Summary Class notes - MCB

Course
- MCB
- Jan Pieter van der Berg, Paul Janknegt, Nico Boot, Jurjen van der Meij
- 2016 - 2017
- Hogeschool Leiden (Hogeschool Leiden, Leiden)
- Biologie en Medisch Laboratoriumonderzoek
233 Flashcards & Notes
7 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Class notes - MCB

  • 1487113200 HC 01 | Aansluiting op EDI

  • wat zijn de 5 rijken op basis van morfologie?
    Dieren, planten, schimmels, protisten, monomeren(bacterien)
  • wat zijn de 3 domeinen op basis van genetica
    Archea, Eukarya, Prokarya
  • Endosymbiose theorie
    1 oer prokaryoot
    2 membraan gaat infagneren (nuclear envelope)
    3 neemt een eubacteria op
    4 bacterie word mitochondrion
    - > eerste eurkaryoot
  • archea zijn oudste soort prokarya en kunnen tegen extreem millieu. Hierdoor is het zo moeilijk om onderzoek te doen naar deze extremofielen
  • ontstaan aarde
    1. gruis komt bij elkaar
    2. zwaartekracht
    3. meteorieten brengen water
    4. oeratmosfeer met stikstof, waterstof, waterdamp, zwavel, koolstof
    5. vorming bacteriën
  • eukaryoten zijn 2,1 miljard jaar geleden ontstaan.
  • endosymbiose verklaart 3 domeinen
  • Bacterie                        Archea                               Eukarya
    Peptidoglycaan           X                                          X
    1 RNA Polymerase     meerdere polumerase     meerdere polymerase
    soms introns               aanwezig                            aanwezig
    plasmide                      plasmide                            X
    formylmethionine       methionine                        methionine
  • Welke eigenschappen bevestigen de endosymbiosetheorie dat het mitochondrion een opgenomen bacteriecel is en niet een opgenomen archaeacel. Noem er 3.
    Mitochondriële eiwitten beginnen met formylmethionine. Mitochondrion is gevoelig voor antibiotica. Mitochondriële eiwitsynthesemachinerie heeft 1 RNA polymerase terwijl archaea er 3 heeft. Genetisch zijn bacteriën en archaea verschillend waarbij mitochondriaal DNA heel sterk op dat van bacteriën lijkt.
  • Leg uit waarom archaea geen zuurstof gebruiken maar wel tegen extreme omstandigheden als hitte, zuur en zout kunnen?
     Archaea zijn 3,4 mld jaar geleden ontstaan toen er nagenoeg geen zuurstof aanwezig was op Aarde. Op dezelfde moment was het wel bloedheet, was er veel zuur en ook veel zout aanwezig (water was vooral in gasvorm aanwezig en is later gecondenseerd zodat concentraties afnamen). Voor die tijd waren dat normale omstandigheden.
  • Hoe kan er worden bewezen dat het mitochondrium eerder bestond dan plastiden?
    - het binnenste membraan van beide organellen bevatten enzymen en transport systemen die homoloog zijn met de plasmamembranen in prokaryoten
    - deze organellen repliceren op een soortgelijke manier als bepaalde prokaryoten. Beide bevatten circulair DNA die niet gelinkt zijn met histonen of andere eiwitten 
    - Beiden bevatten ook een 'cellular machinery' met ribosomen om DNA in eiwit te vertalen
    - In geval van grootte, RNA sequencies en antibiotica gevoeligheid lijken de ribosomen meer op prokaryotische dan eukaryotische ribosomen.
  • 1487199600 HC 2 | Verschil eukaryoten en prokaryoten

