Summary Class notes - Lokale anesthesie

Course
- Lokale anesthesie
- 2020 - 2021
- Inholland Amsterdam
- Mondzorgkunde
820 Flashcards & Notes
1 Students
  • These summaries

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary - Class notes - Lokale anesthesie

  • 1602280800 Begrippen

  • Wat is cerebrum?
    Grote hersenen
  • Wat is diencephalon?
    Tussenhersenen
  • Wat is truncus cerebri?
    Hersenstam
  • Wat is mesencephalon?
    Middenhersenen
  • Wat is medulla oblongata?
    Verlengde merg
  • Wat is Nervi craniales?
    Hersenzenuwen
  • Wat is cerebellum?
    Kleine hersenen
  • Wat is medulla spinalis?
    Ruggenmerg
  • Wat is dura mater?
    Harde vlies
  • Wat is periost?
    Beenvlies
  • Wat is arachnoidea mater?
    Spinnenwebvlies
  • Wat is Pia mater?
    Zachte vlies (vaatvlies)
  • Wat is liquor cerebrospinalis?
    Hersenvocht
  • Wat is arteria carotis?
    Inwendige halsslagader
  • Wat is arteria vertebralis?
    Wervelslagader
  • Wat is arteria cerebri anterior?
    Voorste hersenslagader
  • Wat is arteria cerebri media?
    Middelste hersenslagader
  • Wat is arteria cerebri posterior?
    Achterste hersenslagader
  • 1602367201 pagina 3 t/m 8

