Summary Gezondheidspsychologie Bij patiënten

-
ISBN-10 9023246209 ISBN-13 9789023246206
593 Flashcards & Notes
16 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Gezondheidspsychologie Bij patiënten". The author(s) of the book is/are Lilian Lechner, Ilse Mesters, Catherine Bolman. The ISBN of the book is 9789023246206 or 9023246209. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Gezondheidspsychologie Bij patiënten

  • 1 ---

  • s
    a
  • 1.1 Inleiding

  • wat zijn de centrale thema's

    patient centraal

  • 2.1 Inleiding

  • Wat zijn de stappen binnen het model voor Planmatige Gezondheidsvoorlichting en gedragsverandering?
    1. Analyse van gezondheidsproblemen
    2. Analyse van gedrag
    3. Analyse van determinanten van gedrag
    4. Interventieontwikkeling
    5. Interventie-implementatie en -disseminatie
  • Wat wordt bedoeld met het cyclisch proces vasn interventieontwikkeling?
    • Na het doorlopen van een of meerdere fasen van een interventiemodel kan een nieuwe cyclus worden opgestart
    • Bijv na effectieve invoering van vaccinatieprogramma -> verbetering volksgezondheid  -> . andere prioriteiten stellen
  • Waaruit bestaat de basis van iedere interventie?
    • Grondige analyse van gezondheidsproblemen, bestaande uit drie stappen:
    1. Analyse gezondheidsproblemen
    2. Gedragingen die met het probleem samenhangen: analyse gedrag en omgeving
    3. Determinanten die de gedragingen kunnen verklaren: analyse van determinanten van gedrag en omgeving
  • Wat zijn de belangrijkste middelen voor planmatige gedragsverandering in de zorg voor (chronisch) zieken?
    1. Voorlichting
    2. Voorzieningen
    3. Beleid
    4. Regelgeving
  • Wat zijn de belangrijkste bronnen voor de ontwikkeling van planmatige gedragsverandering?
    1. Literatuur
    2. Internet
    3. Theorieën  van gedrag en gedragsverandering, aanvullende eigen onderzoek
  • Wat is de definitie van het begrip interventie?
    • Een interventie is een handeling of een geheel van handelingen gericht op het beïnvloeden van gedrag of ëén van de determinanten van gedrag
    • Met als doel bij individuen of groepen gewenst gedrag voor te brengen of te bestendigen
    • Of ongewenst gedrag te verminderen of te laten verdwijnen
    • Binnen het boek is het doel van een gedragsinterventie om een bepaald onderdeel van een ziekteproces optimaal te laten verlopen ( therapietrouw). Het uiteindelijke doel is een verbeterde gezondheid en kwaliteit van leven.
  • Welke soorten interventies kunnen het gedrag van hulpverleners en patiënten beïnvloeden?
    • Gezondheidspsychologische interventies:
    • Gedragsinterventies die voortkomen uit gezondheidspsychologie (patiënt informeren, instructie geven, aanleren van vaardigheden, of counseling in emotioneel verwerken van ziekte) = gerichtheid boek (planmatige ontwikkeling van gedragsinterventies dmv communicatie )
    • Via Communicatie wordt hulp of informatie vertrekt
    • Voorzieningen:
    • Bijv. aanbod voor thuishulp voor chronisch zieken
    • Beleidsmatige interventies:
    • Bijv. vergoeding van zorg in de basis ziektekostenverzekering (bijv. thuishulp)
    • Regelgeving:
    • Bijv. WGBO
  • Welke vragen worden gesteld bij de analyse van gezondheidsproblemen (stap 1 )?
    • Wat is het probleem dat opgelost moet worden?
    • Hoe belangrijk is het probleem (ernst, frequentie)?
    • Voor wie is het een probleem?
    • In welke context speelt het probleem?
    • Kenmerkend voor deze eerste stap is een analyse van de gezondheidsproblemen die de verschillenden patientengroepen ervaren en hun niveau van kwaliteit van leven.
