Summary Class notes - Burgerlijk recht II

Course
- Burgerlijk recht II
- -
- 2019 - 2019
- Radboud Universiteit Nijmegen
- Rechtsgeleerdheid
304 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Class notes - Burgerlijk recht II

  • 1549234800 Totstandkoming overeenkomsten, vertegenwoordiging en bronnen van verbintenissen

  • Hoe komt een overeenkomst tot stand?
    Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en de aanvaarding daarvan.
  • Waarop zijn aanbod en aanvaarding gericht?
    Aanbod en aanvaarding zijn gericht op het teweegbrengen van rechtsgevolgen en dus rechtshandelingen. 
  • Wat vereist een rechtshandeling?
    Een rechtshandeling vereist een op een rechtsgevolg gerichte wil die zich door een verklaring heeft geopenbaard 3:33.
  • Welk artikel bepaalt dat een verklaring vormvrij is?
    3:37 lid 1
  • Omschrijf een aanbod.
    • Een (vormvrij) voorstel tot het sluiten van een overeenkomst (verklaring)
    • De bedoeling om deze overeenkomst na aanvaarding tot stand te laten komen (wil)
    • De overeenkomst is voldoende bepaalbaar (6:227)
  • Moet in de overeenkomst de prijs staan?
    Nee, als het maar mogelijk is om vast te stellen wat de prijs is (HR Stichting Erfpachters Belang/Amsterdam).
  • Wat oordeelt de HR Hofland/Hennis?
    Vooropgesteld moet worden dat een advertentie waarin een individueel bepaalde zaak voor een bepaalde prijs te koop wordt aangeboden, zich in beginsel niet ertoe leent door eventuele gegadigden anders te worden opgevat dan als een uitnodiging om in onderhandeling te treden, waarbij niet alleen de prijs en eventuele verdere voorwaarden van de koop, maar ook de persoon van de gegadigden van belang kunnen zijn.
  • Omschrijf een aanvaarding.
    • De (vormvrije) acceptatie van een geldig aanbod (verklaring)
    • Gericht tot de aanbieder
    • De bedoeling om hiermee een overeenkomst tot stand te laten komen (wil)
    • De aanvaarding sluit op het aanbod aan
  • Welk artikel gaat over afwijkende aanvaardingen?
    6:225
  • Met welk leer wordt de wilsleer aangevuld?
    Het vertrouwensleer 3:35
  • Wat bepaalt 3:35 (opsomming)?
    • vertrouwen bij de wederpartij (degene aan wie het aanbod is gericht) m.b.t. wil handelende partij
    • opgewekt door de handelende partij
    • het vertrouwen is gerechtvaardigd 
  • Herformuleer de wilsvertrouwensleer.
    De wil van de handelende partij bepaalt de inhoud van een (gerichte) rechtshandeling. Het gaat hierbij echter niet om zijn werkelijke wil, maar om de wil zoals de wederpartij deze redelijkerwijze mocht interpreteren op basis van het toedoen van de handelende partij. 
  • Wat is de inhoud van een rechtshandeling?
    Gerechtvaardigd vertrouwen wederpartij over wil handelende partij op basis van verklaring handelende partij.
  • Wat is vertegenwoordiging?
    Vertegenwoordiging is het verrichten van rechtshandelingen in naam van een ander door iemand die daartoe rechtens de bevoegdheid heeft met het gevolg dat de rechtsgevolgen niet voor de handelende, maar voor de ander intreden. 
  • Wat is ‘middellijke vertegenwoordiging’?
    Handelen in eigen naam, maar in opdracht en voor rekening van een ander = geen vertegenwoordiging. 
  • Is vertegenwoordiging in de wet geregeld?
    Nee, wel een specifieke vorm van vertegenwoordiging en die is ook van belang voor andere vormen van vertegenwoordiging, volmacht 3:60.
  • Is volmacht een overeenkomst?
    Nee, het is een bevoegdheid die eenzijdig te verlenen is, maar kan wel voortvloeien uit een overeenkomst.
  • Wat zijn op grond van 3:66 lid 1 de eisen voor vertegenwoordiging?
    Vertegenwoordigingsbevoegdheid + vertegenwoordigingskwaliteit + rechtshandeling. 
  • Herformuleer vertegenwoordiging 3:66 lid 1 en 78
    Een door de tussenpersoon binnen de grenzen van zijn bevoegdheid in naam van de principaal verrichte rechtshandeling treft in haar gevolgen de principaal.
  • Noem andere bronnen van vertegenwoordiging.
    • Vertegenwoordiging van minderjarige door ouders of voogd
    • Vertegenwoordiging van onder curatele gestelden door een curator
    • Vertegenwoordiging van rechtspersonen door hun bestuurders
    • Vertegenwoordiging door een zaakwaarnemer
    • Vertegenwoordiging krachten rechterlijk vonnis
  • Waar gaat HR Globe/Provincie Groningen over?
    De tussenpersoon die zijn vertegenwoordigingsbevoegdheid overschrijdt, is niet altijd aansprakelijk, tenzij er aanvullende omstandigheden zijn die het maken dat het in strijd is met de maatschappelijke betamelijkheid. 
  • Welk artikel gaat over einde volmacht?
    3:72
  • Wie wekt het vertrouwen in de artikelen 3:61 lid 2, 3:35 en 3:36 op?
    • 3:61 lid 2: de derde kan een beroep doen op gerechtvaardigd vertrouwen in het bestaan van de vertegenwoordigingsbevoegdheid als dit is opgewekt door een verklaring of gedraging van de achterman.
