Summary Biologie voor jou 6 VWO 2e fase handboek

-
ISBN-10 9020873903 ISBN-13 9789020873900
1284 Flashcards & Notes
155 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Biologie voor jou 6 VWO 2e fase handboek ". The author(s) of the book is/are Gerard Smits, Ben Waas Arteunis Bos. The ISBN of the book is 9789020873900 or 9020873903. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Biologie voor jou 6 VWO 2e fase handboek

  • 1 Stofwisseling

  • Wat is een covalente binding?

    Binding waarbij atomen binden door gemeenschappelijk elektronenpaar

  • Waaruit bestaat een stof?

    Elke stof is opgebouwd uit moleculen.

  • Wat zijn sporenelementen?

    Elementen die slechts in kleine hoeveelheden voorkomen

  • waar zijn moleculen uit opgebouwd?

    atomen

  • Wat is een ionbinding?
    Ionbinding is binding waarbij het ene atoom een elektron van buitenste elektronenschil afstaat aan een ander atoom, waardoor er plus en min atomen ontstaan die bij elkaar blijven door aantrekkingskracht tussen plus en min.
  • Covalente binding of atoombinding is een binding met een gezamelijk elektronenpaar.

  • Wat is een ionbinding?

    Ionbinding is binding waarbij het ene atoom een elektron van buitenste elektronenschil afstaat aan een ander atoom, waardoor er plus en min atomen ontstaan die bij elkaar blijven door aantrekkingskracht tussen plus en min.

  • wat voor een soort glucose moleculen bestaan er? En waarin verschilt dit

    X-vorm en B-vorm. Dit verschilt in de OH groepen

  • Noem een polaire stof en leg uit wat dat inhoud.

    Een polaire stof is goed oplosbaar in water, tussen polaire stoffen zijn elektrische krachten werkzaam zoals waterstofbruggen, een polaire stof is water.

  • hoeveel soorten atoom bindingen heb je en welke zijn dat

    3. Covalente binding (gezamelijk elektronenpaar) , dubbele binding ( andere koolstof) , ion binding (atomen/ionen overdragen)

  • 1.1 Atomen en moleculen

  • Waaruit bestaat elke stof?

    Uit moleculen die zijn opgebouwd uit atomen van verschillende elementen

  • Waarom lossen olien en vetten niet op in water?

    In olien en vetten zijn de elektronen gelijkmatig verdeeld over het molecuul. Water heeft wel een plus en min kant maar deze kan met olien en vetten geen waterstofbruggen vormen omdat de olien en vetten neutraal geladen zijn.

  • Waardoor worden de chemische eigenschappen van een element in sterke mate bepaald?

    Door het aantal elektronen in de buitenste schil van het element.

  • waar heeft polair water invloed op

    op de zuurgraad. Door de aantrekkingskracht

  • Hoe heten elementen die in zeer kleine hoeveelheden voorkomen?

    Sporenelementen

  • Hoe noem je elementen die in zeer kleine hoeveelheden in het lichaam voorkomen?

     

    sporenelementen

     

  • Uit hoeveel stoffen bestaat een organisme

    duizenden

  • Welke onderlinge verbindingen zijn er in atomen?

    Covalente bindingen en Ionbindingen
  • Bij een ionbinding worden elektronen overgedragen.
  • Een stof is opgebouwd uit moleculen. Een molecuul is opgebouwd uit atomen van verschillende elementen.
    Sporenelementen: elementen die slechts in kleine hoeveelheden voorkomen.
    Een atoom: de kleinste herkenbare bouwsteen van een element.
    • Een positief geladen atoomkern met daaromheen negatief geladen elektronen.
    • Het atoomnummer van een element komt overeen met de grootte van de positieve lading.
    • Een atoom is elektrisch neutraal: de positieve lading is gelijk aan het aantal elektronen.
    • Elektronen bewegen in een baan om de kern. Hoe dichter bij de kern, hoe lager het energieniveau.

