Summary Class notes - Fysica examenvragen

Course
- Fysica examenvragen
- Prof Bacher, Prof Saunders
- 2020 - 2021
- Ugent
- 1e Bach Diergeneeskunde
204 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary - Class notes - Fysica examenvragen

  • 1578956400 Fysica examenvragen

    1. welke meettoestellen werken op basis van gasionisatie door invallende straling?
    A.dosis calibrator nucleaire geneeskunde
    B.persoonlijke filmdosimeters
    C.TLD dosimeters
    D.gamma camera 
    A
    1. men draagt een film dosimeter
    A.onder de loodschort om het even waar
    B.onder de loodschort ter hoogte van de heup
    C.boven de loodschort ter hoogte van de heup
    D.onder de loodschort ter hoogte van de borstkas
    D
    1. wat is der voornaamste bron van blootstelling van een gemiddelde mens?
    A.in het lichaam ingebouwde radionucliden
    B.aardstraling
    C.kosmogene straling
    D.CT onderzoeken
     
    D
    1. in alfa verval,
    A.Z neemt af met 2 en A neemt af met 4
    B.Z en A blijven onveranderd
    C.Z neemt af met 4 en A neemt af met 2
    D.Z neemt af met 4 en A neemt af met 4
    A
    1. wat is de optimale dikte van een loodenschoort voor een dierenarts?
    A.0,35 mm Pb
    B.0,25 mm Pb
    C.0,45 mm Pb
    D.0,2 mm Pb
    B
    1. Welke partikels kunnen door een karton tegengehouden worden?
    A.alfa partikels
    B.X-stralen
    C.gamma partikels
    D.beta partikels
    A
    1. de 5 radiografische dichtheiden gerangschikt van minst naar meest attenuerend zijn....
    A.gas, vet, vloeistof, bot, metaal
    B.gas, vloeistof, vet, bot, metaal
    C.metaal, bot, vet, vloeistof, gas
    D.barium, bot, vloeistof, vet, gas
    B
    1. Welke bewering over digitale RX is juist?
    A. Wettelijk moeten de beelden afgeprint worden op films voor archivering.
    B.Door de brede contrast schaal hoeft men geen parameter tabel meer te gebruiken.
    C.De lagere aankoopprijs dan conventionele Radiografie compenseert de korte levensduur.
    D.Een hogere contrastresolutie dan conventionele Radiografie compenseert voor een lagere spatiale resolutie.
    E.De aankoopkosten zijn laag maar het dagelijks gebruik kost veel meer dan Conventionele Radiografie.
    D
    1. Een gepensioneerde radioloog komt u assisteren met X-ray maken. Welke dosis mag hij maximaal ontvangen?
    1 mSv/12 maanden
    1. Rangschik de soorten straling met toenemende golflengte.
    A.radiogolven - UVA - UVB - X-stralen
    B.radiogolven - UVB - UVA - X-stralen
    C.X-stralen - UVB - UVA - radiogolven
    D.X-stralen - UVA - UVB - radiogolven
    C
    1. De grote reflectie van ultrageluidsgolven van zacht weefsel naar bot zijn te danken aan
    A.veRschil in massadichtheid tussen zacht weefsel en bot
    B.verschil in akoestische impedantie tussen zacht weefsel en bot
    C.verandering van propagatiesnelheid tussen zacht weefsel en bot
    D.verandering van golflengte tussen zacht weefsel en bot
    B
    1. vraag ivm frequentie en droge/natte huid
    A.(impedantie van) een droge huid is sterk afhankelijk van de frequentie
