Summary Class notes - DM

Course
- DM
- algemeen
- 2016 - 2016
- Avans+
- POH somatiek
235 Flashcards & Notes
3 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Class notes - DM

  • 1460498400 les 3 epidemiologie dm

  • Wat is de prevalentie en de incidentie
    • De prevalentie neemt toe bij DM type 1 en 2;
    • Ca. 830.000 (2011) mensen in NL met DM type 2 •
    • 90 % heeft DM type 2;
    • Ca. 250.000 mensen nog niet gediagnostiseerd;
    • Risicogroepen: Marokkaanse, Turkse en Hindoestaan‐Surinaamse afkomst, geldt een hogere prevalentie (2‐3x zo hoog)!

  • Normaal
    Glucose nuchter en Glucose niet nuchter


    < 6,1
    < 7,8

  • Gestoord nuchtere glucose:
    Glucose nuchter en Glucose niet nuchter


    ≥ 6,1 en < 7,0 én
    < 7,8

  • Gestoorde glucosetolerantie
    Glucose nuchter
    Glucose niet nuchter


    < 6,1 én
    ≥ 7,8 en < 11,1

  • Diabetes mellitus:
    Glucose nuchter
    Glucose niet nuchter


    ≥ 7,0
    ≥ 11,1
  • wat zijn de risicofactoren voor DM2?

    • Genetische factoren 
    •  Hoger risico bij 1e of 2e graads familielid 
    • Etniciteit Hoger risico in bepaalde etnische groepen
    • Overgewicht • Ernstig overgewicht (obesitas) • Abdominale vetverdeling
    • Leefstijlfactoren Beweeggedrag Lichamelijke inactiviteit
    • Voeding • Teveel verzadigd vet • Onvoldoende voedingsvezel
    • Roken
    • Zwangerschapsdiabetes Risicofactor voor zowel moeder als kind
  • Populatie opsporen

    + Zoeken op ICPC T90.02
    + Screenen van de praktijk:
    – Zwangerschaps DM
    – Vanaf 45 jaar (Hindoestaanse afkomst 35jr)
    • Turks, Marokkaanse, Surinaamse
    • Familiaire belasting
    • Hoge bloeddruk
    • Verhoogde lab waarden cholesterol
    • BMI vanaf 27
    + Casefinding

  • Doel:

    Voorkomen of zoveel mogelijk beperken van
    complicaties en een goede kwaliteit van leven.
  • Hoe:


    Gesprek met patiënt
    Meten en bepalen
    Behandelen in overleg
    Leefstijl interventies
    Wat is jouw meerwaarde?
  • Wat zijn complicaties

    Hart en vaatziekten
    – Hart‐ en herseninfarct
    – Nierschade
    – Claudicatio intermittens
    – etc
    + Blindheid
    + Amputaties
    + Neuropathie
  • Invloed Comorbiditeit


    • De gevolgen van hart‐ en vaatziekten zorgen voor een verlaagde

    mentale en fysieke kwaliteit van leven
    •  Overgewicht zorgt voor een verminderde fysieke kwaliteit van leven,

    vooral door beperking van het uithoudingsvermogen, pijn aan de
    kniegewrichten en verminderde mobiliteit 
    • Depressie komt bijna twee keer zo vaak voor bij mensen met

    diabetes (18%) dan bij mensen zonder diabetes (10%)
    Mensen met diabetes én depressie hebben vaak een lagere
    kwaliteit van leven, dan met mensen met diabetes zonder depressie
  • Diagnostiek

    + Laboratorium:
    – HbA1c, glucose nuchter
    – Nierfunctie
    – Kalium
    – Vetspectrum
    – Albumine in urine
    – Evt ALAT en Creatinikase
    + Lichamelijk onderzoek:
    – Bloeddruk
    – Lengte en gewicht
    + Fundusfotografie
  • Anamnese

    + Gezondheidsbevordering
    + Voeding/stofwisseling: eetpatroon, samenstelling voeding en drinken
    + Uitscheiding: hoe vaak plassen, nachtelijke? diarree/verstopping
    + Activiteit/rust: beweegpatroon, vermoeidheid, neuropathie, beweegproblemen/beperkingen
    + Waarneming/cognitie: kennistekort, pijn
    + Zelfperceptie: zelfvertrouwen, lichaamsbeeld, moedeloos
    + Rollen en relaties: werkzaamheden, rolvervulling, verstoord gezinsrelatie
    + Seksualiteit: seksueel disfunctioneren, kinderwens
    + Coping/stressverwerking: angst, ineffectieve coping, overbelasting
    + Levensprincipes: hoop, depressie
    Klachten: Hypo-, hyperklachten, klachten HVZ, visusproblemen
  • 3 maandelijkse controle

