Summary Colleges OR

-
ISBN-13 5796425467833
130 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Colleges OR". The author(s) of the book is/are Z. The ISBN of the book is 5796425467833. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Colleges OR

  • 1 College 1

  • Geef een definitie van het recht van de ruimtelijke ordening

    Het recht van de ruimtelijke ordening omvat de juridische
    begrenzing en de instrumenten voor het ruimtelijkeordeningsbeleid en tevens de juridische begrenzing van het gebruik van de instrumenten.
  • Welke 5 wetten zijn voor de ruimtelijke ordening van belang?

    Het recht van de ruimtelijke ordening omvat onder meer de Tracéwet, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), de Wet ruimtelijke ordening (Wro), het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) en de Woningwet. (TWBW)
  • Welke 4 wetten zijn van belang voor het ruimtelijk bestuursrecht?

    Tot het ruimtelijk bestuursrecht worden onder meer milieuwetgeving, de Monumentenwet 1988, de Natuurbeschermingswet 1998 en de Ontgrondingenwet gerekend. (MMNO)
  • Wat houdt facetplanning in?

    Facetplanning is het beleid gericht op de ruimtelijke ordening, dat terugkomt in de verschillende sectoren waaromtrent de overheid beleid ontwikkeld.
  • In welke wet moet je kijken inzake de regels ten aanzien van structuurvisies op nationaal en provinciaal niveau?

    In de Wro vinden we regels ten aanzien van het ruimtelijk beleid dat
    op nationaal en provinciaal niveau wordt ontwikkeld en wordt vorm gegeven in zogenoemde structuurvisies (artikel 2.2 lid 2 en artikel 2.3 lid 2 Wro).
  • Beschrijf het planologisch proces zoals het in de literatuur wordt omschreven.

    De literatuur gaat vaak uit van een planologisch proces in drie fasen waarop in de wetgeving moet worden aangesloten, te weten bestemmen, inrichten en beheren. In de praktijk is deze indeling niet
    precies te maken.
  • Welk artikel in de Grondwet gaat over onteigening? Geef hierbij aan wat van belang is.

    Op grond van artikel 14 lid 1 Grondwet kan onteigening alleen plaatsvinden in het algemeen belang en tegen vooraf verzekerde schadeloosstelling.
  • Welk artikel uit de Grondwet regelt het recht op schadevergoeding wanneer de uitoefening van het eigendomsrecht wordt beperkt?

    Artikel 14 lid 3 Grondwet regelt een recht op schadevergoeding
    wanneer de uitoefening van het eigendomsrecht wordt beperkt.
  • Welk artikel uit de Grondwet heeft betrekking op de zorgplicht van de overheid ten aanzien van het omgevingsrecht?

    Artikel 21 Grondwet is het meest van belang in dit kader en heeft betrekking op de zorgplicht van de overheid ten aanzien van de
    bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het leefmilieu.
  • Leg het begrip "toelatingsplanologie" uit.

    De eigenaar van een bestemming kan via het bestemmingsplan geen gebod worden opgelegd, enkel een verbod. Dit doet recht aan het uitgangspunt dat de vrijheid van de burger enkel bij of krachtens
    de wet kan worden ingeperkt. De eigenaar van een bestemming krijgt pas te maken met de beperkingen die het bestemmingsplan aan zijn bestemming oplegt wanneer hij het gebruik of de bebouwing wil aanpassen. Dit wordt toelatingsplanologie genoemd.
  • Leg uit wat er met het spanningsveld tussen rechtszekerheid en flexibiliteit bedoeld wordt?
    Enerzijds moet de grondgebruiker of -eigenaar kunnen weten op welke manier hij gebruik mag maken van zijn gronden, ofwel er moet sprake zijn van rechtszekerheid. Anderzijds moet er ruimte bestaan voor nieuwe initiatieven, ofwel de ruimtelijke plannen moeten flexibel zijn.
  • Er zijn drie manieren om een oplossing te bieden aan het spanningsveld tussen rechtszekerheid en flexibiliteit. Noem deze en laat een onderscheid zien.

    Projectbesluitvorming biedt hiervoor de oplossing. In dergelijke besluitvorming kan in concrete situaties worden afgeweken van de vigerende plannen.

    Tevens bestaat de mogelijkheid om plannen op te stellen waarin flexibiliteit wordt aangebracht. Dit kan op twee manieren:
    1. Het in een bestemmingsplan opnemen van globale bestemmingen.
    2. Het in een bestemmingsplan opnemen van flexibiliteitsconstructies, zoals een bevoegdheid tot het tussentijds wijzigen van het plan.
  • Leg uit wat er wordt bedoeld met het spanningsveld tussen decentralisatie en centralisatie?

    De decentralisatie van het stelsel van ruimtelijke planning botst soms met de verwezenlijking van plannen op Rijks- en provinciaal niveau. Veel ruimtelijke problemen overstijgen namelijk het niveau van de gemeente. Er is daarom ook een tendens waar te nemen van centralisatie waarbij meer gewicht wordt gegeven aan de bevoegdheden van de provincie en het Rijk.
  • Ruimtelijke planning vindt plaats op drie niveaus, noem deze. Welke twee worden steeds belangrijker gevonden?

    De ruimtelijke ordening vindt plaats op het niveau van het Rijk, de provincie en de gemeente. Het Rijk en de provincie worden in dit kader steeds belangrijker.

  • Op het niveau van de gemeente moet aan het bestemmingsplan het grootste gewicht worden gegeven. De binding van burgers aan dit plan geschiedt op twee manieren. Noem deze.

    1. Een vergunning kan enkel worden verleend wanneer deze niet strijdig is met het bestemmingsplan. Is er geen sprake van strijdigheid, dan mag de vergunning enkel worden geweigerd op andere dan planologische redenen (artikel 2.10 Wabo).
    2. Het bestemmingsplan kan een gebruiksverbod behelzen. De overtreding van een gebruiksverbod is strafbaar.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.