Summary De media-explosie

-
ISBN-10 9039526419 ISBN-13 9789039526415
299 Flashcards & Notes
89 Students
  • These summaries

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary 1:

  • De media-explosie
  • Kees van Wijk
  • 9789039526415 or 9039526419
  • 4e herz. dr.

Summary - De media-explosie

  • 1 Blz 1

  • Crossmediale communicatie: verschillende mediatypen reageren op elkaar en vullen elkaar aan. Zeven kenmerken van de media-explosie: 1. Groei van communicatiemiddelen en communicatieaanbod. 2. Toename van de verscheidenheid aan mediaproducten door de groei van het aantal communicatiemiddelen. Diversificatie van het aanbod = differentiatie = toegenomen verscheidenheid van het aanbod op de mediamarkt. 3. Digitalisering van de media. Digitalisering verwijst naar het elektronisch verwerken van informatie. 4. Er ontstaat convergentie, dit is het ineenvloeien van informatiedragers, informatiekanalen en communicatiemedia. 5. De uitbreiding van de zintuiglijke ervaring. De technologische convergentie maakt een multimediale virtuele wereld mogelijk. Die virtuele wereld is nu nog anders een second life naast het first life van onze alledaagse wereld. 6. Verdwijnen van de scheidslijn tussen interpersoonlijke communicatie en klassieke massacommunicatie. De klassieke massacommunicatie was eenrichtingsverkeer met onbekende ontvangers. Bij interpersoonlijke communicatie: ontvangers zijn bekend. Massacommunicatie krijgt steeds meer trekken van interpersoonlijke communicatie. 7. De groei van het aantal professionele communicatiebanen en communicatieberoepen.
  • Crossmediale communicatie:
    Verschillende mediatype reageren op elkaar en vullen elkaar aan.

    Massamedia; pers, televisie, radio7 kenmerken van de media-explosie1. 

    De 7 kenmerken van de media-explosie:
    1. Groei communicatiemiddelen en comm.aanbod.
    De groei v de media-aanbod heeft direct te maken met de veranderde technologische informatieopslag v de informatiebronnen. V drukpers(middeleeuwen) tot fotografie film radio (audiovisueel 20ste eeuw) tot mobiele telefoons. Tegenwoordig is bijna alle info. op internet te vinden.

    2. Hierdoor toename v de verscheidenheid aan mediaproducten;
    Groei v aanbod betekent tegelijk diversificatie(differentiatie) v het aanbod. Er worden steeds meer aparte media producten voor speciale doelgroepen ontwikkeld.; voor iedere hobby, specialisme of beroepssoort is er een eigen tijdschrift of website.

    3.Digitalisering van de media; Het elektronisch verwerken van informatie.
    De motor v de informatiemaatschappij is de informatie- en communicatietechnologie (ICT). Telematica, samengaan pcnetwerken en telecomm. Hierdoor kun je waar ook ter wereld supersnel het laatste nieuws doorgeven. en horen.

    4. Convergentie; Het in ineenvloeien v informatiedragers, informatiekanalen en comm.media. Info.dragers=(pc, cd-rom, dvd, smarthphone). Info.kanalen= (telefoonnet, ether, kabel, sateliet). De grenzen tussen deze 2 vervagen. Comm.media=radio, televisie. Door fusies en overnames komen 3 soorten comm.bedrijven bij elkaar, nl:  fabrikanten pc.branche (hardware, software), aanbieders telecomm en kabelnet tv & leveranciers v informatie-inhoud als boekuitgeverijen en krantenbedrijven => Deze fusie zorgt voor een sterkere positie tegenover de concurrenten en nieuwe mediaproducten.

    5. Uitbreiding van de zintuiglijke ervaring. De uitbreiding komt naar voren in de relatie tussen tekst en beeld. Het tekstbeeld heeft gezelschap gekregen v geluid en visuele beeld. De technologische convergentie maakt een multimediale virtuele wereld mogelijk. In de virtuele ontmoeting v de toekomst worden meerdere zintuigen tegelijk aangesproken.

