Summary Class notes - bloed

Course
- bloed
- nnn
- 2014 - 2015
- Utrecht Universiteit
- Diergeneeskunde
294 Flashcards & Notes
3 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Class notes - bloed

  • 1429567200 Anemie (wc 1)

  • Bloed is het belangrijkste transportmiddel voor de gas-wisseling en stof-wisseling van dierlijke weefsels. Bloed vervult echter ook diverse, uiterst vitale functies. Welke zijn dit?
    • functies in de humorale communicatie (hormonen, groeifactoren, cytokinen etc), 
    • functies in de ionenhuishouding
    • handhaving van een constant intern milieu (homeostase van pH, osmolariteit, temperatuur etc.) bij de defensie tegen schadelijke micro-organismen en bij het herstel van beschadigd weefsel. 
    •  bloed fungeert ook als hydraulische vloeistof in gespecialiseerd zwelweefsel (b.v. hanekam, penis(erectie)).
  • Welke bloedcellen hebben de hoogste celfractie?
    De erytrocyten met ca. 5 miljoen cellen per ul bloed.
  • Wat is de inhoud en de kleur van bloedplasma?
    geel bloedplasma
    • laagmoleculaire stoffen o.a na, ca, cl, HCO, glucose en aminozuren
    • verschillende eiwitten
  • Beschrijf de stroomsnelheid van bloed in een bloedvat.
    In het midden is de stroomsnelheid maximaal. Aan de randen van het bloedvat is de stroomsnelheid bijna 0
  • Beschrijf de celdistributie in grote bloedvaten. 
    ery's, snelstromend middengebied
    bloedplaatjes en leukocyten aan de buitenkant
  • Bij de passage van een bloedcappilair treedt er fillevorming op van ery's door een verandering van vorm van de ery's. Beschrijf deze verandering en leg uit waarom deze optreedt. 
    verandering van biconcave vorm tot parachute vorm
    betere gaswisseling door
    • groot contactoppervlak met endotheel
    • langere passage tijd
  • Waar is de samenstelling van een bloedmonster afhankelijk van?
    • het bloedvat dat wordt aangeprikt
    • het moment van het aanprikken 
    • metabole status van het dier
  • Wat is het biochemisch verschil tussen serum en plasma?
    serum heeft geen coagulatiefactoren en plasma wel
  • Wat is de levensduur van rode bloedcellen?
    3 maanden
  • Hoe lang duurt de erytropoëse?
    ongeveer een week
  • Welke bestandsdelen heeft een rode bloedcel niet, wat het onderscheidt van andere cellen?
    De rode bloedcellen hebben geen organellen, zoals de mitochrondriën en het endoplasmatisch reticulum. Daarnaast hebben ze ook geen celkern (zoogdieren).
  • Luchtdrukbuitenongeveer 100 kPa
    O2 spanning in buitenlucht 20 kPa
    O2 spanning in alveoli 13-15 kPa
    O2 spanning in weefsels < 6 kPa
  • Welke 3 eiwitten zijn het meest vertegenwoordigd in het bloed? Geef ook van elk hun functie.
    albumine 
    • regulatie en onderhoud van de colloïd osmotische druk in het bloed en
    • vervoering van belangrijke stoffen zoals vrije vetzuren, galzuren, bilirubine, cationen, "trace elements"(Fe, Co, K, M, Z) en vele medicijnen 
    • buffer voor extracellulaire vloeistof. 
    globulines
    • immuunglobulines in het immuunrespons
    fibrogeen 
    •  precursers van fibrine dat belangrijk is voor coagulatie
  • De zuurstofdissociatie van oxiHb is afhankelijk van de temperatuur. Wat is het effect van een temperaturverhoging bij bijv. koorts? Leg ook uit wat de compensatie is.
    Een temperatuursverhoging in metabool actieve weefsels bevordert de zuurstof-dissociatie van oxi-Hb. 
    Ter compensatie wordt er in de longen bij de zuurstofassociatie warmte afgegeven aan de uitademingslucht
  • De P50 is een indicator voor de affiniteit van Mb voor zuurstof; Hoe lager de P50 des te groter de affiniteit.
  • Het functioneel verschil tussen Hb en Mb komt tot uitting in de zuurstof-dissociatiecurve. Wat is het verschil en hoe komt dit?
