Summary Class notes - Bacteriologie en mycologie

Course
- Bacteriologie en mycologie
- Prof. dr. Freddy Haesebrouck
- 2018 - 2019
- Ugent
- Diergeneeskunde
488 Flashcards & Notes
2 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Class notes - Bacteriologie en mycologie

  • 1537740000 inleiding+morfo bac

  • Welke domeinen zijn er bij de organismen?
    - bacteria
    - archaea
    - eukaryota
  • Welke domeinen zijn prokaryoot?
    - bacteria
    - archaea
  • Welke koninkrijken zijn er bij de organismen?
    bacteria
    archaea
    -protozoa
    -plantae
    -animalia
    -chromista
    -fungi
  • Over welke organismen gaat de bacteriologie?
    bacteria
  • Over welke organismen gaat de mycologie?
    chromista en fungi
  • Wat zijn de fenotypische verschillen tussen de bacteria en de eukaryota?
    - een bacterie is vaak kleiner dan een cel van een eukaryoot, al kan hier overlap inzitten
    - een bacterie heeft maar 1 chromosoom die circulair is en dubbelstrengig, eukaryoten hebben er meer. Niet alle bacterien voldoen hieraan
    - een bacterie heeft plasmamembraan invaginaties= mesosoom. een eukaryote cel heeft intracellulaire membraneuze structuren zoals mitochondriën en chloroplasten
    - de ribosomen van bacteriën zijn kleiner dan die van eukaryoten. Er zijn ook antibiotica die hiervan gebruik maken om selectief bacteriën af te breken.
  • Welke klassen van antibiotica maken gebruik van het verschil in grootte tussen ribosomen van eukaryoten en bacteriën om selectief te zijn?
    - tetracylines
    - aminoglycosiden
    - macroliden
    - lincosamiden
    - florfenicol
  • Met welke kleuring kun je bacteriën zichtbaar maken en hoe werkt deze kleuring?
    gramkleuring
    je kleurt eerst alles paars. Daarna probeer je het te ontkleuren met ethanol. Dit zal bij gram+ niet lukken en bij gram- wel. 
    Dan heb je dus dat gram- kleurloos is en niet zichtbaar. Daarna voeg je een rode kleurstof toe om ook de gram- zichtbaar te maken
  • Welke basisvormen kunnen bacteriën hebben?
    coccen; dit zijn bolletjes
    bacil; dit zijn staafjes
    ertussen zit de coccobacil
    fusiform is een staaf met een spits uiteinde
  • Welke afwijkende vormen kunnen gram- bacteriën hebben?
    spiraalvormig met of zonder haak: dit zijn de spirocheten
  • Welke soorten behoren tot de spirocheten?
    leptospira
    brachyspira
    borrelia
  • Welke afwijkende vormen kunnen gram+ bacteriën hebben?
    ze kunnen eruit zien als schimmels (vertakte ketens); dit zijn de actinomyceten
  • Welke soorten behoren tot de actinomyceten?
    mycoplasma
    ureaplasma
  • Wat is de diameter van staphylococcus en streptococcus?
    1 micrometer
  • Wat is de structuur van een bacterie?
    blauw is de plasmamembraan
    groen is chromosoom en plasmide
    invaginaties zijn mesosomen, die aan de zijkanten zijn betrokken bij deling
    zwarte lange draden zijn flagellen, zitten alleen bij beweeglijke bacteriën
    korte zwarte draden zijn pili of fimbriae
    er kan nog een kapsel om het rode heenzitten, maar dit hoeft niet
  • Wat voor genetisch materiaal kan er in een bacterie zitten?
    - chromosoom
    - plasmiden
    - speciaal dna op het chromosoom of plasmiden
  • Wat zijn de eigenschappen van het chromosoom van een bacterie?
    - geen kernmembraan
    - belangrijk voor de vitale functies
    - circulair 
    - dubbelstrengig
  • Wat zijn de eigenschappen van plasmiden van een bacterie?
    - niet voor vitale functies
    - ze kunnen alleen samen voorkomen wanneer ze niet tot dezelfde inc-groep behoren
  • Wat behoort tot speciaal dna bij de bacteriën?
    profagen
    insertiesequenties 
    transposons
  • Wat hebben insertiesequenties en transposons met elkaar te maken?
    een transposon bestaat altijd uit minimaal 2 insertiesequenties. Deze sequenties kunnen overspringen van chromosoom naar plasmide en omgekeerd en van plasmide  naar plasmide. In dit proces nemen ze het stuk ertussen mee. Hier zitten vaak de resistentiegenen op.
  • Wat is een conjugatieve transposon?
    een transposon die een tra gen heeft. Hiermee kan hij een brug vormen naar het genetisch materiaal van een andere bacterie. Zo kunnen ze transposons uitwisselen met elkaar en zo meer resistentie genen krijgen
  • Wat zijn genomische eilanden?
    een goed omschreven gebied die de bacterie in de loop van de evolutie heeft verworven vanuit een virus of een ander organisme
  • Door welke structuren kunnen bacteriën ziekte veroorzaken?
    Ze nemen soms genen voor virulentiefactoren op die in het chromosoom kunnen zitten zoals bij salmonella of in het plasmide bij rhodococcus equi. Dit zijn pathogeniciteitseilanden
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat zijn de mechanismen van intrinsieke/natuurlijke ongevoeligheid?
- geen target voor het antibioticum (ding dat op celwand werkt, werkt dus niet op mycoplasma)
- effluxpompen (antibiotica worden eruit gepompt) 
- inactivatie van antimicrobieel agens (voorbeeld beta-lactamase als dat in de hele soort zit)
Wat is virolysine therapie?
Je gebruikt niet de fagen, maar de enzymen van de fagen die de celwand afbreken. In dit geval gebruik je dus virolysine. Het heeft voornamelijk een gram+ spectrum en er is tot nu toe nog geen resistentie aangetoond
Wat zijn de nadelen van faagtherapie?
- het is zeeeeeeer gastheerspecifiek
- de bacterie moet bereikbaar zijn, anders werkt het niet
- afweersysteem kan fagen elimineren
- herhaalde toediening nodig
- transductie en lysogene conversie is mogelijk
Wat is faagtherapie?
Het gebruik van fagen (virussen dus) om bacteriën af te breken. Hierbij hoop je op een lytische cyclus, maar er kan dus ook een lysogene cyclus beginnen en dan doet het niets met de bacterie.
Wat zijn de gevolgen van antimicrobiële resistentie?
- probleem voor behandeling ziekten
- spreiding naar milieu
- spreiding van dier naar mens
Wat is het verschil tussen bactericied en bacteristatisch?
Bactericied doodt de bacteriën af, bacteristatisch zorgt er alleen voor dat ze niet vermeerderen zodat het lichaam ze makkelijker af kan doden
Waaraan zijn de AmpC beta-lactamasen gevoelig?
niets van beta-lactam, je zult iets anders moeten vinden
Waaraan zijn de breed spectrum beta-lactamasen gevoelig?
amoxi-clav
Waaraan zijn de beperkt spectrum beta-lactamasen gevoelig?
amoxi-clav
cephalosporines
Wat zijn de mechanismen van verworven antimicrobiële resistentie?
- reductie in accumulatie van antimicrobieel middel in de bacterie; door het verhinderen of verlagen van opname, verhoogde excretie
- productie van enzymen die antibiotica inactiveren