    6. Verdwijnen scheidslijn tussen interpersoonlijke comm. en klassieke massacomm. Interpersoonlijke comm. maakt steeds meer gebruik v interactieve mediamiddelen als pc's en mobiele telefoons. Door veranderende omgang vraag en aanbod> verandering v aanbiedersmarkt naar vragersmarkt (informatie nemer zet de toon). Wanneer de O meer centraal komt te staan zal dit tot uiting komen in het communicreen zelf.

    7. De groei van het aantal professionele comm.banen en comm.beroepen. Er is groei v de werkzaamheden v de comm.specialisten. Tegenwoordig heb je naast journalisten, ook mediamanagers, mediaplannersreclamemakers etc. En ook specialismen als interne cmm. en public affairs. 



  • 1.1 Media zijn overal

  • Wat zijn de zeven kenmerken van de media-explosie?
    1. Groei van communicatiemiddelen en communicatieaanbod
    2. Diversificatie: toename van de verscheidenheid aan mediaproducten
    3. Digitalisering van de media door toepassing van ICT
    4. Convergentie: ineenvloeien van informatiedragers, informatiekanalen en communicatiemedia
    5. Uitbereiding van zintuigelijke ervaring in multimedia contacten
    6. Verdwijnen van scheiding tussen interpersoonlijke communicatie en massacommunicatie
    7. Professionalisering: groei van het aantal professionele communicatiebanen en beroepen
  • De hoeveelheid media is enorm gegroeid in de afgelopen jaren
  • wat zijn de zeven kenmerken die het beeld bepalen van de mediawereld?
    1. Groei -> communicatiemiddelen  en producten
    2. Groei -> professionals: het aanbod van communicatiebanen en -beroepen neemt toe
    3. Stijging van de diversiteit (verscheidenheid) van mediaproducten.
    4. Digitalisering: het verwerken van informatie via de computer
    5. Convergentie: de informatiekanalen, dragers van informatie en de communicatiemedia gaan steeds mee in elkaar over. een gevolg van digitalisering.
    6. Vergroting van de zintuiglijke ervaring: vooral in word en beeld
    7. Geen scheidslijn meer tussen interpersoonlijke communicatie en klassieke massacommunicatie. 

  • 1.1.1 crossmediale communicatie

  • Nieuwsgaring in de ene bron roept elders een reactie op, waarbij het ene medium het andere medium aanvult of corrigeert. Dat heet tegenwoordig?
    Crossmediale communicatie: verschillende mediatypen reageren op elkaar en vullen elkaar aan.
  • 1.2 Zeven kenmerken van de media-explosie

  • Wat zijn de 7 kenmerken van de media-explosie?
    1. De enorme groei van communicatiemiddelen en communicatieaanbod
    2. Diversificatie toename van de verscheidenheid aan mediaproducten
    3. Digitalisering van de media door toepassingen van ICT
    4. Convergentie: ineenvloeien van informatiedragers. informatiekanalen en communicatiemedia
    5. Uitbreiding van de zintuigelijke ervaring in multimediale contacten
    6. Verdwijning van scheiding tussen interpersoonlijke en massacommunicatie
    7. Professionalisering:groei van het aantal prefessionele communicatie en beroepen
  • 2 Van Actie naar interactie

  • Wat zijn de zeven basiselementen van communicatie definitie?
    1. Taal- en symboolgebruik
    2. Intentie van de zender
    3. Reactie van de ontvanger
    4. Koppeling tussen zender en ontvanger
    5. Relatie tussen zender en ontvanger
    6. Transport van communicatieve gegevens
    7. Rol van maatschappelijke organisaties
  • wat zijn de basiselementen van de communicatie
    1. Verbinding tussen zender en ontvanger
    2.Transport van communicatiegegevens: het overdragen van informatie
    3. Intentie van de zender: zender beïnvloedt denken van ontvanger door prikkels te sturen.
    4. Rol van maatschappelijke organisaties: deze organisaties bepalen voorwaarden en mogelijkheden in het hele communicatieproces
    5. Taalgebruik en symboolgebruik: de codering (VERBAAL/VISUEEL) die in de boodschap te vinden is.
    6. Gemeenschappelijke relatie tussen zender en ontvanger: de relaties ontstaan door een goed contact tussen beide spelers
    7. Reactie van de ontvangers: bij het verwerken van de boodschap gaat het om de interpretatie en selectie door de ontvangers. Hun reacties worden hierdoor bepaald.

