Summary Gedragsneurologie voor paramedici

-
ISBN-10 9058981312 ISBN-13 9789058981318
248 Flashcards & Notes
6 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Gedragsneurologie voor paramedici". The author(s) of the book is/are J J Bakker. The ISBN of the book is 9789058981318 or 9058981312. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Gedragsneurologie voor paramedici

  • 1 functionele anatomie

  • Zenuwstelsel is een reusachtig netwerk van onderlingen verbonden elementen hoe worden die genoemd?
    neuronen of zenuwcellen
  • Wat is de fuctie van een neuron?
    elektische pulsjes bestoken en zo word er informatie door gegeven
  • visuele associatieschors in staat om kleur en vormen te herkennen, bewegingen waar te nemen en diepte te zien. De auditieve associatieschors kan uit de samenstelling van het het frequentiespectrum opmaken of het waargenomen geluid afkomstig is van een vogel, een kerkklok, brandweerauto of een pratende medemens.
  • Secundaire motorische gebied houd zich ook bezig met bijzondere centra welke twee zijn dit?
    oogbewegingen en spraak
  • Secundaire schorsgebieden zijn betrokken bij welke functie?
    complexe motorische en perceptieve functies
  • afdalende vezelbundels die uit de motorische schors ontspringt staat bekend als piramide baan
  • Wat word er verwerkt in het primaire sensibele (=somatosensorische) cortex?
    gevoelsinformatie uit de huid, het bewegingsapparaat en de ingewanden
  • In de gyrus precentralis worden motorische commando's geformuleerd die via vezelbanen naar hersenstam en ruggemerg worden vervoerd. Daar worden vervolgens motorische neuronen aangestuurd die zorgen voor spierbewegingen. 
  • sensorische cortex?
    inkomende post
  • Motorische cortex?
    uitgaande post
  • Waar kan je de primaire schorsgebieden mee vergelijken en waarom?
    postkamer van een groot bedrijf. Komen allelei brieven en parketten binnen voor verzending. Maar er vindt ook verwerking plaats van inkomende post. 
  •  limbische schorsgebied maakt deel uit van het limbische systeem, een deel van het zenuwstelsel dat 'fylogenetisch oud' wordt genoemd. 
  • cerebrum bestaat uit twee hemisferen (hersenhelften) die zijn verbonden door een dikke vezelbundel; het corpus callosum. centraal in het cerebrum bevindt zich het diencefalon (tussenhersenen) dat naar beneden toe overgaat in de hersenstam. 
  • uiterlijk van een neuron?
    cel met sprieterige uitlopers waarmee hij in contact staat met andere neuronen of spier- zintuigcellen
  • Twee vezelcategorieen ?
    afferenten en efferenten 
  • een zenuwvezel is een axon plus een omhulling van myelinecellen. myelinecellen beschermen het axon en zorgen voor elektische isolatie. myeline is een helderwitte, vettige substantie, waarin de witte stof van het zenuwstelsel zijn kleur vormt. 
  • Anatomie van de hersenen bestaat uit vier verschillende kwabben welke?
    frontale kwab, parietale kwab, occipitale kwab en temporale kwab
  • Hoe word de buitenste laag van de hersenen genoemd?
    cortex (schors) 
  • grijze stof bestaan uit: bijhorende dendrieten, aconterminalia en synapsen. 
    grijze stof is te vinden aan de oppervlakte van grote en kleine hersenen. 
  • welke stoffen kan je het zenuwweefsel onderscheiden?
    grijze en witte stof
  • Bij de ziekte van Alzheimer is er een te kort aan een modulerende neurotransmitter welke is dat?
    acetylcholine in het brein
  • Bij de ziekte van Parkinson is er een tekort aan een modulerende neurotransmitters welke is dat?
    dopamine
  • modulerende neurotransmitters zijn werkzaam als?
    Deze substanties kunnen bijvoorbeeld zorgen dat neuronen ontvankelijk worden voor externe prikkels. Beter onderscheid kan maken tussen signaal en ruis. sneller informatie opslaan. of minder gevoelig worden voor pijnstimuli. 
  • Wat zijn exciterende neurotransmitters?
    stimuleren het postsynaptische neuron en verhogen daarmee diens elektische activiteit.
  • Bestaan 2 soorten neurotransmitters?
    exciterende en inhiberende neurotransmitters
  • Wat is neurotransmitters?
    Chemische signaalstoffen die onder invloed van arriverende actiepotentialen in de eindknopjes worden vrijgemaakt
  • voortplantingen van de actiepotentialen gebeurd via?
    langs de uitlopers van het neuron
  • Fuctionele eigenschap van een neuron is het vermogen om elektische impulsen te produceren, hoe word zo een impuls genoemd?
    actiepotentiaal
  • Het aantal dendrieten varieert van nul tot tientallen. aantal synapsen enkele duizenden. Maar er bestaan ook neuronen die wel 200.000 synapsen hebben.
  • Wat zijn de relatief korte, sterk vertakte uitlopers van een neuron?
    dendrieten
  • Wat is een snynaps?
    contactplaats van de membraam en het neuron
  • hoe werkt een axon?
    impulsen die door het cellichaam naar elders vervoert. Geeft in verloop zijtakken af en zo is er contact van de ene neuron naar de andere
  • Hoe word een cellichaam ook genoemd?
    Soma 

  • Neuron heeft een lange uitloper genaamd?
    Axon
  • Waarvoor zijn tertiaire schorsgebieden verantwoordelijk?
    meest complexe mentale fucties
  • Prefrontale cortex is betrokken bij?
    De besturing van denkprocessen en gedrag
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat zijn de onzichtbare gevolgen van NAH
Aandacht en concentratiestoornissen: trager denken + tragere informatieverwerking
Geheugenstoornissen
Stoornissen in de planning en uitvoering van activiteiten
Constante vermoeidheid
Wat zijn de gevolgen van een NAH
Afhankelijk van de ernst en de locatie van de beschadiging
Twee grote groepen in NAH
Traumatische hersenbeschadiging: vb. ongeval
Niet-traumatische hersenbeschadiging: vb. beroerte, infectie
NAH is niet het gevolg van
Congenitale problematiek: vb. Down
Ontwikkelingsstoornis: vb. autisme
Degeneratieve aandoening: vb. Parkinson
Wat is de definitie van een NAH
Een beschadiging van hersenweefsel
niet aangeboren
mogelijke stoornissen op vlak van fysiek, sensorisch, cognitief, emotioneel functioneren
Wat is een NAH
Een niet aangeboren hersenletsel
Voorbeeldexamen:  bespreek de 4 grote gebieden van de hersenen en geef voor elk gebied een functie die erdoor gecontroleerd wordt.
Frontaal: plannen, executieve functies
Pariëtaal: sensorische schors
Temporaal: taal
Occipitaal: zicht
Hoofstuk 8: Geef de drie subtypen van prefrontale functiestoornissen en koppel deze aan de frontale hoofdeigenschappen
  • Dysexecutief syndroom: stoornis in de planning
  • Apathisch syndroom: stoornis in de ondernemingszin
  • Ontremd syndroom: stoornis in de sociale vaardigheden
Les 8: Wat is het verband tussen  het metageheugen en een bronamnesie?
Metageheugen = weten wat je weet

Bronamnesie = vergeten waar je kennis vandaan komt
Hoofdstuk 8: Hoe heeft het apathisch syndroom invloed op de cognitieve prestaties?
Vertraging van mentale processen (bradyfrenie)
Retrieval: het ophalen van informatie uit het geheugen 
Geringe mentale fluency
IQ is meestal intact