Summary Didactiek voor de onderwijsassistent : werken met de leerling, OA4

-
ISBN-10 9085241294 ISBN-13 9789085241294
504 Flashcards & Notes
35 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Didactiek voor de onderwijsassistent : werken met de leerling, OA4". The author(s) of the book is/are I Bal. The ISBN of the book is 9789085241294 or 9085241294. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Didactiek voor de onderwijsassistent : werken met de leerling, OA4

  • 2 Didactische analyse

  • V Gelder heeft een aanpak ontwikkeld om de structuur van lessen of activiteiten handig in kaart te brengen. Er zijn oneindig veel manier te bedenken om je didactisch handelen te analyseren
    De term Dydactische Analyse DA gaat altijd over de aanpak van van Gelder
  • 2.2 Componenten Didactische Analyse

  • Uit welke componenten/onderdelen bestaat het model DA?
    Het zijn de vragen die je jezelf stelt: + ANTWOORDEN ALS KERNBEGRIPPEN
    - Wat moeten de ll  weten of kunnen na deze les? HET DOEL IS:
    - Hoe sluit ik aan bij wat ze al weten of kunnen? DE BEGINSITUATIE IS:
    - Hoe breng ik die kennis of die vaardigheden over? DE DIDACT. WERKVORM IS:
    - Wat houdt leerstof precies in en hoe orden ik die? DE LEERSTOF IS:
    - Welke activiteit lok ik uit? DE LEERACTIVITEITEN ZIJN:
    - welke hulpmiddelen zijn hiervoor geschikt? DE ONDERWIJSLEERMID. ZIJN:
    - Wat is het resultaat? Hoe is de les verlopen? EVALUATIE
  • De componenten DA van een les of activiteit zijn:
    - Doelstelling (geformuleerd in de vorm van gedrag: de ll maken sommen...)
    - Beginsituatie (is de reeds aanwezige kennis of vaardigheid)
    - Didactische werkvorm ( jouw gedrag: hoe leg je uit:demonstreer;ondersteun je..)
    - Leerstof (bvb soort sommen of aanleren aantal dierennamen)
    - Leeractiviteit (wat de ll feitelijk doet: kleuren, rekenen; ind. of in groepjes)
    - Onderwijsmiddelen (dingen die de ll gebruikt: puzzel,atlas,potlood,beamer)
    - Evaluatie (hoe alle onderdelen zijn verlopen, gaat na of je doel is bereikt. zijn de lesonderdelen goed gekozen?   

    vet = de les 

    Je kunt jezelf ook vragen stellen als:
    - Hoe was de aandacht en interesse vd ll?
    - Hoe verliep de instructie en begeleiding?
    - Heb ik materialen en leermiddelen goed gekozen?
    - Had is alles op tijd en voldoende materiaal klaar liggen?
  • Doelstellingen zijn vaak vaag geformuleerd. Je kunt ze concreet maken door de SMART formule:
    S : Specifiek (de concrete activiteit. bvb bepaalde sommen)
    M: Meetbaar (als je kunt bepalen of de doelstelling gehaald is. bvb 80%  goed)
    A: Acceptabel (niet te hoge of te lage eisen)
    R: Realistisch (afgestemd op de gegeven tijd en bestaande vaardigheden)
    T: Tijdgebonden (duidelijk voor deze les, niet voor serie lessen of heel leven)
  • 2.3 De fasen van een les

  • In je lesvoorbereiding geef je aan hoe lang elke fase vd les duurt. Noem de fasen
    - Inleiding
    Je richt de aandacht vd ll op wat volgt en frist evt. aanwezige kennis op

    - Instructie
    Je verduidelijkt de zaken, je wilt ahw uitlokken tot een bep aktiviteit; of je demonstreert. Aan het eind check je of het helder is.

