Summary Cursus

-
417 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Cursus

  • 1.1 Historische ontwikkeling

  • Welke 3 periodes kunnen we onderscheiden in de historische ontwikkeling van de sociale bescherming van zelfstandigen?
    1. 1830-1925: genese middenstand en eerste wettelijke regelingen inzake sociale bescherming
    2. 1925-1967: strijd om verplichte sociale verzekeringen
    3. 1967-heden: genese en uitbouw sociaal statuut
  • 1.1.1 1830-1925: genese middenstand en eerste wettelijke regelingen inzake sociale bescherming

  • Hoe zag België eruit in de 19e eeuw?
    Een landbouwsamenleving met ontwikkelend industrieel kapitalisme

    • Grootgrondbezit en kleinschalige landbouwbedrijven: thuisarbeid landbouwers als bijverdienste, voortschrijdende ontvolking platteland
    • Industrialisatie in stedelijke centra: groei arbeidersproletariaat, alsook heterogene “hulpklasse” vrije beroepen, ambachtslui en detailhandelaars
  • Wat werd in 1909 opgericht?
    De Hoge Raad ambachten en Neringen (detailhandelaars)
  • Wat was de taak van de Hoge Raad Ambachten en Neringen?
    Adviserende opdracht aan minister inzake beroepsbelangen ambachtslui, kleine industriëlen en kleinhandelaars.
  • Wat is het gevolg van de oprichting van de HR Ambachten en Neringen?
    Navolgende groei beroepsfederaties en interprofessionele organisaties ontstaan.
    • eenheid in middenstand was zoek geraakt => federaties terug gegroepeerd in HR
    • nu: Hoge Raad voor zelfstandigen en KMO's
  • Tot wat was de sociale bescherming beperkt?
    Wettelijk georganiseerde bescherming “zelfstandigen” beperkt tot sociale bijstand en mogelijkheid vrijwillige aansluiting verzekeringsregelingen arbeiders. 
  • Leg uit: sociale bijstand
    Armenzorg: Burelen van weldadigheid en Commissies van Burgerlijke Godshuizen

    • Nuance: enkel bittere ellende ledigen zoals ziekenverpleging aan huis, opvang van vondelingen, … 
  • Bij welke verzekeringsregelingen konden zelfstandigen zich aansluiten?
    • Ziekte- en invaliditeitsverzekering ingericht door Maatschappijen Onderlinge Bijstand: mits eerbiediging voorwaarden kon eenieder aansluiten
      • Je stort een bepaalde bijdrage en krijgt een tegoedkoming voor bv. dokterskosten of inkomensvervanging. Toegang stond open voor eenieder dus niet enkel arbeiders
    • Wet verplichte verzekering ouderdom arbeiders (1924): voorzag in vrijwillige verzekering waarbij zelfstandigen konden aansluiten (pensioenen)
      • In 19e eeuw algemene lijfrentekas nl. spaarboekje openen en sparen op eigen rekening, spaarzin aanmoedigen. 
      • Zelfstandigen konden ook zo’n boekje openen. Na WO1 komt er voor werknemers een verplichte pensioenverzekering gefinancierd uit bijdrage wn’s en wg’s. 
  • 1.1.2 1925-1967: strijd om verplichte sociale verzekeringen

  • Leg uit: periode 1925-1937
    verzet tegen verplichte verzekeringen

    • hersteld van oorlogsjaren
    • periode van grote depressie: beurscrash in jaren 30
    • verlies kapitaal en muntontwaarding
    • staat neigt zelfstandigen te dwingen tot sociale bescherming om armoede tegen te gaan
    • maar verzet van zelfstandigen tegen een verplichte verzekering
  • Welke is de eerste wet die er komt in deze periode?
    1927: Wet verzekering Beroepsziekten
    • toepassingsgebied: ambachtslui met beperkt inkomen
    • moeilijkheden opsporing betrokkenen
    • voorzorgsfonds staat in voor organisatie en gaat de aansluitingsplicht opvatten als een mogelijkheid tot vrijwillige aansluiting
  • Welke wet volgt?
    1930: Wet Pensioenverzekering Arbeiders
    • verplichte verzekering uitgebreid tot zelfstandigen met beperkt inkomen
    • uitvoeringsbesluiten haperen
    • moeilijkheden inning bijdragen
    • herziening anno 1937: men haalt de zelfstandigen er terug uit wegens non succes onderwerping
  • Welk voorstel volgt er in 1930?
    Een voorstel tot uitbreiding regeling gezinsbijslagen werknemers tot zelfstandigen.
    • verworpen
    • ondanks gelijkaardige problemen in onderhoud grote gezinnen
  • Welke rode draad zien we in deze periode?
    Verzet zelfstandigen(organisaties) tegen verplichte verzekeringen wegens ideologie vrijheid en verantwoordelijkheid + spanningsveld tussen bijdrageplicht en investeringsruimte
    • vrijheid: zelfstandige moet kunnen doen en laten in onderneming zoals hij zelf wilt
    • verantwoordelijkheid: zelfstandigen is zelf verantwoordelijk voor succes en falen
    • financiering is anders: er is geen werkgever, financieren is een dubbel zo hoge inspanning voor een zelfstandige als voor een WN
  • Welke verzekering komt er in 1937?
    De verplichte verzekering gezinsbijslagen zelfstandigen
    • Economische context vermindert weerstand middenstandsorganisaties tegen invoering verplichte verzekering gezinsbijslagen, demografische ontwikkeling stimuleert Staat tot interventie
      • demografische ontwikkeling: sinds WO1 blijft bevolking afnemen
    • Inrichting en organisatie gezinsbijslagenverzekering zelfstandigen, gefinancierd uit eigen bijdragen
      • geen uitbreiding verzekering van werknemers
      • bijslagen zelfstandigen zijn lager
    • Problemen inning bijdragen leiden tot reductie prestaties, WOII tot schorsing uitvoering
      • er is geen overzicht van wie zelfstandige is => bijslagen worden lager
  • Welke tendens doet zich voor in 1944 en volgend decennium?
    voorbereiding meer uitgebreide bescherming

