Summary Economie vastgoed

-
ISBN-10 9001342914 ISBN-13 9789001342913
334 Flashcards & Notes
7 Students
  • These summaries

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary 1:

  • Economie vastgoed
  • J Buist, J Wagenmakers
  • 9789001342913 or 9001342914
  • [1e dr.].

Summary - Economie vastgoed

  • 1 economie

  • hoe worden gezinnen in de economie genoemd

    Consumentenhuishoudingen

  • Met de beschikbare middelen, het inkomen, proberen ze zo veel mogelijk doelen te realiseren. Voedsel, kleding, hypotheek, energie, studie.

  • wat is de doelstelling van een bedrijfshuishouding?

    Een maximaal resultaat, maximale winst tegen minimale kosten

  • net als bij de consumentenhuishoudingen combineren de bedrijfshuishoudingen (bedrijven) ook op zodanige wijze de beperkt aanwezige grondstoffen. machines en personeel.

     
  • wat betekent maximale behoefte bevrediging?

    Het maken van keuzes uit diverse alternatieven die beperkt beschikbaar zijn.

  • Hoe wordt het genoemd wanneer zowel bedrijven als consumenten zoveel mogelijk behoeften proberen te bevredigigen

    nutsmaximalisatie

  • Ze proberen met de beschikbare middelen combinaties te maken die hen maximaal nut opleveren.

  • alternatief afwendbaar, geef 2 voorbeelden?

    -Consument kan voor zijn vakantiegeld een fiets kopen of een vakantie boeken.

    -een bedrijf kan kiezen voor meer personeel of juist meer automatisering.

  • 1.1 het begrip economie

  • Economie - huishoudkunde
  • * Consumentenhuishoudingen:
    - voedsel supermarkt
    - kleding kledingwinkels
    - aflossing hypotheek
    - gas, water en licht
    - studie kinderen
    - vakantie

    Inkomen moet toereikend zijn om alles te kunnen honoreren.
    Dus verstandige keuzes maken.
  • * Bedrijfshuishoudingen (bedrijven):
    - aanwezige grondstoffen
    - machines en personeel

    Op zodanige wijze te combineren om zo de doelstelling zo efficiënt mogelijk te bereiken.

    DOELSTELLING: is maximaal resultaat
    'maximale winst tegen minimale kosten'.
  • BELANGRIJKE ECONOMISCHE BEGRIPPEN:

    * Maximale behoeftebevrediging:
    - keuzes maken uit diverse alternatieven die beperkt beschikbaar zijn.

    * Nutsmaximalisatie:
    - consumenten als bedrijven proberen zoveel behoeften te bevredigen.
    - met beschikbare middelen combinaties maken die hen maximaal nut opleveren.

    * Schaarste:
    - spanning tussen de behoeften enerzijds en de beschikbare middelen anderzijds.

    - behoeftes zijn eindeloos maar onze middelen (inkomens) laten dat niet toe.
    - bedrijven moeten de keuze maken om de behoefte aan meer winst te bevredigen.

    * Alternatief aanwendbaar:
    - beschikbare schaarse middelen alternatief aanwendbaar.
    - consument kan van zijn vakantiegeld nieuwe fiets kopen of reis maken.

    Bedrijf kan kiezen voor meer personeel of juist meer automatisering.
    (Om zo efficiënt mogelijk te produceren).
    (Overheid kan investeren in landbouw of juist informatietechnologie)
    (Om voor het land zoveel mogelijk profijt ofwel nut binnen te halen).
  • 1.2 welvaart welzijn welstand

  • Wat is welvaart?

    Welvaart is de mate waarin de behoeften met de beschikbare middelen kunnen worden bevredigd.

  • * Welvaart:
    - de mate waarin de spanning tussen behoeften en beperkte middelen is opgeheven.
    (De mate waarin de behoeften met de beschikbare middelen kan worden bevredigd).
    - In Nederland kunnen de meeste behoeften; voedsel, onderdak, transport en recreatie redelijk tot goed worden bevredigd.
    (EEN REDELIJKE WELVAART)
  • wat betekent welzijn?

    Een mate van bevrediging van behoeften die niet afhankelijk zijn van schaars beschikbare middelen. Deze middelen zijn kosteloos en onbeperkt beschikbaar.