    Bindingen tussen atomen in een molecuul:
    • Covalente binding (atoombinding): twee atomen hebben één gezamenlijk elektronenpaar.
    • Dubbele binding: twee atomen hebben twee gezamenlijke elektronenparen.
    • Ionbinding: elektronen worden overgedragen van het ene naar het andere atoom. Er is geen gemeenschappelijk elektronenpaar.
  • Wat is een covalente binding (of atoombinding)?

    Een binding met een gemeenschappelijk elektronenpaar.

  • Waaruit bestaat een atoom?

    Positief geladen atoomkern met daaromheen negatief geladen elektronen (in schillen)

  • waaruit bestaat een atoom?

     

    een atoom bestaat uit een positief geladen atoomkern met daaromheen negatief geladen elektronen. de elektronen bevinden zich in schillen om de atoomkern.

  • Wat zijn sporenelementen?
    Sporenelementen zijn elementen die in zeer kleine hoeveelheden voorkomen in een organisme. Bij de mens zijn dit bijvoorbeeld: ijzer, koper, zink, jood en fluor. In grote hoeveelheden in de voeding kunnen ze toxisch zijn.
  • Voor elk element komt de grootte van de positieve lading van de atoomkern overeen met het atoomnummer. het aantal elektronen komt hiermee ook overeen. hierdoor is een atoom elektrisch neutraal. 

    Elektronen bevatten weinig energie als ze in een baan dicht om de atoomkern bewegen. op het laagste energie niveau is slechts plaats voor 2 elektronen. 

    het aantal elektronen in de buitenste schil bepaalt in sterke mate de chemische eigenschappen van het element. 

    elektronenschillen zijn stabiel als ze geheel gevuld zijn. de elektronen vormen dan paren. 

  • Welk type binding is het meest voorkomende type in moleculen van organische stoffen?

    De covalente binding.

  • De elektronen zitten zijn verdeeld over schillen. Op welke plaats zitten de elektronen die bijna geheel de chemische eigenschappen van het element bepalen?

    In de buitenste schil, de schil met een hoger energieniveau

  • Waaruit is iedere stof opgebouwd?
    Iedere stof is opgebouwd uit moleculen. Moleculen zijn opgebouwd uit atomen van verschillende elementen.
  • Wat is een kenmerk van de ionbinding?

    Bij de ionbinding worden elektronen overgedragen van het ene atoom naar het andere.

  • Wat is een covalente binding?

    een covalente binding is een binding met een gezamelijk elektronenpaar. V.B in water komen 2 elektronenparen voor, waarvan het ene elektron afkomstig is van het zuurstofatoom en het andere van een waterstofatoom. 

  • Waaruit is een atoom opgebouwd?
    Een atoom is opgebouwd uit een positief geladen atoomkern met daaromheen negatief geladen elektronen (in schillen).
  • in een molecuul zijn de atomen met elkaar verbonden door bindingen. deze komen gemakkelijk tot stand als daardoor elektronenschillen geheel worden gevuld. v.b+ zuurstof. de twee open plaatsen in de elektronenschil kunnen worden opgevuld door elektronen van waterstofatomen. (O+H reageert, water ontstaat). in een water molecuul komen 2 elektronenparen voor. 

  • Wanneer is er sprake van een dubbele binding?

    Als twee atomen twee gemeenschappelijke elektronenparen hebben.

  • Wat zegt het atoomnummer over een element?
    Het atoomnummer geeft aan wat de positieve lading van de atoomkern is.
    Het atoomnummer van zuurstof is bijvoorbeeld 8. Dit houdt in dat de atoomkern van een zuurstofatoom een positieve lading van 8 heeft. Het aantal elektronen rondom de kern komt hier ook mee overeen. Een zuurstofatoom heeft ook 8 negatief geladen elektronen. Daardoor is een atoom elektrisch neutraal.
  • twee koolstofatomen kunnen een gemeenschappelijk elektronenpaar hebben maar ook 2. = dubbele binding. drievoudige binding. 

  • Wat is een ionbinding?

    Bij een ionbinding worden er elektronen overgedragen van het ene atoom naar het andere. Er is geen sprake van een gemeenschappelijk elektronenpaar. Dit levert positief geladen ionen en negatief geladen ionen op.