    - verwerking en afsluiting  
    ll aan de slag, je ondersteunt groepjes of loopt rond.
    afsluiten door product laten voorlezen, vragen hoe een oefening gegaan is, of er nog vragen zijn, wat ze er van vonden.
  • 2.4 Persoonlijke leerdoelen

  • Op het formulier lesvoorbereiding vermeld je ook je persoonlijke leerdoel.
    bvb
    Pers. leerdoel: alle materialen die nodig zijn in de les liggen op tijd klaar.
    Beginsituatie: de materialen die nodig zijn liggen niet altijd op tijd klaar.  
    of
    alle ll even vaak aan de beurt laten komen
  • 3 Doelstelling

  • .
    .
  • 3.1 Inleiding (doelen en eisen)

  •  Wat is de eerste component van de Didactische Analyse?
    (onderdelen v.e. les of activiteit)
    1. Doelstelling
    2. beginsituatie
    3. didactische werkvorm (les)
    4. leerstof (les)
    5. leeractiviteiten (les)
    6. onderwijs leermiddelen (les)
    7. evaluatie
  • 3.2 Wat zijn doelen

  • Waar hebben doelen betrekking op?
    Op iets wat een ll doet of weet, dus niet op de leerstof.
  • Wat geeft een doelstelling weer?
    Iets wat een ll kan, wat hij voorheen nog niet kon doen.
  • Hoe formuleer je (in welke termen) een doelstelling?
    In termen van gedrag. (het gaat erom dat ze het DOEN)
  • 3.3 Drie componenten van doelen

  • Welke componenten zijn te onderscheiden in Doelen?
    1. Gedragscomponent (hoe gedraagt hij zich? bvb volgens de spelregels)
    2. Inhoudscomponent (de leerstof bvb topografische kennis)
    3. Didactische component (het rendement)


    Dit kan resulteren in de volgende doelstelling:
    De ll kunnen aan het eind vd les dmv het spelen van een kwartetspel volgens de geldend regels 40% vd Ned. steden in de juiste provincie plaatsen.
  • Welke doelen stel je bij activiteiten in het algemeen ?
    1. Standaarddoelen 
    2. Minimumdoelen 

    Je wilt dat alle ll de standaarddoelen halen. Anders krijgt de ll ondersteuning en stel je minimumdoelen. Als dit niet lukt komt de ll in aanmerking voor Zorg
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat betekenen de woorden 'standaarddoelen en minimumdoelen'?
Standaarddoelen gelden voor iedereen, de minimumdoelen voor hen die dat niet halen
Waar gaat een doel over?
Een doel gaat altijd over de LEERLING en NIET over de LEERSTOF
Leerstof is niet het doel, maar het doel is dat de leerling die leerstof hanteert! BV door een som te kunnen maken!
Waar kunnen doelen betrekking op hebben?
Doelen kunnen betrekking hebben op: VAARDIGHEDEN & KENNIS
Waar gaat het didactische component over?
De DIDACTISCHE component gaat over het LEERRENDEMENT van deze activiteit
waar gaat de inhoudscomponent over?
dat gaat over de LEERSTOF
Waar gaat gedragscomponent over?
Wat de leerling doet en hoe hij zich gedraagt
In doelen zijn drie componenten te onderscheiden. Welke?
Gedrag, inhoud en de didactische component
De STARR-methode is te gebruiken voor gespreksonderwerpen bij evaluatie. Leg uit...
S: Situatie: wat is er gebeurd; wie waren aanw.; met welke ll, in welke ruimte.
T: Taak: wat was je taak, rol, wat werd van je verwacht, wat wilde je bereiken.
A: Actie: wat heb je gedaan, gezegd. Hoe was je aanpak, hoe reageerden de ll en jij
R: Resultaat: wat is uit je activit. gekomen. Hoe is het afgelopen: ll enth.actief,lasti
R: Reflectie:hoe vind je dat je gedaan hebt? tevreden? vlgdex anders?actienodig?
Fase 3: = de EVALUATIE bespreek je met de leraar. Noem mogelijke onderwerpen
- de voorbereiding
- het groepsproces en de orde
- de doelen
- de gekozen activiteit   
- je eigen rol tijdens de activiteit 

Je kunt ook de STARR-methode volgen..
Fase 2 : = de UITVOERING
Tijdens de uitvoering houd je in de gaten dat je je voorbereiding goed volgt. Zeker als je nog leert, sla je gemakkelijk stukken over!