  • de ontwikkeling van het denken over communicatie kun je globaal in drie fasen verdelen:
    1. Actiegerichte benadering ( de handeling van de zender bepaald alles)
    2. Effectiviteitsgerichte benadering ( de zender houdt rekening met de wereld van de ontvanger)
    3. Interactieve benadering: het gaat om de wederzijdse betrokkenheid tussen zenders en ontvangers.

Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 2:

  • De media explosie
  • kees van wijk
  • or

Summary - De media explosie

  • 1 jj

  • Wat is connotatie
    Verwijzen naar de 2e ,3e 4e betekenis  van de communicatie boodschap
  • De rituele visie op communicatie verschilt sterk van de transportvisie op communicatie. Welke zaken krijgen volgens van Wijk veel minder nadruk bij de rituele visie op massacommunicatie?
    De referentieel gerichte inhoud van de boodschap en de zakelijke overdracht van informatie naar de ontvanger.
  • Wat is denotatie
    Betekenis van een woord/beeld dat voor iedere taalgebruiker op dezelfde wijze verwijst naar een stuk werkelijkheid
  • In het denken over massacommunicatie werd sinds de jaren zestig veel aandacht besteed aan de aparte werking van televisie of radio in plaats van de inhoud van de boodschap of de 'actiegerichtheid' van de organisatie.
    Welk communicatiebegrip geeft deze focus het beste weer?
    Mediaspecifiteit
  • Wat zijn de zeven belangrijke kenmerken van media explosie
    1. Groei van communicatiemiddelen en communicatieaanbod
    2. Toename van verscheidenheid aan mediaproducten
    3. Digitalisering van de Media
    4. Convergentie:  het ineenvloeien van informatiedragers
    5. Uitbreiding van de zintuigelijke ervaring
    6. Verdwijnen scheidslijn interpersoonlijke en massacommunicatie
    7. Groei van professionele communicatiabanen en communicatie beroepen
  • Differentiatie is één van de kenmerken van de mediaexplosie. 
    Wat houdt differentiatie volgens van Wijk in?
    de groei van het aanbod van verschillende mediaproducten en -middelen.
  • Waar is dit een voorbeeld van? 'Via een televisiecommercial informeren de Nederlandse spoorwegen de klanten over hun twitterhelpdesk.
    Massacommunicatie
  • Waar is dit een voorbeeld van? 'Als je een vraag over de Nederlandse spoorwegen op Twitter plaatst met de hashtag #NS, dan kun je direct via Twitter de conversatie aangaan met een medewerker van de helpdesk van NS.' 
    Interpersoonlijke communicatie
  • Wat zijn volgens van Wijk de belangrijkste gevolgfuncties van media?
    Berichtgeving, opinievorming, cultuuroverdracht, ontspanning
  • Welke communicatietechniek wordt in de volgende uitspraak van een Tweede Kamerlid gebruikt om het beleid van Vitesse te labellen? 'Vitesse is een club zonder ruggengraat door hier aan toe te geven en gewoon naar Abu Dhabi te gaan. En ja, de Tweede kamer zegt een heel bezoek af als één van de leden geweigerd wordt, zoals naar Egypte onlangs gebeurde.' 
    Scapegoating (zondebok)
  • Wat zijn volgens Bakker en Scholten de gevolgen van de ontzuiling voor het medialandschap in Nederland?
    Dat de Nederlandse media steeds minder op levensbeschouwelijke en ideologische basis ingericht en georganiseerd zijn.
  • Wat verstaat van Wijk onder het interactiviteitscriterium van communicatie?
    Het communicatieproces waarbij zender en ontvanger beiden actief zijn en van rol kunnen wisselen.
  • In Bakker en Scholten wordt beschreven hoe van den Brink (oud-topman van Elsevier) tijdschriften indeelt naar doelgroepen van de media.
    Welke van indeling is juist voor de Flair?
    Publieksblad
  • Waardoor werd volgens Bakker en Scholten in het begin van de jaren zestig de positie van de publieke radio voor het eerst in zijn bestaan bedreigd?
    De opkomst van de televisie en piratenzenders.
  • Wat is volgens Bakker en Scholten het meest gemeenschappelijke element van web 2.0?
    Dat het om sociale toepassingen gaat, waarbij gebruikers actief bijdragen aan het internet door sociale software.
  • Welke technische ontwikkeling leidde volgen van Wijk tot de derde mediarevolutie?
    De toevoeging van elektriciteit aan communicatiekanalen.