    • Deze analyse afsluiten met het formuleren van een probleemdefinitie: welke probleem willen we oplossen of verminderen en voor welke doelgroep willen we dit bereiken
    • Bijv. het verminderen van angst en stress bij patienten die chemotherapie ondergaan bij behandeling voor darmkanker
  • Wat is de verwachting m.b.t. aantal chronisch zieken in Nederland?
    • 2009: bijna de helft van de Nederlandse bevoling heeft een chronische aandoening      ( incl. migraine, hoge bleoddruk, gewrichtsslijtage, rug- en nekklachten)
    • 2008: ca. 2/3 van de 65-plussres hebben 2 of meer chronische aandoeningen (multimorbiditeit)
    • In de komende jaren aanzienlijke toename aantal chronisch zieken in Nederland t.g.v. vergrijzing, in 2040 hoogtepunt -> ziektelast en zorgebruik zal erg toenemen
  • Wat zijn de specifieke problemen die patiënten ervaren waardoor hun kwa;iteit van leven wordt aangetast?
    1. Fysieke problemen: bijv. pijn, fysieke beperkingen, fysieke verschijnselen van een zikete (bijv. stoma, huiduitslag of haarverlies)
    2. Sociale problemen: gebrek aan steun, eenzaamheid, afhankelijkheid, seksuele problemen
    3. Psychische problemen:depressie, angst, verdriet, woede etc
  • De mate waarin de fysieke, sociale en psychische problemen voorkomen is afhankelijk van wat?
    1. De ziekte die men heeft (chronisch rugpijn <-> inoperabele longkanker)
    2. Co- of multimorbiditeit -> nieuwe problemen ( bijv. samengaan van medicijnen voor beide ziektes)
    3. Verschillen in problemen doordat patienten zich in een andere fase van hun ziekte bevinden ( angst voor diagnose <-> zich ziek voelen door de behandeling)
  • Welke maten worden gebruikt ter aanduiding van de kwaliteit van leven?
    1. Verloren levensjaren: hoeveel levensjaren iemand verliest bij het krijgen van een bepaalde ziekte ( bijv 30 verloren levensjaren bij een overlijden op 50-jarige leeftijd bij een levensverwachting van 80 jaar
    2. De jaren geleefd met de ziekte (ziektejaarequivalenten): hoeveel jaren iemand leeft met een bepaalde ziekte, gewogen voor de ernst ervan = indicatie voor het verleis aan kwaliteit van leven (diabetes gedurende 50 jaren met minder ernstige beperkingen < -> dementie gedurende weing jaren met zeer ernstige beperking
    3. DALY (Diasability-Adjusted Life-Year): Totale hoeveelheid gezondheid die verloren gaat in een bevolking door ziekte, ook wel ziektelast genoemd . Combinatie van vroegtijdige levensjaren en het aantal jaren eeleefd met gezondheidsproblemen gewogen voor de ernst ervan (ziektejaarequivalenten). In deze maat 3 aspecten van volksgezondheid: 1. kwantiteit (levensduur), 2. kwaliteit van leven 3. aantal personen dat een negatief effect ondervindt
    • Meeste DALY's toe te schrijven aan hart- en vaatziektes (grootste verlies aan levensjaren), psychische stoornissen (groot verlies aan ziektejaarequivalenten) en kanker
  • Welke bronnen kunnen gebruikt worden bij stap1 analyse van gezondheidsproblemen?
    • CBS
    • RIVM: VTV volksgezondheid toekosmtverkenning en Nationale Kompas Volksgezondheid
    • Gezondheidsraad
  • Stap 2: Analyse van gedrag en omgeving
    Wat houdt deze tweede stap in?
    • Vaststellen welke gedragingen en omgevingsfactoren samenhangen met het probleem, en welke gedragingen dit probleem kunnen oplossen of verminderen
    • Betreft gedrag van de patient, diens directe omgeving (hulpverlener, partner) of factoren in de bredere omgeving (bijv. het verbeteren van de patientenzorg door aanvullend beleid)
    • Vaststellen welke oorzaken samenhangen met een probleem a.h.v. vragen zoals:
    • Welke gedragingen en omgevingsfactoren hangen samen met het probleem
    • Welke oorzaken liggen bij de [atient en welke oorzaken liggen in de omgeving
    • Hoe sterk hangen de gevonden gedragingen en omgevingsfactoren samen met het gezondheidsprobleem?
