Summary Een kennismaking met de oude wereld

-
ISBN-10 9062832350 ISBN-13 9789062832354
261 Flashcards & Notes
28 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Een kennismaking met de oude wereld". The author(s) of the book is/are L de Blois R J van der Spek. The ISBN of the book is 9789062832354 or 9062832350. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Een kennismaking met de oude wereld

  • 1 Het Oude Nabije Oosten

  • Waardoor werd de opkomst van de culturen rond het Middelandse-Zeegebied gekenmerkt?

    Door toenemende verstedelijking, staatsvorming en de uitvinding van het schrift.

  • Wat kenmerkte de opkomende culturen rond 3000 v.Chr.?
    Toenemende verstedelijking, staatsvorming en de uitvinding van het schrift.
  • De steentijd is de periode voor de verstedelijking rond 3000 v. Chr. in Mesopotamië. 

  • Wat is de steentijd?
    Periode waarin men gebruik maakte van stenenwerktuigen. Onderverdeeld in de oud, midden en nieuwe steentijd.
  • Wat kenmerkt de oude en middensteentijd?
    Mensen leefden van jagen en verzamelen.
  • Wat kenmerkt de nieuwe steentijd?
    Vanaf 10.000 v.Chr. begon men zelf kweken van graansoorten en het temmen en telen van dieren. Bovendien gebruikte men toen gepolijste stenenwerktuigen.
  • Wat is de Neolitische revolutie?
    De overgang van jagen en verzamelen naar sedentarisme.
  • Welke soorten landbouw kennen we?
    Irrigatielandbouw en regenlandbouw.
  • Welke kenmerken heeft de irrigatielandbouw?
    Productiever dan regenlandbouw. Het best mogelijk in Egypte waar de Nijl voor de zaaitijd overstroomt. 
  • Welke kenmerken heeft de regenlandbouw?
    minimaal 250 mm regen per jaar. Kwetsbaar vanwege die afhankelijkheid.
  • Wat betekende de uitvinding van de landbouw?
    het schiep de mogelijkheid dat meer mensen langer op dezelfde plaats konden blijven wonen en dat meer mensen zich voltijds met d andere zaken dan voedselproductie konden bezighouden.
  • Welke functies had een tempel in Mesopotamie?
    De tempel was een grote organisatie met veel land en hield zich bezig met landbouw, veeteelt en ambacht en had talrijke mensen in dienst. Uit de behoefte van de tempeleconomie ontstond het spijkerschrift (3400-3200).
  • Van welk systeem maakte het spijkerschrift/hieroglyfenschrift gebruik?
    Deels pictografisch (elk woord een afbeelding) en deels ideografisch (elk woord een symbool). Later konden tekens ook klanken (lettergrepen) afbeelden.
  • Waardoor ontstond de haat-liefde verhouding tussen nomaden en landbouwers?
    Haat omdat de gesedentariseerden bang waren voor plundering en liefde omdat ze elkaars goederen nodig hadden.
  • Wat waren de geografische verschillen tussen Egypte en Mesopotamie?
    Egypte lag veel geïsoleerder door de woestijn en had de Nijl die voor de zaaitijd overstroomde in plaats  van de Eufraat en de Tigris die erna overstroomden.
  • Hoe wordt de Egyptische geschiedenis ingedeeld?
    Danwel in Dynastieën, dan wel in Rijken. 
  • Wie was Manetho
    De bedenker van de dynastieën, hij was een priester en leefde in de 3e eeuw v. Chr. Systeem was geordend op koningsgeslacht, 30 stuks. 
  • Wat is de moderne indeling?
    drie rijken, dat zijn perioden waarin Egypte grote voorspoed kende.  Deze werd afgewisseld met perioden van verval, zgn tussenperioden.
  • Welke rijken onderscheiden we en welke jaartallen horen daarbij?
    Het oude rijk van 2600 tot 2150, het middenrijk van 2000 tot 1800 en het nieuwe rijk van 1550 tot 1100. We onderscheidden ook nog een late tijd deze duurde van 750 tot 1922 n. chr.
