Summary Directe Belastingen III

-
297 Flashcards & Notes
2 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Directe Belastingen III". The author(s) of the book is/are C J van der Have. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Directe Belastingen III

  • 1 Samenloop deelnemingsvrijstelling en fiscale eenheid

  • Leidt de totstandkoming van een fiscale eenheid in beginsel tot belastingheffing? Waar vindt men de uitzonderingen op deze hoofdregel?
    Nee. Art. 15ab lid 1 en lid 6.
  • Welk artikel deelt de ratio van art. 15ab lid 2, waarin is bepaald dat latente liquidatieverliezen slechts kunnen worden verrekend met de standalonewinst van de gevoegde maatschappij? Hoe kan een art. 15ab lid 2-verlies in feite worden gekwalificeerd (als...)?
    Art. 15ae-1-a. Voorvoegingsverlies.

  • Waarom is artikel 13c met ingang van 1 januari 2012 uit de wet Vpb geschrapt?
    Invoering objectvrijstelling voor buitenlandse ondernemingswinsten.

  • Bij de voeging van wat is art. 15ab lid 1 niet van toepassing? Noem de grondslag voor de voeging?
    Vaste inrichting. Art. 15-4 Vpb.

  • Kan de vaste inrichting van een buitenlands belastingplichtige aan het hoofd staan van een fiscale eenheid?  En de vaste inrichting van een buitenlands belastingplichtige dochter? Noem het relevante artikel. Waar is dit uitgebreid geregeld?
    Ja. Art. 15-4 Vpb. Art. 29 en verder  BFE.
  • X BV heeft een schuldvordering op KD BV. X BV wil deze vordering vervreemden aan een verbonden lichaam. KD BV is gevoegd in een fiscale eenheid met D BV. Kan X BV de fiscus tegenwerpen dat zij door de fiscale eenheid tussen D en KD geen deelneming heeft? Hoe wordt dit genoemd?
    Nee. Fiscale eenheid heeft geen derdenwerking.
  • Het uiteindelijke belang in BV D is gewijzigd. Onder welke omstandigheden zijn haar verliezen nu niet meer voorwaarts verrekenbaar?
    (a) de bezittingen van de belastingplichtige bestaan grotendeels uit beleggingen (beleggingstoets); of (b) de gezamenlijke omvang van de werkzaamheden is afgenomen tot minder dan 30% van de gezamenlijke omvang van de oorspronkelijke werkzaamheden dan wel het voornemen bestaat daartoe (inkrimpingstoets).

  • Wat is de tweeledige ratio achter art. 15ai Vpb (Vakstudie)?
    (1) Voorkomen dat de fiscale eenheid slechts voor een korte periode wordt aangegaan, met als enig doel een onbelaste vermogensoverdracht te doen plaatsvinden (2) Voorkomen dat overdrachtswinst die binnen de fiscale eenheid is behaald, omgevormd wordt tot een vrijgesteld deelnemingsvoordeel.
  • BV M vormt een fiscale eenheid met BV D1 en BV D2. Op enig moment verkoopt zij de aandelen in BV D1 en BV D2 aan BV H. Vindt deze vervreemding plaats binnen de fiscale eenheid? Waaruit volgt dit? Op welk moment? Wat is dus van toepassing op de vervreemdingswinsten? Stel dat BV D1 en BV D2 tijdens het bestaan van de FE compensabele verliezen hebben opgebouwd, kunnen zij deze dan meenemen? Op grond waarvan? Als groepsverlies of als het verlies van zelfstandige maatschappijen (NDFR)?
    Nee. Art. 14-1 BFE. Na ontvoeging. Deelnemingsvrijstelling. Ja. Art. 15af-1-b. Zelfstandig.
  • Waarop zag het inmiddels afgeschafte art. 13c Vpb? Wat werd ten aanzien hiervan uitgesloten? Tot welk bedrag (Het bedrag van de...)? Waar vindt men de overgangsregeling? Waarop ziet deze?
    Omzetting vaste inrichting met verliezen in deelneming. Deelnemingsvrijstelling. Buitenlandse verliezen. Art. 33b. Bestaande gevallen.
  • Welke belastingclaim beoogt de wetgever door middel van art. 15ab lid 1 te behouden? Wanneer zal hier vooral sprake van zijn?
    Compartimenteringsclaim. Indien de dochtermaatschappij op enig moment geen deelneming vormde.
  • Indien een afgewaardeerde schuldvordering op een deelneming is vervreemd aan een verbonden lichaam, dient de vervreemder winst te nemen o.g.v. art. 13b lid 1 Vpb. Niet veel later vormt de overnemer een fiscale eenheid met de schuldenaar van deze schuldvordering. Dient nu op grond van art. 15ab lid 6 nogmaals winst - nu bij een andere maatschappij - te worden genomen over deze afgewaardeerde schuldvordering? Noem het relevante artikel. Op welk niveau wordt door dit artikel winstneming voorkomen? Waar heeft in deze situatie reeds winstneming plaatsgevonden?
    Nee. Art. 15ab lid 7. Schuldenaar. Schuldeiser.
  • 1.1 Werkcollege

  • Een moedermaatschappij in een fiscale eenheid doet als verdwijnende vennootschap mee in een juridische fusie. Zij wordt geacht haar vermogensbestanddelen te hebben vervreemd aan de verkrijgende vennootschap op grond van art. 14b lid 1 Vpb. Geschiedt deze verkrijging vóór of na de ontvoeging van de moedermaatschappij? Noem het relevante artikel.
    Na. Art. 14-2 BFE.