    B.(impedantie van) een natte huid is sterk afhankelijk van de frequentie
    C.(impedantie van) een droge huid is nagenoeg onafhankelijk van de frequentie
    D.impedantie is onafhankelijk van de toestand van de huid
    A
    1. Gegeven: de grafiek met oxyhemoglobine en melanine. Lasers met golflengte gegeven. Gevraagd: Welke gebruik je best voor pigmentvlekken, welke voor wijnvlekken? (Zelfde grafiek als in de map, de tweede)
    A.Dye voor wijnvlekken, Argon voor pigmentvlekken
    B.Argon voor wijnvlekken, Dye voor pigmentvlekken
    C.Dye voor wijn-en pigmentvlekken
    D.Argon voor wijn-en pigmentvlekken
    A
    1. Beschouw een buis die versmalt zoals aangegeven in de figuur. Welke bewering is juist?
    A.De snelheid is het grootst en de de druk het grootst in het smalle gedeelte
    B.De snelheid is het kleinst en de druk het kleinst in het smalle gedeelte
    C.De snelheid is het grootst en de druk het kleinst in het smalle gedeelte.
    D.De snelheid is het kleinst en de druk het grootst in het smalle gedeelte
    C
    1. De viscositeit van bloed:
    A.Heeft de grootste waarde voor de grote arteriën
    B.Heeft de grootste waarde langs de wand van de grote arteriën
    C.heeft de grootste waarde voor de capillairen
    D.Heeft dezelfde waarde voor de arterien, arteriolen en capillairen
    A
    1. Bij een rechtop staande persoon met lengte 1.70 m wordt de bloeddruk gemeten boven de enkel in vergelijking met de bloeddruk gemeten ter hoogte van de bovenarm. Hoogteverschil 1.09m.. (Helaas werd dat laatste gegeven ons niet meegedeeld.. Maar je kan natuurlijk wel schatten dat de afstand voet-arm een grote meter is! )
    A.8 mm Hg hoger
    B.80 mm Hg hoger
    C.800 mm Hg hoger
    D.0.8 mm Hg hoger
    B
    1. Wat gebeurt er met de arteriële druk in de hersenen bij het rechtstaan (hoogteverschil van 50 cm)?
    A.Druk verhoogt met 5 kPa
    B.Druk verhoogt met 3,8 kPa
    C.Druk verlaagt met 5 kPa
    D.Druk verlaagt met 3,8 kPa
    C
    1. Welke laser wordt gebruikt voor het verwijderen van tattoo-inkt? Grafiek voor Oxyhemoglobine en melanine was gegeven. Welke laser verwijdert zonder complicaties een blauw/zwarte tattoo op een donkere huid?
    A.Alexandrite Q-switch
    B.Argon
    C.Nd:YAG Q-Switch
    D.Ruby Q-Switch
    D
    1. Diëlektriciteitsconstante = 50, diameter cel = 10 micrometer en dikte membraan 10 nm. Potentiaal over over het membraan = -70 mV.  Bereken het aantal ionen die instaan voor dit potentiaalverschil.
    A.6,1.106
    B.4,9.10^4
    C.2,2.10^5
    D.7,7.10^7
    A
    1. Wat is juist voor een myoop of een bijziende?
    A.De persoon ziet enkel goed op verre afstand en heeft contactlenzen/bril nodig met een negatieve sterkte.
    B.De persoon ziet enkel goed op korte afstand en heeft contactlenzen/bril nodig met een positieve sterkte.
    C.De persoon ziet enkel goed op verre afstand en heeft contactlenzen/bril nodig met een positieve sterkte.
    D.De persoon ziet enkel goed op korte afstand en heeft contactlenzen/bril nodig met een negatieve sterkte.
    D
    1. De wet van Poisseuile in een cilindervormige buis is gebaseerd op:
