Summary Blok 2A2

389 Flashcards & Notes
3 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary - Blok 2A2

  • 1.1 Prognostische factoren bij AML

  • Welke 3 typen prognostische factoren zijn er?
    1. Patiëntgebonden factoren
    2. Ziektespecifieke factoren
    3. Therapie geralateerde factoren
  • Wat zijn patiëntgebonden prognostische factoren?
    Leeftijd en comorbiditeit
  • Wat zijn ziektespecifieke prognostische factoren?
    Mutaties (NPM1 en FLT3-ITD), cytogenetische en moleculaire afwijkingen
  • Wat zijn therapie gerelateerde prognostische factoren?
    Minimale Residuale Ziekte (MRD) en Complete Remissie (CR)
  • Hoe wordt MRD gemeten?
    Flowcytometrie
  • Wat betekent het als je MDR positief bent?
    Verhoogde kans op een recidief
  • Waarvan is de therapie van AML afhankelijk?
    Leeftijdsgroep
  • Wat is de meest voorkomende therapie bij jongeren met AML?
    Allogene stamceltransplantatie
  • Wat is de meest voorkomende therapie bij mensen van middelbare leeftijd met AML?
    Chemo
  • Wat is de meest voorkomende therapie bij ouderen met AML?
    Supportive care
  • 1.2 Myelodysplastisch syndroom

  • Wat is Myelodysplastisch syndroom (MDS)?
    Klonale aandoening van de hematopoietische stam- en progenitorcellen
  • Waardoor wordt MDS gekenmerkt?
    Ineffectieve hematopoiese (BMF) en predispositie van AML
  • Wat is het gevolg van ineffectieve hematopoiese?
    Te veel onrijpe cellen in beenmerg --> cytopenie (=anemie, neutropenie en trombocytopenie)
  • In welke leeftijdscategorie komt MDS het meest voor?
    Ouderen, mediane leeftijd is 74 jaar
  • MDS heeft een heterogene presentatie, wat verstaan we hieronder?
    Verschil in symptomen, morfologie van beenmerg (dysplasie), aantal blasten in beenmerg en cytologische afwijkingen
  • Klinische presentatie bij MDS
    Asymptomatisch en symptomatisch
  • Wat is de symptomatische presentatie van MDS?
    Vermoeidheid en/of kortademigheid door anemie
    Terugkerende infecties door neutropenie
    Bloedingsneigingen door trombocytopenie
  • Diagnostiek van MDS wordt gedaan middels beenmergonderzoek, waar wordt er dan naar gekeken?
    1. Morfologie van het biopt: normo- tot hypercellulair, vormafwijkingen en te veel blasten
    2. Cytogenetica: o.a. Deletie chromosoom 11q
    3. Flowcytometrie: afwijkende erytroïde uitrijping en geen B-cellen aantoonbaar
    4. Moleculair onderzoek   
  • Waardoor wordt MDS veroorzaakt?
    Genetische en/of epigenetische veranderingen in hematopoietische stam/voorlopercellen in het beenmerg
  • Wat zijn de 2 groepen die verantwoordelijk zijn voor de bloedvormende afwijkingen?
    Mutaties in epigenetisch regulerende genen
    Mutaties in de groep van de splicing regulatoren
  • Wat doen de epigenetisch regulerende genen?
    Ze zijn verantwoordelijk voor de epigenetische ordening van het DNA (hoe het DNA gevouwen is);
    • Veel genen zijn gemethyleerd in cellen van MDS patiënten, maar niet in de cellen van gezonde mensen
    • Methylatie zorgt voor dat de transcriptiefactor niet kan binden met het CpG eiland en de tumorsuppressorgen (bijv p53) inactief is, wat resulteert in tumorvorming 
  • Op welke manieren kunnen de mutaties bij MDS ontstaan?
    Primair weet men de oorzaak meestal niet, maar erfelijke factoren blijken steeds belangrijker te worden.
    Secundair kan het ontstaan door eerdere behandelingen met chemotherapie en/of radiotherapie
  • Prognose kan variëren met een levensverwachting van maanden tot vele jaren. Dit is in te schatten met IPSS, welke prognostische kenmerken spelen hierbij een rol?
    • Percentage blasten in beenmerg
    • Aard cytogenetische afwijkingen
    • Diepte en aantal van cytopenieën
  • Welke risicogroepen zijn er volgens IPSS en wat is de overleving na één jaar?
    Laag risico --> totaal score = 0, overleving = 90%
    Intermediair-1 --> totaal score = 0,5 - 1,0
    Intermediair-2 --> totaal score = 1,5 - 2,0
    Hoog risico --> totaal score = >2,5, overleving = 50%
  • Is curatie van MDS mogelijk?
    Ja, maar alleen bij allogene stamceltransplantatie
  • Behandelstrategie bij laag risico en int-1 risico IPSS
    Afwachtend, supportive care, groeifactoren en immunomodulerende middelen (lenalidomide)
  • Behandelstrategie bij int-2 en hoog risico IPSS
    Epigenetische therapie (Azacitidine) of intensieve chemotherapie soms gevolgd door allogene stamceltransplantatie
  • Waarvan is de behandelstrategie, buiten de risicogroep, afhankelijk?
    Leeftijd, performance status en comorbiditeit
  • Overleving en progressie naar AML verschilt per risicogroep
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat zijn bijwerkingen va chemotherapie?
Diarree
Hand-voet syndroom: handen en voeten staan in brand en zijn erg droog
Ernstige mucositis: verbranding slijmvlies
Huidtoxiciteit: acne, krentenbaard, pus
Polyneuropathie: pijn, tintelingen, spierzwakte in handen en voeten
Wat is niet-curatieve systemische therapie?
Levensverlengend
Palliatie (symptoom verlichting)
Wat is curatieve systemische therapie?
Preventief
Neo-adjuvant (kans op curatie verhogen)
Adjuvant
Inductie (tumor verkleinen)
Systemische therapie is:
Alles wat via de bloedbaan gaat
[1] wordt nooit gegeven in stadium I, soms in II en altijd in stadium III
[1] Adjuvante chemotherapie
Coloncarcinoom is gevoelig voor [1]. Rectumcarcinoom voor [2]
[1] chemo
[2] radiotherapie
Wat kunnen we doen om curatie te bewerkstelligen?
Resectie
Wat is stap 2 bij verdenking op colorectaalcarcinoom?
Stageringsonderzoek met CT-thorax/abdomen
MRI bekken
Wat is stap 1 bij verdenking op een colorectaalcarcinoom?
Colonoscopie met biopten
Waarom zijn er steeds vaker patiënten die geen klachten hebben?
Ze zijn gescreend tijden het bevolkingsonderzoek