  • BV M en BV D vormen samen een fiscale eenheid. Op enig moment verkoopt BV M alle aandelen in BV D. Wordt de verkoop geacht plaats te hebben gevonden tijdens of na het einde van de fiscale eenheid? Noem het relevante artikel.
    Na. Art. 14-1 BFE.

  • Welke belastingclaim zal vaak opdoemen indien er sprake is van een ontvoegingstijdstip? Wanneer dient deze claim in aanmerking te worden genomen? Op grond van welk lid is verzachting mogelijk? Waar vindt men de uitzonderingen hierop?
    art. 15ai. Onmiddellijk voorafgaand aan het ontvoegingstijdstip. Lid 2. Lid 3.

  • Kan het einde van de fiscale eenheid gevolgen hebben voor de hoogte van een herinvesteringsreserve? Noem het relevante artikel.
    Ja. Art. 15aj lid 1.

  • "Vanaf het ontvoegingstijdstip van een maatschappij treedt deze met betrekking tot hetgeen zij na de ontvoeging voortzet in de plaats van de fiscale eenheid." Hoe wordt dit genoemd?
    Indeplaatstreding.
  • M BV heeft een vordering op D BV afgewaardeerd ten laste van de Nederlandse winst. Op enig moment wordt de onderneming van D BV vervreemd aan een voor M BV verbonden lichaam. Wat nu (toepassing van... via?)?
    Art. 13b-1. Art. 13b-3.
  • Noem de uitzonderingen op de toepassing van art. 15ai. Wat zijn de voorwaarden voor (b)?
    (a) Overdracht past binnen normale bedrijfsuitoefening; (b) Bedrijfsfusie; (c) Zesjaarstermijn. Overdracht (zelfstandig onderdeel) onderneming; tegen uitreiking aandelen overnemer; driejaarstermijn.
  • Kan een dochtervennootschap aandelen in de moedervennootschap houden (slechts voor zover...)?
    De moedervennootschap eigen aandelen kan houden.

  • Hoe kan er bij een ruisende juridische fusie sprake zijn van een vervreemding ex art. 13b? En bij de juridische splitsing? Hoe heten deze bepalingen?
    Art. 14b-6 Vpb. Art. 14a-7 Vpb. Verbondenheidsficties.

  • D BV wordt ontvoegd uit de fiscale eenheid. Zij heeft echter een schuld jegens de moeder. Op welk bedrag dient deze te worden gewaardeerd? Noem het relevante artikel. Kan toepassing van dit artikellid leiden tot winstneming? Waar is dit artikellid een uitvloeisel van?
    Nominale waarde. Art. 15aj lid 2. Nee. Goed koopmansgebruik.
  • M BV, D BV en KD BV vormen een fiscale eenheid. KD BV heeft een schuld aan D BV. Op enig moment vervreemdt M BV de aandelen in D BV. D BV wil gelijk een aansluitende fiscale eenheid vormen met KD BV. Heeft dit tot gevolg dat KD BV winst moet nemen op grond van art. 15ab lid 6? Waarom (niet)? Waaruit blijkt dit (Buur)?
    Nee. Geen moment van zelfstandige belastingplicht. Praktijk.
  • Art. 15ab lid 6 leidt bij de totstandkoming van de fiscale eenheid meestal tot belastingheffing op het niveau van de... Op grond van welk artikel kan de belastingheffing worden afgewenteld? Als deze afwenteling plaatsvindt, op grond van welk artikel van dan afrekening geschieden over deze claim bij het aangaan van een fiscale eenheid?

    Schuldenaar. Art. 13ba. Art. 13ba-10-c.

  • Waar is het met terugwerkende kracht aangaan van een fiscale eenheid na fusie of splitsing terug te vinden? Welk artikel moet van toepassing zijn wil hierop een beroep kunnen worden gedaan? Welke faciliteit biedt de laatste?
    Art. 18a BFE. Art. 14-3 BFE. Op verzoek wordt het ontvoegingstijdstip gesteld op de aanvang van het boekjaar waarin de fusie of splitsing plaatsvindt.

  • Wanneer zal een geruisloze splitsing/fusie in elk geval nóóit doorgang kunnen vinden? Indien... Waarop is deze voorwaarde gebaseerd? Noemt deze bron ook uitstellen van belastingheffing? Is uitstellen conform de bron? In welk arrest kwam dit aan de orde? Wat kwam in dit arrest ook aan de orde?
    in overwegende mate gericht op het ontgaan of uitstellen van belastingheffing. Art. 15-1-a Fusierichtlijn. BNB 2012/261c. 'Belastingheffing' ziet ook op andere belastingen (zoals inkomstenbelasting).
  • Waar gaat de wetgever ingevolge art. 14, 17 en 18 BFE van uit bij juridische fusie of zuivere splitsing? Hoe kan dit in deze artikelen worden gelezen? Waarop zien artikel 17 en 18 BFE? Waar dient ofwel sprake van te zijn? Wat voor claim zich door het voortbestaan van de fiscale eenheid vormen?
    Einde fiscale eenheid. A contrario. Zuivere splitsing en juridische fusie binnen de fiscale eenheid. De dochtermaatschappij houdt op te bestaan en de verkrijgende rechtspersonen maken deel uit van dezelfde fiscale eenheid. Art. 15ai-claim.

  • Hoe dienen onderlinge vorderingen en schulden bij ontvoeging uit de fiscale eenheid bij de schuldeiser te worden gewaardeerd? En bij de schuldenaar? Noem het relevante artikel.
    Nominale waarde of indien dat lager is, bedrijfswaarde. Nominale waarde. Art. 15aj lid 2.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.