Summary Consumentengedrag

-
ISBN-13 9789001782535
501 Flashcards & Notes
53 Students
  • These summaries

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary 1:

  • Consumentengedrag
  • Jeske Nederstigt, Theo Poiesz
  • 9789001782535
  • 5

Summary - Consumentengedrag

  • 1 Consumentengedrag en scenarios 17

  • Wat is consumentengedrag?

    Al het gedrag dat een consument vertoont bij het zoeken naar, het kopen, het gebruiken/verbruiken, het evalueren en het zich ontdoen van producten, diensten en ideeën.

  • Welke fases heeft een beslissingsproces?
     1) behoefte vaststellen, 2) informatie verzamelen, 3)informatie beoordelen, 4) beslissingen nemen, 5) gebruiken, 6) evalueren
  • Wat zijn de drie fasen van de Customer Activity Cycle? 
    De onderdelen van consumentengedrag wordt samengevat in 3 fasen: 
    1) Pre aankoopfasen (behoefte bepaling/informatie zoeken)
    2) De aankoopfasen
    3)Post-aankoopfasen (gebruiken, evalueren en afdanken) 
  • Consumentengedrag begint dus al vóórdat de consument aan het eigenlijke consumeren toekomt en gaat nog dóór als de eigenlijke consumptie achter de rug is.

     

    Niet altijd bewust of veel denkwerk --> automatismen: tanken, koffie zetten, water drinken.

     

    'Nadenken over een product' behoort ook tot consumentengedrag (onzichtbaar gedrag).

     

     

  • Welke drie beslissingsprocessen worden onderscheiden?
    1) Uitgebreid probleemoplossend 2) beperkt probleemoplossend (impuls aankopen)    3)routinematig beslissinsgedrag
  • Wat is consumentengedrag?
    Het gedrag dat een consument vertoont bij het zoeken naar, het kopen, het gebruiken/verbruiken en het evalueren en ontdoen van producten, diensten of ideeën. 
  • Noem de drie fasen van de Customer Activity Cycle3.

    1. De pre-aankoopfase
    2. De aankoopfase
    3. De post-aankoopfase
  • Er wordt getracht consumentengedrag te 
    - Verklaren
    - Begrijpen 
    - Voorspellen 
    - Beïnvloeden 
  • Wat houdt de pre-aankoopfase in?

    Behoefte bepalen, informatie zoeken.

  • Noem de 6 fasen van het Consumenten beslissingsproces
    1. Behoefte vaststellen (nieuw of bestaand)
    2. Informatie verzamelen product, dienst, aabieders etc
    3. Evaluatie van alternatieven
    4. Beslissingen nemen
    5. Gebruiken
    6. Evalueren 
  • Wat houdt de post-aankoopfase in?

    Gebruiken, evalueren en afdanken.

  • Soorten beslissingsgedrag
    1. Routinematig beslissingsgedrag: (geen motivatie, gemak) 
    2. Afwisselingsgericht koopgedrag: (bijv niet ieder jaar dezelfde vakantie bestemming of  niet iedere dag sperziebonen eten) 
    3. Situatiebepaald: (beslissingsproces is afhankelijk van de omstandigheden) Bijv hoge tijdsdruk, stemming, impulsaankopen, willen besparen)
  • Het gaat niet alleen om het 'kopen', maar ook aan wat daaraan voorafgaat en wat erop volgt. De producent moet weten hoe de koopbeslissing tot stand komt: Waarvoor wil de consument het product gebruiken, waar gaat de consument op zoek naar dit product.

     

    Deze informatie is nodig om te kunnen bepalen hoe en waar de consument te bereiken is en zo kan de producent zijn product (en reclames) daarop afstemmen.

  • 3 soorten beslissings  processen zijn: 
    1. UPO (uitgebreid probleemoplossend beslissersgedrag)
    2. BPO (Beperkt probleemoplossend beslissersgedrag)
    3. Routinematig beslissingsgedrag 
  • Consumentengedrag staat niet op zichzelf. Het vindt plaats in een bepaalde omgeving (context)door een bepaald persoon, m.b.t. een bepaalde dienst of product.
    Deze combinatie: Persoon, aanbod, omgeving wordt ook wel gedragsscenario genoemd.

    Aan context kan de macro-omgeving, meso en micro omgeving worden toegekend. 
    Consumentengedrag wordt dus bepaald door combi van consument, product en situatie. 
  • 1.1 Wat is consumentengedrag? 19

  • Wat is consumentengedrag?
    Al het gedrag dat een consument vertoont bij het zoeken naar, het kopen, het gebruiken/verbruiken, het evalueren en het zich ontdoen van producten, diensten en ideeën.
  • Wat is consumentengedrag?

    Al het gedrag dat een consument vertoont bij het zoeken naar, het kopen, het gebruiken/verbruiken, het evalueren en het zich ontdoen van producten, diensten en ideeen.

