Summary Economie in nederland

-
ISBN-10 900179775X ISBN-13 9789001797751
587 Flashcards & Notes
16 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Economie in nederland". The author(s) of the book is/are Hans Buunk. The ISBN of the book is 9789001797751 or 900179775X. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Economie in nederland

  • 1.1 Handelskapitalisme 10

  • Wanneer kwam het industriële kapitalisme in Nederland tot ontwikkeling?

    Na 1870. Dat was vrij laat als je het vergelijkt met omringende landen. Daarnaast verliep de industrialisatie betrekkelijk traag.

  • Het handelskapitalisme ontstond in de late middeleeuwen en was de eerste fase van het kapitalisme zoals we dat nu kennen. Kenmerken zijn: toenemende arbeidsverdeling, opkomst van de markteconomie. In de 17e eeuw maakte het een bloeiperiode door, waarna een periode van stagnatie en achteruitgang aanbrak.

  • Wie is Adam Smith?

    De grondlegger van de economische wetenschap.

  • Kapitaalgoederen zijn door de mens geproduceerde goederen die gebruikt worden voor productie, dus machines, bedrijfsgebouwen en halffabrikaten. Bij productie wordt behalve van kapitaalgoederen ook gebruikgemaakt van hulpbronnen: grond, ertsen, aardgas en menselijke arbeid in de vorm van loonarbeid. Kapitaalgoederen, natuurlijke hulpbronnen en arbeid vormen samen de productiefactoren. Productiefactoren worden in het kapitalisme ingezet om winst te maken, zo mogelijk maximaal (winstmotief is leidend).

  • 1.1.2 Opkomst en bloei van het handelskapitalisme

  • Welk tijdvak was een bloeiperiode voor de handel in Europa?

    Het tijdvak na 1150.

  • Met de ontdekking van de zeewegen naar Indië en Amerika begon de handel steeds meer het karakter van wereldhandel te krijgen. Antwerpen nam hierbij in eerste instantie een belangrijke plaats in. Later nam Amsterdam die over. Onder meer doordat de Hollanders in 1585de Schelde afsloten, waardoor Antwerpen haar directe verbinding met de zee kwijtraakte. Amsterdam werd in de loop van de 17e eeuw de 'stapelmarkt' van de internationale handel en de Amsterdamse beurs speelde een vitale rol in de wereldhandel.

  • Verschillen met de middeleeuwse handel:
    - grotere afstanden overbrugd

    - nieuwe organisatie- en ondernemingsvormen ontstonden

    De handel naar verre landen kostte een hoop geld en uitrusting voor de schepen. Daarnaast was het bijzonder riskant. Zo kwam het dat vaak meerdere kooplieden zich in handelsondernemingen verenigden om gezamenlijk de vereiste middelen op te brengen. Zo ontstonden de compagnieën. Dit zorgde voor veel concurrentie, want de meeste van deze compagnieën hielden zich bezig met de handen op 'de Oost'. Om een eind te maken aan de concurrentie werd in 1602 de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) opgericht. Deze wordt beschouwd als een van de eerste Naamloze Vennootschappen (NV). 

  • Wat is een naamloos vennootschap?

    Een ondernemingsvorm waarbij meerdere personen elk voor een bepaald deel in het kapitaal deelnemen. Kenmerkend is dat wanneer de onderneming failliet gaat of schulden maakt, de deelnemers nooit meer kunnen verliezen dan het bedrag dat hun aandelen hebben gekost. Bij vroegere ondernemingsvormen moesten de deelnemers de schulden uit hun privé-bezit betalen. De NV-vorm maakt het voor de vermogensbezitters aantrekkelijker hun geld in het bedrijf te beleggen. 

  • Kapitaal heeft verschillende betekenissen. In het geval van een NV betekend het het geld dat belegd is in de kapitaalgoederen van de onderneming. Geld belegd in kapitaalgoederen wordt ook wel vermogen genoemd.

  • Wat is een gilde?

    Een gilde is een soort beroepsvereniging, waarbij een meester leerjongens en gezellen in dienst nam. Het gilde behartigde de belangen van de handwerkmeesters die in hetzelfde beroep werkzaam waren. Ze streefden ernaar de concurrentie tussen de aangesloten ambachtslieden zo veel mogelijk te beperken, met het doel aan alle gildenleden een redelijk inkomen te verschaffen. Een belangrijk middel was de 'gildedwang', die inhield dat iedereen die een bepaald ambacht uitoefende verplicht was lid te zijn van het daartoe aangewezen gilde.

  • Wat is huisindustrie?

    De ambachtslieden werden afhankelijk van de kooplieden. Kooplieden kochten grondstoffen in, lieten dat tot eindproduct verwerken door ambachtslieden, en verkochten vervolgens zelf het eindproduct. 

  • Over arbeid.
    Arbeidsverdeling: verschillende arbeiders maken samen één product. Elke arbeider legt zich toe op één of een beperkt aantal handelingen, waardoor de arbeidsproductiviteit omhoog gaat.

