Summary Class notes - 9704 examen kerntaak 2 professioneel handelen

Course
- 9704 examen kerntaak 2 professioneel handelen
- X
- 2018 - 2019
- NTI (Leiden)
- Pedagogisch medewerker jeugdzorg
287 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Class notes - 9704 examen kerntaak 2 professioneel handelen

  • 1545346800 PW jeugdzorg SAW 4

  • in dit thema is er gebruik gemaakt van de theorieën uit de volgende boeken 
    orthopedagogiek antwoorden op de vraagstellingen van M van Heteren p Smits en M van veen
    wat is er toch met mijn kind J.F.W kok 
  • 3.2 het opvoedingsproces 
    wat is opvoeden benoem de drie punten hiervan
    het in relatie staan van opvoeders met het op te voeden kind waarin de opvoeder als persoon op zijn eigen manier zijn menszijn laat zien
    een klimaat= sfeer aanbrengt waarin het kind kan worden wie het in aanleg als is
    op zo,n manier met leefsituaties omgaan dat deze zoveel mogelijke kansen bieden op zelfontplooiing van het kind 
  • hoe kan de opvoeding gezien worden
    als een voortdurende proces met afwisselende periode van bijna automatische handelen 
    en periodes van aandachtig stilstaan bij de opvoedersopgave om de ontwikkeling van het kind op de juiste manier te ondersteunen
  • een opvoedingsproces is een doorlopend samenspel tussen opvoeder en kind gericht op de eigenheidsontwikkeling van het kind.
    eigenheidsontwikkeling kunnen wij omschrijven als zelfontplooiing
    de ontwikkeling van het kind als unieke persoonlijkheid
  • eigenheidsontwikkeling

    affectief aspect= voelen( mens als gevoelswezen)
    cognitief aspect= kennen( mens als kenwezen) 
    conatief aspect= streven( mens als streefwezen naar de persoon die hij in wezen is het zichzelf worden
  • wat is specifiek opvoeden
    orthopedagogische handelen dat beantwoord aan de specifieke opvoedingsbehoeften van een kind om een blokkering in het opvoedingsproces op te heffen
  • waar kan er naar toe worden geweken als opvoedingsondersteuning niet genoeg resultaat oplevert
    naar residentiele hulpverlening
  • het is belangrijk te melden dat gedrag dus een signaalfunctie heeft dit is als ware een taal waarin het kind jou iets zegt over zijn welbevinden en het al dan niet vloeiend verlopen van zijn ontwikkeling 
  • benoem de drie opvoedingsdimensies
    relaties aangaan en onderhouden 
    klimaat scheppen en aanpassen
    situatie hanteren
  • relaties aangaan en onderhouden 
    het aangaan en onderhouden van echte relaties met het kind door sensitief  en responsief te zijn waardoor het kind kan groeien in zijn ontwikkeling
  • om welke punten gaat het bij opvoeden 
    om sensitiviteit en responsiviteit  tussen jou als opvoeder en het kind
    je bent sensitief als opvoeder als je gevoelig bent voor wat er bij een kind speelt
    en je kunt inleven in wat het kind beweegt
    met responsiviteit wordt bedoeld de wijze waarop je als opvoeder inspeelt en je kunt inleven op datgene wat het kind beweegt. je reageert op de signalen die het kind uitzendt in zijn gedrag vanuit je verantwoordelijkheid als opvoeder en reageert op de signalen die het kind uitzend in zijn gedrag vanuit je verantwoordelijkheid als opvoeder geef je de relatie met het kind zo vorm dat jij deze stimuleert te groeien in zijn ontwikkeling
  • bij de dimensie relatie aangaan en onderhouden gaat het ook om de manier waarop de opvoeder zich als persoon aan het kind laat zien dit is de opvoederspresentatie 
    elke opvoeder heeft zijn grenzen in wat hij in zijn relatie met het kan bijstellen/aanpassen
    hierbij spelen je eigen persoonlijkheid levensgeschiedenis en eigen normen en waarden plus de eigen positie in de samenleving een rol
  • zoals gezegd neem je als opvoeder in het opvoedingsproces altijd jou eigen mogelijkheden en beperkingen mee de perfecte opvoeder bestaat ook niet 
    het is je taak on je mogelijkheden zo optimaal mogelijk in te zetten en uit te bouwen en je bewust te zijn van je beperkingen
  • weerstand het kan voorkomen dat jij weerstand voelt bij een kind je kunt moeite hebben met de persoon zelf of met bepaald gedag in dat geval is het zaak te achterhalen waar dit gedrag vandaan komt
  • om welk punt gaat het bij zo,n zelfonderzoek niet
    het gaat er niet om dat je jou eigen normen en waarden kwijtraakt  maar om te weten dat deze er zijn en mogelijk invloed hebben op je manier van omgang met een kind
  • een klimaat scheppen en aanpassen 
    het creëren voort laten duren en aanpassen van een bij de pedagogische behoefte passend pedagogische klimaat dat optimale kansen biedt voor de ontwikkeling van het kind
  • in een goed pedagogische klimaat kan een kind zich zowel affectief cognitief als conatief ontwikkelen voor kinderen in de jeugdzorg geldt dat er vaak bijzondere maatregelen
  • situatie hanteren 
    hanteren van situaties door de opvoeder op zo,n manier dat het kind zich kan ontwikkelen
  • de eigenheidsontwikkeling kan versterkt worden door kinderen op een eenvoudige speelse manier helpen te ontdekken
    op deze manier zal het kind zich als persoon beter kenbaar kunnen maken beter weten wij hijzelf is en wat hij wil zal hij meer stevigheid bij zichzelf leren ervaren
    hierdoor krijgt hij meer zelfvertrouwen in zichzelf en hierdoor ook in anderen
  • wat moet jij als opvoeder doen bij het hanteren van de situatie
    de situatie ordenen bereiden en klaarmaken
    zo dat het kind of de jongeren de structuren erin zich eigen kan maken
  • een belangrijk onderdeel van de situatie hanteren is een kind helpen met structureren wat wordt er bedoeld met structureren
    met structuur wordt bedoeld de manier waarop een uit verschillende onderdelen bestaand geheel is opgebouwd; een mens dus ook een mind heeft in zijn of haar dagelijkse leve nmet verschillende situaties te maken
  • als opvoeder kun je een situaties op verschillende manieren hanteren zo kun jij
    iets in de structuur van de situatie veranderen omdat jij ziet dat een kind niet begrijpt wat te bedoeling is of het niet naar zijn zin heeft en niet in staat is hier veranderingen in te brengen
  • 3.6 vraagstellingstype 
    om zicht te krijgen op wat een kind in een vastlopend opvoedingsproces indirect met zijn gedrag aan zijn opvoeders vraagt en hoe deze hier adequaat op in kunnen spelen is er een onderverdeling gemaakt naar vraagstellingstypen
  • beschrijf wat de definitie van een vraagstellingstype is
    een manier van orthopedagogisch handelen die aansluit bij het gene waar het kind het meeste behoefte aan heeft 