    Laboratoriumonderzoek
    - nuchtere bloedglucosewaarde
    - HbA1c
    Welbevinden / klachten
    Hypoglykemie (hoe vaak, wanneer?)
    Bloeddruk
    Therapietrouw
    Gewicht
    Voedingsadvies
    Medicijnen
    Eventueel voetonderzoek
    Nb: bij patiënten met goede nuchtere bloedglucosewaarden, HbA1c, bloeddruk en
    lipiden kan worden volstaan met een 6-maandelijkse controle
  • Jaarcontrole

    Bloed: nuchter glucose, HbA1
    nuchtere lipidenspectrum, kreatinine, kalium, nierfunctie
    Urine: albuminurie, kreatinine
    Klachten: hypo‐ en hyperklachten,
    visusproblemen
    hart‐ en vaatproblemen
    sensibiliteitsstoornissen
    leefstijl (roken, lichaamsbeweging en alcoholgebruik
    seksueel functioneren/problemen
    navragen mondklachten (parodontitis)
    Onderzoek gewicht (lengte)
    RR
    voeten
    inspectie spuitplaatsen (bij insulinegebruik)
    funduscontrole / oogarts
  • Hoe kan je je doel bereiken?

    • Het ontwikkelen van intrinsieke motivatie, inzichten en
    vaardigheden om de consequenties op lichamelijk,
    psychisch en sociaal domein te hanteren;
    • Bijdragen aan een optimale gezondheidstoestand
    • Verminderde noodzaak tot gebruik van de zorg
    • De wensen en behoeften van de patiënt in kaart brengen;
    • Stimuleren in zelfredzaamheid en coping met de
    aandoening;
    • Gedragsverandering: voeden met kennis, wilskracht nodig,
    motivatie en doorzettingsvermogen > gedragsbehoud!
    • Afstemmen op de gewoonten en situatie van de patiënt
    • Opvang tijdig regelen bij ontregeling van de aandoening
  • Opstellen van doelen

    1. Definieer het probleem;
    2. Onderzoek de overtuigingen, gedachten en gevoelens
    van de patiënt (check eigen‐effectiviteit);
    3. Identificeer lange termijn doelstellingen waar de patiënt
    naar toe wil werken;
    4. De patiënt kiest een bepaalde gedragsverandering en
    bereid tot het nastreven;
    5. De patiënt evalueert later de inspanningen en kijkt terug
    wat goed of ‘fout’ ging (lering uit trekken).
  • Self effycacy

    1. Oefenen met succes ervaringen (oefenen) > versterken (pos.
    Feedback)
    2. Observatie van anderen: ervaringen van anderen, rolmodellen
    3. Bekrachtiging van de omgeving: sociale steun
    4. Afhankelijk van lichamelijke en emotionele staat
    5. Motivational interviewing: voorkomen van tegenstrijdige
    gedachten en gevoelens, initiatief ligt bij de patiënt, vermijd
    discussies, wees empathisch, niet oordelen, ondersteuning bieden
  • − Wat het verschil is tussen prevalentie en incidentie 
    Voorkomen van het aantal gevallen per 1000 of 100000 inwoners.
    Incidentie aantal nieuwe gevallen per jaar per 100 of 100000 inwoners.
  • − Wat in jouw praktijk de prevalentie is van Diabetes mellitus type 2 
    Prevalentie in Vreeswijk 150 DM2 per 2500  patienten
  • − En die van Diabetes mellitus type 1 
    DM1 is 5-6 zijn over het algemeen onder behandeling in de 2de lijn
  • Leg uit hoe je die patiëntenpopulatie hebt gevonden
    gezocht in het EPD op code ICPC T90.02

  • Hoe de vorming van het HbA1c tot stand komt,
    Hemoglobine A1cofgeglyceerdhemoglobineis een vorm vanhemoglobinedie ontstaat door de versuikering van de α keten van het hemoglobinemolecuul. In hetbloedbindt eenglucosemolecuul(niet-enzymatisch) met het N-eindstandige aminozuur van de β-keten van hemoglobine. In een klinisch chemischlaboratoriumkan de hoeveelheid HbA1cin bloed gemeten worden. Dit wordt als parameter gebruikt bij het volgen vandiabetespatiënten en geeft informatie over de plasmaglucose concentratie van de afgelopen 6-8 weken.

