Summary Class notes - Biochemie 2

Course
- Biochemie 2
- Prof. Evelyne Meyer
- 2016 - 2017
- Ugent
- Diergeneeskunde
330 Flashcards & Notes
0 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary - Class notes - Biochemie 2

  • 1498860000 les 1

  • Door welke cofactor wordt de vorming van bicarbonaat ondersteund?
    zink
  • Door welk enzym wordt de vorming van bicarbonaat ondersteund?
    carbo-anhydrase
  • Welke twee vormen van coënzymen zijn er?
    metabolieten-->eigen synthese
    derivaten van wateroplosbare vitaminen-->voeding
  • Welke vijf coénzymen kunnen we zelf aanmaken?
    ATP, UTP
    coënzyme Q
    cytochroom c (a en b ook)
    lipoamide
    S-adenosyl-methionine
  • Uit welke precursor komt ATP?
    inosine-monofosfaat
  • Wat is het doel van ATP?
    Het levert reactieve Pi voor fosforylatie via kinase en soms PPi
  • adenine is een purine
  • Hoe heet het suiker van ATP?
    deoxy-ribose
  • Hoe komen adenine en deoxy-ribose aan elkaar?
    door cyclisatie
  • Wat is de formule van fosforzuur?
    H3PO4
  • wat is de formule van fosfaat?
    PO43-
  • Welk mineraal is nodig om ATP aan te maken?
    Mg
  • Waarom worden suikers gefosforyleerd?
    Omdat suikers hele luie moleculen zijn. Als ze niet door een fosfaatgroep geactiveerd zijn, zullen ze niet reactief zijn
  • Wat doet S-adenosyl-methionine?
    Het activeert methylgroepen en het katalyseert nor-adrenaline naar adrenaline
  • Wat voor structuur heeft coënzyme Q?
    het is een chinon
  • Hoe heet coënzyme Q?
    ubiquinone
  • Hoe heet de gereduceerde vorm van coënzyme Q?
    ubiquinol
  • Welk coënzym dat helpt bij redoxreactie vervoert slechts 1 elektron?
    cytochroom c
  • Wat gebeurt er met ijzer bij de cytochromen?
    De ferrivorm gaat over naar de ferrovorm
  • Hoe heet de precursor van lipoamide?
    lipoïnezuur
  • Welke structuur zit er in lipoamide?
    een disulfidebrug (S-S)
  • Hoe heten de vitamine-afgeleide coënzymen?
    -nicotinamide adenine dinucleotide (NAD+/NADH). Is voor redox. Is een dehydrogenase
    - Flavine adenine di- of mono-nucleotide
    -Coënzyme A
    -Thiamine-pyrofosfaat (TPP)
    -Pyridoxal-fosfaat (PAL)
    -Tetrahydrofolaat (THF)
    -(biotine
    -Cobalamine
    -Vitamine A en K)
  • 1498946400 les 2

  • Hoe wordt NAD+ NADH?
    Door er een anhydride aan toe te voegen
  • Waarvoor staat de afkorting FAD?
    flavine adenine dinucleotide
  • Wat is de precursor van FAD?
    ribo-flavine=vitamine B
  • Wat is de reactie die FAD helpt?
    redox met dehydrogenase
  • Er zijn 2 metabolieten en 2 vitamine afgeleiden die aan redox doen
  • Hoeveel elektronen kan FAD opnemen?
    2
  • Wat is de precursor van Coënzyme A?
    pantotheen
  • Wat voor groep heeft Coënzyme A?
    een thiolgroep
  • Waarvoor staat TPP?
    thiamine pyrofosfaat
  • Wat is de precursor van TPP?
    thiamine=een vitamine B
  • Wat doet TPP?
    decarboxylase
  • Waarvoor staat PLP?
    pyridoxal fosfaat
  • Wat is de precursor van PLP?
    pyridoxal=vitamine B
  • Wat doet PLP?
    transaminase
  • Wat is biotine?
    een vitamine
  • Wat doet biotine?
    carboxylase
  • Wat is THF?
    tetrahydrofolaat
  • Wat is de precursor van THF?
    foliumzuur
  • Hoe heet vitamine A?
    retinol
  • Hoe heet vitamine K?
    fylloquinon
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Hoe wordt stap 1 van de pentose fosfaatweg gecontroleerd?
auto-regulatie door NADPH die inhibeert
Welke stap van de pentose fosfaatweg kan gecontroleerd worden?
stap 1
Wat betekent mutueel exclusief?
elkaar buitensluiten
Door welk hormoon wordt de glycogeen synthase gestimuleerd?
insuline
Wat is het centrale enzym bij de glycogenese?
glycogeen synthase
Door welk hormoon wordt de glycogeen fosforylase gestimuleerd?
glucagon en epinefrine
Wat is het centrale enzym bij de glycogenolyse?
glycogeen fosforylase
Welke stoffen werken inhiberend op de reactie van glutamaat naar glutamine?
alanine, glycine, AMP en CTP
Welke reactie van de aminozuren is irreversiebel?
Alleen van glutamaat naar glutamine dus alleen die kan geregeld worden via allosterie
Welke stappen van de krebscyclus zijn irreversiebel?
stap 1, 3 en 4