Summary Class notes - Forensische Orthopedagogiek

Course
- Forensische Orthopedagogiek
- Meerdere
- 2019 - 2020
- Fontys Hogescholen (Fontys Hogescholen Den Bosch, Den Bosch)
- Pedagogiek
325 Flashcards & Notes
1 Students
  • These summaries

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary - Class notes - Forensische Orthopedagogiek

  • 1546297200 Methodisch HC 1

  • Justitiëel ingrijpen
    Civiel en Straf
  • Waar kijkt de erkenningscommissie naar bij een gedragsinterventie
    Theoretische onderbowing, effectie methoden, betrokkenheid en motivatie, continuïteit
  • Welke methode is goed voor effecitiviteitsmeting
    RCT is de methode. Groep patiënten waarmee vergeleken wordt
  • Evidence based
    • effectgrootte is bescheiden
    • generaliseerbaarheid
    • veel jeugdinterventies, maar niet goed onderzocht
  • Extra therapeutische factoren
    Factoren waar je geen invloed op hebt
    vb: ouders die gaan scheiden tijdens jouw therapie
  • Effectiviteitsladder
    • Werkzaam
    • Effectief
    • Veelbelovend
    • Potentieel
  • welke factoren hebben invloed op de effectiviteit?
    • Aanwezige risicofactoren
    • aanwezige protectieve factoren
    • demografische kenmerken (leeftijd/geslacht)
    • ernst problematiek van start interventie
  • Multimodaal
    gericht op meerdere aspecten
  • 2 belangrijke dingen bij interventie
    • positieve bekrachtiging
    • uitvoering: altijd methodiek aanhouden
  • Welke interventies werken er
    • programma's die zich richten op
    • individuele gezinnen en kinderen
    • zich voor een deel richten op risicogroepen
    • community based zijn 
  • Community based
    samen georganiseerd/opgesteld
  • Goede implementatie is
    Methodiek aan iedereen doorgeven en iedereen ook zicht laten krijgen
  • what works uitleg
    • technieken en interventies goed toepassen
    • niet alleen wie of wat helpt, beiden
    • Goede implementatie
    • Kenmerken professional, biedt maatwerk
  • kanttekening bij what works
    • Hoge interne vadiliteit is beperkt toepasbaar
    • Hoge interne vadiliteit gaat vaak ten koste van externe vadiliteit
  • Methode what works in JJI
    Plan van aanpak maken met:
    • Risico
    • Behoeften
    • Responsiviteit
    • Professionaliteit
    • Integriteit
    • Eigen context 
  • heel belangrijk tijdens een behandeling
    open of sociaal leefklimaat
  • pedagogische houding in een jeugdinrichting
    • staan voor wat er moet gebeuren: naleven van het dagprogramma
    • aandacht hebben voor persoonlijke situatie jongere
  • Nog meer werkzame facoren bij een interventie
    • leefklimaat
    • therapeutische relatie
    • gestructureerd werken
    • aansluiten bij behandelmotivatie en competenties cliënt
  • interventie voor recidive vermindering
    • risicoprincipe: afgestemd op recidive risico
    • behoefte principe: richten op veranderbare criminogene factoren
    • responsief zijn
  • RCT uitleggen
    Randomized controlled trial
    Cliënten zijn op basis van toeval toegewezen aan een experimentele controle groep
  • Om door erkenningscommissie NJI te komen moet je
    2e trede komen: theoretisch goed onderbouwd
  • 3e trede staat voor
    • interventies die onderzocht zijn met voor-na meting
  • Wat werkt binnen gesloten jeugdzorg?
    • positief leefklimaat groep
    • zorg op maat
    • hanteren bewezen interventies
  • gelegenheidscriminelen
    jongeren die gelegenheid aangrijpen om delict te plegen
  • First offenders
    viir het eerst aangehouden voor een strafbaar feit
  • Aangeleerde hulpeloosheid
    Verschijnsel dat mens en dier aangeleerd heeft dat hij geen invloed kan uitoefenen op de gebeurtenissen die hem ovekromen
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary - Class notes - Forensische orthopedagogiek