  • Wat is een covalente binding?
    Een covalente binding is een type binding tussen twee atomen van een molecuul. Bij een covalenten binding (atoombinding) hebben de twee atomen een gezamenlijk elektronenpaar.
  • Waar spelen vrijwel alle stofwisselingsreacties af?

    Tussen stoffen die in water zijn opgelost.

  • Waardoor worden de chemische eigenschappen van een element in sterke mate bepaald?
    Deze worden sterk bepaald door het aantal elektronen in de buitenste schil van het element. Dit zijn de elektronen die bindingen aan kunnen gaan met andere atomen.
  • Wanneer is een molecuul polair? En wanneer is een molecuul apolair?

    Als deze een positief geladen en een negatief geladen kant heeft is de molecuul polair. De elektronen zijn dan ongelijkmatig over de moleculen verdeeld. Als bij moleculen de elektronen gelijkmatig zijn verdeeld wordt de molecuul apolair genoemd.

  • hoe is een watermolecuul opgebouwd?

    een watermolecuul bestaat uit een zuurstofatoom dat covalente bindingen kan aangaan met twee waterstofatomen. de hoek tussen twee waterstofatomen is 105 graden. aan de ene kant van het watermolecuul bevinden zich aan de buitenkant twee waterstofkernen. hierdoor is deze kant positief geladen. aan de tegenoverliggende kant bevinden zich elektronen aan de buitenkant van het watermolecuul. hierdoor is deze kant negatief geladen. 

  • Wat is een dubbele binding?
    Een dubbele binding is een type binding tussen twee atomen van een molecuul. Bij een dubbele binding hebben de atomen twee gezamenlijke elektronenparen. Een drievoudige binding bestaat ook.
  • Hoe ontstaan waterstofbruggen?

    Tussen twee polaire moleculen zijn elektrische krachten werkzaam. De zuurstofatomen in de watermoleculen worden aangetrokken door de waterstofatomen van andere watermoleculen.

  • Wat zijn waterstofbruggen?

    tussen polaire moleculen zijn elektrische krachten werkzaam. de zuurstofatomen in de watermoleculen worden aangetrokken door de waterstofatomen van andere watermoleculen. hierdoor ontstaan waterstofbruggen. het zijn zwakke bindingen, maar ze spelen wel een belangrijke rol bij grote organische moleculen. 

  • Wat is een ionbinding?
    Een ionbinding is een type binding tussen twee atomen in een molecuul. Bij een ionbinding worden er elektronen overgedragen van het ene atoom naar het andere. Er is geen sprake van een gemeenschappelijk elektronenpaar.
  • Wat bepaalt de pH of de zuurgraad van een oplossing?

    De concentratie H+ ionen.

  • Wat is een hydrofiel molecuul?

    Zouten lossen gemakkelijk op in water doordat de moleculen zich daarbij splitsen in ionen. door de elektrische lading worden de ionen nij het oplossen snel omgeven door de polaire watermoleculen. ook grote organische moleculen lossen gemakkelijk op in water, als de elektronen ongelijkmatig over de moleculen verdeeld zijn. de moleculen bezitten dan polaire delen die watermoleculen aantrekken. deze moleculen worden hydrofiel genoemd. 

  • Welk type atoombinding is het meest voorkomende type in moleculen van organische stoffen?
    De covalente binding komt het meest voor.
  • Wanneer noem je moleculen hydrofiel?

    Als ze polaire delen bezitten (dus als de elektronen ongelijkmatig over de moleculen verdeeld zijn), die watermoleculen aantrekken. Bij veel zouten is dit het geval, omdat de moleculen hiervan als ze oplossen in water splitsen in ionen.

  • ook in moleculen van vetten en olien zijn de elektronen gelijkmatig verdeeld. hierdoor zijn er geen aantrekkingskrachten werkzaam tussen deze moleculen en watermoleculen. doordat we watermoleculen onderling wel aantrekken mengen olien en vetten niet met water. ze zijn hydrofoob. 

Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.