    A.de totale mechanische energie in de buis is constant
    B.de som van de krachten op een voorwerp in de buis is gelijk aan nul
    C.de snelheid van de deeltjes in de buis is constant
    D.de kinetische energie van de deeltjes in de buis is constant
    B
    1. Hoe komt het dat de geleidingssnelheid in zenuwvezels met myelineschede zo hoog is?
    A.Myeline heeft een hoge weerstand en de capaciteit van de zenuwvezel is laag.
    B.Myeline heeft een lage weerstand en de capaciteit van de zenuwvezel is laag.
    C.Myeline heeft een hoge weerstand en de capaciteit van de zenuwvezel is hoog.
    D.Myeline heeft een lage weerstand en de capaciteit van de zenuwvezel is hoog.
    A
    1. Bij de afleiding van de wet van Poiseuille stelt men dat de som van de krachten die inwerken op een inwendige cylinder in een horizontale stroombuis gelijk is aan nul. Waarom mag men dit veronderstellen?
    A.Het is een toepassing van de wet van behoud van energie.
    B.Het gaat om een ideale vloeistof.
    C.De zwaartekracht speelt geen rol bij een horizontale stroombuis.
    D.De stroming is stationair.
    D
    1. Welke uitspraak met betrekking tot hypermetropie is correct?
    A.De bril of lens zal een virtueel beeld van een voorwerp op 25cm produceren in het nabijheidspunt van de patiënt.
    B.De bril of lens zal een reëel beeld van een voorwerp op oneindig produceren in het vertepunt van de patiënt.
    C.De bril of lens zal een reëel beeld van een voorwerp op 25cm produceren in het nabijheidspunt van de patiënt.
    D.De bril of lens zal een virtueel beeld van een voorwerp op oneindig produceren in het vertepunt van de patiënt.
    A
    1. In een fluorescentie microscoop zal de dichroïde spiegel.
    A.het excitatielicht reflecteren
    B.het emissielicht reflecteren
    C.het excitatielicht doorlaten
    D.het emissielicht absorbere
    A
    1. De eenheid voor het bepalen van blootstelling aan radioactieve straling is de “Sievert”. Waarvoor staat deze?
    A.maat van blootstelling van het hele lichaam, rekening houdend met het type straling
    B.maat voor energie die neergezet wordt per eenheid massa van materiaal, geen rekening houdend met type straling.
    C.maat voor energie die neergezet wordt per eenheid massa van materiaal, rekening houdend met type straling.
    D.eenheid voor hoeveelheid X- en gamma-straling die ionisatie veroorzaakt van 1cm3 lucht.
    E.maat voor biologische effecten van straling, rekening houdend met type straling.
    C
    1. bij digitale radiografie, welk element maakt geen deel uit van de samenstelling van de dedectoren?
    A.gadolidium
    B.selenium
    C.fosfor
    D.silicium
    A
  • Gelijkenis tussen x en gamma stralen:
    Beinde elektromagnetische golven
  • Welke fysisch fenomeen ligt het meest aan de basis van de bescherming die lood biedt tegen straling?
    Foto-elektrisch effect
  • Bij de afleiding van de wet van Poiseuille stelt men dat de som van de krachten die inwerken op een inwendige cylinder in een horizontale stroombuis gelijk is aan nul. Waarom mag men dit veronderstellen?



