Summary Geschiedeniswerkplaats 4 vmbo-kgt examenboek

ISBN-13 9789001867539
278 Flashcards & Notes
10 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Geschiedeniswerkplaats 4 vmbo-kgt examenboek". The author(s) of the book is/are . The ISBN of the book is 9789001867539. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Geschiedeniswerkplaats 4 vmbo-kgt examenboek

  • 1.1 De Nederlandse staatsinrichting nu

  • Monarchie
    Land met een erfelijk staatshoofd zoals een koning.
  • Koninkrijk
    Monarchie met een koning
  • Staatshoofd
    Iemand die in een staat het hoogste gezag vertegenwoordigt
  • Republiek
    Staat zonder erfelijk staatshoofd.
  • Democratie
    Land waarin het volk de regeerders kiest.
  • Parlement
    volksvertegenwoordiging
  • Eerste kamer
    Door de Provinciale staten gekozen Nederlandse volksvertegenwoordiging. 
  • Tweede kamer
    Direct gekozen Nederlandse volksvertegenwoordiging.
  • Parlementaire democratie
    Politiek systeem waarin de met algemeen kiesrecht gekozen volksvertegenwoordiging (parlement) het laatste woord heeft.
  • Dictatuur
    1) land waarin één persoon (de dictator) of partij alle macht heeft, 2) tegengestelde van democratie.
  • Constitutionele monarchie
    Koninkrijk met een grondwet.
  • Grondwet
    Wet waarin de belangrijkste rechten staan en regels voor het bestuur van een land.
  • Grondrechten
    Rechten die in de grondwet staan
  • Rechtstaat
    Land waarin alle burgers en de overheid zich moeten houden aan de wet.
  • Onafhankelijke rechtspraak
    Rechters zijn van niemand anders afhankelijk, maar moeten zich alleen baseren op de wet.
  • Rechtelijke macht
    De rechters en officieren van justitie.
  • Wetgevende macht
    Het parlement.
  • Uitvoerende macht
    De regering.
  • Machtenscheiding
    Scheiding tussen de wetgevende, uitvoerende en rechtelijke macht.
  • Regering
    Ministers met de koning.
  • Kabinet
    De gezamenlijke ministers.
  • Ministers
    Lid van de regering.
  • Minister-president
    Hoofd van het kabinet.
  • Premier
    Minister-president.
  • Staten-Generaal
    Het Nederlandse parlement bestaande uit de eerste en tweede kamer.
  • Wetsvoorstel
    Wet die nog niet is goedgekeurd door het parlement en dus nog niet geldig is.
  • Recht van amendement
    Recht om een wetsvoorstel te veranderen.
  • Recht van initiatief
    Recht om een wetsvoorstel te doen.
  • Wetgevende bevoegdheden
    Rechten waardoor het parlement samen met de regering wetten kan maken.
  • Recht van budget
    Recht om uitgaven van de regering goed of af te keuren.
  • Controlerende bevoegdheden
    Rechten die het parlement helpen om de regering te controleren.
  • Recht van interpellatie
    Recht om een minister te ondervragen.
  • Recht van enquête
    Recht om een parlementair onderzoek in te stellen.
  • Politieke partijen
    Organisatie van mensen die zich vanuit bepaalde politieke ideeën bezighouden met het overheidsbestuur.
  • Coalitiepartijen
    Partijen die samenwerken in de regering.
  • Oppositie
    De partijen die tegen het kabinet zijn.
  • Indirecte verkiezingen
    Verkiezingen waarbij volksvertegenwoordigers worden gekozen door andere volksvertegenwoordigers die zelf via rechtstreekse verkiezingen zijn gekozen.
  • Provinciale staten
    Bestuur van een provincie
  • Klassieke grondrechten
    Rechten in de grondwet die bescherming tegen de overheid garanderen.
  • Discriminatie
    Het onterecht maken van verschil.
  • Vrijheid van godsdienst
    Recht om een godsdienst vrij te kiezen en te belijden
  • Vrijheid van meningsuiting
    Recht om gevoelens en gedachten te uiten
  • Vrijheid van drukpers
    Recht om gevoelens en gedachten te uiten via de media
  • Media
    Communicatiemiddelen, zoals kranten, radio, televisie en internet
  • Vrijheid van vereniging en vergadering
    Recht om zich te verenigingen in vakbonden, politieke partijen en andere organisaties
  • Vrijheid van onderwijs
    Vrijheid om een school te stichten of te kiezen die past bij het eigen geloof of de levensovertuiging
  • Sociale grondrechten
    Grondrechten die recht geven op steun van de overheid
  • Recht op bestaanszekerheid
    De overheid zorgt voor sociale zekerheid
  • Recht op onderwijs
    De overheid zorgt voor goed onderwijs
  • Recht op gezondsheidszorg
    De overheid bevordert de volksgezondheid
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Democratisch tekort
Als een democratie niet als democratisch genoeg wordt ervaren
Soevereiniteitsoverdracht
(hier:) het afstaan van het hoogste gezag over Indonesie aan de Indonesische regering
Extreem rechts
Politiek zeer rechts, voor het gebruik van geweld en revolutie om rechtse politieke doelen te bereiken
Propaganda
Het eenzijdig verspreiden van bepaalde ideeën.
Rechtstaat
Land waarin alle burgers en de overheid zich moeten houden aan de wet.
Autonomie
Onafhankelijkheid
Europese Commissie
Dagelijks bestuur van de EU
Raad van ministers
Vergadering van ministers van de EU-Lidstaten
Europees Parlement
Parlement van de EU
Referendum
Volksstemming over een wet