  • − Hoe een hoog HbA1c tov een lage bloedglucosespiegel te verklaren is

    Omgekeerd
    kan een relatief hoog HbA1c bij een patiënt
    met een inmiddels genormaliseerde nuchtere
    bloedglucose nog een erfenis zijn van een
    voorgaande periode waarin de diabetes
    mellitus nog minder goed geregeld was
    .Een te hoog HbA1c in combinatie met een relatief normale nuchter bloedglucose is een aanwijzing voor een mogelijk slecht gereguleerde glykemische instelling met hogere plasma-glykemische
    regulatie door bijvoorbeeld intercurrente
    ziekte of prednisongebruik bij een
    reeds bekende diabetespatiënt

  • − En een laag HbA1c tov een hoge bloedglucosespiegel
    2

  • − En welke factoren van belang zijn bij de interpretatie van het HbA1c.
     fouten in de afname van de capillaire meting
    • Anemie
    • Hemoglobinopathie
    • versterkte bloedafbraak
    • Nierinsuffiecientie
    • medicijngebruik, salicylaten 
  • − Refereer het artikel “valkuilen bij interpretatie HbA1c” van R. Holtrop in het EADV magazine mei 2014 blz 19 t/m 21 ( via Black-Board)
    4
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

gastroparese
vertraagde maaglediging
wanneer verwijzing dietist?
• Direct na het stellen van de diagnose
• Bij overgewicht, ondergewicht, ongewenste
gewichtstoename of gewichtsverlies
• Bij verandering van de bloedglucoseverlagende
medicatie (tabletten en/of insuline)
• Bij niet-optimaal effect van zelfcontrole en/of niet
optimale diabetesregulatie
• Bij verandering van leef- of werkomstandigheden
• Bij (mogelijke) eetproblematiek
• Bij maag-darm problematiek (bijvoorbeeld door
gastroparese)
• Bij complicaties, waarbij aanpassing van de voeding
zinvol is (bijvoorbeeld bij nierinsufficiëntie)
• Bij zwangerschapswens of zwangerschap
• Bij andere specifieke vragen of problemen met
betrekking tot de voeding
medicatie en ramadan
• Begeleiding bij de Voorbereiding
• Tijdens de Ramadan
• Nazorg
diabetes en ramadan
•Vrijstelling:
– Tijdelijke vrijstelling
– Definitieve vrijstelling
•Populatie
•Verbreken van de vasten
•Duur van het Suikerfeest
Diabetes en alcohol
•Opname van alcohol
•Hypoglycemie
•Adviezen t.a.v alcoholgebruik:
• Combineer alcohol met koolhydraten
• Spreid alcoholinname over de avond.
• Extra alert met alcoholinname bij veel beweging (dansen) of na
sport
• Extra controle bloedglucosewaarden na alcoholinname
Diabetes en zwangerschapswens
•Bij diagnose DM:
– Bespreken mogelijke zwangerschapswens
– (notitie in HIS)
– Zwangerschapswens vanaf vruchtbare leeftijd t/m overgang
•Bij zwangerschaps(wens): voorlichting over de te nemen stappen > op tijd
verwijzing naar de 2e lijn!
•Nb. OAD : SU, TZD, METF, DPP4, GLP1: géén registratie
• voor gebruik in de zwangerschap  start insulinetherapie i.p.v. OAD ruim
vóór conceptie
•Nb. Bij borstvoeding: géén OAD
herziening richtlijn
•Controle na zwangerschapsdiabetes:
•Eerste controle nuchtere glucose na 6 weken ( controle via het
laboratorium)
•Vervolgens de eerste vijf jaar jaarlijks controle nuchtere glucose (
lab)
•Daarna om de drie jaar
Zwangerschapsdiabetes
• 3-6% van alle zwangeren, meestal > 25
jaar
• 2e helft van de zwangerschap
• Insulineresistentie
• Gevolg van hormonale/ metabole
veranderingen
• Verhoogde kans op DM2
MODY en MIDD
Onderverdeeld in 8 types (MODY 1 t/m 7 en
MIDD)
• Oorzaak: erfelijke afwijking betacelfunctie
• Monogenetische afwijking, meestal dominant
erfelijk
• Maximaal 3% van diabetespopulatie
• Consequenties voor therapie!
ziekten exocriene pancreas
pancreastitis
trauma
kanker CF
haemachromotose