Summary Class notes - Bescherming van het bedrijf

Course
- Bescherming van het bedrijf
- Onbekend
- 2018 - 2019
- LOI Hogeschool
- Rechten
430 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Class notes - Bescherming van het bedrijf

  • 1515106800 Bescherming van het bedrijf

  • Waar vind je de regels omtrent persoonsgegevens?
    In de Wbp (Wet bescherming persoonsgegevens)
  • Wat regelt de Wbp nog meer?
    De taken en bevoegdheden van het CBP (College Bescherming Persoonsgegevens)
  • Welke middelen kan het CBP inzetten?
    Een bestuurlijke boete indien een administratief voorschrift wordt overschreden. Sinds 2016 kan het CBP in meer gevallen boetes opleggen; bv indien het verwerken van persoonsgegevens niet zorgvuldig (genoeg) plaatsvindt.
  • Is het melden van het verwerken van persoonsgegevens bij het CBP in alle bevallen verplicht?
    Ja! Organisaties zijn echter vrij om een eigen toezichthouder in te stellen. Een zogenoemde FG (Functionaris voor de Gegevensbescherming)
  • Wat is een FG?
    Functionaris voor de Gegevensbescherming
  • Wat zijn de gevolgen van het instellen van een FG?
    Het CBP stelt zich terughoudend op, aangezien er al een FG in de organisatie zit om de boel in de gaten te houden.
  • Voorheen werd met de term intellectueel eigendom vooral gedoeld op
    auteursrecht
  • Wat viel vroeger onder de noemer industrieel eigendomsrecht?
    octrooirecht, merkenrecht, handelsnaamrecht, kwekersrecht en modellenrecht.
  • Wat was het verschil tussen industrieel eigendomsrecht en intellectueel eigendomsrecht?
    Het auteursrecht kwam toe aan de bedenker, terwijl de andere rechtsgebieden sloegen op de industrie.
  • Pas sinds de oprichting van de Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom in 1967 is de bredere uitleg van de term intellectueel eigendomsrecht in zwang
  • De WIPO staat voor?
    World Intellectual Property Organisation
  • Het IE is onderdeel van het privaatrechtelijke mededingingsrecht.
  • Het IE kent twee rechtvaardigingsgronden:
    - de billijkheidsrechtvaardigingsgrond
    - de economische rechtvaardigingsgrond
  • Wat houdt de billijkheidsrechtvaardigingsgrond in?
    Het is billijk om de bedenker van een creative prestatie te belonen door zijn prestatie te erkennen en te voorkomen dat anderen zomaar van zijn prestatie kunnen profiteren.
  • Wat houdt de economische rechtvaardigingsgrond in?
    Door de bedenker van de creatieve prestatie te belonen en hem een juridisch gewaarborgde voorsprong te bieden in de exploitatie van die prestatie, wordt het doen van dergelijke vindingen gestimuleerd, wat een positief effect zal hebben op de economie in zijn geheel.
  • Wat is het grote nadeel van IE?
    Vrije concurrentie, en daarmee de handelseconomie in zijn geheel, is meer gebaat bij het toestaan van imitatie dan bij het verstrekken van monopolies. Alleen door vrije concurrentie kan een systeem van vraag en aanbod immers goed werken. Monopolies blokkeren dit systeem volledig.
  • Wat is ingezet tegen het monopolistische gehalte van IE?
    Enerzijds het feit dat geen enkel intellectueel eigendomsrecht eeuwig duurt en anderzijds dat geen enkel intellectueel eigendomsrecht absoluut is. M.a.w. voor elk afzonderlijk terrein geldt dat de rechthebbende het nodige moet dulden.
  • Er zijn twee verdragen die betrekking hebben op bijna het hele terrein van de IE, dit zijn:
    - het in 1883 gesloten Verdrag van Parijs tot bescherming van de industriële eigendom (ook wel Unieverdrag van Parijs)
    - het TRIPs verdrag (Agreement on Trade Related Aspects of Intellectual Property Rights)
  • Het Unieverdrag van Parijs beslaat alle gebieden van IE, uitgezonderd:
    - auteursrecht
    - kwekersrecht
  • Het Unieverdrag van Parijs kent bepalingen gericht aan de deelnemende landen, maar ook bepalingen waarop onderdanen van de lidstaten rechtstreeks een beroep op kunnen doen. De bedoeling van het verdrag was de bescherming van die rechten te vergemakkelijken.
  • Het Unieverdrag van Parijs (1883) kent twee belangrijke uitgangspunten:
    En wat houden ze in?
    - assimilatiebeginsel = onderdanen van een unieland worden hetzelfde behandeld als onderdanen van een ander unieland.
    - unieprioriteit = de verwerven van een intellectueel eigendomsrecht in één unieland kan binnen een bepaalde termijn hetzelfde recht in een ander unieland aanvragen.
  • Wat is een verschil tussen het TRIPs verdrag en het Unieverdrag van Parijs?
    Bij het TRIPs verdrag kunnen onderdanen niet rechtstreeks een beroep doen op bepalingen uit het verdrag. Het verdrag schrijft enkel voor hoe de bescherming van intellectuele eigendomsrechten in de aangesloten landen gerealiseerd moet worden.
  • Het EG-verdrag verbiedt alle vormen van belemmering van mededinging binnen de lidstaten. Bepalingen ter bescherming van intellectuele eigendomsrechten kunnen de vrije mededinging uiteraard ook bemoeilijken. Zo kan een onderneming worden verboden om onder een bepaalde handelsnaam actief te zijn in een zekere lidstaat, of de invoer van bepaalde inbreukmakende producten kan worden tegengehouden. Zijn de regels ter bescherming van de IE daarmee in strijd met het EG-verdrag?
    Het Europese Hof van Justitie heeft zich meer dan eens over dergelijke vragen moeten buigen. Wat bleek? Over de rechten van IE bleken binnen de EG zo veel verschillende opvattingen te bestaan, dat het Hof zich hierover niet kon uitlaten. Zolang deze rechten niet zijn geharmoniseerd kan het Hof er niet over oordelen. 
    De Europese Commissie heeft daarom de afgelopen jaren richtlijn na richtlijn uitgevaardigd om greep te krijgen op de nationaal geregelde rechten. Zo wordt de bescherming binnen de verschillende lidstaten steeds meer gestroomlijnd. 
  • Hoe hebben mensenrechtenverdragen invloed op IE?
    Ze hebben overal invloed op, dus zeker ook op IE. Met name als het gaat om vrijheid van meningsuiting en eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer worden vaak ingeroepen.
  • De discussie omtrent de noodzakelijkheid van intellectuele rechten in de toekomst wordt gevoerd vanuit drie verschillende standpunten, namelijk:
    - de (consumptie)maatschappij
    - de politiek
    - de technologische industrie
  • Vanuit de (consumptie)maatschappij bekeken, hoe wordt er naar het bestaan van IE gekeken?
    Schrijvers en uitvinders willen de voortbrengselen van de geest blijven beschermen en zijn van mening dat aanscherping van intellectuele rechten noodzakelijk is.
  • Hoe wordt er vanuit de politiek naar IE gekeken?
    De politiek wil niet alleen de rechten van de maker tegemoet komen, maar ook de consument beschermen. Door de handhaving van intellectuele rechten probeert men de consument te beschermen tegen producten van mindere kwaliteit en producten die door de naam een misplaatst vertrouwen wekken bij de consument.
  • Hoe wordt er vanuit de technologische industrie tegen IE aangekeken?
    Deze kenmerkt zich door de intellectuele rechten niet duidelijk aan te moedigen of af te wijzen, maar door de wijze waarop invulling wordt gegeven te bekritiseren. Vanuit de technologische industrie komt de klacht naar voren dat het octrooirecht te zeer verouderd is, om nog voldoende winst te doen voor de gevallen waarin het nieuwe technologieën betreft zoals biotechnologie of nanotechnologie.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