    • Wie vertoont het aan het probleem geralteerder gedrag en hoe vaak wordt het gedrag vertoond?
    • Wanneer en in welke context wordt het gedrag vertoond?
    • Gaat vooral om het zoeken naar relevante gedragingen (van patient, hulpverleners of partner). Omgevingsfactoren minder te beinvloeden met gezondheidspsychologische interventies.
    • Gedragingen zijn relevant als er een causaal verband is tussen het gedrag en (verergering van) het gezondheidsprobleem.
    • Deze stap afsluiten met formuleren van gedragsdoelen. Welk gedrag/gedragingen willen we veranderen tbv vermindering van het gezondheidsprobleem?
  • Er zijn een aantal aanwijzingen die gebruikt kunnen worden als indicaties voor een causaal verband tussen een gedrag en een gezondheidsprobleem. Welke zijn dat?
    • Biologische plausibiliteit: Is de relatie biologisch gezien plausibel? Bijv. realtei tussen verkeerd medicijngebruik en meer fysieke problemen
    • Tijdsrelatie: gaat de oorzaak vooraf aan het gevolg? Fysieke klachten na stoppen met medicijnen
    • Sterkte van het verband: Sprake van sterk verband tussen verkeerd medicijn gebruik (gedrag) en gezondheidsklachten?
    • Dosis-effectrelatie: Worden de effecten op het gezondheidsprobleem groter als het gedrag sterker aan wezig is? (bijv. meer afwijken van voorgeschreven medicijnen)
    • Consistentie: Is hetzelfde verband aanwezig in verschillenden studie? Bijv. verband verkeerd medicijngebruik en gezondheidsklachten
    • Analogie: Is er een causaal verband aangetonnd bij gelijksoortige relaties tussen gedrag en gezondheidsproblemen? Bijv. verband verkeerd medicijngebruik en gezondheidsklachten aangetoond bij diabetespatienten -> kans groter op verband bij reumapatienten
  • Noem enkele voorbeelden van gedragingen die gerelateerd zijn aan een verminderde kwaliteit van leven van patienten. Maak daarbij onderscheid tussen fysieke gezondheidsproblemen en psychologische en sociale gezondheidsgerelateerde problemen
    Fysieke gezondheidsproblemen
    • Gedragingen van de patient die die de fysieke klachten kunnen verminderen/vermeerderen:  niet adequaat reageren op fysiek klachten -> niet tijdig stellen diagnose, medicijnontrouw, niet opvolgen leefstijladviezen, omgaan pijnmedicatie
    • Gedragingen van de hulpverlener: onvoldoenden communicatie arts en patient -> onvolledige anamnese en vertraagde diagnose
    Psychologische gezondheidsgerelateerde problemen
    • Gedragingen van de patient die leiden tot depressieve gevoelens, angst, verdriet, schaamtegevoelens etc.
    • Passief gedrag: uit angst voor diagnose niet naar huisarts gaan -> angst versterken/in stand houden
    • Niet-functionele coping kan leiden tot angst, depressie of controle verlies. Afhankelijk van fase ziekte actieve probleemoplossende coping beter dan passieve emotionle coping en vv
    • Hulpverlener onderkent onvoldoende de psychologische problemen bij de patient
    Sociale gezondheidsgerelateerde problemen
    • Bijv. gebrek aan steun, eenzaamheid, afhankelijkheid of seksuele problemen
    • Verschillenden gedragingen kunnen hieraan bijdragen:
    • Disfunctionele coping door patient/ niet goed om kunnen gaan met beperking tgv ziekte
    • Onvoldoende steun vragen
    • Onvoldoende/verkeerder steun bieden door naasten ( bijv. medelijden ipv actief meedenken)
    • Onvoldoende ondersteuning hulpverlener door gerichtheid op alleen medische aspecten
  • Waar kunnen we de informatie vinden die we nodig hebben voor stap 2 Analyse van gedrag en omgeving?
    • RIVM
    • Gezondheidsraad 
    • Trimbos-instituut
    • Aanvullende literatuuronderzoek
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.