  • * Welzijn:
    - de mate van de bevrediging van de behoeften die niet afhankelijk zijn van schaars beschikbare middelen.
    - deze middelen zijn kosteloos en onbeperkt beschikbaar; zuurstof in de lucht, natuur, zout, water uit de zee.
  • Noem 4 middelen die kosteloos bijdragen aan het welzijn van de mens?

    Zuurstof, natuur, zoutwater uit de zee, Geluksgevoel, verliefd zijn.

  • * Welstand:
    - persoonlijk voorspoed in de zin van gezondheid en bemiddeld zijn.
  • Tot slot heb je welstand, dit heeft te maken met persoonlijke voorspoed in de zin van gezond en bemiddeld zijn.

  • 1.3 behoeften

  • wat is een behoefte?

    Behoefte is het menselijk verlangen waaraan voldaan wordt door de beschikking over schaarse goederen en diensten.

  • * Behoefte:
    - is het menselijk verlangen waaraan voldaan wordt door de beschikking over schaarse goederen en diensten.

    - een eenmaal vervulde behoefte leidt vanzelf tot het ontstaan van meer behoeften.
  • De behoeften van de mens zijn oneindig.

    Bijvoorbeeld: Woning - als student heb je kamer, na je studie wil je graag appartement, met je gezin wil je 2 onder een kap, vrijstaande woning, etc

  • * Behoeften categorieën:
    1. primaire versus secundaire behoeften:
    voedsel, onderdak en veiligheid

    en secundaire behoeften (zijn behoeften aan goederen die niet noodzakelijk zijn zoals luxe goederen en reizen.

    2. stoffelijke versus onstoffelijke behoeften:
    - behoeften aan tastbare goederen zoals voedsel, auto's en stoelen.

    en onstoffelijke behoeften zijn immateriële goederen zoals dienstverlening.

    3. Individuele versus collectieve behoeften:
    - eigen behoeften van de individuele consument die hij ook individueel kan invullen (commerciële bedrijven voorzien veelal in deze behoefte)

    en collectieve behoefte kan niet individueel ingevuld worden: veiligheid, rechtspraak, wegen en onderwijs.

    - De overheid voorziet vooral de bevrediging van deze collectieve behoeften.
  • Een eenmaal vervulde behoefte leidt vanzelf tot het ontstaan van meer behoeften. De behoeftenbevrediging wordt slecht geremd door het inkomen.

  • Behoeften kunnen we onderscheiden in een aantal categorieën.

    • Primaire versus secundaire behoeften: Voedsel, onderdak, veiligheid (elementair), en secundair zijn behoeften aan goederen die niet noodzakelijk zijn, bijv.: luxegoederen en reizen. 
    • Stoffelijke versus onstoffelijke behoeften: Stoffelijke behoeften zijn tastbaar, voedsel, auto s en stoelen. Onstoffelijke behoeften zijn immaterieel, bijv.: dienstverlening.
    • Individuele versus collectieve behoeften:    Individuele behoeften zijn eigen behoeften van de individuele consument. Collectieve behoeften zijn behoeften die iedereen heeft maar niet individueel kan invullen. Bijv. veiligheid, rechtspraak, wegen en onderweijs. Overheid voorziet vaak in collectieve behoeften.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 2:

  • Economie Vastgoed
  • J Buist, J Wagenmakers
  • 9789001795733 or 9001795730
  • 2e dr.

Summary - Economie Vastgoed

  • 1 Inleidende begrippen in de economie 11

  • Wat onderzoekt de algemene economie als wetenschap?
    Zaken als consumentengedrag, producentengedrag en marktwerking. Zij probeert voor economische gebeurtenissen op wetenschappelijke wijze verklaringen te geven.
  • Wat is een schaarste ?

    schaarste is de relatie tussen behoeften en middelen ( vakantie - inkomen)

  • Gezin is een consumentenhuishouding, Bedrijf is een bedrijfshuishouding

  • Wat zijn voorbeelden van dingen die belangrijk zijn voor het nemen van investeringsbeslissingen in onroerend goed?
    Inkomensontwikkeling en groei van de productie binnen de Nederlandse economie. Daarnaast zijn moeilijk meetbare begrippen als 'vertrouwen in de economie' of 'vertrouwen in de Euro' belangrijke indicatoren.
  • Hoe probeert de algemene economie de economische verschijnselen te verklaren?
    Met behulp van modellen en theorien
  • begrip om met zo weinig mogelijk middelen zoveel mogelijk behoeften bevredigen ?

