Summary Grondtrekken van het Nederlandse strafrecht

-
ISBN-10 9013072313 ISBN-13 9789013072310
809 Flashcards & Notes
175 Students
  • These summaries

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary 1:

  • Grondtrekken van het Nederlandse strafrecht
  • M J Kronenberg, B de Wilde
  • 9789013072310 or 9013072313
  • 4e dr.

Summary - Grondtrekken van het Nederlandse strafrecht

  • 1 Inleiding

  • Strafrecht: burgers <-> staat (OvJ)

    Bestuursrecht (Awb): Openbaar bestuur <-> burgers (indirect of direct)

    Civielrecht: burgers <-> burgers
  • Denk hierbij bijvoorbeeld aan actualiteitenprogramma's en criminaliteit op straat
  • waarom houdt het strafrecht de samenleving bezig?
    Omdat dit rechtsgebied sterk verbonden is met zaken als moraal, veiligheid en rechtvaardigheid. En dit spreekt mensen aan.
  • Waarom houdt het strafrecht de samenleving bezig ?
    Omdat het rechtsgebied sterk verbonden is met zaken als moraal, veiligheid en rechtvaardigheid.
  • het doel van straffen is?
    Vergelding: de dader moet ook lijden net zoals het slachtoffer
    Generale preventie: voorkomen dat andere strafbare feiten plegen.
    Speciale preventie: Voorkomen dat de dader nog een  een strafbaar feit pleegt
  • Waarom is het strafrecht een van de meest tot de verbeelding sprekende rechtsgebieden en waar blijkt dat uit?

    Het strafrecht is zonder twijfel een van de meest tot de verbeelding sprekende rechtsgebieden. Dat blijkt onder andere uit de aandacht die eraan geschonken wordt in de media. Waarom het strafrecht de samenleving bezighoudt, behoeft eigenlijk nauwelijks uitleg. Dit rechtsgebied is nu eenmaal sterk verbonden met zaken als moraal, veiligheid en rechtvaardigheid. En dat spreekt mensen aan.

  • uit welke onderdelen bestaat een strafbepaling in de meest volledige vorm?
    dit bestaat uit delictsomschrijving, kwalificatie en een strafbepaling
  • officier van justitie
    vertegenwoordiger van het staatsorgaan dat belast is met de vervolging van de verdachten -> het Openbaar ministerie
  • het doel van straffen is?
    Vergelding: de dader moet ook lijden net zoals het slachtoffer
    Generale preventie: voorkomen dat andere strafbare feiten plegen.
    Speciale preventie: Voorkomen dat de dader nog een  een strafbaar feit pleegt
  • Wat is geweldmonopolie?
    Alleen het OM mag straffen.
  • Doel van straffen
    Vergelding: de dader moet ook lijden net zoals het slachtoffer
    Generale preventie: voorkomen dat andere strafbare feiten plegen.
    Speciale preventie: Voorkomen dat de dader nog een strafbaar feit pleegt
  • Je kunt formeel en materieel strafrecht onderscheiden en je kunt aangeven waar het formele en materiële strafrecht in de wet geregeld is.
    Formeel strafrecht wordt ook wel het strafprocesrecht of de strafvordering genoemd. Dit deel van het strafrecht bepaalt welke regels moeten worden gevolgd wanneer een norm van het materiële strafrecht is overtreden. Het strafprocesrecht, is voor het grootste gedeelte geregeld in het wetboek van strafvordering.
    Materieel strafrecht bepaalt welk gedrag niet togestaan is en welke personen daarvoor kunnen worden gestraft. Het gaat hierbij in de eerste plaats om strafbepalingen. Daarnaast behoren ook algemene leerstukken die betrekking hebben op de uitsluiting van strafbaarheid (noodweer) en uitbreiding van strafbaarheid tot het materiele strafrecht. Dit deel van het strafrecht wordt voornamelijk gevonden in het Wetboek van Strafrecht.
  • Dagvaardingen

    - Strafrechtelijke: verzonden door OvJ om verdachte terecht te laten staan voor de strafrechter

    - Civielrechtelijke: verstuurd door de ene burger naar de andere om een civielrechtelijk geschil uit te vechten ten overstaan v/d burg. rechter
  • Waar houdt het strafrecht zich mee bezig?

