Summary Biologie voor jou (bvj)

-
266 Flashcards & Notes
31 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Biologie voor jou (bvj)". The author(s) of the book is/are Gerard Smits. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Biologie voor jou (bvj)

  • 4 Thema 4: Ordening

  • waar verdeel je een verzameling in
    hetzelfde kenmerk
  • welke kenmerken hebben bacteriën
    • eencellig
    • geen celkern
    • celwand
    • geen bladgroenkorrels

  • welke kenmerken hebben schimmels
     
    • eencellig of veelcellig
    • celkernen
    • celwanden
    • geen bladgroenkorrels

  • welke kenmerken hebben planten?
    • eencellig of veelcellig
    • celkernen
    • celwanden
    • bladgroenkorrels
  • wat betekent rijken?
    de eerste grote groepen die ontstaan bij het indelen van alle organismen 
  • welke kenmerken hebben dieren
    • eencellig of veelcellig
    • celkernen
    • geen celwanden
    • geen bladgroenkorrels
  • hoeven organismen die veel op elkaar lijken dezelfde soort te zijn
    nee
  • wanneer behoren organismen tot dezelfde soort
    als ze vruchtbare nakomelingen kunnen krijgen
  • wat worden bepaalde soorten bacteriën genoemd
    bacillen
  • hoe planten bacteriën zich voort 
    door zich te delen
  • wanneer spreken we van een infectie 
    als bepaalde soorten bacteriën in je lichaam terechtkomen en daar ziektes veroorzaken
  • voorbeelden van infecties zijn 
    cholera, longontsteking, oorontsteking, tuberculose
  • hoe noem je lange dunnen draden van schimmels?
    schimmeldraden
  • hoe planten schimmels zich voort
    door sporen
  • wat zijn sporen
    cellen waaruit een nieuwe schimmel kan ontstaan
  • 5 stevigheid en beweging\

  • waaruit bestaat een skelet

    uit meer dan 200 beenderen

  • een ander woord voor inwendig skelet

    geraamte

  • wat is een schedel

    de beenderen in het hoofd

  • waardoor word  schedel gedragen

    door de wervel kolom die in de romp naar beneden loopt

  • waaruit bestaat de borstkas

    borstwervels, ribben, borstbeen

  • waaruit bestaat de schoudergordel

    uit de schouderbladen en sleutelbeenderen

  • waaruit bestaat het bekkengordel

    de heupbeenderen

  • wat zijn ledenmaten

    armen en benen

     

  • aan welke kant zit de ellepijp

    van de pink 

  • aan welke zijde zit het spaakbeen

    de kant van de duim

     

  • wat zijn fontanellen

    dunne vliezige plaatsen tussen de schedelbeenderen

  • zitten de schedelbeenderen van een pasgeborenen aan elkaar vast?

    nee bij de geboorte zijn de fontanellen nog niet gesloten 

     

  • op welke leeftijd zijn de fontanellen gesloten

    als het kind ong 1,5 jaar oud is (dan is tussen de schedelbeenderen geen beweging meer mogelijk)

  • wat zijn de 5 functies van het skelet (babsv)

    • B: beweging mogelijk maken door middel van spieren
    • A: aanhechting van de spieren door middel van pezen
    • B: bescherming van tere organen zoals : hersenen, longen, hart enz
    • S: stevigheid geven 
    • V: vorm bepalen
  • Waaruit bestaat de wervelkolom?

