Summary Duits Havo 2

-
368 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Duits Havo 2

  • 1 Hoofdstuk 1 Vokabeln

  • ik heet
    ich heiße
  • de leraar Duits
    der Deutschlehrer
  • de lerares Duits
    die Deutschlehrerin
  • wie ben jij?
    Wer bist du?
  • goedendag
    Guten Tag;  Hallo
  • hoe gaat het met je?
    Wie geht es dir?
  • wonen
    whonen
  • ik woon
    ich wohne
  • de stad
    die Stadt
  • ten noorden van
    nordlich von (puntjes op de o van norlich)
  • de moedertaal
    die Muttersprache
  • de vreemde taal
    die Fremdsprache
  • nederlands
    Niederlandisch (puntjes op de a)
  • de nederlander
    der Niederlander (puntjes op de a)
  • de nederlandse
    die Niederlanderin (puntjes op de a)
  • leren, lezen
    lernen, lesen
  • heten
    heißen
  • de muziek
    die Muziek
  • muziek maken
    Musik machen
  • huiswerk maken
    Hausaufgaben machen
  • hoe heet jij?
    Wie heißt du?
  • ik heet...
    Ich heiße...
  • wie ben jij?
    Wer bist du?
  • wie bent u?
    Wer sind Sie?
  • waar kom je vandaan?
    Woher kommst du?
  • hoe oud ben jij?
    Wie alt bist du?
  • hoe oud bent u?
    wie alt sind Sie
  • het adres
    die Adresse/ die Anschrift
  • welk adres heb jij?
    Welche Adresse hast du?
  • mijn adres is...
    Meine Adresse is...
  • ik zit in de tweede klas
    Ich gehe in die achte Klasse
  • de brief
    der Brief
  • hoe gaat het met je?
    Wie geht es dir?
  • hoe gaat het met u?
    Wie geht es Ihnen
  • het gaat goed met mij
    Es geht mir gut
  • naar bed gaan
    ins Bett gehen
  • naar huis gaan
    nach Hause gehen
  • de zus
    die Schwester
  • piano spelen
    Klavier spielen
  • de piano
    Das Klavier
  • de broer
    der Bruder
  • het boek
    das Buch
  • waar woon jij?
    Wo wohnst du?
  • in de buurt van
    in der Nahe von (met streepjes op de a)
  • oud
    alt
  • jong
    jung
  • leren
    lernen
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

het politiebureau
die Polizeiwache
de rotonde
der Kreisverkehr
graag gedaan
gern geschehen
rechtdoor
geradeaus
de straat, de weg
die Straße, der Weg
de derde straat rechts
die dritte Straße rechts
ik ben hier niet bekend
Ich bin fremd hier
over een brug
über eine Brücke
het verkeerslicht
die Ampel
de banketbakkerij
die Konditorei