Summary Een praktijkgerichte benadering van organisatie en

-
ISBN-10 9001809677 ISBN-13 9789001809676
3105 Flashcards & Notes
307 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Een praktijkgerichte benadering van organisatie en". The author(s) of the book is/are Nick van Dam, Jos Marcus Hans Tiek. The ISBN of the book is 9789001809676 or 9001809677. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Een praktijkgerichte benadering van organisatie en

  • 1.1 Introductie

  • Wat is de definitie van organisatiekunde?
    Een interdisciplinaire wetenschap die zich bezighoudt met het bestuderen van het gedrag van organisaties alsmede de factoren die dit gedrag bepalen en de wijze waarop organisaties het meest doeltreffend bestuurd kunnen worden. 
  • Wat wordt er bedoeld met interdisciplinaire?
    De organisatiekunde bevat veel elementen die afkomstig zijn uit andere wetenschappen.
  • Wat wordt er bedoeld met besturing?
    Het richting geven aan processen die in een organisatie plaats vinden
  • Wat wordt er bedoeld met het gedrag van organisaties?
    Manier van optreden en reageren van organisaties.
  • Socrates en Plato stelden reeds in de vierde eeuw voor Christus theorieën op over leidinggeven, taakverdeling en specialisatie.
  • Wie was de eersten die gesteld heeft dat management een vak is dat geleerd kan en moet worden in plaats van een door talent of erfenis verkregen positie?
    Henry Fayol 
  • Wie was de grondlegger van de Scientific Management?
    Frederick Tayol
  • Wat bood Frederick Tayol?
    Voor het eerst een systematische, samenhangende bedrijfskundige benadering voor de wijze waarop de productie georganiseerd zou moeten worden. Hiermee bedoelde hij dat een bedrijfsleider zich niet zou moeten opstellen als slavendrijver maar een bredere visie hebben op zijn taak. 
  • Wat zijn de hoofdpunten uit de ontwikkelde theorie over het bestuur en beheer van organisaties met betrekking op de Scientific Management van Frederick Tayol.
    1. Een wetenschappelijke analyse van de werkzaamheden en het uitvoeren van bewegingsstudies ( hoe kan het zo snel, goedkoop en makkelijk mogelijk?)
    2. Taakverdeling tussen arbeiders, training (routine)
    3. Een hechte en vriendschappelijke samenwerking tussen leiding en arbeiders.
    4. De bedrijfsleiders zijn verantwoordelijk voor het analyseren van en het zoeken naar werkmethoden en het scheppen van productievoorwaarden; voorheen werd dit naar de uitvoering geschoven. 
    5. De juiste man op de juiste plaats door zorgvuldige selectie.
    6. Het invoeren van prestatiebeloning met als doel te komen tot lagere productiekosten.
  • Met wat was Henry Fayol de eerste in Europa?
    De eerste die een samenhangend stelsel van opvattingen ontwikkelde over de wijze waarop organisaties in hun geheel bestuurd zouden moeten worden.
  • In welk opzicht verschillen Fayol en Taylor?
    Taylor bouwde zijn systeem op vanuit en voor de productieafdeling. Fayol een theorie voor de gehele organisatie betreffend. 
  • Wat meende Henry Fayol?
    Dat algemene principes geformuleerd konden worden die overal gelden waar mensen samenwerken en dat deze principes als vak aangeleerd konden en ook moesten worden. Zijn theorie was bedoeld voor andere organisaties dan industriële ondernemingen. 
  • Wat was voor Henry Fayol het belangrijkste principe?
    Eenheid van commando en dat iedere werknemer heeft slechts één (directe) baas boven zich. 
  • Met wat heeft Max Weber zich bezig gehouden?
    Met overheidsorganisaties en grote bedrijven vanuit een sociologische invalshoek. ( De theorie van de bureaucratie )
  • Welke kenmerken hadden grote organisaties volgens Weber is zijn tijd?
    1. Een sterk doorgevoerde taakverdeling.
    2. Hiërarchische bevelstructuur.
    3. Nauwkeuring afgebakende bevoegdheden en verantwoordelijkheden.
    4. Onpersoonlijke relaties tussen functionarissen ( de functie is belangrijker dan de persoon )
    5. Werving op basis van bekwaamheden en kennis ipv vriendjespolitiek en kruiwagens.
    6. Bevordering en beloning op basis van objectieve criteria en procedures.
    7. Uitvoering van werkzaamheden volgens vaste routineregels. 
    8. Alle gegevens zijn vastgelegd in schriftelijke stukken, zodat op alles controle mogelijk is.
    9. De macht van functionarissen, ook hogere, is aan restricties gebonden.  
  • Wanneer ontstond de Human Relations beweging?
    In de tijd dat de Scientific Management de belangrijkste stroming was en de daarbijbehorende sterk rationele benadering van de manier van werken in organisaties. 
  • Wat bewees Mayo bij zijn licht-sterke experiment?
    Dat naast objectieve factoren ook subjectieve bepalend zijn voor het resultaat, zoals aandacht, zekerheid, het bij een groep horen en waardering. Deze zijn zelfs veel belangrijker. Deel uitmaken van een groep was volgens hem de belangrijkste. 
  • Waar was de Human Relations Benadering tegenhanger van?
    Van de Scientific Management, welke strikt rationeel was en zich slechts richtte op de individuele productie medewerker.
  • Waar gaat de Human Relations benadering van uit? 
    Dat gelukkige, tevreden mensen veelal een maximale arbeidsprestatie leveren.Samenwerking is het toverwoord en dus zijn sociale vaardigheden voor leidinggevenden zeer belangrijk. Het grote belang van de beweging ligt vooral in het ontdekken van het belang van menselijke factoren voor de effectiviteit. 
  • Wat was de kritiek op de Human Relations Benadering?
    Men zag de Human Relations Benadering als een te idealistische kijk op organisaties, die gaan lijken op een club vrienden, terwijl men die in de praktijk bijna nooit tegenkomt.
  • Waar richtte Rensis Likert zich op?
    Hij richtte zich met name op de organisatiestructuur en communicatie en ontwikkelde de zogenaamde 'linking-pin' structuur.
  • Wat hield de Linking-Pin structuur in?
    De organisatie bestaat uit overlappende groepen waarbij de leider van de groep ook lid is van een hogere groep (linking pin). Hij dient de groep te leiden maar ook te zorgen voor communicatie met de hogere groep. 
  • Welke theorie ontwikkelde Frederick Herzberg?
    Zijn theorie was geënt op de behoeftehiërarchie van de psycholoog Abraham Maslow.
  • Waar gaat de piramide van Maslow vanuit?
    Maslow onderscheidde vijf niveaus van behoefte, naar de bevrediging waarvan elk mens volgens hem streeft. Zodra een lager niveau is bevredigd is het streven gericht naar een hoger niveau.
  • Wat ontwikkelde Kenneth Boulding?
    Hij ontwikkelde de systeembenadering, een theorie waarbij organisaties worden gezien als een systeem, dat wil zeggen een geheel van samenhangende delen. Alle activiteiten in organisaties hangen volgens deze theorie nauw samen met elkaar. Een ander belangrijk element is dat organisaties in wisselwerking staan met de buitenwereld. 
  • Wat stelt de systeembenadering centraal?
    Dat het management organisatieproblemen integraal dient aan te pakken.Dat wil zeggen dat men niet alleen moet kijken naar de belangstelling van een enkel organisatieonderdeel maar ook naar de invloed van genomen beslissingen op de totale organisatie. 
  • Tot welke conclusie kwamen de Amerikanen Pauw Lawrence en Jay Lorsch?
    Dat verschillende omstandigheden zullen leiden tot een andere inrichting van organisaties, taakstellingen en werkwijzen, willen ze optimaal presteren. 
  • Wat houdt het begrip contingentie in?
    Bepaald door situatie. 
  • Waar gaat de contingentie benadering vanuit?
    De keuze voor het toepassen van bepaalde managementtechnieken, die voortkomen uit een organisatiekundige theorie, sterk afhangt van de omstandigheden waarin een organisatie zich bevindt
  • Wat is een belangrijk element van de contingentiebenadering ?
    De relatie van een organisatie met haar omgeving. Organisaties moeten zich richten op hun omgeving.
  • Waarom bedrijfskunde voor HRM?
    Hrm ondersteunt de organisatie bij het bereiken van haar doelen
    Hrm moet aansluiten bij de organisatiestrategie
    Hrm moet passen bij de organisatiestructuur en cultuur
    Hrm moet actueel zijn
    Hrm moet relevant zijn
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Welke 6 dimensies van werken met andere culturen heeft Hofstede(2010) beschreven?
  1. Machtsafstand (Power Distance Index PDI)
  2. Groeporientatie (Individualism vs. collectivism IND)
  3. Masculiniteit (masculinity vs. femininity MAS)
  4. Onzekerheidsvermijding (uncertainty avoidance UAI)
  5. Tijdsdimensie (long-term orientation)
  6. Toegevendheid (indulgente vs. restraint)
Wat is een organisatiecultuur?
Dit is de gemeenschappelijke verzameling van normen, waarden en gedragsuitingen die gedeeld worden door de leden van de organisatie; de ‘sociale lijm’ die de leden aan elkaar en aan de organisatie bindt. Cultuur is dynamisch en veranderlijk van aard

