Summary Chemie 3 vwo

-
ISBN-10 9001828701 ISBN-13 9789001828707
450 Flashcards & Notes
21 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Chemie 3 vwo". The author(s) of the book is/are Heleen Driessen, Wijnand Rietman, Maureen Velzeboer. The ISBN of the book is 9789001828707 or 9001828701. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Chemie 3 vwo

  • 0 Voorkennis

  • Wat is het verschil tussen massa en gewicht in natuurwetenschap ?
    In natuurwetenschap is het gewicht een kracht en de massa een maat voor de hoeveelheid materie.
  • massa
    het gewicht
  • Algemene veiligheidsvoorschriften
    • Nooit zonder toestemming practicumlokaal binnen
    • Practicum gepland -> ruim op tijd aanwezig (proef voorbereiden thuis - voorkomt practicumtijd verspilling).
    • Staan er al spullen klaar, blijf er vanaf tot docent uitleg geeft.
    • Eerst gewoon gaan zitten.
    • Alles duidelijk - pak schrift, pen en per groepje 1 boek (en binas).
    • Tassen achter in lokaal op vensterbank (loopruimte vrij bij practicum)
    • Werk zo min mogelijk zittend (dan kun je sneller handelen).
    • Lees eerst alle aanwijzingen helemaal door. Zet klaar wat je nodig hebt en voer dan pas de proef uit.
    • Maak tijdens uitvoeren proeven aantekeningen (logboek).
    • Lange haren vast.
    • Gebruik ALTIJD een veiligheidsbriel
    • Draag een labjas (goed dicht, lange mouwen oprollen).
    • Voordat je een fles pak en gebruikt lees je altijd eerst etiket (pictogrammen - weet wat de pictogrammen betekenen).

    • Voorkom besmetting met chemicaliën
    1. werk netjes en geconcentreerd
    2. ruim gemorst materiaal meteen op
    3. eet/drink nooit in scheikundelokaal
    4.  proef nooit van de stoffen waar mee je moet werken (ook niet bv suiker).
    5. was na practicum altijd je handen


    • Gebruikte flesjes en stofjes blijven altijd op hun plaats
    • Gebruik schone spatel als je vaste stof uit voorraadpot haalt. Spoel deze altijd eerst af en/of veeg hem af met een tissue voordat je de spatel in de voorraadpot steekt.


    • Voorkom dat je stoffen morst
    1. houd spatel zo horizontaal mogelijk aan de voorraadpot en reageerbuis
    2. houd een volle spatel altijd boven de opening van voorraadpot of reageerbuis en niet boven tafel/vloer
    3. sluit meteen na gebruik het deksel
    4. overgebleven stof nooit terug doen in pot. Kan zijn dat stof verontreinigd is.
    5. let bij vloeistoffen erop dat doppen/stoppen schoon blijven. Let dus de dop omgekeerd op tafel of houd stop in je hand
    6. plaats na gebruik ook hier meteen dop op fles
    7. als je uit een fles gaat schenken, houd fles met kant etiket in je handpalm (zo loopt etiket nooit door en weet je dat die kant altijd de schone kant is.
    8. giet nooit vloeistof uit een grote fles rechtstreeks in een klein glas of reageerbuis. Giet eerst wat over in een groot bekerglas.
    9. Neem niet meer stof dan nodig is (proef mislukt vaker door te veel dan door te weinig stof.


    • Practicum klaar - ruim keurig practicumplaats op
    1. glaswerk omspoelen en drogen
    2. demiwater fles aanvullen
    3. plek schoon en droog maken
    4. gebruikte spullen terug zetten waar je ze vandaag hebt gehaald.


    • Kabinet is verboden terrein voor leerlingen (tenzij binnen wordt gevraagd)
    • Laat brander niet aan als je hem niet meer gebruikt, zet hem op een gele vlam als je wegloopt.
    • Oneigenlijk gebruik van veiligheidsmaatregelen is ten strengste verboden (ook spuitflesjes, injectienaalden etc. (spelen is verwijderen)
  • Met welke eenheden reken je de massa ?
    Je rekent de massa met de eenheden: kg, g, mg of ton
  • massa is een maat voor de hoeveelheid materie
    gewicht is een kracht
  • Wat doe je als er toch iets fout gaat
    Zorg samen voor de veiligheid
    Practicum - duo's (tenzij anders aangegeven).
    Verantwoordelijk voor elkaar.

    Op het moment dat er iets gebeurd blijft een duo altijd bij elkaar.
    Persoon waar niets mee is gebeurd, roept om hulp door buurman/-vrouw docent of TOA te laten halen.

    Jij helpt altijd je partner en regelt hulp indien iets gebeurd - blijf rustig.

    Stof in ogen
    Neem leerling mee naar ogendouche (wasbak naast docententafel).
    Probeer de docent erbij te roepen - raak niet in paniek.

    In brand
    Met spoed 2 leerlingen nodig om je medeleerling te helpen.
    Partner blijft altijd in de buurt van de in brand staande leerling - probeer hem rustig te houden. Buurman/-vrouw regelt direct hulp:
    • pakt branddeken (naast ingang klaslokaal). Leerling in brand gaat op grond liggen en wordt in branddeken gerold (vuur dooft).
    • De in brand staande leerling wordt onder nooddouche gezet (naast schuifdeur naast het kabinet).

    Let wel op: rent de in brand staande leerling - wakkert vuur aan. Niet rennen.

    Brandwond
    Spoel direct met heel veel lauw water.