  • Waardoor kwam het oude rijk ten einde?
    de gouwvorsten of wel provinciehoofden kregen teveel macht omdat de grond die zij als salaris kregen erfelijk werd en daarmee de functie ook, ten koste van de farao.
  • Wie hebben Mesopotamie grootgemaakt?
    De Sumeriers en de Akkadiers. Zij maakten de steden groot, pasten het schrift op grote schaal toe en ze gaven vorm aan de beeldhouwkunst, bouwkunst, godsdienstige voorstellingen, literaire stijlen, opvattingen over koningschap en recht en maatschappij. 
  • Hoe zag de staat van de Sumeriers eruit?
    De sumeriers hebben geen grote rijken gekend, ze woonden in stadstaten die onder leiding stonden van een priestervorst, maar na verloop van tijd kwam er een scheiding tussen staat en religie met een koning.
  • Wie waren de Akkadiers
    Zij danken hun naam aan de stad Akkad. Rond 2300 werd dit het centrum van een `wereldrijk`. Dit was onder Sargon de Grote, zijn rijk omvatte heel Mesopotamië. Ze namen veel over van de Sumeriers. Het rijk ging echter ten onder door lokale opstanden en invallers. 
  • Wat is de Sumerische Renaissance?
    De heropleving van Sumerische steden (2100-2000). Gekenmerkt door de derde dynastie van Ur die tot zn eind kwam door de infiltratie van de Amorieten. Plaatselijke gouverneurs maakten van de chaos gebruik om de banden met Ur los te snijden. Ook een periode van klimaatverandering heeft hierop zijn invloed gehad: door toenemende droogte moesten de nomaden opschuiven.
  • Welke ontwikkelingen maakte Egypte door tussen 2000-1800?
    Er was toen sprake van het middenrijk. De eenheid werd hersteld. Thebe werd de nieuwe hoofdstad, Egypte breidde zich uit en de opvolging werd soepeler geregeld. Na het middenrijk werd Egypte overheerst door de Hyksos.
  • Hoe ontwikkelde Assyrie zich?
    Vanaf 2000 werd de stad Assur zelfstandig en begon een periode van grote bloei. Met name dankzij het handelsverkeer. Na 1800, toen er een korte inzinking was, kwam het rijk weer tot bloei en breidde het zich uit.
  • Hoe ontwikkeld Babylonië zich?
    Was tot 1800 nog een zeer onbekende stad maar begon tussen 1800 en 1600 een zeer belangrijke politieke rol te spelen. Zelfs in zwakke tijden bleef babylonie een centrale rol spelen. Onder Hammurabi beheerste Babylon heel Mesopotamië en zelfs Assyrië. Na Hammurabi begon het rijk af te brokkelen.
  • Welke rijken speelden een centrale rol in de late bronstijd?
    tussen 1600 en 1200 waren er een aantal grote rijken die elkaar in evenwicht hielden. Het gaat dan om Egypte (het nieuwe rijk), Mitanni, Hethitische rijk, Assyrie en Babylonie. In dezelfde tijd valt de Minoische beschaving. 
  • Waarop berustte de macht van deze staten?
    De strijdwagen, een uitvinding van rond 1600. Deze wagens waren met name in bezit van de aristocratie. 
  • Wat tekende het nieuwe Rijk in Egypte?
    1550-1100. Opnieuw eenheid door Thebaanse gouwvorsten. Begonnen met het verdrijven van de Hyksos. Vanaf 1550 kwam er een nieuwe dynastie die zichzelf farao´s lieten noemen, zij begonnen met het stichten van een imperium. 
  • Wie was Achnaton en wat deed hij?
    Achnaton was een farao en leefde rond 1350. Hij poogde een monotheïstisch systeem te integreren welke draaide om Aton, de zonnegod. Hij liet een nieuwe hoofdstad bouwen. Met de verandering in Godsdienst veranderde ook de kunst, deze werd vrijer. Hij verwaarloosde het imperium en werd opgevolgd door Tt-anch-Amon die alles weer het oude maakte. 
  • Hoe eindigde het Egyptisch rijk?