  • van Wijk maakt onderscheid tussen de schriftcultuur (de alfabetisering) en de printcultuur (de uitvinding van de boekdrukkunst). 
    Hoe omschrijf je dit onderscheid het best?
    De schriftcultuur is vooral een revolutie in de opslag van de communicatie, de printcultuur is vooral een revolutie in de verspreiding van communicatie.
  • De hedendaagse consument online wordt ook wel een 'prosumer' genoemd. Waarom krijgt de consument deze titel volgens Bakker en Scholten?
    Omdat de consument steeds meer zelf online produceert, publiceert en deelt.
  • Welke mediarevolutie introduceerde volgens van Wijk het ongelijktijdige communicatieproces?
    Het ontstaan van het schrift.
  • Waar is dit een voorbeeld van? 'Ik ga om tien uur naar mijn werk en kom om 22.00 weer thuis. Dan kijk ik via UPC on demand eerst het Acht uur journaal en vervolgens De wereld draait door. Dan ben ik precies op tijd klaar voor Pauw en Witteman.'
    Non-lineair mediagebruik
  • Hoe beschrijft van Wijk cross mediale communicatie?
    Contentproducenten reageren via verschillende mediatypen op elkaar en vullen elkaar aan.
  • Welke pluspunten van interactieve elektronische media ten opzichte van gedrukte media noemen Bakker en Scholten?
    Personaliseren van de doelgroep en dynamisch informatie aanbod.
  • Is dit een voorbeeld van web 1.0 of 2.0?
    'Het in de zendtijd voor politieke partijen oproepen van leden om online mee te schrijven aan het verkiezingsprogramma van D66.'
    web 2.0
  • Wat wordt er door Bakker en Scholten verstaan onder horizontale programmering?
    Elke dag dezelfde programma's om dezelfde tijd; gericht op een specifieke doelgroep; veel muziek gericht op die doelgroep.
  • Wat zijn omroepverenigingen in het publieke bestel?
    De AVRO, BNN en VPRO
  • Welke kanten een boodschap zijn er?
    Het expressief, appèllerend, relationeel en referentieel aspect
  • Waar gaat het bij 'cookies' om volgens Bakker en Scholten?
    Stukjes software die gegevens van bezoekers verzamelen en doorsturen.
  • In het klassieke denken over massacommunicatie werd veel aandacht besteed aan 'actiegerichtheid'. Welke communicatiebegrippen bestaan er hiervoor?
    Intertionaliteitsbegrip, Interactiviteitsbegrip, Effectiviteitsbegrip, Mediaspecificiteit.
  • Welke periode luidde de vraag 'Who says what in which channel to whom with what effect?' van Lasswell (1948) in?
    Het begin van empirisch onderzoek naar massacommunicatie.
  • Wat zijn volgens van Wijk enkele kenmerken van het moderne publiek?
    Publieksgroep is sociaal ongelijksoortig en is zowel bron als gebruiker van media.
  • Wat is volgens van Wijk een belangrijk kenmerk van de eerste mediarevolutie?
    De uitvinding van het schrift.
  • Het kabinet Rutte heeft besloten om de publieke omroep drastisch te wijzigen. Welke wettelijke wijziging zorgt ervoor dat de eigen identiteit van de publieke omroeporganisaties nog meer beknot wordt?
    Het samenvoegen van de publieke omroepen.
  • Waarin verschilt de publieke omroep in de benadering van de kijker/ luisteraar met de commerciële omroep?
    De kijker/luisteraar benaderen als burger terwijl de commerciële omroep de kijker/luisteraar meer benadert als consument.
  • Welke drie fasen van web-ontwikkeling onderscheiden we?
    Web of pages, web of people, web of the world.
  • Beide auteurs van het artikel 'We the web' stellen dat een nieuwe 'Verlichting' als periode met een 'nieuw ecosysteem' zal ontstaan. Wat bedoelen zij hiermee?
    Het ecosysteem van webpagina's, mensen en apparaten zal een voorspeller worden van uiteenlopende ontwikkelingen binnen de samenleving. Vooral een 'nieuwe kennisfase' wordt voorzien.
  • In het artikel 'de zwarte kant van sociale media' worden twee verminkingen beschreven die het gevolg zijn van sociale media. Welke zijn dit?
    Het attention deficit (cultureel, sociaal psychologisch en cognitief)
    Het financial deficit (bedrijfs en macro economisch)
  • Noem de 7 kenmerken die het beeld bepalen van de mediawereld.
    1. De groei van communicatiemiddelen en communicatieproducten.
    2. De stijging van de diversiteit van mediaproducten.