     

    nutsmaximalistatie OF maximale behoeftenbevrediging

  • wat is alternatief aanwendbaar

    schaarse middelen zijn vervangbaar, bijv. niet op vakantie gaan maar een fiets kopen

  • welvaart is de mate waarin de behoeften bevredigd kunnen worden, in Nederland hebben wij een redelijk tot goede welvaar

  • bij welzijn ben je niet afhankelijk van schaarse goederen, dit heeft meer te maken met hoe je je voelt, verliefd zijn en goed in je vel zitten

  • als je een goede welstand hebt betekent het dat je gezond en bemiddeld bent.

  • beschrijf het begrip Behoefte!

    behoefte is het menselijk verlangen naar middelen en schaarse goederen

  • de behoeften van een mens zijn oneindig, als student wil je een kamer, daarna een appartement, dan een 2 onder 1 kapper, dan een villa, en daarna een extra vakantiehuis

  • de behoeftebevrediging wordt slechts geremd door het beschikbare inkomen

  • noem voorbeelden van primaire en secundaire behoeften

    primair: voedsel en onderdak! Secundair: luxegoederen en vakanties

  • stoffelijke en niet stoffelijke goederen hebben ermee te maken of het tastbaar of immaterieel is zoals voedsel of bijv. dienstverlening

  • wat is het verschil tussen individuele behoeften en collectieve behoeften ?

    individueel kunnen worden opgelost door jezelf, collectieve behoeften zijn van grote groepen  en worden veelal opgelost door de overheid

  • het inkomen van de overheid de wordt verworven door belastingen en premies van consumenten en bedrijven wordt gebruikt om te voorzien in collectieve behoeften

  • hoe kan je sparen definiëren ?

    het opslaan van koopkracht, uitgesteld consumeren, bewaren van middelen

  • wat is het verschil tussen bruto inkomen of netto (beschikbaar) inkomen ?

    van het BRUTO inkomen moeten belastingen en premies nog af, van het NETTO inkomen is dit er al af en alles hiervan is uiteindelijk beschikbaar voor de consument.

  • wat geeft de LORENZ-Curve weer ?

    de verdeling in een land tussen mensen die geld verdienen door lonen en mensen die bijv geld verdienen doordat ze een uitkering krijgen en de verhouding tussen deze 2 groepen

  • wat is productie ? 

    het geschikt maken van diensten en goederen voor gebruik

  • welke 3 klassieke productiefactoren kan de aanbieder (producent) inzetten bij de productie ?

    natuur, arbeid, kapitaal

  • wat behoort er tot de productiefactor natuur ?

    grondstoffen en delfstoffen (alles wat de natuur voortbrengt)

  • wat is het Allocatie vraagstuk ?

    de mate waarin de overheid zich bemoeit met de verdeling van productie mogelijkheden en de mate waarin marktwerking wordt toegestaan

  • welke 3 vormen van de economische orde kennen we ?

    centraal geleide, vrije, georienteerde markteconomie

  • bij een centraal geleide markteconomie regelt de overheid ALLES: hoeveel word er geproduceerd maar ook bijv. de verkoopprijzen van artikelen

  • bij een vrije markt economie doet de overheid niets aan marktverdeling en houdt het zich alleen bezig met kerntaken zoals: defensie en justitie

  • Nederland kent een georiënteerde markteconomie.

  • welke 3 niveau's kent men binnen de economie ? van groot naar klein !

    Macro, Meso, Micro

  • Waarover gaat Macro eco ?

    het land (overheid, consumptie van een land)

  • waarover gaat Meso eco ?

    economische processen op het niveau van bedrijfstakken

  • waarover gaat Micro eco ?

    alles wat zich afspeelt binnen het bedrijf en de individuele consument

  • wat zijn economische indicatoren en wat doen ze ?

    ze maken de macro economische-stand meetbaar, ze zeggen ieder apart iets over de macro economie en in relatie met elkaar ook

  • noem 6 macro-economische factoren ? 

