Summary Class notes - Terminologie

644 Flashcards & Notes
13 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Class notes - Terminologie

  • 1448233200 1 - (91 t/m 244)

  • acro/ (#95)
    acro/ = lichaamsuiteinde / lichaamsuitsteeksel
  • adeno/  (#231)
    adeno/ = betrekking hebbende op klieren
  • /algie  (#174)
    /algie = toestand van pijn
  • card  (#155)
    card = hart
  • cardi  (#174)
    cardi = hart
  • cardio/  (#150)
    cardio/ = hart
  • cisie  (#182)
    cisie = snijding
  • cox/  (#175)
    cox/ = heup
  • -cultuur  (-)
    -cultuur = kweek
  • cyan  (#103)
    cyan = blauw
  • cyano/  (#103)
    cyano/ = blaauw
  • cyt  (#135)
    cyt = cel
  • cyto/  (#132)
    cyto/ = cel(len)
  • derm/  (#120)
    derm/ = woordstam
  • derma  (#122)
    derma = huid
  • dermat  (#110)
    dermat = huid
  • /dermie  (#120)
    /dermie = toestand van de huid
  • duodeno  (#189)
    duodeno = 12 vingerige darm
  • -dynie  (-)
    -dynie = pijn
  • /ectomie  (#184)
    /ectomie = uitsnijding/operatieve verwijdering
  • em/  (#147)
    em/ = bloed
  • -ensis  (-)
    -ensis = afkomstig uit
  • -erend  (-)
    -erend = leidend
  • -erent  (-)
    -erent = dragend
  • -erig  (-)

    -erig = vol van
  • erytr  (#138)
    erytr = rood
  • erytro/  (#138)
    erytro/ = rood
  • -escent  (-)
    -escent = wordend
  • ex  (#186)
    ex = uit, naar buiten
  •  
    -faag  (-)
    -faag = eter
  • -ficeren  (-)
    -ficeren = doen
  • -glia  (-)
    -glia = steun
  • gram  (#170)
    gram = geschreven
  • -heid (-)
    -heid = aard, toestand
  •  
    hyper/  (#215)
    hyper/ = overmatig, boven normaal
  • hypo/  (#225)
    hypo/ = onvoldoende, onder normaal
  •  
    -ibel  (-)
    -ibel = in staat
     
  • -ica  (-)
    -ica = kunst
  • /ie  (#100)
    /ie = (ziekelijke) toestand, handeling
  •  
    -ig  (-)

    -ig = -achtig
  • -isme  (-)
  • -ist  (-)
    -ist = vaardig in
  • /itis  (#110)
    /itis = ontsteking
  • -itude  (-)
    -itude = kwaliteit
  • leuk/  (#123)
    leuk/ = iets is wit
  • leuko/  (#123)
    leuko/ = wit
  • lip  (#242)
    lip = vet
  • -lobbig  (-)

    -lobbig = gespelten
  • /logie  (#133)

    /logie = leer, wetenschap betreffende, specialisme
  • -loos  (-)
    -loos = zonder
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Example questions in this summary

acro/ (#95)
11
adeno/  (#231)
11
/algie  (#174)
11
card  (#155)
11
Page 1 of 150