    • Intentie overheid tot ontwikkeling sociale zekerheid zelfstandigen (Voordracht Besluitwet 28 dec. 1944)
      • men leest in dit besluit (voor wn's) dat men de maatschappelijke zekerheid wil uitbreiden om mensen nooit meer in ellende te laten storten. Die zekerheid aal allen waarborgen, ook aan zelfstandigen.
    • Uitbouw structuren belangenbehartiging zelfstandigen (Ministerie van Middenstand anno 1954): groeiend bewustzijn gemeenschappelijk belang
      • zelfstandigen beginnen zelf mee te ijveren. Zelfstandigen zien dat de werknemers een sociale bescherming hebben, zij zelf hebben niets
    • Verhoging prestaties gezinsbijslagenverzekering zelfstandigen
    • Einde principieel verzet tegen verplichte verzekeringen, mits in eigen beheer (=belangrijke voorwaarde: werknemers en zelfstandigen niet gelijkgesteld)
  • In welk jaar komt de verplichte pensioenverzekering zelfstandigen tot stand? Leg uit.
    In 1956.
    • Hoge Raad Middenstand aanvaardt principe verplichte pensioenverzekering wegens beperkte middelen jonge zelfstandigen en aanhoudend risico muntontwaarding
    • Inrichting verplichte verzekering rust- en overlevingspensioenen, opgevat als reddingsboei bejaarde en behoeftige zelfstandigen
      • dus niet levensstandaard gelijk houden (wn), wel ernstige ellende voorkomen op oude dag
  • Men is toch terughoudend mbt verplichte pensioenverzekering van 1956, leg uit.
    • Toepassingsgebied afgebakend aan de hand van “fiscaal criterium”, navolgende wijzigingen introduceren “sociologisch criterium”
      • fiscaal: alle personen die een bepaald type inkomst verwerven voor personenbelasting: obv belastingaangifte vaststelling wie onderworpen is aan regeling
        • nu: fiscaal criterium een vermoeden
      • sociologisch: elke persoon die in BE een beroepsbezigheid uitoefent en dit niet doet obv een arbeidsovk of statuut
    • Voorziet in toekenning rust- en overlevingspensioenen (voor EG), met mogelijkheid opting out”: levensverzekering of onroerend goed als alternatief
    • Financiering uitgekeerde pensioenen in principe middels kapitalisatie bijdragen: bedrag pensioen is dus afhankelijk van leeftijd bij aansluiting en lengte beroepsloopbaan
    • Overgangsuitkeringen oudere zelfstandigen gefinancierd middels solidariteitsbijdragen, enige element waarbij zelfstandigen solidair zijn met elkaar; toekenning mits onderzoek bestaansmiddelen (vw voor sociale bijstand) en minimale loopbaan (=strenge criteria)
  • Welke werkgroep wordt ingericht, in welk jaar? Welke is haar opdracht? Wat blijkt uit rapport?
    1962: Werkgroep Allard
    • economische bloei
    • roep naar gelijkschakeling met wn's. Zelfstandigen hebben enkel gezinsbijslagen en pensioen

    Opdracht: onderzoek vraagstuk “sociaal statuut” zelfstandigen
    • plan uitwerken om tot gelijkwaardige bescherming te komen

