Summary Class notes - wft basis

Course
- wft basis
- jaN eekma
- 2015 - 2016
- NIBESVV
- Wft basis
233 Flashcards & Notes
5 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Class notes - wft basis

  • 1442268000 wft basis h1

  • Verschil tussen liquiditeitsplan en vermogensplan?
    liquiditeitsplan geeft aan voor wel doel op welk moment beschikbaar moet zijn. In het vermogensplan staar de ontwikkeling van de financieringsbron.
  • Doelen v consument voor zijn huishouding = toewijzing v financiele middelen -> noodzaak, streven, wensen. 
  • Omschrijf modelconsument
    1. denkt planmatig na over huishouding, als ondernemer over zijn bedrijf
    2. doelen en handelingen zijn gericht op overleven: voorbestaan en groei van huishouding.
    3. heeft dus doelen helder voor ogen: wat wil ik, waarom, wat kost het en wat levert het op?
  • modelconsument vs praktijk
    -> korte termijn trekt veel aandacht naar zich toe; lange termijn is abstract.
    -> adviseur helpt consument doelen te definieren en te ordenen: kosten op rij zetten en producten selecteren die financiering vh doel mogelijk maken.
    -> doelen v consument indelen naar: noodzaak, streven en wensen. 
  • Omschrijf noodzakelijke doelen
    1. hebben rechtstreeks te maken met bestaanszekerheid: eerste levensbehoeften. 
    2. noodzaak veroorzaakt een dwingend financieel doel.
  • noodzakelijke doelen zijn bijv.:
    - vermijden v geldtekort
    - aflossen v schulden
    - levensonderhoud oude dag en nabestaanden
    - handhaven en herstel gezondheid
    - inkomensdaling door ziekte, arbeidsongeschiktheid en werkloosheid
  • Streven: omschrijf streefdoelen
    - onderbreken loopbaan... 
        - omwille v studie
        - omwille v kinderen opvoeden
        - omwille v sabbatical
  • Wensen: omschrijf wensen
    Het levensonderhoud komt niet in gevaar. Denk aan:
    - elke twee jaar nieuwe auto
    - minstens één keer per maand uit eten.
    - geld schenken aan kinderen

    De volgorde valt gemakkelijk te wijzigen.
  • Prioriteiten v doelen

    Het is lastig doelen op zuiver zakelijke gronden v een prioriteit te voorzien: emotionele waarde v een doel. 
  • Emotie tegenover zakelijkheid: de koopwoning

    Zakelijk gezien hoort de aankoop vn een huis niet tot de noodzakelijke doelen; het lijkt een financiele offer, maar eigenlijk is ''kopen'' een vorm van beleggen. Een middel om vermogen op te bouwen; de situatie om de hypotheek af te lossen en hierom te letten op de uitgaven is tijdelijk. 
  • Emotie tegenover zakelijkheid: de noodzaak vn schenken en erven

    Vanuit zakelijk oogpunt behoort dit tot wensen; schenken of nalaten kan alleen als ouders overschotten hebben.
  • Omschrijf liquiditeitsplan
    Doelen kosten geld; als iets op het moment betaald moet worden moet het geld er echt zijn: het geld moet liquide zijn. 

    Het liquiditeitsplan geeft aan wanneer de consument het doel Zal realiseren en welk geldbedrag ermee is gemoeid. Het plan geeft een eerste indicatie vd besparing die nodig is voor het doel. 

    Geld moet liquide zijn op betaalmoment, ligt dat voor een auto twv 12000 euro nog 48 maanden in de toekomst, in zo'n geval bewaart de consument zijn overschot meestal niet in vorm van liquiditeiten, maar in een vorm die meer rendement oplevert, zoals spaarrekening. (stortingen en rente)
  • Omschrijf vermogensplan
    Het hulpmiddel om te laten zien uit welke bron de consument zijn doel financiert, en hoe deze bron zich in de tijd ontwikkelt. 

    Het liquiditeitsplan laat zien hoeveel geld nodig is, het vermogens plan geeft de weg ernaar toe aan.
  • Er zijn twee mogelijke Financieringsbronnen: persoonlijk vermogen en vreemd vermogen.
  • Persoonlijk vermogen
    het verschil tussen bezittingen en schulden (verplichtingen) van een huishouding.

    Positief persoonlijk vermogen: meer bezittingen dan ...
    negatief persoonlijk vermogen: meer schulden dan...
  • Een positief eigen vermogen kan in twee vormen aanwezig zijn:
    1. liquide middelen 
    2. belegde middelen (spaartegoed, aandelen, vastgoed etc.)