    Voor Mb is de curve zuiver hyperbool; voor Hb daarentegen niet hyperbool, maar S-vormig. Dat komt door de quaternaire structuur van het eiwit hemoglobuline en specifieke (allosterische) interactie tussen de 4 subunits. Dit veroorzaakt een coöperatieve zuurstofbinding. Oxi-Hb is stabiel, maar wanneer het eerste zuurstofmolecuul is gedissocieerd, wordt het instabiel en worden de volgende 3 moleculen makkelijker afgegeven. (äls er een schaap over de dam is......") Hetzelfde geldt vice versa voor deoxi-Hb en de binding van zuurstof.
  • De relatieve geringe affiniteit voor- en coöperatieve binding van- O2, maken Hb uitermate geschikt als zuurstoftransporteiwit, terwijl Mb voor de opslag van O2 dienst doen. Behalve als zuurstoftransporteiwit fungeert Hb ook als warmtewisselaar.  
  • DPG stabiliseert de deoxy-vorm van hemoglobine en verlaagt dus de O2 affiniteit van Hb
  • Benoem 3 moleculaire (regel) mechanismen die er voor zorgen dat de zuurstof-affiniteit van de Hb in foetale bloed groter is dan die van het maternale Hb.
    1. De concentratie van DPG in het foetaal bloed is hoger dan in het maternaal bloed. Dit wordt gezien bij honden, paarden en varkens. 
    2. De foetale Hb heeft een lagere affiniteit voor DPG dan die van maternale Hb. Dit komt voor bij primaten (mens).
    3. De foetale Hb gen is structureel anders dan de maternale Hb gen. Dit wordt gezien bij herkauwes.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Eosinofiele cellen spelen een rol bij...?
Het opruimen van immuuncomplexen, parasitaire infecties en allergische reacties. 
Waardoor ontstaat marmering van de lymfeknoop bij het varken?
De bouw van de lymfeknopen is omgekeerd, de meeste sinussen en fagocyten bevinden zich in de schors. Er kan ook een bloeding zijn opgetreden in het drainage bied. 
Hoe kun je de prognose bepalen voor een hond met een maligne lymfoom?
Door immunohistochemie en cytologische kenmerken
Hoe komt de ery aan heem?
Het wordt gemaakt door erytropoëtische cellen in het beenmerg. 
Wat zie je bij de klassieke/ neurale vorm van Marek?
Tast de nervus ischiadicus aan waardoor locomotiestoornissenontstaan. De aangetaste zenuwen zijn te dik, wat grauw en oedemateus. 
Hoe wordt de ziekte van Marek verspreid?
Uitsluitend horizontaal. Het volledige virus zit in de epitheelcelen van veerfollikels. Dit sterft af en zo heb je infectieuze stofdeeltjes. Die deeltjes kunnen enkele maanden infectieus blijven. De primaire targetcellen zijn B-cellen, die cytolyse ondergaan, die gepaard gaat met necrose en een ontstekingsreactie. 
Wat is de ziekte van Marek?
Een virusziekte die gepaard gaat met ondermeer van T-cellen. Het infiltreert alles behalve het beenmerg. Een uitting van de infectie op jonge leeftijd kan depletie van de Bursa Fabricius zijn. Het wordt veroorzaakt door een herpesvirus. 
Wat is FeLV?
Het kan maligne lymfoom, myeloïded en ertroleukemie opwekken bij de kat. Dit retrovirus veroorzaakt ook immuundeficiëntie. Na infectie vermeerdert het virus zich in de orofarynx in lymfatisch weefsel. Van hieruit verspreidt het virus zich naar beenmerg en andere lymfatische organen. 
Wat is Enzoötische bovine leukose?
Het wordt veroorzaakt door bovine leukemie virus, een retrovirus. Infectie met BLV kan op elke leeftijd voorkomen, bij een derde van de runderen ontwikkelt een persisterende lymfocytose. Incidenteel ontwikkelen zich maligne lymfomen. Kalverleukose en huid en thymus vorm zijn niet besmettelijk. Bij sectie worden neoplasiëen aangetroffen in de lymfeknopen en diverse organen. Laboratoriumdiagnostiek geschiedt met agargel, immunodiffusietest, ELISA, virusisolatie of PCR> 
Wat is het multipel myeloom?
Systematische, maligne ziekte waarbij een kloon plasmacellen in het beenmerg prolifereert. De tumor is het gevolg van een stoornis in de ontwikkeling van de B-cel. De klinische verschijnselen zijn het direct gevolg van een onbelemmerde groei van de plasmacellen (osteolyse en interferentie met normale beenmergfunctie) en de vorming van monoklonale immunoglobinen.