    dit is het bieden van emotionele ruimte
    het bieden van relationele ruimte laten
    structureren
    varieren
    profileren
    harmonieren
  • een orthopedagoog onderzoekt de bijzondere opvoedingsbehoeften hij of zij bekijkt welke ontwikkelingsaspecten er het meest onder druk staan en geeft advies over de manier van omgaan met het kind
  • waar staat de afkorting VOS voor
    Vraagstelling ordenend systeem dit systeem kan worden gezien als een wegwijzer het geeft als ware de route aan vanuit een vraag om hulp via een aantal haltes
  • bij elk ontwikkelingsaspect en vraagstellingstype wordt een andere speciale manieren van handelen voorgeschreven het orthopedagogische handelen specifiek opvoeden wordt ook wel  vraagstellingsgericht handelen genoemd
  • wat is eigenlijk vraagstellingsgericht handelen
    orthopedagogische handelen specifiek opvoeden op basis van het vraagstellingtype dat bij het kind hoort
  • belangrijke punten bij de situatie hanteren zijn 
    neutrale opstelling 
    bent zorgzaam
    vriendelijk
    zonder het kind emotioneel te belasten
  • vraagstellingstype emotionele ruimte laten ( affectief ontwikkelingsaspect) is dat bij hen de relationele ontwikkeling wel op gang is gekomen maar dat het kind op relationeel gebied te veel is gaan voegen naar de mogelijke wensen en verwachtingen van anderen opvoeders 
    onzekere verlegen kinderen welke zichzelf wegcijfer
  • wat voor soort kinderen zijn er het meest gebaat bij een vraagstellingstype emotioneel ruimte laten

