Summary Experimenteel onderzoek

-
336 Flashcards & Notes
6 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Experimenteel onderzoek

  • 1 Experimentele designs en validiteit

  • Waarom zijn er ethische richtlijnen opgesteld bij onderzoeken die door psychologen worden gedaan?
    Om hen er van bewust te maken dat ze met mensen te maken hebben en dat het van belang is om zorgvuldig en respectvol met deelnemers om te gaan. Ze hebben de plicht om met de waardigheid en de rechten van hun deelnemers te respecteren en te bewaken
  • Als het gaat over ethiek in onderzoeken, welke 3 thema's zijn dan van belang?
    Informed Consent
    Debriefing
    Bedrog
    Het schrijven van de procedure in een methodesectie
  • 1.1 Etiek van experimenteel onderzoek

  • Welke 2 vormen van informed consent heb je?
    De basis is dat je informatie verstrekt en toestemming vraagt.
    • actieve informed consent = een handeling verrichten om toestemming voor deelname te geven.
    • passief informed consent = geen handeling verrichten om toestemming tot deelname te geven - bijv: het vragenformulier niet invullen (wie zwijgt, stemt toe). 
  • In het geval van experimenteel onderzoek zijn er een aantal ethische kwesties die met name van belang zijn..
    De belangrijkste overkoepelende richtlijn is dat onderzoek zo moet zijn opgesteld dat het de proefpersoon zo min mogelijk belast, ook wel het principe van minimized harm genoemd. 
  • Wat houdt het informed consent in?
    • Vrijwillige deelname.
    • Je kunt ten alle tijde, zonder opgaaf van reden, opzetten.
    • weten hoe de gegevens opgeslagen en bewaard worden en hoe lang. Onderzoeker laat ook weten wat er dan met je gegevens gebeurt. 
    • Doel van het onderzoek moet, waar mogelijk, helder zijn. 
    • Weten wat de onderzoeksprocedure is.
    • Risico's/ongemak: bijv: schokkend beeldmateriaal of afname speeksel.
    • Maatschappelijk nut van het onderzoek.
    • Duur van het onderzoek.
    • Contactinformatie
    • op de hoogte zijn of je gegevens anoniem worden verwerkt en zo ja, hoe jouw gegevens geanonimiseerd worden.
  • Het is heel begrijpelijk dat onderzoekers graag zo onzichtbaar mogelijk zijn om zo de mens zo natuurlijk mogelijk waar te nemen. Wat is het nadeel hiervan?
    Deze houding schaadt echter het vertrouwen tussen onderzoekers en niet-onderzoekers en ondermijnt uiteindelijk de precaire verstandhouding tussen de twee groepen. Waar mogelijk moeten onderzoekers ernaar streven om vooraf toestemming te krijgen van hun onderzoeksdeelnemers.
  • Wat houdt een goede debriefing in?
    Je geeft de deelnemers het gevoel dat hun tijd niet verspild is. Je laat de deelnemers dan in een vergelijkbare stemming het onderzoek verlaten als dat ze er mee begonnen. 
    Het is van belang om uit te leggen waarom ze van bepaalde dingen niet op de hoogte zijn gebracht voor het onderzoek. Ook moeten de deelnemers de gelegenheid hebben om vragen te stellen.
  • Wat is informed consent?
    Het is dan niet alleen van belang dat de deelnemers de mogelijkheid krijgen om ja of nee te antwoorden; de onderzoeker dient de mogelijke deelnemers ook voldoende informatie te gegeven zodat de deelnemer een overwogen besluit kan nemen tot deelname. 
  • Waarom is het soms nodig om bedrog in te zetten?
    Als je een onderzoek wilt doen waarin een manipulatie centraal staat en de deelnemers weten dit van te voren, dan laten ze zich slecht manipuleren, zo werkt dat met ons mensen. 
    Je moet wel de ethische commissie overtuigen waarom het noodzakelijk is dat je bedrog wilt inzetten. 

    Als een ethische commissie inschat dat je bedrog, tijdens de debriefing, heftige emoties op gaat roepen of als mensen aanstoot nemen aan het bedrog, dan is het onacceptabel.
  • Wat is active informed consent?
    Wanneer de deelnemer een handeling moet verrichten om toestemming te verlenen, zoals het ondertekenen van een informed consent-formulier
  • Welke soorten bedrog kun je inzetten?
    • Het gebruik van handlangers.
    • Staged manipulations in field settings: omstandigheden waarin deelnemer zich bevindt, zo manipuleren dat het effect heeft op de deelnemer.
    • misleidende instructies: je vertelt over het onderzoek en wat je onderzoekt, maar eigenlijk onderzoek je iets anders. 
  • Geef een voorbeeld van active informed consent
    Een voorbeeld van active informed consent is wanneer ouders een brief van school krijgen waarin wordt toegelicht dat er in de klas een vragenlijst aan hun kinderen worden uitgedeeld. Als de deelname van het kind alleen kan plaatsvinden na expliciete toestemming van de ouders, bijvoorbeeld door een handtekening te zetten op een formulier voor deelname, dan is er sprake van active consent.
  • Waarom schrijf je de procedure in een methodesectie? En wat moet er in staan?
    De proceduresectie schrijf je uit voor lezer en voor onderzoekers op zo'n manier dat een ander het experiment kan herhalen. 