    A) Het is een toepassing van de wet van behoud van energie.
    B) Het gaat om een ideale vloeistof.
    C) De zwaartekracht speelt geen rol bij een horizontale stroombuis.
    D) De stroming is stationair.
    D

  • Welke uitspraak met betrekking tot hypermetropie is correct?

    A) De bril of lens zal een virtueel beeld van een voorwerp op 25cm produceren in het nabijheidspunt van de patiënt.
    B) De bril of lens zal een reëel beeld van een voorwerp op oneindig produceren in het vertepunt van de patiënt.
    C) De bril of lens zal een reëel beeld van een voorwerp op 25cm produceren in het nabijheidspunt van de patiënt.
    D) De bril of lens zal een virtueel beeld van een voorwerp op oneindig produceren in het vertepunt van de patiënt.
    A

  • In een fluorescentie microscoop zal de dichroïde spiegel.

    A) het excitatielicht reflecteren
    B) het emissielicht reflecteren
    C) het excitatielicht doorlaten
    D) het emissielicht absorberen
    A

  • De straal van een bloedvat is door cholesterolaanslag gedaald tot 90% van zijn oorspronkelijke waarde. Met welke factor dient het drukverschil over het bloedvat vermenigvuldigd te worden om het oorspronkelijke volumedebiet (zonder vernauwing) te behouden?

    A) 0,81
    B) 1,52
    C) 0,66
    D) 1,23
    B

  • Het signaaltransport in een mergloze zenuwvezel

    A) is ongeveer 100 keer sneller dan in een zenuwvezel met myelineschede.
    B) is even snel dan in een zenuwvezel met myelineschede.
    C) verloopt sprongsgewijs.
    D) is ongeveer 100 keer trager dan in een zenuwvezel met myelineschede.
    D

  • Een patiënt wordt bestraald door een X-stralen bundel. De arts staat naast de patiënt. De stralingsbelasting van de arts is voornamelijk afkomstig van

    a.De natuurlijke achtergrondstraling 
    b.De rechtstreekse X-stralenbundel 
    c. De verstrooide X-stralen
    d.De lekstraling van de X-stralenbuis
    C

  • Welke uitspraak in verband met de effectieve dosis is correct? De effectieve dosis

    a. kan gebruikt worden om de individuele patiëntdosis weer te geven
    b. wordt gebruikt voor het afschatten van directe effecten van blootstelling aan
    ioniserende straling
    c. houdt rekening met de individuele stralingsgevoeligheid van diverse
    organen/weefsels en wordt uitgedrukt in de eenheid Gray
    d. is gelinkt aan hetzelfde risico op late effecten als voor een equivalente totale
    lichaamsdosis met dezelfde getalwaarde
    D
  • Een merrie heeft pijn in de voet. Op RX zijn er geen zichtbare letsels. De eigenaar heeft geen financiële bezwaren maar wil niet dat zijn paard geanestheseerd wordt. Welk onderzoek is het meest geschikt voor het stellen van een morfologische diagnose?
    A) Echografie
    B) Scintigrafie
    C) Staande MRI
    D) CT zonder gebruik van contrast
    E) CT met gebruik van contrast
    C
  • 1. welke bewering is correct?
     
    Beta verval komt voor wanneer het element neutron rijk is
  • welk van volgende voorstellingen is geen indicatie voor echo
     
    diagnose van longmetastasen bij een kat
  • Bij CT zijn de Hounsfield eenheden van ....
    A. bloed hoger dan die van bot
    B. vet lager dan die van longweefsel
    C. lucht gelijk aan nul
    D. De pancreas positief
     
    D
  • Het rendement van een röntgenbuis is gelijk aan...
    A. 0,5-2%
    B. 10-15%
    C. 50-75%
    D. 99-100%
     
    A
  • Welke van onderstaande patiënten is een mogelijke kandidaat voor scintigrafie?
    A. Een paard met een tandabces
    B. een hond met een discus hernia
    C. een kat met een ribfractuur
    D. een paard met kolieken    
    A
  • Welke van de volgende voorstellen is geen indicatie voor echografie?

    A opvolging van fractuurheling bij de hond
    B. diagnose van een hernia diaphragmatica bij het paard
    C. diagnose van een cardiomyopathie bij een fret    
    D. Diagnose van longmetastasen bij een kat          
    D
  • Welk voorstel voldoet niet aan het ALARA principe?


    A. Vredelijk van de dosis tussen verschillende mensen
    B. afstand tov de bron
    C. monitoring blootstelling
    D. aantal opnames beperken
    A
  • De fysische halfwaardetijd…
    A. is afhankelijk van de energie van de fotonen
    B. Is afhankelijk van het verval van de radionuclide 
    C. wordt bepaald oor de destabilisatie van het radiopharmaceuticum
    D. wordt bepaald door de uitscheiding van de radiopharmaceuticum door het lichaam
    E. is afhankelijk van het te onderzoeken orgaan.
     