    kinderen welke onveilig gehecht zijn en niet welke niet in  staat zijn tot het aangaan van een affectieve band met hun opvoeders
  • bij deze kinderen is het belangrijk dat je geen emotioneel beroep op hen doet hoe liever een aardiger jij doet hoe meer kans er bestaat op een toename van de gedragsproblemen 
    ga met deze kinderen op een vrij zakelijke manier en vooral heel duidelijk met elkaar om
    afspraken zoals omdat ik het zeg en zo is het spel nou eenmaal werken het beste
  • een kind met het klimaat emotionele ruimte laten heeft een duidelijke dagritme nodig waarin momenten van alleen-zijn en periodieke rustmomenten worden opgenomen
  • een van de punten met betrekking tot competitie drang bij de kinderen is deze serieus nemen en verlies relativeren en als een kind niet mee wilt doen dan accepteer je dit als vanzelfsprekend.
    benoem de overige punten
    laat kinderen meer naast elkaar spelen zorg voor weinig interactie tussen de kinderen 
    zorg  
    zorg dat de activiteiten niet te ingewikkeld zijn en de behoeften van de kinderen snel bevredigd worden zij hebben een snelle behoeften bevrediging nodig
    zorg dat de activiteiten een hoge graad van onvoorspelbaarheid hebben zij hebben behoeften aan spanning
    zorg voor spelmaterialen welke een beroep doen op grof motorische vaardigheden
    stel maaltijden zo samen dat er voor elke kind genoeg is
    zorg dat het kind ook kleding en materiaal heeft die stuk kunnen gaan zodat het hier ervaring mee op kan doen
  • 3.7.3 vraagstellingstype structureren(cognitief ontwikkelingsaspect 
    kinderen met ADHD of PDD-NOS kunnen tot dit type behoren
  • wat voor soort kinderen zijn gebaat bij het vraagstellingstype structureren
    er voor chaotische kinderen die moeite hebben met het overzien van situaties en het begrijpen van sociale regels
  • kinderen met het vraagstellingstype structureren lopen het risico zichzelf emotioneel te verwaarlozen dit komt doordat het vaak maar de helft hoort van het gene dat jij zegt
  • verder hebben kinderen met dit vraagstellingstype een rustige omgeving nodig waar het zo min mogelijk prikkels op doet.
    zorg er wel voor dat deze ruimtes van elkaar gescheiden zijn zodat de kinderen elkaar onderling niet storen

    verder is het belangrijk dat er een herkenbaar en regelmatig dagritme is voor de kinderen waar zij houvast aan hebben
  • benoem de regels en adviezen welke je hanteert bij groepsactiviteiten met kinderen met het vraagstellingstype structureren
    - het aantal kinderen kan het beste niet meer zijn dat de leeftijd van het kind 
    - het maximum aantal kinderen mogen er nooit meer dan zes zijn
  • voor de pedagogische medewerkers gelden de volgende aandachtspunten voor de begeleiding van kinderen met dit vraagstellingstype(structureren)
    - wijs kort en bondig en vermijdt meervoudige opdrachten
    -bedenk ankerpunten door de week en op de dag voor situaties die een kind moeilijk kan overzien of onthouden dit zijn vaste koppelingen tussen momenten en acties of tussen verschillende gebeurtenissen zij maken het kinderen gemakkelijk om dingen te onthouden
    -bespreek verder van te voren met het kind wat deze tegen kan komen en train vaardigheden om hier mee om te gaan
    concretiseer normen en waarden en verwoord ze zo eenvoudig mogelijk
    -benoem de gevoelens zo exact mogelijk en haal deze uit elkaar
    -geef het kind affectie op de momenten waarop hij rustig is en op vaste momenten
    -houd er in alle omstandigheden rekening mee dat het kind geleid wordt door onmacht niet door onwil
    neem bij conflicten alle prikels weg ga dus ook niet in discussie met het kind en stel geen vragen
    -structureer momenten waarop het kind moet kiezen
    -zet niet op elke moment de puntjes op de I maar negeer een iets om de sfeer ontspannen te houden en niet steeds bovenop de nek van het kind te zitten
  • 3.7.4 vraagstellingstype variëren( cognitief ontwikkelingsaspect )
    kinderen met dit vraagstellingstype hebben problemen met sociale interacties 
    bij kinderen met dit vraagstellingstype denken wij aan kinderen met bijvoorbeeld autisme 
    of aanverwante contact stoornissen
  • 3.7.4 vraagstellingstype variëren =(cognitief ontwikkelingsaspect )
    - hebben problemen met sociale interacties contacten met de opvoeders lopen niet vanzelfsprekend
    - het kind ziet de wereld om hem heen niet als een samenleving waar hij onderdeel van uit maakt
    - hij begrijpt anderen vaak niet of onvoldoende
    - hij heeft een gebrekkig inlevingsvermogen
    -hij herhaalt vaak stereotype bewegingen en voert het liefst de hele dag zijn favoriete activiteiten uit
    hij maakt op een vrij instrumentele manier contact