  • Wat zijn de 5 algemene functies van het zenuwstelsel?
    1. Regulatie activiteiten weefsels en organen
    2. Coördinatie activiteiten weefsels en organen
    3. Regulatie en coördinatie van vegetatieve functies
    4. Coördinatie contacten met buitenwereld
    5. Coördinatie psychische functies
  • Wat gebeurt er bij de regulatie activiteiten weefsels en organen? (5 algemene functies)
    Organen en weefsels worden geremd of gestimuleerd in hun activiteit wanneer veranderingen in of buiten het lichaam daartoe aanleiding geven (bijvoorbeeld: hard wegrennen in een bedreigende situatie).
  • Wat gebeurt er bij de coördinatie activiteiten weefsels en organen? (5 algemene functies)
    Organen en weefsels moeten in hun werk goed op elkaar afgestemd zijn.
    Doel: een optimale samenwerking tot stand komt tussen weefsels binnen een orgaan of organen onderling (bijvoorbeeld: verhoogde maagperistaltiek door spiercontracties in de maagwand. Is alleen zinvol als tegelijkertijd maagsapproductie plaatsvindt). 
  • Wat zijn de hoofdfuncties bij de regulatie en coördinatie van vegetatieve functies? (5 algemene functies)
    Circulatie, spijsvertering, uitscheiding, ademhaling en begrenzing door de huid. Worden uitgevoerd door vegetatieve orgaanstelsel en moeten nauw samenwerken. De regulatie en coördinatie gebeuren buiten de wil om; weinig of geen invloed op het uitoefenen.
  • Wat gebeurt er bij de coördinatie contacten met de buitenwereld? (5 algemene functies)
    Belangrijke functie van het zenuwstelsel. Bewustwording van omstandigheden en er eventueel op reageren zijn noodzakelijk voor zelfbehoud (reageren op veranderingen --> ondersteunen van vegetatieve functies).
  • Wat gebeurt er bij de coördinatie psychische functies? (5 algemene functies)
    Verbeelding. Het heeft te maken met bewustzijn en zelfbewustzijn. Met leren en herinneren, met stemmingen en emoties, met denken, dromen en fantaseren, met driften en beheersing, met talent, karakter en creativiteit.
  • Welke 3 functionele fasen heb je bij de werking van het zenuwstelsel?
    1. Sensorische input
    2. Verwerking
    3. Motorische output 
  • Wat is een sensorische input? (werking zenuwstelsel)
    Een sensorische input is het opvangen van prikkels door sensoren.
  • Wat is een sensor en wat doet het?
    Het is een gespecialiseerde cel, een sensor is gevoelig voor bepaalde veranderingen. 
    Sensor waarnemen veranderingen en wordt vaak verwant aan zenuwcel die gevoelig is voor veranderingen in de omgeving. 
  • Wat gebeurt er bij sensorische input? (werking zenuwstelsel)
    De sensor wordt door verandering geprikkeld en zorgt voor prikkeling --> vertaalt in impulsen (elektrische signalen) --> verstuurt naar centraal zenuwstelsel via zenuwen.
  • Wat is een verwerking? (werking zenuwstelsel)
    Een verwerking is de beoordeling van sensorische informatie en de reactie bepalen (in het centraal zenuwstelsel).
  • Wat gebeurt er bij verwerking? (werking zenuwstelsel)
    In de centrale zenuwstelsel, begint bij doorgeven van informatie naar bepaalde plaats in de hersenen. Daarna wordt het hier beoordeeld, als laatst bepalen de hersenen of en hoe het lichaam moet reageren.
  • Wat is een motorische output? (werking zenuwstelsel)
    Een motorische output is het aansturen van effectoren door zenuwstelsel.
  • Wat gebeurt er bij een motorische output? (werking zenuwstelsel)
    Dit gebeurt als het lichaam moet of wil reageren op veranderingen, dan sturen de hersenen remmende of stimulerende impulsen naar organen voor een reactie.
  • Wat zijn effectoren?
    Het zijn doelwitorganen en het zijn altijd spieren of klieren.
    Ze ontvangen remmende of stimulerende impulsen.
  • Anatomische indeling: op basis van bouw en ligging
    • Centrale zenuwstelsel: omgeven door benig omhulsel (schedel en wervelkolom)
    • Perifere zenuwstelsel: buiten schedel en wervelkolom
      •  verbinding tussen centrale zenuwstelsel en periferie.
  • Wat verstaan we onder centrale zenuwstelsel (welke "organen")?
    • Grote hersenen
    • tussen hersenen
    • hersenstam
    • kleine hersenen
    • ruggenmerg 
  • Wat verstaan we onder perifeer zenuwstelsel (welke "organen")?
    • Hersenzenuw
    • ruggenmergszenuw 
    • grensstreng 
    • zenuw vegetatief zenuwstelsel
  • In welke 3 aspecten is de fysiologische indeling te onderscheiden?
    1. Integratie
    2. Hierarchie 
    3. Richting van signaal
  • Wat is de taak van integratie? (fysiologische indeling)
    De taak om het lichaam als één geheel te laten functioneren. Hiervoor is een goede samenwerking van organen (zowel inwendig als in de wisselwerking met de buitenwereld) nodig.
  • Welke 2 soorten integratie heb je afhankelijk van organen (fysiologische indeling)?
    1. Vegetatieve integratie: afstemmen activiteiten vegetatieve stelsel
    2. Animale integratie: integratie mens met omgeving.
  • Het verschil tussen vegetatieve integratie en animale integratie.
  • Wat is de functie van het vegetatieve zenuwstelsel?
    5 vegetatieve stelsel reguleren en afstemmen. Hierdoor is er handhaving van homeostase van het interne milieu.
  • Welke 5 vegetatieve stelsel reguleert het vegetatieve zenuwstelsel?
    1. Circulatie stelsel
    2. spijsverteringsstelsel
    3. urinewegstelsel
    4. ademhalingsstelsel
    5. huid 
  • Wat is het synoniem van vegetatieve zenuwstelsel?
    Autonoom zenuwstelsel en onwillekeurig zenuwstelsel.
  • Uit welke twee systemen bestaat het vegetatieve zenuwstelsel?
    1. Sympatische systeem
    2. Parasympatische systeem
  • Wat doet het sympathische systeem?
    Actief wanneer lichaam (spier)arbeid moet verrichten --> brengt het lichaam in staat van paraatheid (actief bij actief lichaam).
  • Wat doet het parasympatische systeem?
    Actief wanneer organisme uiterlijk passief is --> lichaam tot rust laten komen.
  • Wat wordt er bedoeld met dat sympathische en parasympatische antagonisten zijn van elkaar?
    Toenemende activiteit van het ene systeem leidt tot verminderde activiteit van het andere systeem. Alle organen zijn verbonden aan beide systemen en zijn op elkaar afgestemd (kunnen niet te gelijk actief of non actief zijn).
  • De verschillen van het sympathische en parasympatische systeem.
  • De stromen van impulsen sympathische vs. Parasympatische systeem.
  • Wat is een ganglia?
    Zenuwknopen waar de cellichamen van zenuwcellen liggen.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary - Class notes - Lokale anesthesie