De voor een merk niet deugdelijke tekens zijn te verdelen in drie categorieën, aldus het BVIE:
- tekens die geen enkel onderscheidend vermogen hebben
- tekens die uitsluitend bestaan uit aanwijzingen die in de handel kunnen dienen tot aanduiding van de soort, hoedanigheid, bestemming, de waarde, de plaats van herkomst of het tijdstip van voortbrenging
- tekens die gebruikelijk zijn (geworden) in de gangbare of de eerlijke en vaststaande gewoonten van de handel: dit worden vrijmerken genoemd
Waar moet een merk voor dienen volgens het BVIE?
Een merk moet dienen om waren of diensten van een onderneming te onderscheiden
Wat gebeurt er als de HNW niet van toepassing is, bijvoorbeeld omdat de gedupeerde geen ondernemer is in de zin van de wet, of omdat de naam die hij wil beschermen geen echte handelsnaam is?
Er staat altijd beroep open o.g.v. art. 6:162 BW (onrechtmatige daad). Verschil met de actie uit onrechtmatige daad als de HNW wel van toepassing is, is dat in dat geval de onrechtmatigheid al vaststaat door de simpele overtreding van de wet. Is de wet niet van toepassing, dan wordt er niet in strijd met de wet gehandeld en is de onrechtmatigheid dus lastiger aan te tonen. De rechter kan echter d.m.v. analoge toepassing van art. 5, HNW alsnog de onrechtmatigheid vaststellen.
Dit biedt uitkomst voor NIET-COMMERCIËELE verenigingen, stichtingen, genootschappen of uitoefenaars van een beroep. 
Wat is niet eisbaar bij de kantonrechter?
Een schadevergoeding. Wel dwangsom en wijzigen handelsnaam (de rechter kan bepaalde woorden uitsluiten van gebruik)
Waarom kan ook de KvK een verzoek bij de kantonrechter indienen?
De KvK beschermt niet alleen de ondernemer, ook het algemeen belang; het voorkomen van verwarring en misleiding.
Wie kan de procedure van art. 6, HNW starten? Wat is het verschil met de andere procedures?
Iedere belanghebbende, bij de andere procedures enkel de drager van de handelsnaam
Welke speciale procedure kent de HNW?
Die van art. 6, HNW bij de kantonrechter. Hierbij is vertegenwoordiging door een advocaat niet vereist. Deze procedure is een stuk goedkoper (griffiegeld)
De procedure van de onrechtmatige daad wordt gevoerd bij de:
rechtbank, voor een voorlopige voorziening (vovo) bij de voorzieningenrechter
Wat zal er gedaan worden indien de onrechtmatige daad is vastgesteld?
Zeer waarschijnlijk komt er een verbod en dwangsom. Een schadevergoeding is bijzonder lastig om vast te stellen. Deze kunnen echter wel naast elkaar gevorderd worden.
Binnen de civielrechtelijke handhaving van de Handelsnaamwet zijn er twee procedures:
1 o.g.v. een actie uit onrechtmatige daad
2 via de speciale kantongerechtsprocedure uit de HNW