  • consumentengedrag
    al het gedrag dat een consument vertoont bij het zoeken naar, het kopen , het gebruiken/verbruiken, het evalueren en het zich ontdoen van producten, diensten en ideeen.
  • Consumentengedrag begint al voordat de consument gaat consumeren en gaat door totdat de consumptie achter de rug is.
  • De customer acitivity cycle bestaat uit  het gehele proces van de aankoop en ziet er als volgt uit: Pre-aankoopfase-> aankoopfase->post aankoop fase->pre-aankoopfase . Goede ervaringen spelen een grote rol voor de nieuwer cyclus.
  • Waaruit bestaat de Customer Activity Cycle?

    Pre-aankoopfase, aankoopfase, post-aankoopfase

  • Costumer Activity Cycle

    • De pre-aankoopfase   (behoeften bepalen, informatie zoeken)
    • De aankoopfase           (bij diensten is dit de consumptiefase)
    • De post-aankoopfase  (gebruiken, evalueren, afdanken)
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 2:

  • Consumentengedrag
  • A T A M Nederstigt, Th B C Poiesz
  • 9001782531
  • 5e [geactualiseerde] dr.

Summary - Consumentengedrag

  • 1 Consumentengedrag en scenario's

  • Hebben chimpansees of mensen een beter kortetermijngeheugen?
    Chimpansees!
  • Hebben chimpansees of mensen een beter kortetermijngeheugen?
    Chimpansees!
  • Hebben chimpansees of mensen een beter kortetermijngeheugen?
    Chimpansees!
  • Wat is consumentengedrag
    Consumentgedrag is een gedrag van de consument naar het zoeken,het kopen, het evalueren  van producten, ideeën en dinsten. 
  • Wat is consumentengedrag
    Consumentgedrag is een gedrag van de consument naar het zoeken,het kopen, het evalueren  van producten, ideeën en dinsten. 
  • 1.1 Wat is 'consumentengedrag'?

  • Wat zijn de onderdelen van Customer Activity Cycle?
    1. Pre-Aankoopfase
    2. Aankoopfase
    3. Post-aankoopfase
  • Wat verstaan we onder 'consumentengedrag'?
    Al het gedrag dat een consument vertoont bij het zoeken naar, het kopen, het gebruiken/verbruiken, het evalueren en het zich ontdoen van producten, diensten en ideeën.
  • laat me met rust
    echt wel
  • Rol van informatie- en communicatietechnologie (ICT) Niet meer weg te denken in de cyclus van consumentengedrag
  • De onderdelen van consumentengedrag worden samengevat in drie fasen. Welke fasen zijn dit en hoe worden deze fasen ook wel genoemd?
    1. Pre-aankoopfase (behoefte bepalen, informatie zoeken)
    2. Aankoopfase (bij diensten is dat tevens de consumptiefase)
    3. Post-aankoopfase (gebruiken, evalueren en afdanken)

    De Customer Activity Cycle.

  • laat me met rust
    echt wel
  • Wat is consumentengedrag?
    Al het gedrag dat een consument vertoont bij het Zoeken , Kopen, Gebruiken/Verbruiken, Evalueren en het zich Ontdoen van Producten.
  • Customer Activity Cycle
    Onderstaande Onderdelen van consumentengedrag beïnvloeden elkaar.

    Waarom wordt er een nieuwe fiets gekocht? BV oude gestolen kapot
    Wat voor fiets wordt er gekocht? BV. jou mening over je oude fiets, je wilt de trend volgen. 

    * Pre-Aankoopfase
    - Behoefte bepalen
    - Informatie zoeken

    * Aankoopfase
    Bij diensten ook wel consumptiefase genoemd.
    * Post-aankoopfase
    -Gebruiken
    -Evalueren
    -Afdanken
  • 1.1.1 Beschrijven, verklaren en voorspellen van Consumentengedrag

  • Waarvoor is een consumentenanalyse goed voor?
    1. Biedt een vollediger beeld van de werkelijkheid dan de analyse van de markt of het product
    2. Het inzien van een probleem van de marketeer wordt oftewel vereenvoudigd, of juist ingewikkelder worden. Maar altijd schept het een beter beeld van de werkelijkheid
  • Wat kan je als je consumentengedrag verklaart hebt?
    Dan kan je dit gedrag ook begrijpen en voorspellen. Eventueel kun je het zelfs beïnvloeden.
  • Hoe kom je er achter waarom een consument zich gedraagt zoals hij zich gedraagt.
    Door consumentengedrag te gaan verklaren.
  • Wat houdt het beschrijven van consumentengedrag in?
    Wat, waar, wanneer en hoe vaak kopen, gebruiken, evalueren en ontdoen consumenten zich van producten, diensten of ideeën?
  • De analyse van het consumentengedrag biedt een vollediger beeld van de werkelijkheid dan de analyse van de markt of het product. Soms zal een probleem waar de marketeer mee te maken krijgt, worden vereenvoudigd door een consumentenanalyse, soms zal het juist ingewikkelder worden, maar altijd zal de consumentenanalyse de realiteit van het beeld vergroten.