    1.  samenvatting van de instructies die deelnemers hebben ontvangen. Bij voorkeur niet het volledig transcript - indien noodzakelijk -> verwijzen naar appendix.
    2. beschrijving van specifiek experimentele manipulaties.
    3. als er eventuele counterbalancing of andere methoden van experimentele controle is toegepast dan wordt dit ook in de proceduresectie toegelicht.
    4. duur van het experiment.
    5. eventuele beloningen voor het participeren in het onderzoek.
  • wat is passive informed consent?
    Wanneer de deelnemer een handeling moet verrichten om niet deel te nemen aan een onderzoek
  • Mindmap; deze op een papier zelf maken.
    Deze
  • Geef een voorbeeld van passive informed concent
    Een voorbeeld van passive informed consent kan bijvoorbeeld een situatie zijn waarbij een deelnemer een vragenlijst krijgt waar de eerste bladzijde informatie geeft over het hoe en waarom van de vragenlijst. Verwacht kan worden dat als de deelnemer niet mee wil doen, de deelnemer de vragenlijst gewoon niet invult.
  • Consent kan slechts informed zijn wanneer deelnemers geïnformeerd zijn over de volgende zaken;

    Vrijwillige deelname.
    Recht op deelname beëindigen.
    Doel van onderzoek. 
    Onderzoeksprocedure.
    Risico’s.
    Maatschappelijk nut van onderzoek.
    Duur van het onderzoek.
    Contactinformatie.
    Anonimiteit.
  • Wat is debriefing
    Na afloop van het onderzoek is het ethisch om de deelnemers de gelegenheid te geven om de onderzoeksprocedure te kunnen bespreken of vragen te stellen. Deelnemers moeten een algemeen idee krijgen van wat de onderzoeker wilde weten en waarom en wat hun aandeel in het onderzoek was. Als zij in een van meerdere onderzoekscondities waren ingedeeld, zoals de controlegroep, dan is de debriefing het moment waarop de deelnemer dit verneemt. Als de deelnemer voorgelogen moest worden over de aard van het onderzoek dan geeft de onderzoeker in de debriefing openheid van zaken en legt de deelnemer ook de redenen voor die deceptie uit. Eventuele vragen van deelnemers moeten zo openlijk en eerlijk mogelijk beantwoord worden.
  • Er is sprake van bedrog wanneer de deelnemer op een of andere manier wordt voorgelogen. De drie bekendste vormen hiervan zijn:
    1 Het gebruik van handlangers
    2 Staged manipulations in field settings 
    3 Misleidende instructies
  • De volgende informatie dient in een goede proceduresectie te staan:
    • een samenvatting van de instructies die proefpersonen ontvangen hebben. Dit is bij voorkeur niet een volledig transcript; als dit van belang is dan kan naar een appendix worden verwezen. Hier komt ook de informatie over de informed consent.
    • een beschrijving van de specifieke experimentele manipulaties. Hoe zijn de onafhankelijke variabelen in experimentele scenario’s geoperationaliseerd en hoe zijn de proefpersonen hieraan blootgesteld?
    • Als er eventuele counterbalancing of andere methoden van experimentele controle is toegepast dan wordt dit ook in de proceduresectie toegelicht.
    • duur van het experiment
    • eventuele beloningen voor het participeren in het onderzoek
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat is het verschil tussen gepaarde t-test en repeated measures?
In het algemeen geldt het volgende.
En t-toets kan alleen het verband tussen een interval-variabele en een dichotome variabele toetsen, waarbij die laatste zich manifesteert als twee groepen. Een dichotome variabele is in de praktijk bijna altijd een categorische variabele (dus een nominale of ordinale variabele), maar dan dus een die maar twee mogelijke waarden aan kan nemen. Als je nu het verband tussen een categorische variabele met meer dan twee mogelijke meetwaarden hebt, kun je geen t-toets meer gebruiken, en moet je variantie-analyse (anova) gebruiken. Dit geldt ook als je een multivariate analyse wilt doen, waarbij je het verband tussen meerdere variabelen tegelijk wil onderzoeken.
Bij herhaalde metingen betekent dit concreet het volgende.
Bij herhaalde metingen meet je dezelfde variabele herhaald. Als je de variabele twee keer meet, is de variabele die die herhaling uitdrukt (die zou bijvoorbeeld 'tijd' of 'meetmoment' kunnen heten) dichotoom, en kun je een gepaarde t-toets gebruiken. Als je de variabele vaker dan twee keer meet, is de 'tijd' of 'meetmoment' variabele nog wel categorisch, maar niet langer dichotoom; hij heeft drie of meer mogelijke meetwaarden (bijvoorbeeld t 0, t 1 en t 2 . In dat geval kan er geen t-toets meer worden uitgevoerd, en moet er variantie-analyse worden uitgevoerd. Repeated measures anova is dan de voor-de-hand liggende keuze
Wat is een factoriële herhaalde metingen ANOVA?
Je volgt dan individuen over tijd, maar ook spelen between-subjects factoren een grote rol. 
Het is hetzelfde als mixed designs.
Een  onderzoeker wijst proefpersonen random toe aan experimentele en controlegroep. Voorafgaan en na afloop van de manipulatie observeert de onderzoeker de afhankelijke variabele. Welke validiteitsbedreiger is er niet onder controle en waarom?
De interactievoormeting en externe stimulus. 