    denk bij dit vraagstellingstype aan kinderen met autisme of een aanverwante contactstoornis
  • wat voor soort kinderen vallen er onder het vraagstellingstype varieren
    in zichzelf gekeerde kinderen met stereotiep gedrag en een gebrek aan inlevingsvermogen
  • de aandachtspunten bij het hanteren van de situatie bij kinderen met het vraagstellingstype varieren 

    -hanteer vaste gewoontes en een vaste dagritme dit geeft het kind houvast 
    -overzie situaties vooraf en bereid het kind hier op voor 
    moedig het kind aan om dingen te doen die voor hem vreemd zijn
    zorg dat de activiteiten die jij aanbied uitdagen spannend en nieuw zijn
    houd partijtjes kort en overzichtelijk
    leg spelregels waarbij het kind iets verkeerd doet goed uit en doe het zo goed mogelijk voor op deze manier voorkom je frustratie
    zorg dat er in de leefruimte zo min mogelijk geluidsprikkels zijn
    als je iets wilt zeggen of vragen trek dan eerst de aandacht van het kind
    breng het kind bij conflicten in een vertrouwden situatie
    gebruik humor dit ontspant de sfeer een zorg voor connectie
    zie sommige dingen die het kind doet door de vingers jij hoeft je namelijk niet altijd aan de regels te houden
    - leg normen en waarden uit door de betekenis ervan te laten zien en niet om regels te maken
    -geef gevoelens bij oorzaak en gevolg aan als jij zo schreeuwt wordt Ruurd bang
    -geef affectie op een vaste rituele manier
  • 3.7.5 
    vraagstellingstype profileren ( conatief ontwikkelingsaspect) 

    kinderen met dit vraagstellingstype hebben moeite met het vinden van hun eigen positie temidden van anderen
  • kinderen met het vraagstellingstype profileren zijn
    kinderen die moeite hebben een eigen persoonlijkheid te ontwikkeling
  • benoem de overige aandachtspunten bij het hanteren van de situatie voor kinderen en jongeren met het vraagstellingstype profileren 
    - zorg voor een situatie waarin de jongeren zich uitgenodigd voelt om zich te profileren 
    merk je dat hij bijvoorbeeld boos wordt accepteer dit en stimuleer hem om zich te uiten
    ondersteun het kind op het moment dat het aanzetten doet voor zijn eigen inbreng help hem over de drempel heen door bijvoorbeeld te vragen wat hij wil zeggen of door non verbaal wil laten merken  dat hij jou aandacht heeft of door hem bepaalde taken en of verantwoordlijkheden te geven 
    -laat hem experimenteren met nieuwe rollen en grijp alle mogelijkheden aan om de sociale vaardigheden te vergroten
    en de sociale angst te verkleinen leg als dat nodig is uit hoe zij zich anders zouden kunnen gedragen
    - leer kinderen en jongeren voor zichzelf op te komen te onderhandelen praat conflicten uit met respect voor de mening van de jongeren
    ondersteun het samenspel laat het kind oefenen met spelen waarin het zich van anderen moet onderscheiden.
    denk bijvoorbeeld aan het spel ik ga op reis en ik neem mee
    ben niet altijd super strikt zie ook wel een dingen met een lach door de beugel je boodschap komt nog steeds wel over
  • 3.7.6 vraagstellingtype harmoniëren(conatief ontwikkelingsaspect) stelt zich te egocentrisch op en houd weinig rekening met de behoefte en wensen van anderen 
    hij harmonieert daardoor niet met zijn omgeving
  • wat voor  soort kinderen en jongeren zijn er gebaad bij het vraagstellingstype harmonieren
    egoïstische kinderen die hun eigen belang voor dat van een ander zetten
  • benoem de punten van het geboden klimaat bij het vraagstellingstype Harmoniëren
    - zekerheid 
    -veiligheid
    -vriendelijkheid
    - duidelijkheid
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