Een manier van denken, doen, voelen, etc. binnen een cultuur noemen we een PARADIGMA
Welke drie vormen van symboliek kennen we?
- Symboliek van de ruimte: hoe ziet het gebouw eruit, kleurgebruik, uitstraling
- Symboliek van de taal: taalgebruik, gewenste omgangsvormen
- Symboliek van de tijd: is men flexibel, werktijden
Waarom is het van belang dat organisaties veranderen?
Omdat de omgeving van een organisatie voortdurend veranderd zal het mee moeten veranderen om niet achter de feiten aan te lopen
Defineer het begrip besturing.
Besturing kunnen we omschrijven als  "pogingen tot gerichte beïnvloeding"
Definieer een multidisiplinaire aanpak.
Alle bijdrage uit vakgebieden verzamelen die we nodig hebben voor een onderzoek of project.
Wat bedoelen ze met interdisciplinariteit in de organisatiekunde?
Hiermee wordt bedoeld dat de organisatiekunde veel elementen bevat die afkomstig zijn uit andere wetenschappen.
Wat is de definitie van Prescriptief aspect?
Een prescriptief aspect is een advies over te volgen handelwijze en organisatie inrichtingen.
Wat is de definitie van Descriptief aspect?
Eeen descriptief aspect is een beschrijving van het gedrag van organisaties, met de motieven en gevolgen.
Wat is organisatiekunde?
Organisatiekunde kunnen we definiëren als: interdiiplinaire wetenshap die zih bezighoudt met het bestuderen van het gedrag van organisaties alsmede de factoren die dit gedrag bepalen en de wijze waarop organisaties het meest doeltreffend bestuurd kunnen worden.