Deze is alleen onder controle bij het Solomon 4 groepen-design en je kunt hem zelfs toetsen, omdat iedere groep uniek valideitsbedreigers onder controle heeft.
Wat is het verschil tussen eta-sq en partiële eta-sq?
De effect-size eta-sq kijkt naar de SST. De partiële eta-sq kijkt naar de hoeveelheid variantie verklaard door een variabele en niet verklaard kan worden door andere variabelen.
Is het mogelijk om bij opname covariaat in het model een post-hoc analyse te draaien?
zodra een covariaat is opgenomen in het model is het niet meer mogelijk om post-hoc analyses te draaien (alleen via contrasten). In een ANCOVA is er daarom enkel een optie tot het opvragen van contrasten
Hoe controleer je of een covariaat afhankelijk is van een interventie?
Je kijkt naar de gemiddelden van de covariaat tussen de verschillende groepen (condities). Zijn die gemiddelden ongeveer even gelijk, dan is er sprake van niet-significantie --> dit betekent: covariaat is onafhankelijk van de interventie.
Van belang:
Geen van de genoemde opties  van wat je kunt doen als assumptie geschonden is, zijn relevant voor deze cursus. Onthoud vooral dat schenden van de assumpties vervelend is, maar dat het niet nodig is om ANCOVA daarom maar niet te doen. In de cursus is het voldoende om te kunnen herkennen en rapporteren welke assumpties geschonden worden.
Aanname in ANCOVA : homogeniteit van regressies. Vertel wat je weet! Of doe alsof :)
- Als een covariaat wordt gebruikt dan kijken we naar de relatie tussen AV en covariaat. We gaan er van uit dat deze relatie geldt voor alle groepen = assumptie van homogeniteit van regressies. 

- Je kijkt dan naar het interactie-effect tussen de variabele die covariaat is en de OV. Door dit in het model op te nemen (zie blz 598) kan er getoetst worden of er ook een interactie-effect is. 

- Een scatterplot met regressielijn kan het visueel maken (de waarde b moet voor elke groep gelijk  zijn).

- Over het algemeen is heterogeniteit in ANCOVA een slecht ding, maar soms kan het verschil in de groepen een interessante hypothese vormen, omdat je het min of meer verwacht  -->  als de homogeniteit geschonden is of het is interessant waarom het verschillend is --> multilevel lineair models gebruiken.
Hoe kun je het probleem oplossen van de covariaat die deels de treatment verklaard en deels de onverklaarde variantie?
- door randomisatie
- matching op covariaat (bijv deelnemers voor de niet-angstige groep vinden die wel hoog scoren op depressie)
Covariaten kunnen onafhankelijk zijn of hun effect kan het experimentele effect verwarren (=confounded). Vertel wat je er over weet!
Een covariaat die onafhankelijk is, maakt onderdeel uit van de onverklaarde variantie. Als het effect van de covariaat het effect van het experiment overlapt en zal statistisch gezien het experimentele effect reduceren. 
Een voorbeeld is dat er een overlap is tussen angstige en depressieve mensen. Dus als je depressie als covariaat inzet bij een onderzoek waarbij je een angstige groep mensen vergelijkt met een niet-angstige groep dan kun je er vanuit gaan dat de angstige groep ook meer depressief zullen zijn.