    Bruto Binnenlands Product, Conjuncturele situatie, Consumenten vertrouwen, Werkeloosheid, Prijsontwikkeling, Orderportefeuille bedrijven

  • wat gebeurt er in een hoogconjunctuur ?

    consumenten zijn bereid het geld te laten rollen, dit resulteert vaak in in hogere en meer uitgaven

  • wat is de index van consumenten vertrouwen ?

    wanneer het vertrouwen van de consument groot is zal deze eerder bestedingen doen dan wanneer het consumentenvertrouwen laag is

  • wat doet de ontwikkeling van werkeloosheid met de consument ?

    het leidt vaak tot voorzichtigheid en het minder doen van aankopen!

  • wie voorzien de bedrijven uit de particuliere sector van inidividuele goederen ?

    consumenten 

  • hoe berekenen we het nationaal inkomen (Y)

    C+B+S = Y

  • een nationale uitgave zijn bijv. belastingen die door consumenten worden betaald, deze gaan het land uit via bijv. ontwikkelingshulp, het komt echter ook binnen via bijv. subsidies die worden gegeven door de EU

  • wat is de bruto toegevoegde waarde ?

    de toegevoegde waarde inclusief de bedragen voor de vervangingsinvestering 

  • wat is de netto toegevoegde waarde ?

    de toegevoegde waarde exclusief de bedragen voor de vervangingsinvestering (die zijn er dus vanaf)

  • hoe kun je hoogconjunctuur en laag conjunctuur ook wel beschrijven ?

    HOOG = dreiging van overbesteding LAAG = dreiging van onderbesteding

  • welke 2 vermogensmarkten zijn er ?

    geldmarkt en kapitaalmarkt

  • op een geldmarkt worden leningen van minder dan 2 jaar gegeven, op een kapitaal markt de langerlopende

  • noem een paar voorbeelden van een vermogenstitel ?

    obligatie, aandelen, opties

  • waarvan zijn de KORTE en de LANGE rentes afhankelijk ?

     

    KORT-  v en a op de  Geldmarkt, LANG - v en a op deKapitaalmarkt

  • hoe noem je direct rendement ?

    Dividend 

  • wat is  indirect rendement ?

    winst na verkoop  (koerswinst)

  • wat is de nominale waarde van een aandeel ?

     

    de nominale waarde van een aandeel is het bedrag wat er op staat, dus het bedrag wat in de statuten van de uitgever staat gedeeld door het aantal uitgegeven aandelen

Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

OESO, waar staat dit voor en wat doen ze?
Organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling. Internationale organisatie die zich, vanuit een wetenschappelijke invalshoek, bezighoudt met onderwerpen die voor de economische en sociale ontwikkeling van landen van bbelang zijn .Hoofdkantoor, parijs. EU +australie canada japan mexico nz slove turki vs ijsland zuid kor zwits.
Wat doet de ECB?
Bewaker van het vertrouwen in de euro en zorgt voor prijsstabiliteit door de inflatie te maximeren op 2%. Publicaties over bbp, werkloosheid en inflatie.
Wie is er in nederland verandwoordelijk voor mededinging?
NMA, nederlandse mededingingsautoriteit
We kunnen de uitgaven van de overheid ook uitdrukken in quotes, noem deze?
Cellectieve uitgaven quote, staatsschuldquote.
De burgers kiezen via democratische verkeizeingen hun overheid, die vervolgens beleid maakt. Dit beleid voert de overheid uit via het...?
Budgetmechanisme
Hoe noemen we een boekhoudkundig evenwicht ook wel?
Formeel evenwicht. Alle rekeningen zijn dan in evenwicht. Bij overschot of te kort geen formeel evenwicht.
Wat betekent materieel evenwicht?
Als er sprake is van een redelijk evenwicht tussen inkomsten en uitgaven op zowel de lopende rekening als de kapitaalrekening spreken we van een materieel evenwicht.
Wat zijn bagatellen?
Dit zijn situaties waarbij prijsafspraken wel zijn toegetaan, omdat de prijsafspraken zijn gemaakt tussen partijen die maar maximaal 5% vd markt bedienen en een omzet van minder dan 200 miljoen hebben.
wat doet de NMa (Nederlands mededingingsautoriteit)
NMa is de waakhond over het voortbestaan van een gezonde concurrentie, de Nma doet dit binnen Europese kaders en afspraken. Ze mag bij verdenking bedrijven binnenvallen en administratie in beslag nemen voor nader onderzoek en boetes opleggen.
Wat is een kartel?
Een samenwerkingsverband tussen zelfstandige bedrijven die een groot deel vd markt bedienen.