Summary Class notes - KT1 Medicatiebegeleiding en receptafhandeling

Course
- KT1 Medicatiebegeleiding en receptafhandeling
254 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary - Class notes - KT1 Medicatiebegeleiding en receptafhandeling

  • 1596232800 Farmaceutische patientenzorg

  • Welke personen mogen een geneesmiddel voorschrijven?
    Artsen, (huisartsen en geregistreerde specialisten) verloskundigen, dierenartsen en tandartsen.
  • Wat is incontinentie?
    Het ongewild en onwillekeurig lozen van urinbe en/of feces
  • Wat zijn immunosuppressiva?
    Stoffen die het immuunsysteem beïnvloeden.
  • Noem een aantal leefregels die een patiënt krijgt als een licht verhoogde bloeddruk wordt geconstateerd?
    Verminderen alcohol, niet roken, gewichtsvermindering, geen stress
  • Wat is stofwisseling?
    Alle processen die een rol spelen in de homeostase, dit is de toestand die een normaal evenwicht in het menselijk organisme nastreeft)
  • Wat is WOG en wat is BUA?
    Wet op de Geneesmiddelenvoorziening en Besluit Uitoefening Artsenijbereidkunst
  • Wat is een systemische toediening?
    Toediening die via het lichaam de bloedbaan ingaat.
  • Wat is een capsule?
    Een kokertje met poedervormig mengsel
  • Wat is een klysma?
    Vloeistof die rectaal wordt ingebracht
  • Wat is een pasta?
    Vetten met meer dan 50% droge stof
  •  Wat is een lotion?
    Een uitwendige vloeistof voor de huid
  • Wat is een crème?
    Een mengsel van vet en water, dat tot een smeerbaar geheel is gemaakt voor de huid.
  • Wat is een zetpil?
    Een vetachtige grondstof met een geneesmiddel, dat op lichaamstemperatuur smelt en in een torpedovorm is gegoten voor rectaal gebruik.
  • Noem 4 toedieningswegen?
    Oraal, intraveneus, rectaal, dermaal, injectie, infuus, vaginaal
  • Hoe komt een geneesmiddel door zetpil in het bloed?
    Via slijmvlies van het rectum, komt het rechtstreeks in het bloed zonder het maag/darmkanaal te passeren
  • Geef een voorbeeld van substitutietherapie?
    Insuline bij diabetes
  • Wat is het verschil tussen fytotherapie en homeopathie?
    Fytotherapie gaat niet uit van een bepaalde denkwijze en verdunningen, maar is een geneesmiddel in de vorm van plantaardige stoffen. Homeopathie gaat uit van kwaal moet met kwaal bestreden worden (similiaregel)
  • Wat is een chronische intoxicatie?
    Langdurige blootstelling aan gifstoffen, bijvoorbeeld asbest of loodwit
  • Wat is palliatieve therapie?
    Kwaliteit van leven wordt verbeterd als verzachtende geneeswijze, maar de kwaal wordt niet meer bestreden
  • Wat zijn alternatieve geneeswijzen?
    Geneeswijzen buiten therapie van arts en geneesmiddelen zoals yoga, shiatsu, magnetiseur.
  • Wat is na toediening van een geneesmiddel de farmaceutische fase?
    Geneesmiddel dat vrijkomt na inname.
  • Wat is farmacokinetiek?
    De gang van inname tot eliminatie/verwijdering
  • Wat verstaan we onder halfwaardetijd?
    De tijd dat het geneesmiddel in het bloed met de helft is afgenomen
  • Op welke wijze heeft de halfwaardetijd te maken met de eliminatie?
    Hoe korter de halfwaardetijd t1/2 hoe eerder de eliminatie plaatsvindt
  • Wat gebeurd er na opname van geneesmiddel in  het bloed?
    Het geneesmiddel zal contact maken met de receptoren
  • Wat is biologische beschikbaarheid?
    De hoeveelheid geneesmiddel dat over is na opname en verwerking door de lever.
  • Wat is het verschil tussen farmacokinetiek en farmacodynamiek?
    Farmacokinetiek beschrijft de weg en de opnamen (verwerking) en farmacodynamiek beschrijft o.a. het contact met de receptoren (werking)
  • Wat is de functie van een receptor?
    Receptoren maken contact met de lichaamseigen stoffen en geneesmiddelen etc.
  • Wat is een antagonist?
    Een stof die de werking van een receptor tegenhoudt of negatief beïnvloedt