    • 3:35: De geadresseerde kan een beroep doen op gerechtvaardigd vertrouwen in het bestaan van een rechtshandeling met een bepaalde strekking als dit is opgewekt door een verklaring of gedraging van de handelende persoon.
    • 3:36: de derde kan een beroep doen op gerechtvaardigd vertrouwen in het ontstaan, bestaan of tenietgaan van een bepaalde rechtsbetrekking jegens degene die dit door middel van een verklaring of gedraging heeft opgewekt.
  • Waar gaat HR ING/Bera over?
    Toepassing van 3:61 lid 2 zonder verklaring of gedraging van achterman, indien:
    • Feiten en omstandigheden die voor risico van de achterman komen
    • Waaruit naar verkeersopvattingen een schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid kan worden afgeleid. 
  • Geef voorbeelden van relevante omstandigheden als bedoeld in HR ING/Bera.
    • Tussenpersoon is bij achterman betrokken
    • Bankafschriften zijn op verzoek van de achterman naar de tussenpersoon gestuurd
  • Hoe moet de uitzondering op het toedoen vereiste HR ING/Bera worden uitgelegd en waaruit blijkt dat?
    Restrictief. Dat blijkt uit HR Aventura. Het risicobeginsel van ING/Bera gaat niet zo ver dat voor toepassing daarvan ook ruimte is in gevallen waarin het tegenover de wederpartij gewekte vertrouwen uitsluitend is gebaseerd op verklaringen en gedragingen van de onbevoegd handelende persoon. 
  • Theorie HR Misverstand: wanneer is de ‘geen overeenkomst uitkomst’ gerechtvaardigd?
    Als beide partijen niet gerechtvaardigd vertrouwden en zij ten tijde van het sluiten van de overeenkomst ook niet zouden contracteren onder andere voorwaarden.
  • Jegens wie zijn absolute rechten in te roepen?
    Iedereen.
  • Wat is een verbintenis?
    Een vermogensrechtelijke rechtsband tussen tweeof meer partijen waarbij de ene partij een prestatie verschuldigd is en de andere partij tot die prestatie gerechtigd is.
  • Noem een voorbeeld van een rechtsplicht.
    Geen onrechtmatige daad plegen. 
  • Wat bepaalt 6:213 lid 1?
    Een overeenkomst in de zin van deze titel is een meerzijdige rechtshandeling, waarbij een of meer partijen jegens een of meer andere een verbintenis aangaan. 
  • Wat bepaalt 6:248 lid 1?
    Een overeenkomst heeft niet alleen de door partijen overeengekomen rechtsgevolgen, maar ook die welke, naar de aard van de overeenkomst, uit de wet, de gewoonte of de eisen van redelijkheid en billijkheid voortvloeien. 
  • Noem een verbintenis zonder rechtsvordering.
    Een natuurlijke verbintenis. 
  • Wat is een natuurlijke verbintenis?
    Een natuurlijke verbintenis is een rechtens niet-afdwingbare verbintenis 6:3.
  • Wat is het verschil tussen 3:61 lid 2 en 3:70?
    • 3:61 lid 2 biedt bescherming aan een derde
    • 3:70 biedt aan een derde de mogelijkheid tot aansprakelijkstelling van een tussenpersoon
  • Wat is de overeenkomst tussen 3:61 lid 2 en 3:70?
    Beide artikelen zien op een vertegenwoordigingskwaliteit zonder vertegenwoordigingsbevoegdheid. 
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat is een synoniem van 'goede trouw'?
Redelijkheid en billijkheid.
In welke verhoudingen geldt 6:238?
6:238 geldt slechts bij algemene voorwaarden in B2C verhoudingen.
Wat bepaalt 6:238 lid 2?
Bij een overeenkomst als bedoeld in de artikelen 236 en 237 moeten de bedingen duidelijk en begrijpelijk zijn opgesteld. Bij twijfel over de betekenis van een beding, prevaleert de voor de wederpartij gunstige uitleg.
Wat volgt uit HR CAO norm?
Voor de uitleg van de bepalingen van een CAO zijn de bewoordingen daarvan gelezen in het licht van de gehele tekst van de overeenkomst van doorslaggevende betekenis.
Wat volgt uit HR DSM/Fox?
Bij de uitleg van een schriftelijk contract zijn alle omstandigheden van het concrete geval, gewaardeerd naar hetgeen de maatstaven van redelijkheid en billijkheid meebrengen van beslissende betekenis.
Wat volgt uit HR Haviltex?
Een zuiver taalkundige uitleg is belangrijk, maar niet allesbepalend.
Waar bepaalt 6:248 lid 1?
Een overeenkomst heeft niet alleen de door partijen overeengekomen rechtsgevolgen, maar ook die welke, naar aard van de overeenkomst, uit de wet, de gewoonte of de eisen van redelijkheid en billijkheid voortvloeien.
U lijdt nadeel door de oneerlijke handelspraktijken van concurrenten jegens consumenten. Hoe wordt dit beschermd?
Bedrijven die slachtoffer zijn van oneerlijke handelspraktijken worden beschermd door 6:194.
Waarover gaat het bij agressieve handelspraktijken 6:193h lid 1?
Beperking van de keuzevrijheid of de vrijheid van handelen van de gemiddelde consument.
Is bij 6:193g een causaal verband vereist voor kwalificatie als oneerlijk?
Nee.