Summary Class notes - GZCIII

Course
- GZCIII
- -
- 2018 - 2019
- Universiteit Utrecht
- geneeskunde
375 Flashcards & Notes
2 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Class notes - GZCIII

  • 1522015200 HC-1 Hematopoiese

  • Waar begint en eindigt de Hematopoiesis mee?
    Multi potente stamcel
    -> leukopoese -> leukocyt (granulocyt, macrofaag, lymfocyt)
    -> erytropoese -> erytrocyt
    -> trombopoese -> trombocyt
  • Welke cellen met welke functie worden bij de Myelopoiese aangemaakt?

    Aspecifieke afweer
    Pluripotente stamcel -> Myeloblast 
    -> Basophil granulocyte
    • secretie histamine (vasodilatatie)
    • secretie heparine (anticoagulentia)
    • paarse stippen


    -> Eosinophil granulocyte
    • fagocytose van antigeen-antilichaam complexen
    • enzymen vrijmaken die parasieten kapot maken
    • dubbele paarse kern, rode stippen cytoplasma

    -> Neutrophil granulocyte 
    • meest voorkomend
    • bacteriën fagocyteren
    • gesegmenteerde kern
  • Wat zijn de belangrijkste functies van granulocyten?
    Neutrofielen
    -fagocytose ban bacterien
    -release van anitmicrobiele chemicalien

    - Eosinofiele
    -fagocytose van antigen-antibody complexen
    -release enzymen die parasieten kapot maken

    -Basofielen
    - secretie van Histamine
    - secretie van heparine
  • Hoe werkt fagocytose?
    - plaatje
  • Hoe kunnen monoblasten zich differentieren en met welke functie?
    Aspecifieke afweer
    Monoblast -> monocyt -> macrofaag 
    - fagocytose en transporteren naar lymfeklieren
    - gehele (intracellulaire) bacteriën opnemen en kapot maken   
    - differentiatie naar weefsel (kupfer, osteoclast, dendritisch)
  • Welke cascade zetten PAMPs in?
    Lichaamsvreemde stof geeft PAMPs af -> macrofaag actief (toll-like receptors en PRRs) -> migreert naar lymfeklieren -> presentatie aan T-lymfocyt via:
     - MHCII
     - CD80/CD28
     - cytokines
  • Welke cellen ontstaan uit lymfoblasten en waar?
    Specifieke afweer
    Lymfoblast -> lymfocyt
    -> beenmerg -> B-cellen -> lyfmeklier cortex
    -> thymus -> T-cellen -> lymfeklier medulla
  • Wat zijn de functies van B-cellen?
    Presenteren Antigenen via MHCII aan T-helpercel
    Naive -> actieve B-cel ->
    • plasmacellen -> antibodys tegen antigenen
    • memory B cells -> bij nieuwe presentatie
    • Cytokins -> communicatie
  • Waaruit bestaat een immunoglobuline en welke soorten ken je?
    2x light chain 2x heavy chain
    Hypervariabel, variabel en constant deel
    • IgG; dominante klasse
    • IgM; pentameer; 1ste respons
    • IgA; dimeer; slijmvlies; secreten
    • IgE; allergie, afweer parasietem
    • IgD; oppervlakte membraan B-lymfocyt
  • Extra CD'tjes
    nog geen dia van
  • Hoe ontwikkelen de T-cellen zich?
    gemaakt in beenmerg -> uitrijpen in thymus
    Progenitore T cellen:
    - NK cells -> aspecifieke afweer
    - naive CD4+ -> AG -> T-helpercellen -> activatie B-lymfocyten 
                                       Regulatoire -> supressor (auto-immuniteit)
                                          T-geheugen -> hernieuwde presentatie
    - naive CD8 -> AG -> Cytotoxische t-cellen -> lysis
    - cytokines 
  • Welke cellen worden bij de thrombopoese aangemaakt?
    Megakaryoblast -> Megakaryocyt -> trombocyten  
     oiv TPO
  • Welke groeifactoren zorgen voor welke uitrijping?
    G CSF -> myeloblasten
    M CSF -> monoblasten
    EPO -> erytrocyten
    TPO -> trombocyten
  • Hoe onderzoek je de hematopoiese bij een patiënt?
    Bloedbeeld: Hb, hematocriet, de erytrocyten, MCV, MCH, MCHC, trombocyten, leukocyten; granulocyten, lymfocyten en monocyten