    B
  • Hoe wordt de energie in de fosforplaten vrijgelaten in een CR systeem?
    A. door een zichtbaar licht

    B. door microgolven
    C. door UV-licht
    D. door X-stralen
    E. door een laserstraal
    E
  • hoe noemt men een gecentraliseerd opslag-en serversysteem ?
    A. DR
    B. TIFF
    C. JPEG
    D. DICOM
    E.   PACS
    E
  • Welke kV wordt gemiddeld gebruikt bij radiografie van bijzondere dieren?
    A. 80-90 kV
    B. 20-30 kV
    C. 45-55 kV
    D. 30-40 kV
    E. 60-70 kV
    C
  • Welke belichtingstijd wordt meestal gebruikt bij radiografie van bijzondere dieren?
    A. 1-2 seconde
    B. 0,5-0,7 seconde
    C. 0,015-0,05 seconde
    D. 0,7-1 seconde
    E. 0,05-0,1 seconde
    C
  • De term “ALARA” staat voor…
    A. het gevaar van radioactieve straling met betrekking tot beroepshalve blootgestelde personen.
    B. de dosis tempo metingen met speciale apparatuur waarbij de dosis gecalibreerd wordt die aan een patiënt wordt toegediend.
    C. de dosis van straling die men jaarlijks oploopt als gevolg van natuurlijke stralingsbronnen.
    D. een van de basisprincipes in de radioprotectie die men moet volgen voor een zo laag mogelijke, maar redelijke stralingsbelasting.
    E. Het federaal agenschap dat instaat voor de controle van het gebruik van radioactieve straling.
    D
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Contrast studie kan niet uitgevoerd worden in de A) maagB) slokdarm C) GalblaasD) Darm
C
Een kopergieter, wat is fout?A) Zal het contrast van het beeld doen dalenB) Zal de huiddosis van de patiënt doen afnemenC) zal de resolutie van het beeld doen dalenD) zal het spectrum harder maken (/verzachten?)
C
Een DA is afgestudeerd in 2010. Welke vergunning kan hij aanvragen:A) Vast toestel type 3B) Vast toestel type 2C) Vast toestel type 3 en moet een cursus volgen van 40 uur met 20% praktijk D) Vast toestel type 2 en moet cursus volgen .....
A (Omdat afgestudeerd na 1977, zou het voor 1977 zijn dan was het atw C)
Vraag over de kans van directe effecten van ioniserende straling op embryo/foetus:A) Kans op microcephalie van 3-8 wekenB) Kans op microcephalie van 8-12 weken C) Lethale gevolgen op 25 weken
A
Een radioloog (vrouw) begint met IVF behandeling. Wat mag ze:A) Direct stoppen met foto’s nemenB) Ze mag foto’s nemen maar wordt afgeradenC) Foto’s blijven nemen tot het zeker is dat ze zwanger isD) Foto’s blijven nemen tot aan de plaatsing van het embryo
D
Bij Computed radiography  met fosforplaat:A) Direct beeld verkregenB) Beeld wordt gevormd op scintillator C) Er wordt gebruik gemaakt van foto gestimuleerde emissie (?)
A
Vraag over lenzenaberraties:A) Lenzenstelsel nodig bij beeldvlakkrommingB) Chromatische aberratie speelt een groter rol bij de resolutie 
A
Vraag over echografie:A) Hogere frequenties voor grotere penetratiediepteB) Lagere frequenties voor grotere penetratiedieptes 
Hoe hoger f, hoe lager PD, dus B
Let wel hoe hoger de f, hoe beter de resolutie 
Vraag over microscoop:A) voor een betere resolutie is een grotere NA nodig
A (Waar, want R=..../NA, en hoe kleiner de R, hoe beter, dus hoe groter de NA
Wat is nodig om een proton spin 90 graden te draaien A) Een straal induceren gelijk aan de frequentie van het magnetisch veld?B) Een straal induceren gelijk aan de frequentie van het magnetischveldgradient?
A