    Arbeidsproductiviteit is de productie per werkende. Arbeidsverdeling zorgt voor een hogere arbeidsproductiviteit, omdat arbeiders handiger worden als ze zich maar op een beperkt aantal taken hoeven toe te leggen, ze besparen tijd doordat ze niet steeds van taak hoeven te veranderen en als gevolg van arbeidsverdeling worden er steeds betere werktuigen uitgevonden. Op deze manier neemt de welvaart toe, en daar profiteren ook de lagere standen van.

  • Wat is de fundamentele drijfveer van mensen voor economisch handelen?

    Eigenbelang.

  • Een algemeen aanvaard ruilmiddel voor goederen is geld. Als men handelt in geld, krijgen goederen een prijs. Daar zijn twee soorten in: de natuurlijke prijs, en de marktprijs.
    De marktprijs is de feitelijke prijs, zoals die tot stand komt onder invloed van de verhouding tussen vraag en aanbod. De vorming gaat als volgt: wanneer de vraag groter is dan het aanbod stijgt de marktprijs. De prijsstijging zorgt ervoor dat er meer aanbod is, omdat mensen iets wat goed 'verkoopt' graag aan willen bieden (winst). De ondernemers zullen daarom meer kapitaal ter beschikking stellen en via hogere lonen meer arbeiders aantrekken. De productie stijgt, en door het toenemende aanbod zal op den duur de marktprijs dalen.
    De natuurlijke prijs is de prijs waar de marktprijs rond fluctueert. De marktprijs kan natuurlijk wel langer boven de natuurlijke prijs zweven, bijvoorbeeld als de overheid een bepaald bedrijf monopolie verleent. De markt wordt dan beheerst door één bedrijf dat dat het aanbod beperkt en de prijs hooghoudt. Concurrentie is nodig om de prijs een zo natuurlijk mogelijk niveau te laten bereiken.

  • De delen waarin een prijs uiteen valt:

    - Winst: beloning voor het kapitaal

    - Loon: een beloning voor de arbeid

    - Grondrente: een beloning voor de grond

    De natuurlijke prijs van een goed correspondeert met een 'natuurlijk' winstniveau van winst, loon en grondrente.

Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

De student kan oorzaken noemen van de late overgang van handels- naar industrieelkapitalisme in Nederland.
De overgang van handels- naar industrieelkapitalisme in Nederland was laat vanwege:
1.Mercantilisme: beperking import, buitenlandse producten werken geweerd 
2.Hoge lonen in Nederland
3.Ontbreken van de grondstoffen in Nederland
4.Gebrekkige infrastructuur 
De student kan de geschiedenis van het kapitalisme in Nederland beschrijven, indelen in periodes
Kapitalisme in Nederland kan onderverdeeld worden in twee periodes, 1 handelskapitalisme en 2 het industriële kapitalisme.  
 
Werkgelegenheid:
Primaire sector:
            Landbouw, visserij en mijnen
Secundaire sector:
            Industrieel 
Tertiaire sector 
            Commerciële dienstverlening 
Quartaire sector
            Diensten maar niet commercieel, geen winst.
De student kan het begrip kapitalisme definiëren.
Kapitalisme: een economisch systeem dat zich bezighoudt met het creëren van zoveel mogelijk winst door middel van privé-eigendom van kapitaalgoederen en grond. 
De student kan uitleggen waarom de economische wetenschap een sociale wetenschap is
De economie als wetenschap houdt zich bezig met de menselijke behoeftebevrediging.
De student kan de aspectbenadering en de domeinbenadering van economie als wetenschap van elkaar onderscheiden.
Economie als aspectenbenaderingàDit bestudeert de relatie tussen behoeftes en schaarste.
Economie als domeinbenaderingàDit bestudeert welvaart, geld, werk, consumptie, productie etc. 
Wat zijn de drie taken van de Nederlandsche Bank? 
1) Medebepalen en uitvoeren van het gemeenschappelijke monetaire beleid in het eurogebied
2) Zorgen voor een goede werking van het betalingsverkeer
3) Het houden van toezicht op de financiële instellingen en de financiële sector; dus ook pensioenfondsen en verzekeraars
Wat houdt interveniëren op de valutamarkt in?
Als de centrale bank de eigen valuta koopt of verkoopt tegen vreemde valuta's. 
Wat houdt de vaste geldgroeiregel in? 
Dit heeft vastgelegd met hoeveel procent de geldhoeveelheid jaarlijks mag toenemen. 
Welke twee vormen van inflatie zijn er? 
1) Bestedingsinflatie: als de vraag hoger is dan de productiecapaciteit. Er zijn dan minder producten van beschikbaar, dus gaat de prijs omhoog. 
2) Kosteninflatie: bevindt zich aan de aanbodkant: als de productiekosten stijgen. Dit kan weer een oorzaak zijn van de verhoging van invoerprijzen, rentelasten of loonkosten. Ook overheidsmaatregelen kunnen kosteninflatie veroorzaken. 
Aan de hand van wel gegeven kan de inflatie of deflatie gemeten worden? 
Aan de hand van het prijsindexcijfer kan de inflatie of deflatie gemeten worden. Dit is de gemiddelde prijsontwikkeling van een pakket goederen en diensten. 
In Nederland heet het prijsindexcijfer -> consumentenprijsindex.