    Met de opkomst van Ramses II (1279-1212). Onder zijn bewind herstelde Egypte zich nog eenmalig. Hierna ging alles steeds slechter en werd Egypte vaak overheerst door andere volkeren.
  • Hoe ging het met Babylon en Assur?
    Na de val van het oudbabylonischrijk namen indringers uit het oosten (kassieten) de macht over. Zij pasten zich aan aan de cultuur. Assyrie was aanvankelijk zwak. Echter door de opkomst van de Hethieten konden ze weer een zelfstandige rol spelen.
  • Wat was het Hethitische rijk?
    Een volk dat zich rond 1700 ontwikkelden. Ze wisten bijna tot Babylon door te dringen maar door troonstrijd ging dit fout. Herstel vond plaats dankzij Suppiluliumas die veel steden onderwierp.
  • Hoe werden de culturen in Griekenland en op Kreta genoemd?
    De Minoische op Kreta naar koning Minos en de Helladische van Griekenland in Mycene. 
  • Wat kenmerkte de Minoische cultuur?
    Vreedzaamheid, geen muren, vredelievende muurschilderingen. Belangrijke stad was Knossos. Men kende een paleiseconomie. De bloei van Kreta ontstond door bloeiende handel. Omstreeks 1450 veroverde een Myceense expeditie Kreta. 
  • Wat gebeurde er na 1600 in de Griekse wereld?
    Er kwam een nieuwe bloeiperiode van stedelijke centra zoals Mycene. Daarnaast werd de beschaving een stuk militaristischer. Er kwamen paleisforten met een koning en wagenstrijders(elite). Ook nam men het schrift van Kreta over (Lineair A) en paste dat aan (lineair B).
  • Hoe kan het dat we zoveel over internationale betrekkingen weten?
    We beschikken over drie soorten bronnen van tussen 1600 en 1200. Allereerst dankzij een groot archief in Egypte. Daarnaast zijn Hethitische verdragen in grote getalen bewaard gebleven. Een derde bron zijn de annalen die zijn aangebracht op muren, kleitafels etc.
  • Welke omwentelingen vonden er plaats rond 1200?
    Het Hethitisch imperium ging ten gronde, Egypte verloor zijn machtspositie in de Levant en Nubie. Assyrie en Babylon werden verzwakt. Zeevolkeren (Filitstijnen) bedreigden de volkeren. Daarnaast begon in de 12e eeuw de ijzertijd. 
  • Hoe konden zelfstandige stadstaten zich gemakkelijk ontwikkelen?
    Door de val van de grote rijken hadden kleinere rijkjes de mogelijkheid om hun eigen gang te gaan, denk bijvoorbeeld aan de Feniciers. Zij waren een doorgeefluik van de oude oosterse culturen naar Europa. Daarnaast vonden zij het alfabet uit. 
  • Waarom is de bijbel als historisch boek niet erg betrouwbaar?
    Omdat deze pas tot stand is gekomen in de babylonische ballingschap. Daarvoor werd het van mond op mond overgegeven. Daarnaast is de duidelijke boodschap ook lastig. 
  • Waarom speelden de Israëlieten geen grote rol?
    Ze leefden erg verbrokkeld, waren nog niet bereid/in staat een rijk in stand te houden. Hierna viel het rijk uiteen. In de achtste eeuw werden ze vazalvorstendommen van Assyrie. 
  • Hoe ontwikkelde het Nieuw Assyrische rijk zich?
    Ze hadden zich na 1200 nog redelijk staande gehouden. Dankzij een voortdurende strijd werd het leger steeds effectiever en door vernieuwingen werd het leger erg sterk. Tiglath Pileser III (745-727) werd koning en hij bracht grote gebieden onder assyrisch gezag. Wanneer een volk werd overwonnen werd het gedeporteerd.
  • Welke gevolgen had de deportatiepolitiek?
    Wanneer de Assyriers een volk hadden overwonnen deporteerden zij vaak de bovenlaag van de bevolking. Ook wanneer er opstanden kwamen kon dit gebeuren. Door deze politiek verwaterde echter het Assyrisch karakter in het Assyrisch kerngebied. Het Babylonisch-Assryrisch moest langzaam het veld ruimen voor het Aramees. 