  • 1.1.2 Waarop heeft consumentenbedrag betrekking?

  • Waarop heeft consumentengedrag betrekking?
    1. Producten
    2. Diensten
    3. Ideeën --> Activiteiten of informatie-uitingen voor niet commerciële doeleinden die de consument worden aangeboden. (BV Stichting ideële reclame, jaarlijkse campagne gevaren vuurwerk)
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 3:

  • Consumentengedrag
  • A T A M Nederstigt, Th B C Poiesz
  • 9789020733341 or 9020733346
  • 4e dr.

Summary - Consumentengedrag

  • 1 Motivatie en behoeften

  • Wat zijn latente behoeften

    Behoeften waar de consument niet aan denkt

  •  

    Wat is consumentengedrag?

    Al het gedrag dat een consument vertoont bij het zoeken naar, het kopen, het gebruiken/verbruiken, het evalueren en het zich ontdoen van producten en ideeën.

  • Wat is consumentengedrag?

    Al het gedrag dat een consument vertoond bij het zoeken naar, het kopen, het gebruiken/verbruiken, het evalueren en het zich ontdoen van producten, diensten en ideeën.

  • Wat zijn primaire behoeften?

    Dit zijn fysologische behoeften, behoefte aan eten en drinken

  • Wat is direct marketing?

    Direct marketing, waarbij de marketeer zicht rechtsstreeks tot de individuele consument richt

  • 1.1 Het begrip consumentengedrag gedefinieerd

  • Consumentengedrag: Al het gedrag dat een consument vertoont bij het zoeken naar, het kopen, het gebruiken/verbruiken, het evalueren en het zich ontdoen van producten, diensten en ideeën. 

  • Je kunt een analyse maken van het product, de markt en de consument. Welke vergroot je de realiteit van het beeld het meeste en waarom?

    De consumentenanalyse. Je kunt namelijk na een analyse van een product denken dat je product aanpassingen moet maken voor je product, maar als blijkt dat de consument niet meer weet dat je product nog te koop is ligt het probleem heel ergens anders. Dit kun je alleen halen uit de consumentenanalyse.

  • Waar staat SIRE voor?

    Stichting Ideële Reclame. Een consument kan ook een idee overnemen.

  • Hoe consumenten zich gedragen ligt aan een aantal factoren. Op Macro, meso en micro niveau. Wat houden deze verschillende soorten nivuea's in?

    Macro: factoren die voor alle consumenten gelden.

    Meso: factoren die voor bepaalde groepen gelden.

    Micro: invloed op het gedrag van de individuele consument.

  • De consument gaat door zes verschillende fase heen bij het aanschaffen van een product. Welke zijn dit?

    De eerste is het creeeren van een behoefte (er is iets kapot gegaan of er is een beter alternatief).

    Ten tweede gaan ze informatie verzamelen (via internet of uit eigen kennis)

    Als derde gaan ze de informatie beoordelen (zijn er nog andere opties beter?)

    Dan moet er een beslissing worden genomen (niet alleen om welk product maar ook hoe)

    Als dat is gebeurd kun je het product gaan gebruiken (boodschappen auto of voor naar het werk)

    En als laatste ga je evalueren en dit kan leiden tot een eventuele herhalingsaankoop van het product.

  • 1.3 Het beslissingsproces van consumenten

  • Wat zijn optimizers en satisficers? En wat hebben deze twee begrippen met elkaar te maken?

    Optimizers zijn de consumenten die alleen maar genoegen nemen met het allerbeste alternatief en blijven daarom wikken en wegen tot dat ze de beste optie hebben gevonden.

    Terwijl statisficers liever niet meer tijd en moeite besteden aan het beslissingsproces dan nodig is.

  • Hoe werkt de matrix van Rossiter en Percy?

                                                       Informationeel                                                              Transformationeel

    Lage betrokkenheid           Levensmiddelen                                                            Sigaretten

                                                    Pijnstillers                                                                     Drank

                                                   Wasmiddel                                                                      Snoep

     

    Hoge betrokkenheid         Hypotheek                                                                       Kleding

                                                   Wasmachine                                                                 Vakantiereis

                                                 Verzekering                                                                     Juwelen

     

    Informationeel staat in deze tabel voor producten waarvan de consument graag informatie wil verwerken en heeft dus een probleemoplossende functie.

    Transformationeel heeft een waarde toevoegende functie, producten waarbij de affectieve of de emotionele aspecten een zwaardere uiting hebben op de marketing.