  • Noem een paar soorten bijwerkingen die kunnen optreden na het innemen van een geneesmiddel.
    Allergie, misselijkheid, duizeligheid en slaperigheid
  • Noem drie belangrijke contra-indicaties?
    Zwangerschap, diabetes, allergie, lactatie
  • Wat is het verschil tussen interactie en contra-indicatie?
    Interactie is de reactie tussen ingenomen geneesmiddelen onderling (meestal negatief) en contra-indicatie is de omstandigheid waaronder een middel niet kan worden ingenomen
  • Wat is therapeutische breedte?
    De afstand tussen de normdosis en de toxische dosis
  • Waarom hebben bejaarden en kinderen een aangepaste dosering?
    Bejaarden; vaak slechte nier- en leverfunctie. Kinderen; nog niet volgroeide enzymen systeem, oppervlak/inhoud verdeling, nog niet optimale nier- en leverfunctie
  • Wat is een lethale dosis?
    Een dosis die dodelijk is
  • Waarom heeft een normdosis een onder- en een bovengrens?
    Tussen deze grenzen kan gedoseerd worden afhankelijk van het ziektebeeld, normaliter kan men niet buiten deze grenzen gaan
  • Hoe weten we of een geneesmiddel veilig is bij zwangerschap en borstvoeding?
    Daar bestaan tabellen voor in het Informatorium Medicamentorum
  • Geef een voorbeeld van een lokaal werkende injectie?
    Intra-artriculair (in gewrichtsholte)
  • Wat is een strikte eis voor een parenterale toedieningsvorm?
    Steriel, isotoon (osmotische druk gelijk aan die van de cellen) en isohydrisch (zuurgraad gelijk aan bloed)
  • Wat is het nadeel van een rectale toediening?
    De variatie in opname
  • Wat is een therapeutische breedte?
    Het verschil tussen de minimale en toxische concentratie
  • Welk uitscheidingsorgaan is verantwoordelijk voor het metabolisme?
    De nieren
  • Wat is een keerdosis?
    De totale hoeveelheid per inname (per keer)
  • Noem de onderdelen voor rekenmethode om de dosering te bepalen?
    De leeftijd, gewicht en lichaamsoppervlak
  • Wanneer is er sprake van synergisme van 2 geneesmiddelen?
    Als twee geneesmiddelen elkaars werking versterken ongeacht de toediening
  • Wanneer spreken we van biologische beschikbaarheid?
    Zodra het middel in de bloedbaan is opgenomen
  • Wat is bloedspiegel?
    De concentratie van het geneesmiddel in het bloed
  • Wat is causale therapie?
    Therapie die de oorzaak van een ziekte wegneemt
  • Noem een aantal belangrijke voedingsstoffen
    Koolhydraten, vetten, eiwitten, vitaminen, water, mineralen en vezels
  • Waartoe dienen vitamine C en D?
    Vitamine C is voor weerstand tegen infecties, wondgenezing en opbouw steunweefsels, botten en bloedvaten.
    Vitamine D is voor calcium- en fosforresorptie, bot- en tandbeenvorming en weerstand
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat is urineretentie?
Niet kunnen urineren.
Wat is een urethrastop?
Een silicone stopje in de urinebuis, om incontinentie op te vangen
Hoe is een onderlegger opgebouwd en waartoe dient deze?
Non-woven laag, absorberende tussenstof en polyethyleen onderlaag
Noem 2 systemen voor absorptieluiers
Een verband dat als broekje kan worden gebruikt, en een netbroekje met daarin een verband (alleen bij licht urine verlies, niet bij feces)
Hoe is een absorptieluier opgebouewd?
Een non-wovenlaag tegen de huid, daaronder een superabsorberende laag die heel veel vocht kan opnemen en een gel laag vormt met urine, buitenlaag van polyethyleen folie.
Welke mate van incontinentie heeft men bij het verlies van 50-200 ml per keer?
Matige inconntinentie. Lichte is tot 50ml en ernstig vanaf 200ml.
Wat is dubbelincontinentie?
Incontinentie voor urine én feces
Welke soorten incontinentie bestaan er?
Stress, urge, druppel- en fecesincontinentie, enuresis
Wat is incontinentie?
Het ongewild en onwillekeurig lozen van urinbe en/of feces
Wat is WOG en wat is BUA?
Wet op de Geneesmiddelenvoorziening en Besluit Uitoefening Artsenijbereidkunst