    LEES! p. 23 + 24 + 25 (de formule voor aflossing valt buiten lesstof)
    Let bij berekenen op: doel: het bedrag. Op aflossingperiode. Op rente per tijdseenheid. evt huidig persoonlijk vermogen. maandelijks vaste aflossing.
  • 1442440800 wft basis h2

  • Doelen Financieren met persoonlijk vermogen 
    De Consument bouwt (positief) vermogen op door minder uit te geven dan hij aan inkomsten heeft = overschotten tbv doelen financieren. 
  • De doelen op rij die gefinancierd kunnen worden met persoonlijk vermogen:
    - financiële zekerheid
    - consumptief doel
    - levensreserve 
  • Omschrijf financiële zekerheid
    buffervermogen = fluctuaties opvangen in inkomsten en uitgaven
  • Een financiele buffer aanleggen is sparen vanuit het...
    zekerheidsmotief

    ook wel: zekerheidssparen of lastenegalisatie

    egalisatie -> tegen elkaar wegstrepen van overschotten en tekorten -> consument kan tekorten van een lopende maand opvangen met overschotten van vorige maanden.
  • bij zekerheidssparen / lastenegalisatie / zekerheidsmotief ontbreekt een concreet vooraf gesteld doel; het is vooraf niet bekend wanneer de buffer wordt aangewend
  • Buffervermogen
    Een persoonlijkvermogen dat schommelt rond de nul = kwetsbaar huishouden

    Zeker als inkomen grootdeels wegvalt bij bijv. ontslag; WW = 70% vh laatstverdiende loon + ;levensonderhoud kan duurder worden = premiekortingen, OV-kaart, auto vd zaak..

    Het Nibud adviseert: vermogensbuffer van ongeveer 7-10 maal het netto inkomen. Zie op nibud.nl de buifferberekenaar.
  • Omschrijf Consumptief doel
    Duidelijk bestedingsdoel, bijv, auto of vakantie; gorte bestedingen. De prijs overtreft de maandelijkse inkomsten. 

    Doel bereiken = bewust sparen = sparen vanuit het doelmotief = Doelsparen
  • Doelsparen is gericht op
    Streefdoelen en wensen; het moment waarop doel bereikt wordt is vrij precies bekend. Spaarduur ligt in de orde van een of meer jaren.
  • Omschrijf Levensreserve, ook wel vermogenssparen...
    .. is bedoeld om daling van inkomen op te vangen, bijv. in geval van ouderdom of deeltijd werken omwille van de kinderen. 

    Dit reserve zal flink in omvang moeten worden; er moet lang voor worden gespaard. 

    ''Sparen vanuit het vermogensmotief''
  • Rentenieren vs interen; wat is het en wat is het verschil? (levensreserve)
    Rentenieren = de onttrekkingen van de levensreserve zijn kleiner dan of gelijk aan de rendementen (inkomsten in vorm van rente of rendement op beleggingen)

    interen: onttrekkingen van levensreserve zijn groter dan de rendementen.

    ''opbouwfase wordt positief of negatief opgevolgd door de onttrekkingsfase''
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat zijn de drie productiefactoren?
Arbeid
Kapitaal
Grond
Wat doen financiële instellingen
Zijn de schakel tussen sectoren die geld over hebben (sparen) en sectoren die geld te kort komen (lenen).
Welke economische sectoren zijn er in de kringloop?
Consumenten
Overheid
Ondernemingen
Financiële instellingen
Welke drie soorten financiële dienstverleners zijn er?
Aanbieders: dienstverleners die producten ontwikkelen en aanbieden
Bemiddelaars: overeenkomst tussen een consument en een aanbieder
Adviseurs: beveelt specifieke diensten of producten aan
Wie zijn financiële dienstverleners?
Banken
Verzekeraars
Assurantietussenpersonen
Wat zijn producten die horen bij financiële zaken?
Betaalproducten
Spaar- en beleggingsproducten
Consumptieve kredieten
Hypothecaire kredieten   
Schadeverzekeringen 
Levensverzekeringen en pensioenen
Wat doet een financiële dienstverlener?
Geeft advies aan de consument over:
Beleggen
Betalen
Sparen
Lenen 
Verzekeren
hoeveel is 1 plus 1?
2
gevolmachtigd agent / assuradeur doet...
hij oefent het verzekeringsbedrijf uit onder volmacht van een of meer verzekeraars; voert acceptatie uit, sluit verzekeringen af en regelt de schades.
solvabiliteitseisen verzekeraar
PV's moeten voldioende eigen vermogen hebben om aan pensioenverplichtingen te kunnen voldoen