Summary cognitieve psychologie 2.1

-
191 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - cognitieve psychologie 2.1

  • 1 geheugen

  • Wat is het Atkinson Shiffrin model?
    Het geheugen kan gezien worden als een bepaalde volgorde in vaste stappen, waarin informatie van de ene ruimte naar de andere ruimte gaat. Environmental input  sensory registers (houdt informatie milliseconden vast)  short-term store (working memory, beperkt in capaciteit en duur)  long-term store 
  • Wat is kritiek op het Atkinson Shifrin model?
    De assumptie dat simpelweg items voor lange tijd in het kortetermijngeheugen behouden zou zorgen voor leren
  • Wat is het short-term memory?
    Bevat alleen de kleine hoeveelheid informatie die we actief gebruiken. Herinneringen in het kortetermijngeheugen zijn fragiel, maar niet zo fragiel als die in sensory memory. Herinneringen in het kortetermijngeheugen kunnen binnen 30 seconden vergeten worden, tenzij ze herhaald worden. De systemen die verantwoordelijk zijn voor STM maken deel uit van het working memory system. Dit systeem slaat de informatie tijdelijk op maar manipuleert het ook, waardoor mensen complexe activiteiten als redeneren en leren kunnen uitvoeren. Het werkgeheugen maakt informatie actief en beschikbaar, zodat je het bij verschillende soorten taken kunt gebruiken. 
  • Wat is Miller's magical number 7?
    het kortetermijngeheugen is beperkt tot ongv. 7 chunks. Een chunk is een geheugeneenheid (je combineert items in grotere units). De grotere units zijn opgeslagen in het langetermijngeheugen, wat helpt om langere reeksen te onthouden (units van 3 werken het best). 
  • Wat is Free Recall?
    methode waarbij participanten een serie items te zien krijgen die ze vervolgens moeten herhalen, in welke volgorde maakt niet uit (willekeurig kan dus gewoon). Bij deze methode is er sprake van het serial position effect (bij deze oefening vóóral het recency effect). Het seriële positie effect houdt in dat de eerste (primacy effect) en laatste (recency) item van een seri het beste wordt onthouden. 
  • Wat is de interpretatie van Glanzer en Cunitz over het serial postion effect?
    De eerste items zijn opgeslagen in het langetermijngeheugen en de laatste in het kortetermijngeheugen. Dit komt doordat je eerste items herhaalt. Na een onderbreking zijn de laatste items vervaagd (want in stm), maar de items in het LTM niet. 
  • Wat is long term recency?
    De laatste items worden goed onthouden na een langere tijd onder condities van het langetermijngeheugen. 
  • Wat is de interferance theorie?
    Komt voor wanneer er een interactie is tussen het nieuwe materiaal, herinneringen of gedachtes die een negatieve invloed hebben op het begrijpen van het nieuwe materiaal 
  • Wat is proactive interference?
    Mensen hebben moeite met het leren van nieuwe materiaal omdat vorig geleerd materiaal blijft interferen met het nieuwe geleerde. Voorbeeld: nieuwe telefoonnummer onthouden na jarenlang een ander telefoonnummer gehad te hebben. 
  • Wat is retroactive interference?
    Komt voor wanneer nieuwe informatie ons vermogen verhindert om oudere informatie terug te halen. Voorbeeld: je gaat spaans leren en dat interfeert met Frans (wat je al kan) 
  • Wat is de decay theorie?
    Informatie raakt verloren over tijd, ook zonder interferentie met ander materiaal. 
  • Wat is released proactive?
    De belemmering raakt weg
  • Wat is het working memory model?
    Dit is de werkbank van het geheugen waar materiaal constant wordt behandeld, gecombineerd en getransformeerd. Deze werkbank houdt nieuwe materiaal vast en oud materiaal dat je terug hebt gehaald uit het langetermijngeheugen.
  • Wat zijn de assumpties bij het working memory model?
    • Als twee taken hetzelfde component gebruiken, kunnen ze niet samen succesvol worden uitgevoerd 
    • als twee taken twee aparte componenten gebruiken, zou het mogelijk moeten zij om ze samen uit te voeren maar ook apart 
  • Wat is de central executive?
    Intergreert informatie van de phonological loop, visuo-spatial sketchpad, episodic buffer en het langetermijngeheugen. Speelt ook een grote rol in aandachtsfocus, plannen, transforming info en gedrag coördineren.
  • Wat is de phonological loop?
    Deze heeft als taak auditieve informatie zoals klanken en gesproken woorden op te slaan. Bevat 2 subcomponenten (perceptie en productie)
  • Wat is het phonological similarity effect?
    Letter span neemt af wanneer de items gelijk klinken. Ook neemt de letter span een beetje af bij semantische gelijkheid (betekenis), maar minder dan bij fonologisch (gelijk klinken). Het phonological similarity effect verdwijnt wanneer de lijsten langer worden en de participanten kunnen leren. Onder deze omstandigheden wordt gelijkheid qua betekenis belangrijker (dit betekent niet dat phonological coding gelimiteerd is tot het STM, want zonder LTM zouden we nooit kunnen leren hoe je nieuwe woorden moet uitspreken).
  • Wat is het word length effect?
    des te langer het woord, des te moeilijker is het te onthouden. Zodra het woord langer is, duurt het ook langer om het uit te spreken (decay àforgetting during subvocal rehearsal). Woordlengte zorgt ook voor vergeten tijdens de recall fase à longer words take longer to recall, allowing more forgetting to occur). Nog een alternatieve verklaring (Baddeley): langere woorden zijn complexer, dit leidt tot interferentie.
  • Wat zijn irrelevent sound effects?
    het verbale kortetermijngeheugen wordt verstoord door irrelevante geluiden (zowel spraak als muziek). It means that it is harder to memorize printed words/letters when you are listing to sounds with speech. This is not the case when you are listening to white noise or instrumental music. This is the case because the brain uses certain channels to process stimuli. If there is too much input for one channel, it will disturb your attention. This will leave you unable to combine the tasks. But if you combine two separate channels (e.g. instrumental music and language or music with lyrics and math), you are able to do this at once.
  • Wat is de visuo spatial sketchpad?
    Verwerkt zowel visuele als ruimtelijke informatie. Het slaat ook visuele informatie op die je codeert vanuit verbale stimuli à wanneer iemand je een verhaal vertelt en je daar een beeld bij maakt in je hoofd. Men kan een verbale taak en een ruimtelijke taak uitvoeren zonder problemen. Maar, zoals in de phonological loop is de capaciteit beperkt: wanneer te veel items je visuo-spatial working memory binnenkomen ontstaan er problemen. Voorbeeld: wiskundige problemen oplossen op een te klein blaadje, luisteren naar een footballgame op de radio (gefocust, het inbeelden) terwijl je aan het autorijden bent.
  • Wat zijn de inner scribe en visual cache?
    De inner scribe verwerkt ruimtelijke informatie en bewegingen. De visual cache slaat informatie op over kleuren en vormen
  • Wat is de episodic buffer?
    Dient als een tijdelijke opslag waar informatie uit de phonological loop, visuo-spatial sketchpad en LTM wordt verzameld en gecombineerd. 