    3. De digitalisering van de media: het verwerken van informatie via de computer.
    4. De convergentie: de informatiekanalen, dragers van informatie en de communicatiemedia gaan steeds meer in elkaar over. Dit is een gevolg van digitalisering.
    5. De uitbreiding van de zintuigelijke ervaring: vooral in woord en beeld.
    6. Geen scheidslijn meer tussen interpersoonlijke communicatie en klassieke massacommunicatie.
    7. De groei van het aantal professionals: het aanbod van communicatiebanen en beroepen neemt fors toe. 
  • De communicatiewetenschap in multidisciplinair, wat houdt dit in?
    Diverse wetenschappers uit verschillende gebieden (disciplines) bestuderen communicatieprocessen.
  • Communicatiewetenschap is vaak interdisciplinair, wat houdt dit in?
    Diverse wetenschappers uit verschillende gebieden werken samen om meer zicht te krijgen op het hele communicatieproces.
  • Wat zijn de zeven basiselementen van communicatie?
    1. De verbinding tussen zender en ontvanger.
    2. Het transport van communicatiegegevens.
    3. De intentie van de zender.
    4. De rol van maatschappelijke organisaties.
    5. Taalgebruik en symboolgebruik (codering).
    6. De gemeenschappelijke relatie tussen zender en ontvanger.
    7. De reacties van de ontvangers (interpretatie).
  • We onderscheiden verschillende analyse-eenheden bij een communicatieonderzoek, welke zijn dit?
    De zender (wie)
    De boodschap (wat)
    De ontvanger (tegen wie)
    Het medium (middel) 
    Gevolgen voor personen (effect)
  • Waarop was het bestuderen van communicatieprocessen in het begin van de twintigste eeuw vooral op gericht?
    De actiegerichte zendercommunicatie.
  • Wanneer kwam er meer aandacht voor effectiviteitsgerichte communicatie?
    Na 1950.
  • Wat is pas de laatste jaren het onderwerp van veel onderzoek?
    Interactief gerichte communicatie.
  • Welke drie fasen zijn er in de ontwikkeling van het denken over communicatie?
    1. De actiegerichte benadering: de handeling van de zender bepaalt alles.
    2. De effectiviteitsgerichte benadering: de zender houdt rekening met de wereld van de ontvanger.
    3. De interactieve benadering: er is wederzijdse betrokkkenheid tussen zenders en ontvangers.
  • In iedere face staat een andere benadering van het communicatieproces centraal. Als je die verschillende benaderingen ver wilt uitwerken, waar ga je dan naar kijken?
    Je kijkt dan naar de verschillende manieren waarop de basiselementen van een communicatieproces in een bepaalde samenhang onderzocht kunnen worden.
  • Bij iedere benadering hoort een apart criterium waarmee je kunt aangeven of een communicatieproces wel of niet geslaagd is. Welke hoort waar bij?
    1. De actiegerichte benadering: intentionaliteitscriterium: Zo bepaal je of de actie van de zender geslaagd is.
    2. De effectiviteitsgerichte benadering: effectiviteitscriterium: De wijze van ontvangst bepaalt of het communicatieproces geslaagd is.
    3. De interactieve benadering: interactiviteitscriterium:je gaat hiermee na in hoeverre de wederzijdse betrokkkenheid geslaagd mag heten.
  • Waarom gaat het bij communicatie als transportmiddel?
    Het overbrengen van de inhoud van de boodschap.
  • Waarom gaat het bij communicatie als cultureel ritueel?
    Het gemeenschappelijk delen en beleven.
  • Noem 3 belangrijke punten van de transportaanpak.
    1. Ieder transport is overdracht van informatie.
    2. Het gaat vooral om het overbrengen van de zakelijke en rationele inhoud van een boodschap. (Referentiele kant)
    3. De ontvanger heeft nooit precies dezelfde kennis als de zender. (Let hierdoor wel op het effect van je boodschap)
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat voor impact heeft digitalisering op printmedia?
Toegankelijk -> overal beschikbaar
Persoonlijk -> je kan zelf beslissen, de media wordt aangepast aan jou
Vervaging -> media professionals en amateurs zijn moeilijk te onderscheiden
Deze drie vormen van digitalisering zijn volgens Verwijk.
Waarom is het internet een hybride medium?
Je kan er alles mee, er zijn zoveel verschillende mogelijkheden. 
Wat zijn de verschillen tussen web 1.0 en web 2.0?