benoem een methode voor refectie
de starr methode = een methode om situaties en jou rol daarin snel en systematisch in kaart te brengen.
soms wordt de StARR methode ook gebruikt om bepaalde competenties van medewerkers of kinderen te evalueren 
Starr staat voor 
S= situatie 
T= taak 
A= Actie 
R= Resultaat 
R- Reflectie
wat voor zaken bevat de cirkel van invloed en betrokkenheid van stephen Covey
- dit beïnvloed de zaken in welke jij meer of mindere maten emotioneel bij betrokken bent
de cirkel van invloed is een kleinere cirkel welke betrekking heeft op de zaken waarop je als begeleider daadwerkelijk invloed op kunt uitoefenen
benoem de acties die je kan nemen bij een dilemma  zelfregie tegenover inperking van de vrijheid
-erken het dilemma 
-deel het dillema met anderen  
-laat je fantasie niet met je op de loop gaan
benoem de volgende 10 dilemma,s
-zelfregie tegenover inperken van vrijheid 
-weglopen of erbij blijven
-een internconflict een conflict binnen jezelf
-wens vanuit de client tegenover wensen van de sociale omgeving
-grote problemen weinig invloed
-diagnose accepteren of heronderzoek doen
-alleen werken of anderen er bij betrekken
-een client vele opvattigen vele hulpverleners
-anderen culturen andere benaderingen
- een juiste inschatting of toch niet
wat kan er voor zorgen dat je geblokkeerd raakt bij het eventueel melden van kindermishandeling
je bent zelf mishandeld 
je bagatelliseert bepaald gedrag
niet ziet ontkent of rationaliseert
- je bent bang voor de confrontatie met de opvoeder aan te gaan
- je voelt je onzeker omdat je bang bent dat jij er niet voldoende van afweet
voor welke soorten mishandeling is de meldcode niet bedoeld
voor de mishandeling door beroepskrachten signalen daarvan worden gemeld bij de leidinggevende en of de directie voor het gebruik van de meldcode worden beroepskrachten getraind
welk model kunnen organisaties ook gebruiken om hun eigen meldcode op te stellen
het basismodel het gebruik van een meldcode is vanaf 2012 voor alle organisaties verplicht bij vermoedens van 
-kindermishandeling
-huiselijk geweld
-vrouwelijk genitale verminking
-eer gerelateerd geweld
benoem de vormen van mishandeling en misbruik( 7.3)
lichamelijke mishandeling: er is sprak van lichamelijke mishandeling waanneer de opvoeders het kind verwonden slaan schoppen bijten knijpen krabben en hem brandwonden toebrengen het laten vallen 
lichamelijke verwaarlozing: de opvoeder is niet in staat of bereid tot het verschaffen van minimale zorg met betrekking tot de lichamelijke behoeften van het kind op een of meerdere gebieden 
fysieke verwaarlozing/onvoldoende fysiek toezicht: de opoeders nemen geen geschikte maatregelen om de veiligheid van het kind binnen en buitenhuis te verzekeren 
emotionele mishandeling: het kind krijgt structureel en systematisch onvoldoende aandacht en of het wordt constant afgewezen 
normatieve en educatieve mishandelen de opvoeder is niet in stat of bereid om minimale aandacht te geven aan de socialisering van het kind voor de socialiseren van het kind het zorgt niet voor goed onderwijs en is de verzorgen bewust van het feit dat het kind zich mengt in illegale praktijken  hem niet naar school respecteert zijn normen en waarden niet 
seksueel misbruik
alle vormen van het door de opvoeder op het kind toegebrachte vormen van minshandeling verwaarlozing zowel in een fysieke op passieve vorm in een vorm van onwil en afhankelijkheid op seksueel gebied
het aandringen tot seks de handelingen ernaar kijken de betrekking in wederzijdse masturbatie of de verzorger verkracht het kind
benoem de aandachtspunten voor de pedagogisch medewerker
- wijs kort en bondig de weg vermijd meervoudige opdrachten
- bedenk ankerpunten door de week heen en op de dag voor de situaties die het kind moeilijk kan overzien of onthouden dit zijn vast koppelingen tussen momenten en acties
of tussen verschillende gebeurtenissen
noem een aandachtpunt dat je hanteert als je kinderen met het ontwikkelingsaspect structureren begeleid 
zorg ervoor dat je geen trukendoos ontwikkeld waar je uitneemt wat je denkt nodig te hebben elke situatie is anders en elk kind is ook anders