding bij koudbloedige en bij warmbloedige dieren 

    Bij koudbloedige dieren:

      lichaamstemperatuur afhankelijk van de temperatuur van de omgeving
    .

      (Bij lage temperaturen verloopt de verbranding in cellen langzaam. Er komt dan maar weinig energie vrij.)
      zijn bij lage temperaturen weinig actief.


      Bij warmbloedige dieren:

    constante lichaamstemperatuur

     ( De activiteit van warmbloedige dieren is minder afhankelijk van de temperatuur van hun omgeving.)
     veel energie (en dus verbranding) nodig
    proberen warmteverlies te voorkomen. hebben vormen van isolatie.
      (Veel warmbloedige dieren trekken in de
    herfst weg naar warmere streken. Er zijn ook
    warmbloedige dieren die een winterslaap
    houden.)
  • zie afbeelding 10 benoem de onderdelen van het ademhalingsstelsel
    1 neusholte
    2 mondholte
    3 keelholte
    4 strottenhoofd
    5 luchtpijp
    6 bronchiën
    7 long
    8middenrif
    9luchtpijptakje
    10 longblaasjes
  • zie afbeelding 11 de tekening en benoem
    1 slijmlaag
    2 trilhaarcel
    3slijmproducerende cel
    4 bloedvat
  • wat is de functie van het slijmvlies

    Aan het slijm blijven ziekteverwekkers en stofdeeltjes plakken.
  • wat is de functie van trilharen

    Trilharen transporteren het slijm naar de keelholte waar het wordt ingeslikt.
  • hoe werkt de neusholte


      Neusharen houden grote stofdeeltjes tegen.
      Binnenstromende lucht wordt door het neusslijmvlies verwarmd en vochtig gemaakt.
      Het reukzintuig keurt de binnenstromende lucht.
  • hoe werkt de keelholte

     huig en strotklepje.
      Bij het ademhalen staan de huig en het strotklepje open.
      Bij het slikken sluit de huig de neusholte af en het strotklepje sluit de luchtpijp af.
     
    Verslikken: het strotklepje sluit de luchtpijp niet af tijdens het slikken.
  • zie afbeelding 14 en benoem
    1 neusholte
    2 huig
    3 mondholte
    4 tong
    5 keelholte
    6 strotklepje
    7 luchtpijp
    8 slokdarm
  • wat is de functie van het strottenhoofd
    hierin bevinden zich de stembanden.
  • wat is de functie van de luchtpijp en de bronchiën

    De wand is verstevigd door hoefijzervormige kraakbeenringen die de luchtpijp openhouden.
      De luchtpijp vertakt zich in bronchiën die met kraakbeenringen zijn verstevigd.
  • wat is de functie van de luchtpijptakjes

    vertakkingen van de bronchiën.
      De wanden van de kleine luchtpijptakjes bevatten spiertjes.
  • wat is de funcite van longblaasjes

    In longblaasjes wordt zuurstof vanuit de lucht opgenomen in het bloed in de longhaarvaten.
      In longblaasjes wordt koolstofdioxide vanuit het bloed in de longhaarvaten afgegeven aan de lucht in de longblaasjes.
      Het bloed wordt zuurstofrijk en koolstofdioxidearm.
     
    (Gaswisseling in de longen kan snel plaatsvinden,doordat de longblaasjes samen een groot oppervlak hebben en doordat hun wand dun is.)
  • noem 2 soorten ademhaling
    ribademhaling = borstademhaling

    middenrifademhaling = buikademhaling
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Hoeveel liter bloed heeft een volwassen mens in zijn lichaam en waaruit bestaat dat bloed (noem in procenten)
5 a 6 liter, 55% bestaat ui de vloeistof bloedplasma. Voor de rest bestaat bloed uit (45%) rode bloedcellen, witte bloedcellen en 
secundaire geslachtskenmerken
kenmerken die je later krijgt
primaire geslachtskenmerken
kenmerken die je vanaf je geboorte hebt waaraan er gezien kan worden of je een jongen of meisje bent
Wat is darmsap?
  • een verteringssap
  • bevat verschillende enzymen
  • de vertering van eiwitten en koolhydraten afmaken  
Wat is alvleessap?
  • een verteringssap
  • bevat verschillende enzymen
  • functie: eiwitten, koolhydraten, vetten verteren 
Wat is gal?
  • een verteringssap
  • bevat geen enzym
  • functie: vetten emulgeren(grote druppels→kleine druppels) zodat beter bereikbaar voor enzymen 
Wat is maagsap?
  • een verteringssap
  • bestaat uit water, zoutzuur, een enzym
  • functie zoutzuur: bacteriën in voedsel doden
  • functie enzym: eiwitten deels verteren  
Noem de functie van de endeldarm?
verzamelen+tijdelijk opslaan van onverteerde voedselresten
Anus: kringspier die de endeldarm afsluit
Wat is speeksel?
  • een verteringssap
  • bestaat uit water, slijm, enzym
  • functie slijm: glijbaarheid van voedsel verhogen
  • functie enzym: zetmeel deels verteren   
Wat is de dikke darm
water onttrekken aan de brij van onverteerde voedselresten→onverteerde voedselresten worden ingedikt
het water wordt opgenomen in het bloed
Diarree=dunne darm en dikke darm onvoldoende water in bloed 
bacteriën verteren cellulose in de celwanden van plantaardige voedsel resten→glucose ontstaan→wordt opgenomen in bloed