Web 1.0
Web 2.0
Sites: 250.000
Sites: 80 miljoen
Gebruikers 1996: 45 miljoen
Gebruikers 2006: 1 biljoen
User-generated content vrij smal
User-generated content enorm toegenomen
Wat wordt er bedoeld met web 1.0?
- 250.000 sites
- Één persoon heeft misschien invloed
- Internet als klassiek massamedium (broadcast)
- Soort online printmedium
- Zendergericht
- Weinig interactie
Wat is het ontstaansgeschiedenis van het internet?
1963 begon het voor militaire doeleinden (ARPA)
1969 voor universiteiten (ARPANET)
1971 eerste e-mail
1973 ARPANET internationaal
1990 CERN -> Tim Berners-Lee -> WWW -> voor iedereen beschikbaar
1991 eerste websites
Wat is het verband tussen persconcentratie, pluriformiteit, popularisering, ontlezing en crossmediaal met printmedia?
1) Persconcentratie -> Het samenvoegen van verschillende uitgevers
2) Pluriformiteit -> Veelvormigheid, inclusiviteit 
3) Popularisering -> Populair nieuws uitbrengen om relevant te blijven
4) Ontlezing -> Aantal gemiddelde dalende minuten per dag die besteed wordt aan lezen. Verband tussen lezen is op basis van geslacht, leeftijd en opleidingsniveau
5) Crossmediaal -> Centrale verhaal of boodschap die je via verschillende media kanalen verspreid
Hoe heeft de samenleving invloed gehad op de ontwikkeling van kranten en tijdschriften in de 20e eeuw?
- Ontstaan moderne consumptiemaatschappij
- Verdere ontzuiling
- Verminderde sociale cohesie -> individueler te gang gaan
- Toenemende individualisering
- Verdergaande commercialisering
- ‘Markt’ leidend
Hoe groeide de krant en het tijdschrift uit tot massamedium in de 19e eeuw?
Er waren steeds meer mensen alfabeet en het werd beschikbaar voor iedereen door de afschaffing van de dagbladzegel.
Wat is de impact van digitalisering van radio en televisie?
Toegankelijk -> overal beschikbaar
Persoonlijk -> je kan zelf beslissen, de media wordt aangepast aan jou
Vervaging -> media professionals en amateurs zijn moeilijk te onderscheiden 
Deze drie vormen van digitalisering zijn volgens Verwijk.
Wat zijn kenmerken van de publieke omroep?
- Geen winstoogmerk
- Financiering van de overheid
- Publieke taak
- Pluriformiteit waarborgen