  • 1542582000 College 1: Forensische orthopedagogiek

  • Waarom forensische orthopedagogiek?
    - Sector is gegroeid, dus meer behoefte aan kennis en vaardigheden
    - Doelgroep vraagt specifieke kennis en expertise van professionals
    - Meer nadruk op systemische interventie
  • Hoe ziet de klassieke criminologie crimineel gedrag?
    Het is onderdeel van de menselijke natuur, een vrije wil
  • Hoe ziet het biologisch determinisme (Italie school) crimineel gedrag?
    criminelen worden zo geboren
  • Hoe ziet de Franse school crimineel gedrag?
    Criminaliteit als normaal maatschappelijk verschijnsel
  • Wat is het bio-psychosociaal model van crimineel gedrag?
    Biologisch (Italiaanse school)
    Context (Franse school)
    Intrapsychisch (klassieke criminologie)
    Wisselwerking tussen deze 3
  • Leg het RNR model uit
    • Risicobeginsel --> risicotaxatie voor bepalen van duur en intensiteit van de behandeling
    • Behoeftebeginsel --> behandeling richten op criminogene behoeften, dynamische risicofactoren
    • Responsiviteitbeginsel --> Rekening houden met persoonlijke eigenschappen van de client.
  • Wat is motivatie? + wat extra factoren die daarbij meespelen
    De mate van bereidheid tot gedragsverandering.
    • Het kan verschillen per moment, beïnvloed door de interactie met de hulpverlener
    • verhoogt kans op vertonen van gedrag
    • centrale taak voor de hulpverlener
  • Wat is weerstand?
    Inherent aan het contact tussen client en hulpverlener ontstaat in de interactie met de hulpverlener.
  • Motiverende gespreksvoering de essentie: coöperatief
    gelijkwaardigheid client en hulpverlener
  • MVG de essentie: Evocatief
    activering van eigen motivatie en veranderingsmogelijkheden
  • MVG de essentie: autonomie
    client is zelf verantwoordelijk voor veranderproces
  • Wat zijn de principes van MVG
    • Reparatiereflex onderdrukken
    • ontwikkelen van ambivalentie
    • empathie
    • positief bekrachtigen
  • Welke fasen van gedragsverandering zijn er?
    Voorbeschouwing --> niet bewust van probleem.
    Overpeinzing --> open staan tot nadenken over probleem/ bewustwording
    Voorbereiding --> knoop doorhakken, hoe aanpakken etc.
    Actieve verandering
    Stabilisatie of terugval
  • 1542668400 Probleem 1: Ontwikkelingstrajecten, paden en modellen

  • Wat zijn ontwikkelingspaden?
    Geordende gedragsontwikkeling tussen meer dan 2 probleemgedragingen waarbij individuen verschillen in hun neiging door te gaan met het succesvol ontwikkelen van het probleemgedrag.

    Paden --> raam met dynamische individuele verschillen in de progressie van serieuze probleemgedragingen in de jeugd.


    Het is op meerdere tijdsmomenten en ze kunnen voorspelling doen voor diagnostiek
  • Welke studie gebruikte Loeber bij het onderzoek naar de verschillende paden?
    Pittsburgh Youth Study
  • Welke dimensies werden getoond bij de studie van Loeber naar verschillende paden?
    Open en gesloten externaliserend gedrag waarbij ongehoorzaamheid passend is bij beide
  • Wat is het autoriteitenconflictpad?
    Voor het 12e jaar
    1. Koppig gedrag
    2. uitdagend/ ongehoorzaam
    3. autoriteit vermijding
  • Wat is het open pad van Loeber?
    1. Kleine agressieve handelingen (pesten, irriteren)
    2. Fysiek vechten
    3. Ernstig geweld (verkrachting, aanvallen)
  • Wat is het gesloten pad van Loeber?
    Voor 15 jaar
    1. Kleine verborgen handelingen
    2. Vernielen van eigendommen
    3. matige delinquentie (fraude, zakkenrollen)
    4. Serieuze delinquentie (autodiefstal, overvallen)
  • Pathway to reactive antisocial behavior (Keenan & Shaw)
    1. Prikkelbaar/ irritant gedrag in de kindertijd
    2. emotionele moeilijkheden in peutertijd
    3. disruptieve, boze gedragingen voorschoolse leeftijd
  • Pathway to proactive antisocial behavior (Keenan & Shaw)
    1. onderarousal kindertijd
    2. gedragsmoeilijkheden peutertijd
    3. oppositionele gedragingen en gedragsproblemen
  • Waar kan ODD (affectieve component) een voorspeller van zijn?
    Depressie en angst
    ODD --> CD --> antisociale persoonlijkheid
  • Wat zijn markers voor emotionele gedragsregulatie?
    • Dimensies in ODD --> internaliserende en externaliserend problemen
    • Temperament
    • Opvoeding
  • Welke beperkingen worden genoemd over het artikel van Loeber?
    • Alleen gericht op mannen
    • gericht op bepaalde gedragingen
    • gedrag wordt beïnvloed door de sociale omgeving en niet alleen door het individu zelf
    • Retrospectief onderzoek --> je wil prospectief onderzoek
  • Wat voor soort onderzoek deed Odgers om het verloop van antisociaal gedrag tussen mannen en vrouwen te onderzoeken?
    Dunedin studie --> grootschalig studie waarbij mensen vanaf de geboorte worden gevolgd
  • Welke 2 verschillende ontwikkelingstypen onderscheidt Moffit?
    1. Life-course persistent --> sociale, familiale en neuro-ontwikkelingsproblemen die beginnen in de kindertijd en doorgaan tot in de volwassenheid.
    2. Adolescent limited --> Het AS gedrag ontstaat parallel aan de puberteit als relatief normale reactie op de rolidentificatieverwarring.
  • Wat is het Good Lives Model?
    Het is een op kracht gebaseerd model en de focus ligt op het bevorderen van het menselijk welzijn en het bieden van een kans aan de overtreders om hun eigen persoonlijke capaciteiten en vaardigheden te gebruiken om basis menselijke behoeften te vervullen.