    Rapport: 
    • bevestiging ideologie vrijheid en verantwoordelijkheid; nuancering op sociaal vlak; 
    • sociaal statuut zou enkel basisbescherming moeten bieden, tenzij inzake gezinsbijslagen
    • verzekeringen in privaat beheer, gedeeltelijk door overheid gefinancierd. (private ondernemingen = sociale verzekeringsfondsen zoals bv Liantis)
  • Wat gebeurt in 1963?
    Wet verzekering beroepsziekten werknemers aangepast met mogelijkheid uitbreiding toepassingsgebied tot zelfstandigen en basis invoering vrijwillige verzekering voor zelfstandigen
  • Wat gebeurt in 1964?
    Uitbreiding verplichte verzekering geneeskundige verzorging werknemers tot zelfstandigen
    • Dekking zelfstandigen beperkt tot “grote risico’s”, wegens wens eigen beleid en vlotte aanpasbaarheid.
    • Inrichting vrije aanvullende verzekering “kleine risico’s”, gedeeltelijk door Staat gesubsidieerd
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Leg de bijzondere regeling van begin van bezigheid uit
Art. 13bis KB38
  • betreft personen niet onderworpen gedurende voorgaande kwartaal
    • geen inkomsten ter berekening voorlopige bijdragen gekend
    • daarom wettelijk omschreven bijdragebasis ter berekening voorlopige bijdragen
  • Voor pensioenleeftijd: 
    • algemene regeling
      • voorlopige bijdragen berekend door toepassing bijdragevoet 20,50% op inkomsten 3666,15
      • art 13bis, §2, 1° KB38
    • meewerkende echtgenoot
      • voorlopige bijdragen berekend door toepassing bijdragevoet 20,50% op inkomen helft van 3221,08
      • art. 13bis §2, 2° KB38
    • Uitzondering: herstartende zelfstandigen in hoofdberoep gedurende 20 kwartalen niet onderworpen: voorlopige bijdrage door toepassing 20,5% op inkomen 3666,15
      • art. 13bis, §2, lid 1bis KB38
      • als ze het vragen kunnen ze op een nog lagere bijdragebasis worden belast
    • Zelfstandigen in bijberoep
      • voorlopige bijdrage berekend door bijdragevoet 20,50% op inkomen van 405,60
      • art. 13bis §2, 3° KB38
      • nadien afgerekend. Minder dan 405? Bijdrage wordt teruggestort
  • Na pensioenleeftijd: specifieke regeling art. 13bis §2, 4°-5°
Wat is de derde inkomstenschijf en bijdragevoet?
Inkomsten boven grens tweede inkomstenschijf geven geen aanleiding tot bijdragebetaling
Wat is de tweede inkomstenschijf en bijhorende bijdragevoet?
15.831,12 - 23.330
  • bijdragevoet: 14,16%
Wat is de eerste inkomstenschijf en de bijhorende bijdragevoet?
0 - 15.831,12
  • bijdragevoet: 20,50%
Welke bijzonderheid bestaat voor zelfstandigen met gewoonlijke en hoofdzakelijke andere beroepsbezigheid?
Gaat over zelfstandigen in bijberoep
  • geen bijdrage verschuldigd indien inkomsten < 405,60
  • geen vermoeden van minimale inkomen
  • meer verdienen? Bijdragen betalen
Wat is de minimale bijdrage voor onderworpenen in hoofdberoep?
Algemene regel (zelfstandigen en helpers): 3666,15
  • art. 12, §1, lid 2 KB38
  • geïndexeerd 


Meewerkende echtgenoot: helft van 3221,08
  • art. 12, §1ter KB38


(Her)startende zelfstandigen gedurende voorgaande 20 kwartalen niet onderworpen: 1893, 22
  • gedurende eerste 4 kwartalen
  • art. 12§1bis KB38


Op deze minimale bijdrage wordt de bijdragevoet (%) toegepast
Wat indien de inkomsten in hoofdberoep lager liggen dan het wettelijk vermoeden?
Toepassing bijdragevoet eerste inkomstenschijf
De bijdragevoet varieert ngl de hoogte van beroepsinkomsten en de categorie van onderworpene. Er is een basisonderscheid voor bijdragebetaling ngl voor of na pensioenleeftijd. Leg uit.
Voor pensioenleeftijd
  • minimale bijdragen onderworpenen in hoofdberoep: wettelijk vermoeden dat inkomsten bepaalde omvang hebben
Naargelang WAT varieert de bijdragevoet?
1) Hoogte beroepsinkomsten
  • opdeling inkomsten in schijven
  • toepassing lagere bijdragevoet op hogere inkomstenschijven
    • depressiviteit bijdragenstelsel zelfstandigen
    • vgl solidariteit in bijdragenstelsel wn's

2) Categorieën onderworpenen
  • basisonderscheid ngl voor of na pensioenleeftijd, begin van bezigheid (her)startende zelfstandigen
  • nader onderscheid 
    • algemene regel (zelfstandigen en helpers)
    • meewerkende echtgenoot
    • zelfstandige in hoofd- of bijberoep
Wat is de bijdragevoet?
Betreft het percentage dat wordt toegepast op de bijdragebasis om de verschuldigde bijdragen te berekenen
  • geen eenvormige bijdragevoet
  • varieert