  • Wat was de Saitische Renaissance?
    Toen de Assyriers ook Egypte inlijfden (671-631) stelden zij gouwvorsten (gouverneurs) aan. Een van hen, Psammetichus I wist in 655 de assyrische macht af te schudden. Hij en de koningen (het Saitische huis) die na hem volgden probeerden de oude Egyptische cultuur te laten herleven, dit wordt de Saitische Renaissance genoemd.
  • Hoe kwam het Assyrische rijk tot val?
    Het verlies van Egypte kondigde de ondergang al aan. Langzaam verloren de Assyriers de macht. De stabiliteit van het rijk hing zwaar aan de koning. Na het overlijden van Assurbanipal in 631 ontstonden er opstanden plaats en er dongen drie mensen naar de troon. Een van deze mensen bracht samen met de Meden uit het oosten het rijk ten val. Tussen 614 en 609 werden alle hoofdsteden verwoest. Hieruit kwamen 2 nieuwe rijken voor. Het medische en het nieuw Babylonische.
  • Hoe ontwikkelde het Nieuw Babylonische rijk zich?
    Uit de ruines van het Assyrische rijk ontstond dus het babylonische rijk. De grondvester van dit rijk was dus Nabopolasser, hij zou een chaldees zijn geweest, zo wordt het rijk ook wel genoemd. De Babyloniers zagen dit zelf niet als iets positiefs. De eigenlijke grondvester was Nebukadnessar II (605-562). De Babyloniers gingen ten onder toen de laatste koning er een potje van maakten. Er was ontevredenheid en was dan ook een makkelijke prooi voor Perzie in 539.
  • Hoe ontwikkelde het Perzische rijk zich?
    Het Perzische rijk kwam voort uit het Medische rijk. Rond 550 kwam de Pers Cyrus in op stand tegen de Meden. Hij veroverde de hoofdstad en nam de heerschappij over. Sindsdien spreken we van het Perzische rijk. Hij maakte het tot een wereldrijk. Hij gaf de Joden ook toestemming om de tempel te herbouwen. 
  • Hoe en door wie werd het Perzische rijk gereorganiseerd?
    Darius I (522-486) reorganiseerde het rijk, hij vormde 20 satrapieën, soort van provincie, geregeerd door een satraap. 
  • Wat waren kenmerken voor de godsdienst in het oude nabije oosten?
    Ze waren polythiestisch, de goden waren personificaties van kosmische verschijnselen zoals hemel, lucht en aarde. Elke staat en stad had een eigen oppergod. Er werden makkelijk nieuwe goden opgenomen. Het doel was altijd om de goden gunstig te stemmen, er was een voor wat hoort wat cultuur. De verering was ook vrijwel altijd een staatsaangelegenheid.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Welke twee landbouwsoorten onderscheiden we en waar werden deze veel uitgevoerd?
Regenlandbouw, kwetsbaar door de verschillen in neerslag (noordelijk Mesopotamië, Iran en het kustgebied van de Middellandse Zee) en irrigatielandbouw, stabieler en productiever (zuidelijk Mesopotamië (kunstmatige irrigatie) en Egypte (natuurlijke irrigatie)).
Wat is het grootste verschil tussen de oude- en middensteentijd en het nieuwe steentijd (het Neolithicum)?
De neolithische revolutie kwam op gang: het zelf kweken van graansoorten en het temmen en telen van dieren. In de nieuwe steentijd werd gewerkt met gepolijste stenen werktuigen, in tegenstelling tot ruwere stenen werktuigen in de oude- en middensteentijd.
Hoe kenmerkte de opkomst van culturen even voor 3000 v. Chr. zich?
Door een toenemende verstedelijking, staatsvorming en de uitvinding van het schrift.
Waar ontstonden de eerste beschavingen die hun stempel op de geschiedenis hebben gedrukt?
Aan de oevers van de rivieren Eufraat en Tigris in Mesopotamië (Irak) en de Nijl in Egypte.
Staatsvormen op een rij
Monarchie: alleenheerschappij door de koning