  • 1.3.2 Soorten beslissingsgedrag

  • Wat is een uitgebreid probleemoplossend beslissingsgedrag?

    Bijvoorbeeld bij de aanschaf van een mobiele telefoon. Men zoekt er informatie over op (meestal via internet) en zal vergelijkingen trekken. Beslissing belangrijk = bereidheid tot informatie zoeken en verwerken groot.

  • Wat is beperkt probleemoplossend gedrag?

    Het product is niet belangrijk genoeg om er allerlei informatie over op te zoeken. De bekendheid met het merk is nog niet groot, maar je probeert het gewoon een keer.

    Impulsaankopen zijn een extreme vorm van beperkt probleemoplossend gedrag.

  • Wat is routinematig gedrag?

    Je kent het merk al en je bent tevreden, je hoeft niet meer verder te zoeken en gaat ervan uit dat wanneer je dat merk koopt er niks mis kan gaan.

Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Een marketeer kan verschillende strategieën hanteren om ongewenste attituden te veranderen in gewenste attituden:
1. Onderdelen van het Fishbein model veranderen.
De totaalscore moet verhoogd worden door:
1. Het gewicht van één of meer attributen te veranderen;
 2. Eén of meer beliefs te beïnvloeden;
 3. Beliefs weg te nemen.

2. De balanstheorie:
Ieder mens streeft naar balans of evenwicht tussen zijn attituden. Wanneer attituden met elkaar in tegenspraak zijn, veroorzaak dat een gevoel van onbehagen. Om dat gevoel van onbehagen op te lossen zal het individu zijn attituden zodanig aanpassen, dat ze weer met elkaar in evenwicht zijn. 

3. Vergelijking met de concurrent:
Een marketeer kan ook proberen de attituden van de doelgroep t.a.v. zijn product of merk in positieve richting te veranderen door de attitude t.a.v. de concurrent in negatieve richting te beïnvloeden.  

4. Socialjudgementtheorie:
Een consument die informatie krijgt over een attitudeobject, zal deze informatie altijd vergelijken met de bestaande eigen attitude.

5. Cognitieve dissonantie na aankoop kan op drie manieren worden gereduceerd door de consument, namelijk: 
 1. Aanpassen van gedrag;
 2. Aanpassen van de attitude;
 3. Externe attributie.

6. Foot-in-the-doortechniek:
Een consument wordt eerst verzocht gedrag te vertonen waaraan geen of weinig risico is verbonden.

7. Door-in-the-facetechniek:
De kans dat de consument een verzoek inwilligt is groter, als eerst een ander verzoek is gedaan, waarbij méér van de consument is gevraagd.
Verschillende vormen van attitudevorming:
1. Klassiek conditioneren:
De consument associeert een attitudeobject met een bepaalde uitstraling.

2. Instrumenteel conditioneren:
Een vorm van passief leren, d.m.v. trial and error, ofwel door ervaring op te doen met het attitudeobject.

3. Cognitief leren:
Actief leren. Hij is bereid informatie te verzamelen en te verwerken om kennis over het object op te doen.
Wat houdt de 'Theorie van Gepland Gedrag' in?
Ajzen en Fishbein ontdekten dat een positieve gedragsattitude niet altijd leidde tot het daarbij verwachte gedrag, bijvoorbeeld door omstandigheden waar de consument zelf geen invloed op kan uitoefenen.
Wat houdt het 'gedragsattitudemodel' in?
Is gebaseerd op hetzelfde principe als het objectattitudemodel. Alleen gaat het hier niet om de gewogen (of verwachte) kenmerken van het object, maar om de gewogen verwachte gevolgen van het gedrag.
Wat houdt het 'objectattitudemodel' in?
Volgens dit model bestaat een attitude van een object uit de som van de producten van beliefs m.b.t. het object en de evaluatie van die beliefs.
Wat is evaluatie?
Het gewicht of het belang dat wordt toegekend aan een kenmerk van het attitudeobject.
Wat zijn multiattribuutmodellen?
Volgens Ajzen en Fishbein zijn attituden opgebouwd uit het totaal van beliefs en hun evaluatie.
Wat is cognitieve dissonantie?
Als twee van de drie aspecten van attituden elkaar tegenspreken.
Wat zijn beliefs?
Beliefs zijn opvatting van mensen over kenmerken van objecten.
Het tri-componentenmodel:
Volgens dit model bestaat een attitude uit drie compenenten:

1. De cognitieve component: betreft de kennis van de consument over het attitudeobject.
De cognitieve component bestaat vaak uit beliefs met betrekking tot het attitudeobject.   

2. De affectieve component: betreft de gevoelens of emoties van de consument ten aanzien van het object. De affectieve component is evaluatief van aard.

3. De conatieve component: betreft de gedragsgeneigdheid van de consument te n aanzien van het object.