  • 1567461600 College 1: Fysiologie zenuwstelsel deel 1

  • De indeling van het zenuwstelsel kun je onderverdelen in 2 delen, welke zijn dit?
    - Anatomische 
    - Fysiologische 
  • Waar staat een anatomische indeling voor?
    Op basis van de bouw en de ligging
  • Waar staat de fysiologische indeling voor?
    Op basis van functie
  • Het zenuwweefsel kun je in 2e verdelen, welke 2 zijn dit?
    - Neuronen
    - Steuncellen
  • Wat doet het zenuwstelsel?
    Verzorgt de integratie van lichaamsfuncties in samenwerking met het hormoonstelsel
  • De werking van het zenuwstelsel kun je ook in 3e verdeling, welke 3 verdelingen zijn dit?
    - De sensorische input 
    - De verwerking
    - De motorische output 
  • Waar staat de sensorische input voor?
    Het opvangen van prikkels door sensoren.
  • Wat is een sensor?
    Een gespecialiseerde cel, gevoelig voor bepaalde verandering, en het waarnemen van verandering
  • Waar staat de verwerking voor?
    Van het beoordelen van de sensorisch informatie en het bepalen van de reactie (in het centrale zenuwstelsel)
  • Waar staat de motorische output voor?
    Het aansturen van effectoren door het zenuwstelsel
  • Wat zijn effectoren?
    Doelwit organen die remmende of stimulerende impulsen ontvangen (dit zijn altijd spieren of klieren)
  • De anatomische (op basis van bouw en ligging) kun je ook in 2e onderverdelen, welke verdelingen zijn dit?
    - Het centraal zenuwstelsel
    - Het perifeer zenuwstelsel 
  • Waar staat het centraal zenuwstelsel voor?
    Omgeven door benig omhulsel (schedel en wervelkolom)
  • Waar staat het perifeer zenuwstelsel voor?
    Buiten de schedel en de wervelkolom (het is wel de verbinding tussen het centraal zenuwstelsel en het periferie)
  • De fysiologische indeling (op basis van functie) kun je in 3e onderverdelen, welke verdelingen zijn dit?
    - Integratie
    - Hierarchie 
    - Richting van het signaal 
  • Waar staat integratie voor?
    Het lichaam als een geheel laten functioneren
  • Integratie kun je in 2e verdelen, welke 2 verdelingen zijn dit?
    - Het vegatieve integratie 
    - Het animale integratie 
  • Waar staat het vegatieve integratie voor en wat valt eronder?
    De afstemming van activiteiten van de negatieve stelsels.
    Regelt vegetatieve stelsels en coördineert samenwerking tussen de stelsel.
    Buiten de wil om / onbewust
    Effectoren: glad spierweefsel, hartspierweefsel, en klierweefsels 
    Voorbeeld: bloeddrukregulatie, regulatie darmactiviteit, regulatie ademfrequentie 
  • Waar staat het animale integratie voor?
    Integratie van de mens met de omgeving.
    Door animale/willekeurige zenuwstelsel
    Regelt wisselwerking individu met omgeving (communicatie en gedrag)
    Onder invloed van de wil / bewust
    Effectoren: dwarsgestreepte spieren (skeletspieren) 
  • Het vegatieve zenuwstelsel kun je in 2e verdelen, welke 2 verdelingen zijn dit?
    - Het sympathische systeem
    - Het parasympathische systeem
  • Waar staat het sympathische systeem voor?
    Dit is actief wanneer het lichaam (spier)arbeid moet verrichten
  • Waar staat het parasympatisch systeem voor?
    Actief wanneer het organisme uiterlijk passief is, dus wanneer je je lichaam tot rust laat komen
  • Waar staat antagonisten voor?
    Toenemende activiteit van het ene systeem leidt tot verminderde activiteit van het andere systeem
  • Sympathische vs parasympatisch: Ganglion dicht bij de wervelkolom?
    Sympathische systeem
  • Sympathische vs parasympatisch: Korte preganglionaire zenuwvezels?
    Sympathische systeem
  • Sympathische vs parasympatisch: Lange postganglionaire zenuwvezels?
    Sympathische systeem
  • Sympathische vs parasympatisch: Ganglion dicht bij of binnen een orgaan?
    Parasympatische systeem
  • Sympathische vs parasympatisch: Lange preganglionaire zenuwvezels?
    Parasympatische systeem