Tirannie: Heerschappij van een tiran. De tiran heeft de macht naar zichzelf getrokken en deze is niet gelegitimeerd. 

Aristocratie: regering van leden van adellijke geslachten

Oligarchie: regering van een kleine groep machthebbers die niet per se van adellijke afkomst hoeven te zijn.

Timocratie: regeringsvorm waar vermogenscriteria gelden
Democratie: regering door het volk
Waarom gebruiken wij de term prehistorie?
omdat er geen schriftelijke overblijfselen zijn van deze tijd. We moeten het doen met vondsten en de periodes zijn aan de hand van houdbaar materiaal ingedeeld.
Wat hebben de Grieken in de westmediterrane gebieden geleverd aan de Grieke literatuur?
filosofie, kunst en bouwkunst en zij hebben als eersten de volken van Italië, Gallië en Spanje in aanraking gebracht met de Griekse beschaving.
De geschiedschrijving
De vader van geschiedenis Herodotus: schreef de Historiën over de Perzische oorlogen. Hij schreef geen mythische verhalen als Homerus, maar wilde de waarheid achterhalen door vragen te stellen en informatie met een kritische houding te benaderen.

Thucydides: In vergelijking met Herodotus kan je zeggen dat hij zich meer richtte op de politieke en militaire geschiedenis. Hij maakte een principieel onderscheid tussen oorzaken en aanleidingen en probeerde diepere achtergronden en motieven zichtbaar te maken in redevoeringen.
Aristoteles
Was een leerling van Plato. Hij geloofde niet in de wereld der ideai en was van mening dat alles op de aarde logisch kon worden geordend in categorieën en soorten door de eigenschappen en de kwaliteiten te analyseren. 

Hij schreef over, de natuur, de bovennatuurlijke dingen, de poëzie, het proza, de menselijke gedragsnormen, staatskunde en Formele logica: de kunst van het logisch en samenhangend redeneren.  

Aristoteles zag de ideale staat als een staat waarin de deugd en de bekwaamheid in allerlei aspecten van het menselijke handelen de normen zouden zijn voor het staatsbestuur en het leven van de burgers: de aristocratie.

Hij vond een polis met een gemengde staatsregeling  het meest goede (democratisch, aristocratisch en monarchaal).

Aristoteles stichtte een school: het Lyceum.
Socrates en Plato
Atheners Socrates ( 469-399 ) en Plato (429-347) waren grote sofisten. Socrates was van mening dat de wetten in absolute zedelijke normen zaten en wilde deze opsporen door te vragen naar de definitie en specifieke inhoud  van begrippen zoals wijsheid, vroomheid en dapperheid. 

Plato geloofde dat alles op de aarde een afschaduwing was van prototypen en grondvormen in een hogere wereld, de wereld der ideai = grondvormen.
Plato dacht dat de menselijk ziel voor de geboorte al bestond en kennis had van de ideai en bij de geboorte word bekleed met het stoffelijke ( het lichaam ). Hierdoor zou de meeste kennis van de ideai verloren gaan. Door grondige studie van alle aspecten van de werkelijkheid kan men de kennis die de ziel vroeger had waargenomen en opgenomen weer herinneren.

Plato zag de ideale staat als een sobere agrarische polis met een beperkt, stabiel aantal burgers die in drie standen verdeeld waren. filosofen/regenten, wachters en werkers. Zij moesten in een lange opleiding geschoold worden in kennis van de ideai en deskundigheid in het besturen en rechtspreken. De wachters moesten de staat verdedigen en militair en moreel geoefend worden en de werkers moesten de twee andere standen onderhouden en het nodige voor de samenleving produceren. Zij mochten geen politieke inspraak hebben.

Plato wilde eigenbelang uitsluiten door het recht op eigen bezit en eigen gezinnen uit te sluiten. De twee hoogste standen mochten in zijn visie niet erfelijk zijn: in elke generatie moesten de meest geschikten, met de beste aanleg, uitgezocht worden. Plato's volgelingen werden academici genoemd.