    Bloeduitstrijkje: microscopie

    Beenmergpunctie (voorloopstadia)
  • Wat zijn oorzaken van leukocytopenie?
    - autoimmunziekten
    - leukemie
    - medicamenteus
    - (para) infectieus
  • Wat is neutropenie en wat zijn oorzaken?
    = tekort aan neutrofielen granulocyten
    • constitutioneel; genetisch bv afrikaanse mensen
    • congenitaal; jonge leeftijd
    • verworven; bv medicatie, viatminedeficientie, SLE, leukemie, infectie 
  • Wat is lymfocytopenie?
    = te weinig T-lumfocyten en B-lymfocyten
    • iatrogeen, secundair aan systeemziekte, para-infectieus, congenitaal 
  • Wat zijn mogelijke oorzaken voor trombocytopenie?
    Pseudotrombocytopenie
    Medicamenteus
    Para-infectieus
    Vergrote milt
    Zwangerschap (plasavolume neemt toe)
    Vitaminedeficientie (tekort aan B12 of foliumzuur)
    Beenmergziekte (leukemie)
    Auto-imuunziekten (ITP)
    Congenitaal
    Geactiveerde stolling (TMA, APS, HUS)
  • Wat is ITP?, welke symptomen geeft het?
    = immuun trombocytopenische purpura
    3 op 100.000 mensen
    antilichamen tegen lichaamseigen trombocyten  -> opgeruimd door milt en lever
    -> trombocytopenie -> probleem in primaire hemostase 
    • petechien
    • blauwe plekken
    • bloedingen in slijmvlies
    • hevige menstruaties
    • hersenbloedingen
    • bloedneuzen 
  • Hoe behandel je ITP?
    - Corticosteroïden; als prednison en dexamethason om de antilichamen die door de B-lymfocyten worden aangemaakt te onderdrukken
    - geven van TPO
    - immuniglobulines
    - milt verwijderen
  • Wanneer ontstaat leukocytose, welke vormen heb je?
    Kan ontstaan door: infectie, allergie, maligniteit
    Neutrofilie = extra veel neutrofielen, vel jonge cellen
    Primair: myeloproliferatieve zeikte; beenmerg maakt te veel aan of congenitaal
    Secundair: stress, medicatie, bacteriële infectie of roken   
    Lymfocytose = te veel lymfocyten
    Para-infectieus,
    niet infectieus; auto-immuun; medicatie,;endocrien; milt verwijderen,
    maligne; leukemie
  • Welke stappen in de diagnostiek onderneem je bij leukocytose?
    1. Is er recent een infectie geweest? -> meting later herhalen
    2. Flowcytometrie -> maligne oorzaak
    (neutro: hoge side en forward scatter,  dan monocyten, daarna lymfocyten)
    3. Andere afwijkende cellen -> alarmsymptoom -> microscoop
  • Wat zijn mogelijke oorzaken van trombocytose?
    Reactieve oorzaken
    - infectie; meest voorkomend
    - postsplenectomie, niet functioneren of hyposplenisme
    - maligniteit
    - trauma
    - Niet infectieuze inflammatie; auto-imuunziekten
    - bloedverlies
    - Rebound trombocytose
    - onduidelijk

    Autonome oorzaken
    - afwijking in beenmerg (te behandelen met chemo)
  • Wat is de functie van de milt?
    Milt = grootste lymfoide orgaan
    - Eerste afweer tegen ingekapselde bacterien 
    - verwijderd oude en beschadigde erytrocyten
    - reservoir voor trombocyten
    - opslag van ijzer tijdens filtratie van RBC
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat zijn karakterisieken van maligne adnex tumoren?
Verdwijnen van de haartjes = madarosis
Teleangectasieen
Basaalcel; sprieterig groeipatroon
Talgklier; verstopt
Waaruit ontstaat een traankliertumor, wat geeft een maligne ontaarding voor symptomen?
• Pleiomorf adenoom (menggezwel): is goedaardig, kan maligne ontaarden dus radicale resectie , geen biopt omdat het kapsel dan kapot gaat en kan transformeren

• Adenocystisch carcinoom
- rond 40e jaar 
- pijn en perineurale groei
- botdestructie
- proptosis
- CT gladde tumor
Waaruit en bij wie ontstaan een non-hodgin-lymfoon, symtpomen, diagnostiek, behandeling?
= maligne monoclonale lymfocytaire proliferatie
- vooral op oudere leeftijd (ook rond 40ste jaar)
- zalmkleurige zwelling onder de conjuctiva = salmon patch, dubbelzien, proptosis of zwelling van het oog (kan bilateraal)

Diagnostiek: MRI/CT, biopt of punctie
Behandeling: lokaal radiotherapie, en bij metastase systemisch met cytostatica
Prognose; afhankelijk van soort MALT = goed, gBClymfoom = slecht
Wat kan op een rhabdomyosacroom lijken?
Demoidcyste; goedaardig aangeboren aandoening die langzaam groeit
Capillair hemangioom; eerste weken na geboorte; goedaardig, groeit langzaam, geeft een aarbei rode leasie
Abces; ontsteking vanuit het ethmoid
Wat is de prognose van choroidea melanoom, waar metastaseert het naar?
- 5 jaars: 70.5% en 15 jaars: 55%
- afhankelijk van tumorgrootte en infiltratie in omliggend weefsel, celtype spoel cel a, b, epitheloid en mixed.
- metastaseert via het bloed, voornamelijk lever (93%), longen, botten, huid, lymfe en hersenen (andere oog 0%)
Kenmerken van het Choroidea melanoom
Gemiddelde leeftijd: 55
• piek m: 70 v: 60
• Transformatie risico vanuit neavus = 1: 8845
• De novo (meestal sporadisch)
• Verdubbelingstijd van de grootte: 6-48 maanden
Kenmerken van het Iris melanoom?
- lage incidentie, minst maligne vorm van uvea melanoom
• Observatie
• 5% kans op groei in 5 jaar
• Locale resectie of Brachytherapie
Wat zijn etiologische kenmerken van het Uvea melanoom?
- Meest voorkomende primaire maligne intraoculaire tumor
- voornamelijk bij mensen met lichte pigmentatie bv australie
(aziatisch en negroide incidentie lager)

- monosomie chromosoom 3: 37% 5jaars overleving
- geen monosomie: 90% 5 jaars overleving
Is het retinoblastoom erfelijk?
Bilateraal altijd erfelijk (25%)
Unilateraal is in 15% erfelijk (75%)

Indien erfelijk: autosomaal dominant, 90% penetratie
- RB1 (surpressor)gen op de lange arm 13q14
Wat zijn symptomen bij een retiniblastoom, bij wie komt het voor?
• Leucocoria & esotropie
• Ontstekingsverschijnselen
• Glaucoom

11 niewe gevallen per jaar bij kinderen <5jaar
Meest voorkomende orbitatumor bij kinderen
Gaat uit van de retina cellen