  • Sympathische vs parasympatisch: Korte postganglionaire zenuwvezels?
    Parasympatische systeem
  • Waar staat afferente informatie voor?
    Aanvoerende informatie 
    Van perifeer naar centraal 
  • Waar staat efferente informatie voor?
    Afvoerende informatie 
    Van centraal naar perifeer
  • In Hierarchie kun je het onderverdelen in hoog en laag, wat is hoog en wat is laag?
    Hoog: Grote hersenen
    Laag: Ruggenmerg 
  • Binnen het centraal zenuwstelsel heb je afdalende banen (effenent) waar staat dit voor?
    Van hoog naar laag niveau
  • Binnen het centraal zenuwstelsel heb je opstijgende banen (afferent) waar staat dit voor?
    Van laag naar hoog niveau
  • Het zenuwweefsel bestaat uit neuronen (zenuwcellen) en steuncellen, waar staan neuronen voor?
    Die doorsturen impulsen
  • Het zenuwweefsel bestaat uit neuronen (zenuwcellen) en steuncellen, waar staan steuncellen voor?
    Voor ondersteuning, bescherming en onderhoud van de neuronen
  • Een neuron bestaat uit een cellichaam en uitlopers, wat heeft een cellichaam?
    Bevat een kern en kernorganellen
  • Een neuron bestaat uit een cellichaam en uitlopers, hoe heten deze uitlopers?
    - Axon / neuriet / zenuwvezel
    - Dendriet 
  • Wat is een myelineschede?
    Een vetlaagje dat de axonen omringt
  • Wat zijn knopen van Ranvier?
    Onderbreking van de myelineschede
  • Je hebt 3 type neuronen, welke zijn dit?
    - Motorische neuronen
    - Interneuronen (schakelneuronen)
    - Sensibele / sensorische neuronen 
  •  Welk type neuron zien we hier?
    Een sensibele/sensorische neuron
  • Welk neuron zien we hier?
    De interneuronen (schakelneuronen)
  • Welk neuron zien we hier?
    Het motorische neuron
  • Hoe worden de steuncellen in het centraal zenuwstelsel genoemd?
    Gliacellen of glyocyten
  • Hoe worden de steuncellen in het perifeer zenuwstelsel genoemd?
    Cellen van Schwann
  • Wat is de functie van de steuncellen in het centraal zenuwstelsel (de gliacellen/glyocyten)?
    - Bij elkaar houden van neuronen
    - Beschermen neuronen: geen fysisch en chemisch contact tussen neuronen
    - Voorzien van voedingsstoffen en zuurstof + verwijderen afvalstoffen
    - Opruimen beschadigde neuronen 
  • Wat is de functie van de steuncellen in het perifeer zenuwstelsel (cellen van Schwann)?
    - Ze vormen de myelineschede: Schede van Schwann
    -> de uitlopers wikkelen zich rond het axon
    -> de uitloper is gevuld met myeline (80% vet + 20% eiwit)
    - Isolerende, verzorgende en ondersteunende functie 
  • De gliacellen kun je ook onderverdelen in 3 soorten, welke zijn dit?
    - Astrocyten
    - Oligodendrocyten 
    - Microgliocyten 
  • Wat voor een gliacel zie je hier?
    De Astrocyten
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Welke zenuw is verantwoordlijk voor de innervatie van de huid van de kin, de onderlip en de vestibulaire gingiva van incisieven en cuspidaat van de mandibula?
N. Mentalis
Welke zenuw is aangegeven met X?
N. Alveolaris superior posterior
Welke zenuw loopt door het foramen mentale?
N. Alveolaris inferior
Welke zenuw is verantwoordelijk voor de innervatie van het voorste 2/3 deel tong (sensorisch), slijmvlies mondbodem en de gingiva aan de linguale zijde van de onderkaak?
N. Lingualis
Welke zenuw wordt aangegeven met X?
Nn. Temporales profundi
Welke zenuw is verantwoordelijk voor de innervatie van de huid van het oor en de slaapstreek en de sensibele innervatie van het kaakgewricht?
N. Auriculotemporalis
Welke zenuw is verantwoordelijk voor de innervatie van het gebit en de gingiva van de mandibula?
Plexus dentalis inferior
Welke zenuw wordt aangegeven met X?
N. Palatinus major
Welke zenuw is verantwoordelijk voor de innervatie van de M. Mylohyoideus en M. Digastricus?
N. Mylohyoideus
Welke zenuwen zijn gemengde zenuwen?
  • N. Alveolaris inferior 
  • N. Mandibularis 
  • N. Glossopharyngeus
  • N. Facialis