    Het is een reactie op het RNR

    Delinquent gedrag moet je holistisch benaderen (alles meenemen zoals contact, gevoelens etc.)
  • Wat is het centrale concept van GLM?
    kwaliteit van leven verhogen
  • Wat zijn primaire menselijke behoeften? (GLM)
    behoeften die het welzijn vergroten. 
    Bijv. persoonlijkheidskenmerken, ervaringen, handelingen en gemoedstoestanden
  • Wat zijn secundaire menselijke behoeften? (GLM)
    Manieren/middelen om de primaire behoeften te vervullen, deze zijn van belang in de rehabilitatie van de overtreder
  • Wat zijn criminogene behoeften? (GLM)
    interne/externe barrieres in de richting van een goed leven (dynamische risicofactoren)
  • Welke 2 manieren om AS gedrag te vertonen worden genoemd in GLM?
    1. Directe route --> manier om primaire behoefte te bereiken. Bijv. je wilt intiem zijn, dit doe je met kinderen.
    2. Indirecte route --> conflict tussen 2 primaire behoeften. Door frustratie en stress ga je AS gedrag vertonen
  • 4 problemen bij het vervullen van primaire behoeften (GLM)
    1. Ongeschikte secundaire behoeften gebruiken
    2. Gebrek hebben aan omvang (breder denken) en daarom focus op een aantal primaire behoeften, de anderen worden verwaarloosd
    3. Conflictueuze secundaire behoeften gebruiken --> stress
    4. Gebrek hebben aan vaardigheden, mogelijkheden en/of toegang tot secundaire behoeften

    --> dit alles creëert stress, gevoelend van ongelukkigheid en een lagere kwaliteit van leven.
  • Wat zijn risicofactoren voor AS gedrag?
    • Laag IQ
    • moeilijk temperament
    • inconsistente opvoedstijl
    • verwaarlozing
    • scheiding
    • zwakke academische prestaties
    • afwijzing van peers
  • Wat zijn beschermende factoren voor AS gedrag?
    • hoge SES
    • lage ouderlijke overbescherming
    • hoog IQ
  • Bij het GLM wordt ook gekeken naar transities, wat zijn positieve en negatieve transities?
    positief --> andere vrienden, wijf, werk en wonen
    negatief --> vastzitten
  • Welke kritiek is er op GLM?
    • niet duidelijk hoe het interventieplan eruit ziet
    • zit niet echt een risicotaxatie in
    • gebrek aan etiologietheorie (waarom gedrag ontstaat)
    • verwaarloosd de invloed van levenstransities in de levens van adolescenten
    • niet niet bewezen effectief
  • Welke positieve punten worden genoemd over GLM?
    • Positiever dan RNR
    • additief --> kan goed naast/ als toevoeging op RNR
    • hollistisch
  • Waarop ligt de nadruk bij RNR?
    verminderen van recidive
  • Wat is het risicoprincipe? (RNR)
    bepalen van het risiconiveau
    Geeft het belang van een nauwkeurige risicotaxatie voor recidive
    Classificeren in laag, matig en hoog risico
    Kijkt gericht naar interventies die een significante verandering met zich meebrengt
  • Wat is het behoefteprincipe? (RNR)
    Op welke individuele behoeften moet de interventie zich focussen? Welke bronnen zijn nodig?
  • Wat zijn statische risicofactoren?
    niet veranderbare risicofactoren zoals geslacht, delictgeschiedenis etc.
  • Wat zijn dynamische risicofactoren?
    veranderbaar, kunnen leiden tot verminderd recidive risico
  • Wat is het responsiviteitsprincipe? (RNR)
    krachten/ zwakten van het individu die van invloed kunnen zijn oude effectiviteit van de behandeling. Hier wordt de interventie op afgestemd.
    De behandeling afstemmen op de persoonlijke eigenschappen van de client
  • Welke kritiek en weerleggingen worden gegeven over RNR?
    • Beperkt zich tot criminogene behoeften, kijkt weinig naar andere aspecten --> weerlegging: dit doet elke goede therapeut.
    • Ze kijken niet naar de sterke kanten/protectieve factoren van een persoon --> RNR gaat om het voortbouwen van krachten en belonen van niet criminele activiteiten, er wordt gewerkt aan risicofactoren
    • Teveel focus op het einddoel
    • Minimaliseert de rol van motivatie --> motivatie is een primair aspect van specifieke responsiviteit binnen het RNR-model
  • Wat is positief aan het RNR model?
    Kans op recidive neemt af, veel onderzoek naar geweest.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.