    • Halswervels
    • Borstwervels
    • Lendenwervels
    • Heiligbeen
    • Staartbeen
  • uit welke beendergroepen bestaat het inwendig skelet 

    • schedelbeenderen
    • wervelkolom (nek,borst, ledematen
    • schoudergordel (sleutelbeen, schouderbladen)
    • borstkas(ribben, borstbeen)
    • heupgordel (heupbeenderen)
    • ledematen(armen, benen)
  • noem een verschil tussen het skelet van zoogdieren en de mens

    de mens loopt op twee benen, de meeste zoogdieren lopen op 4 poten

  • noem een zoolganger

    een beer

     

  • noem een teenganger

    kat

  • noem een top ganger

    paard

  • een ander woord voor top ganger

    hoefganger omdat bij deze dieren de toppen van de tenen bedenkt zijn door hoeven

  • welke twee typen weefsels die stevigheid geven, komen voor in je lichaam

    kraakbeenweefsel en beenweefsel

  • wat is tussencelstof 

    tussen celstof komt tussen de cellen voor van het kraakbeenweefsel en beenweefsel

     

  • kenmerken van kraakbeenweefsel

    • cellen liggen in groepjes bij elkaar in tussencelstof 
    • stevig 
    • buigzaam
  • waar komt kraakbeen voor 

    op plaatsen in het lichaam die stevig en toch soepel zijn(bv: in neus en in de oor schelpen)

     

  • waaruit bestaat het skelet van baby"s voornamelijk 

    uit kraakbeenweefsel

  • wanneer word veel kraakbeenweefsel van een baby vervangen door beenweefsel

    tijdens de groei

     

  • wat zijn kenmerken van beenweefsel 

    • de cellen liggen in kringen rondom fijne kanaaltjes( in de kanaaltjes zitten bloedvaten)
    • tussencelstof van been is harder dan van kraakbeen 
    • tussencelstof bestaat voor groot deel uit kalkzouten en lijmstof

     

     

     

     

  • wat is de functie van kalkzouten

    geven stevigheid (hardheid) aan been  weefsel

  • wat is de functie van lijmstof 

    zorgt dat beenweefsel een beetje buigzaam blijft

     

  • wat maakt het bot stevig

    de kalkzouten en de lijmstof

  • wat gebeurt er als je een bot in een verdunde zoutzuur oplossing legt

    kalkzouten verdwijnen uit het bod (bod word er buigzaam)

  • wat gebeurt er als je een bot in een vlam houd 

    de lijmstof verbrand (het bod kan makkelijk breken)

  • wat gebeurt er met het beenweefsel bij het ouder worden

    tussencelstof van beenweefsel bevat steeds MINDER LIJMSTOFFEN en MEER KALKZOUTEN 

  • kenmerken beenweefsel bij kinderen

    de tussen celstof van beenweefsel bevat VEEL LIJMSTOF (botten zijn buigzaam; minder snel breuken)

Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

bij welke plantensoorten (eenhuizig of tweehuizig) is zelfbestuivingmogelijk

eenhuizig

wat zijn tweehuizige plantensoorten
  • planten met alleen mannelijke bloemen of alleen vrouwrlijke bloemen
  • bij tweehuizige plantensoorten is geen zelfbestuiving mogelijk
wat zijn eenhuizige planten soorten
  • planten met tweeslachtige bloemen en planten waarbij mannelijke en vrouwelijke bloemen op dezelfde plant staan
  • bij eenhuizige plantensoorten is zelfbestuiving mogelijk
wat zijn tweeslachtige bloemen

bloemen bevatten zowel meeldraden als stampers

wat zijn eenslachtige bloemen

deze bevatten alleen meeldraden of alleen stampers

  • mannelijke bloemen bevatten alleen meeldraden
  • meeldraadkatje: trosje met mannelijke bloemen
  • vrouwelijke bloemen bevatten alleen stampers
  • stamperkatje: trosje met vrouwelijke bloemen
ongeslachtelijke voortplanting bij weefselkweek
  • uit elk groeipunt groeit een nieuw plantje
  • door weefselkweek kunnen snel heel veel planten worden verkregen
wat is een weefselkweek

groeipunten(eindknoppen en okselknoppen) worden afgesneden en in een speciale voedingsbodem geplaatst

hoe kunnen stekken vermeerderd worden

het toepassen van ongeslachtelijke voortplanting door plantenkwekers

welke planten worden gestekt

kamerplanten

ongeslachtelijke voortplanting bij stekken

uit een stek groeit een nieuwe plant