  • Gram-positieve bacteriën hebben een celwand van peptidebindingen. 
    Gram-negatieve bacteriën kunnen een dubbel membraan hebben met peptide ertussen.
  • Welke eukaryoten hebben een celwand?
    Schimmels en planten.
  • Eukaryoten hebben sterol in het membraan, bacteriën niet.
  • Waar zorgt het cytoskelet voor bij eukaryoten?
    Voor de beweeglijkheid, vorm en celdeling.
  • Bacteriën hebben filamenten die een rol spelen bij celdeling.
  • Prokaryoten gebruiken formylmethionine als startenergie bij eiwitsynthese.
    Eukaryoten gebruiken methionine.
  • Eukaryoten hebben een groter/complexer ribosoom.
  • Hoe ziet het DNA van eukaryoten en prokaryoten eruit?
    Prokaryoten hebben circulair DNA, eukaryoten hebben DNA dat om histonen gewonden word en vervolgens als chromosomen in de kern zit.
  • Hoe zien prokaryote flagellen eruit?
    Als een soort motor met haak. Dit is cellulair. Als de motor clockwise draait gaat de bacterie trillen oftewel sturen, als de motor counterclockwise draait dan zwemt de bacterie.
  • Kan een eukaryoot ook een flagel hebben?
    Ja, deze is extra cellulair. Ze bevatten een membraan.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat is quinolone?
Een antibiotica dat ervoor zorgt dat het DNA gyrase niet meer kan worden gevouwen/ontvouwen ( = bacteriocide)
Wat is trimethoprim?
Foliumsynthese: remt competitief en selectief het enzym dihydrofoliumzuur reductase ( icm sulfonamidene = bacteriocide)
Wat zijn sulfonamiden?
Foliumzuursynthese: blokkeren competitief de inbouw van para-aminobenzoënzuur n dihydrofoliumzuur (= bacteriostatisch)
Wat zijn echinocandins?
remt de groei van schimmels: remmen het enzym dat zorgt voor glucaan-synthese -> celwand verliest rigiditeit -> cel lyseert
Waar staat de afkorting ATP voor?
adenosine triphosphate
Wat is een heterocyst?
doet alleen aan stikstof fixatie

- bevat een celwand die zuurstof afstoot
- kan stikstof vervoeren en koolhydraten ontvangen
Wat is een peroxisoom?
Gespecialiseerde metabolische functies: waterstofperoxide produceren als bijproduct, dan omzetten in water
Hoe kan er worden bewezen dat het mitochondrium eerder bestond dan plastiden?
- het binnenste membraan van beide organellen bevatten enzymen en transport systemen die homoloog zijn met de plasmamembranen in prokaryoten
- deze organellen repliceren op een soortgelijke manier als bepaalde prokaryoten. Beide bevatten circulair DNA die niet gelinkt zijn met histonen of andere eiwitten 
- Beiden bevatten ook een 'cellular machinery' met ribosomen om DNA in eiwit te vertalen
- In geval van grootte, RNA sequencies en antibiotica gevoeligheid lijken de ribosomen meer op prokaryotische dan eukaryotische ribosomen.
Wat is de rol van NADH en NAD+ bij biologische redox-reacties?
NADH: Het leveren van de energie/ electronen om een reactie laten verlopen.
NAD+: Het opnemen van vrijgekomen energie/ electronen.
Het enzym fosfofructokinase katalyseert de omzetting van fructose-6- fosfaat in fructose-1,6-bisfosfaat in de glycolyse. De moleculen AMP en ADP zijn allosterische activatoren van fosfofructokinase. Citraat, het eerste product binnen de citroenzuurcyclus, is juist een allosterische remmer is. Leg in eigen woorden uit waarom het vanuit biologisch perspectief logisch is dat juist deze moleculen fosfofructokinase stimuleren en remmen. Gebruik voor je antwoord maximaal 70 woorden.
Hoge concentraties AMP en ADP duiden er op dat er een tekort aan ATP is en dit dus gemaakt moet worden. Er moet dan dus glucose afgebroken worden en dus moet fosfofructokinase gestimuleerd worden.
Een hoge concentratie citraat duidt er juist op dat er genoeg glucose omgezet is om ATP te maken en dus moet er geen glucose meer afgebroken worden. Citraat remt daarom fosfofructokinase .