Summary Blok 2, probleem 1

-
103 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Blok 2, probleem 1

  • 1 Welke checks and balances zijn er in het huidige staatsrecht?

  • Welk arrest hoort bij dit probleem?
    Arrest Vredesmonument Oegstgeest
  • Wat is gezag?
    Een beslissingsprocedure en een organisatie (bestuur).
  • Welk middel heeft men gevonden om het risico van de altijd dreigende dictatuur te ontgaan, gevonden dat redelijk goed werkt?
    De verdeling van het gezag over verschillende organen.
  • De verschillende organen over welke het gezag verdeeld is, houden elkaar in evenwicht. Zo ontstaat er een zekere stabiliteit in de machtsverhouding --> checks and balances.
  • Elk orgaan moet een zekere macht en een zekere verantwoordingsplicht krijgen.
  • De essentie van Montesquieu is dat de staatsmacht verspreid wordt over verschillende organen die ieder een deel van die macht uitoefenen en elkaar controleren en in evenwicht houden.
  • 1) het parlement maakt de wetten = wetgevende macht.
    2) De koning voert de wetten uit = uitvoerende macht.
    3) De rechters constateren of de uitvoerende macht de wet wel in acht genomen heeft = controlerende macht.
  • Er moet ook beslist worden of er een bepaald verdrag gesloten moet worden. Dit is geen uitvoering van wetten, maar een zelfstandige bevoegdheid van de regering.
  • Uitvoering van wetten en de zelfstandige bevoegdheid van de regering worden in de Gw 'bestuur' genoemd.
  • De drie belangrijkste organen (regering, parlement en rechterlijke macht) opereren afhankelijk van elkaar:
    - De vaststelling van wetten is de taak van de regering en parlement samen.
    - Het bestuur is de taak van de regering, maar de regering staat bij de uitoefening daarvan onder controle van het parlement.
    - De centrale overheid bestaat uit een samenstel van organen, die ieder een deel van de overheidstaak uitoefenen en elkaar dus nodig hebben om te regeren.
  • Territoriale splitsing: men geeft niet één centrale overheid alle bestuursbevoegdheden, maar verleent een deel van die bevoegdheid aan regionale bevoegdheden.
  • 2 Wat zijn de uitgangspunten van de democratische rechtstaat?

  • Ieder orgaan heeft voor de uitoefening van bevoegdheden ofwel de medewerking van een ander orgaan nodig, ofwel onderworpen is aan de controle daarvan.
  • Grondregels voor een democratisch bestuur (= geen positief recht --> het zijn beginselen):
    1. Legaliteitsbeginsel;
    2. Verantwoordingsplicht of controle.
  • 2.1 Legaliteitsbeginsel

  • Welke 3 arresten horen hierbij?
    1. Arrest Methadonbrief;
    2. Arrest Verwijderingsbevel;
    3. Arrest Schending legaliteitsbeginsel OER.
  • Om machtsmisbruik te voorkomen is neergelegd dat rechterlijke en bestuurlijke macht hun bevoegdheden slechts mogen gebruiken voor zover de Gw of de wet dat uitdrukkelijk toestaat.
  • Ieder met dwang gepaard gaande overheidshandeling, hetzij van het bestuur, hetzij van de rechterlijke macht, is gebonden aan een wettelijke grondslag.
  • 2.2 Verantwoordingsplicht of controle

  • Niemand kan een bevoegdheid uitoefenen zonder verantwoording schuldig te zijn of zonder dat op die uitoefening controle bestaat.
  • De verantwoordingsplicht of controle kan voor ieder die bevoegdheden uitoefent een andere vorm hebben: zij behoort voor niemand afwezig te zijn.
  • Aanvulling op het legaliteitsbeginsel: over de uitvoering van een bevoegdheid moet binnen de wettelijke perken verantwoording worden afgelegd.
  • De 7 vormen van verantwoordingsplicht van en controle op overheidsorganen:
    1. Politieke verantwoordingsplicht;
    2. Ambtelijke ondergeschiktheid;
    3. Bestuurlijk toezicht;
    4. Strafrechtelijke verantwoordelijkheid;
    5. Beroep;
    6. Burgerlijke rechter;
    7. Rechterlijke toetsing van wetgeving.
  • Politieke verantwoordingsplicht: er is de politieke verantwoordingsplicht van bestuurlijke organen tegenover vertegenwoordigende lichamen.
  • Ambtenaren die bepaalde bevoegdheden hebben, zijn verantwoording schuldig aan hun chefs. Slechte vervulling van de taak van een ambtenaar kan leiden tot disciplinaire maatregelen (zoals ontslag).
    Let op: bewindpersonen - ministers en staatssecretarissen - zijn geen gewone ambtenaren en zijn daardoor niet onderworpen aan disciplinaire maatregelen.
  • Bestuurlijk toezicht: de regering heeft in beperkte mate de bevoegdheid zich te bemoeien met het beleid van een gemeente of provincie.
    Preventief toezicht: een lager bestuursorgaan moet voor een bepaalde handeling goedkeuring vragen aan een hoger orgaan.
    Repressief toezicht: een hoger bestuursorgaan kan een beslissing van een lager orgaan achteraf ongedaan maken.
  • Strafrechtelijke verantwoordelijkheid: een gezagdrager kan strafrechtelijk verantwoordelijk zijn voor zijn daden --> alleen wanneer een strafbepaling de gedraging strafbaar stelt.
  • Beroep: de meeste besluiten van bestuursorganen zijn vatbaar voor beroep. Belanghebbenden moeten eerst bezwaar maken, als ze naar een onafhankelijke rechter willen stappen.
  • Burgerlijke rechter: wanneer er geen speciale beroepsmogelijkheid aanwezig is, is de burgerlijke rechter bereid ambtshandelingen te toetsen aan art. 6:162 BW (onrechtmatige daad).
  • Rechterlijke toetsing van wetgeving: er is een controle van de rechter op zekere wetgevende organen. Vb.: toetsingsverbod --> rechter mag niet beoordelen of een formele wet in strijd is met de Gw.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.