    • Component van het werkgeheugen waar auditieve, visuele en ruimtelijke informatie gecombineerd wordt met de informatie uit het LTM.
    • Manipuleert informatie zodat je nieuwe problemen kan oplossen en een eerdere ervaring kan begrijpen.
    • Capaciteit is ongeveer 4 chunks
      •   Geïntegreerde informatie kan in de episodic buffer opgeslagen worden zonder directe betrokkenheid van uitvoerende functies 
  • Wat is de attenuation theory?
    VTreisman probeerde met de theorie uit te leggen hoe sommige stimuli waar geen aandacht aan werd geschonken toch konden doordringen en worden verwerkt. In plaats van een filter, beschouwde zij het proces als een verzwakking ('attenuatie'), waardoor genegeerde stimuli alsnog kunnen doordringen tot het bewustzijn, alhoewel de stimulus daarvoor dan 'sterk' genoeg zou moeten zijn. Volgens Treisman heeft elk woord zijn eigen 'drempel' en afhankelijk van hoe hoog die drempel is, wordt het wel of niet bewust waargenomen. Het verschil tussen Broadbent en Treisman is dus dat Treisman uitgaat van een flexibel filter en Broadbent niet. Dit is eveneens een verklaring voor het Cocktailparty Effect. De theorie van Treisman wordt gezien als de ‘beste’ theorie.
  • Wat is de feature integration theory?
    Soms kijken we ergens naar en gebruiken we distributed attention --> we verwerken alle stimuli tegelijk, en soms gebruiken we focused attention à we verwerken elk item een voor een. Distributed attention en focused attention vormen een continuüm en niet per se twee aparte categorieën (meestal gebruik je een vorm van aandacht die tussen de twee in zit).
  • Wat is distributed en focused attention?
    Distributed: verdeelde aandacht waar alle stimuli gelijk worden verwerkt via parallel processing. Kost zo weinig moeite dat je niet door hebt dat je het gebruikt.

    Focused: slower serial processing. Een object tegelijk. Wanneer objecten meer complex zijn, vereist meer processing.
  • Wat is het late filter model?
    Deze theorie gaat ervan uit dat je álle informatie wel verwerkt maar je achteraf pas bepaald of de informatie relevant was of niet. Je past pas later een filter toe, na het herkennen van de betekenis van de stimuli. Onderzoeken tonen aan dat deze theorie het minst waarschijnlijk is.
  • Wat is broadbents filter theory?
    Deze theorie houdt in dat je input kan filteren op basis van fysieke karakteristieken. Het proces: 
    • 2 soorten stimuli/geluiden die tegelijkertijd worden gepresenteerd komen terecht in een sensory register
    • Een van deze 2 stimuli wordt doorgelaten door een filter gekeken naar de fysieke karakteristieken van de stimuli. De andere stimuli blijft achter in de buffer en kan later worden verwerkt

    Het filter zorgt ervoor dat er geen overload ontstaat in het beperkte mechanisme na het filteren. Deze theorie is echter te stijf en houdt geen rekening met de flexibele capaciteiten van onze aandacht. Broadbent kwam erachter dat je twee woorden wel tegelijk kan verstaan wanneer de woorden langzaam worden gepresenteerd. Verder kan je de woorden ook beter verstaan wanneer het gemakkelijke woorden zijn en ze relevant voor jouzelf zijn. Kritiek: cocktailparty effect
  • Wat is het selective filter model van Moray?
    Het wel horen van je naam tussen info waarop niet wordt gelet zorgde voor twijfel over Broadbent’s theorie. Volgens Moray kan sterke, opvallende input door het filter van selectieve aandacht breken. Het selectieve filter blokkeert de meeste sensorische informatie, behalve persoonlijk belangrijke info
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.