    Iets in de brand
    Brandblusser/branddeken. Brandblusser mag alleen door docent gebruikt worden.

    Iets ingeslikt
    Ga naar docent en vraag wat te doen.
  • Met welke eenheden reken je de volume ?
    Je rekent de volume met de eenheden: m3, dm3, L, cm3 of mL
  • volume
    inhoud
  • Pictogrammen
    Picto's
  • Wanneer kun je alleen de dichtheid berekenen ?
    Je kunt alleen de dichtheid berekenen als je van beide stoffen dezelfde hoeveelheid hebt.
  • dichtheid
    dichtheid=massa/volume
  • Massa en volume
    Meet massa hoeveelheid vaste stof of vloeistof op een digitale balans.
    Natuurwetenschappen: onderscheid massa en gewicht.
    Gewicht -> kracht
    Massa -> maat voor hoeveelheid materie.

    Massa meten in eenheden: kg, g, mg of ton.
    Je rekent massa's als volgt om in andere eenheden:
    1 ton = 1000 kg
    1 kg = 1000 g
    1 g = 1000 mg

    Volume vloeistof of gas bepaal je in een maatcilinder
    Bekerglas met maatstreepjes kun je schatten hoeveel vloeistof je hebt.

    Vuistregel schatten volume:
    vloeistofhoogte 1 cm komt overeen met 1 mL.
    Volumes meet in volgende eenheden: m3, dm3 of L, cm3 of mL.

    Je rekent volumes als volgt om in andere eenheid:
    1 m3 = 1000 dm3 - komt overeen met 1000 L
    1 dm3 = 1000 cm3 en dat komt over een met 1000 mL.
  • Hoe bereken je de dichtheid van een stof ?
    dichtheid (g/cm3) = massa (in gram)
                                      ---------------
                                       volume (in cm3)
  • -273 °C= 0 kelvin op de klevinschaal
    0 °C=273 k
    100 °C= 373 k
  • Dichtheid
    Lood is zwaarder dan piepschuim.
    Dat ligt aan hoeveelheid lood en hoeveelheid piepschuim.
    Beide stoffen 1 cm3 dan klopt de uitspraak.
    Je hebt dan met de dichtheid te maken

    Dichtheid van een stof is de massa van die stof per cm3

    dichtheid in g/cm3) = 
  • Hoe werkt de Kelvinschaal ?
    Bij de Kelvinschaal is er voor gekozen om het laagste temperatuur die er kan bestaan als nulpunt te gebruiken: -273 C. Vanaf daar word er het zelfde gerekent en elke x +1
  • fase of aggregatietoestand
  • Temperatuur
    Thermometer - hoe warm
    Lees temperatuur af.
    Normaal temperatuurschaal Celsius.
    Water kookt bij 100

    IJs smelt bij 0

    Op de noordpool kan het  zijn

    Laagste temperatuur die in een lab kan bestaan is -273

    In natuurwetenschap kozen om de laagst mogelijk temperatuur als nulpunt voor de Kelvinschaal te nemen.

     -273  = 0 K
    0 = 273 K
    100  = 373 K

    vb: diepvries temp = -18 graden Celsius
    Kelvin is dan -18+273 = 255 K
  • gas > vaste stof
    rijpen
  • Fasen en faseovergangen
    Water: kan in vast, vloeibare en gasvormige toestand voorkomen in de natuur: ijs, water, waterdamp.

    Zie namen faseovergangen in schema
  • vaste stof > gas
    vervluchtigen
  • Samengevat
    Practicumlokaal heeft veiligheidsvoorzieningen

    Massa's meet je in ton, kg, g, mg

    Volumes meet je in L, mL, cm3, dm3 en m3

    Dichtheid is massa (in gram)/volume (in dm3)

    Temperatuur in K = temperatuur in graden Celsius + 273

    Faseovergangen
    Smelten, stollen, verdampen, condenseren, rijpen en vervluchtigen 
  • gas> vloeistof
    condenseren
  • vloeistof > gas
    verdampen
  • vloeistof > vast stof
    stollen
  • vaste stof > vloeistof
    smelten
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Productie aluminium

Eerst moet je aluminiumoxide uit bauxiet halen. Je maalt het bauxiet fijn en doet het in een vloeistof waardoor aluminiumoxide oplost. Daaruit ontstaat vast aluminiumoxide. Dat wordt weer gesmolten in een speciale oven en er vindt elektrolyse plaats. Er zitten aan de stroombron een positieve en een negatieve elektrode verbonden. Bij de negatieve elektrode ontstaat vloeibaar aluminium en bij de positieve zuurstof.
Fotolyse
Ontledingsreactie onder invloed van licht
Thermolyse
Ontledingsreactie onder invloed van warmte
Elektrolyse:
Ontledingsreactie onder invloed van Elektrische stroom
Extraheren
Om mengsel vaste stoffen te scheiden. Met extractiemiddel (vloeistof) waarin een vaste stof oplost en de andere niet. Verschil in oplosbaarheid.
Destilleren
Een vloeistof verdampt en door koeling condenseert. Verschil in kookpunt
Indampen
Oplossing scheiden in de opgeloste stof en oplosmiddel. Verschil in kookpunt.
Adsorberen
Als je een stof of oplossing uit een gasmengsel wil halen, actieve koolstof als adsorbtiemiddel. Verschil in aanhechtingsvermogen
Filtreren
Je scheidt suspensie in residu of filtraat, verschil in deeltjesgrootte
Zeven
Als je grote vastestofdeeltjes uit een mengsel wil scheiden, verschil in deeltjesgrootte