    Voor het strafrecht geldt, eenvoudig gezegd, dat het zich bezighoudt met het bestraffen van personen die een strafbaar feit hebben gepleegd. Het strafrecht regelt wie straf kan krijgen en waarvoor.

  • taak van het OM
    het om is belast met de vervolging van de verdachten
  • Wat houdt het verbod tot eigenrichting in?
    Je mag geen eigen rechter spelen.
  • waarom houdt het strafrecht de samenleving bezig
    Omdat dit rechtsgebied sterk verbonden is met zaken als moraal, veiligheid en rechtvaardigheid. En dit spreekt mensen aan. Het strafrecht regelt wie straf kan krijgen en waarvoor.
  • Je kunt aangeven uit welke vier componenten een strafbaar feit is opgebouwd. Je kunt aangeven hoe een wettelijke delictsomschrijving is opgebouwd en je kunt het verschil tussen bestanddelen en elementen aangeven
    en strafbaar feit is uit vier componenten opgebouwd:
    · Menselijke gedraging · MG
    · Wettelijke delictsomschrijving DO
    · Wederrechtelijk ·· W: onrechtmatig
    · Schuld ( als verwijtbaarheid) V
    Bestanddelen: kan men terug vinden in de wet.
    Elementen: zoals wederrechtelijkheid, dat kan je soms terug vinden in de wet.
    Wettelijke delictsomschrijving: gedragingen die strafbaar zijn en in de wet terug te vinden zijn
  • Eigenrichting is verboden
  • Door wie gebeurt het straffen en hoe noem je dit beginsel?

    Het straffen gebeurt niet door de burgers zelf, maar door de overheid. De Staat heeft het monopolie op straffen. Dit wordt ook wel strafmonopolie genoemd. Als een burger een strafbaar feit pleegt, moet hij verantwoording afleggen aan de overheid, die hem namens de samenleving straf kan opleggen.

  • Wat is het legaliteitsbeginsel?
    Je bent pas strafbaar als je in strijdt met een wettelijk bepaling handeld.
  • Het straffen gebeurt niet door de burgers zelf, maar door de overheid. De Staat heeft het monopolie op straffen. Dit wordt ook wel strafmonopolie genoemd. Als een burger een strafbaar feit pleegt, moet hij verantwoording afleggen aan de overheid, die hem namens de samenleving straf kan opleggen.
  • Je kunt globaal uitleggen welke rol rechtspraak, met name cassatie, speelt in de theorievorming rond het strafrecht.
    Cassatie is een begrip uit de rechtspraak. "In cassatie gaan" betekent dat men beroep aantekent bij het hoogste rechtsprekend orgaan (Hoge Raad) van het land tegen een uitspraak van een lagere rechter.
  • Doel straffen
    - Vergelding: kan zorgen voor morele genoegdoening

    - Preventie: over de zin van straf
  • Welke verhouding regelt het privaatrecht?

    Het privaatrecht, ook wel civiel recht of burgerlijk recht genoemd, regelt de verhouding tussen burgers onderling.

  • Wat is het formeel strafrecht?
    De procedure/hoe
  • materieel strafrecht.
    - Materieel (Sr): de vraag wat een strafbaar feit is, bepaald welk gedrag niet is toegestaan en welke personen daarvoor kunnen worden gestraft. Wetboek van strafrecht. 

    -> strafbepalingen: diefstal, moord, oplichting etc.
    -> alg. leerstukken: noodweer, poging en medeplichtigheid
  • Je kunt uitleggen wat wordt bedoeld met wederrechtelijkheid en schuld.
    Wederrechtelijkheid: De gedraging die in strijd is met het recht. De gedraging moet niet gerechtvaardigd kunnen worden.
    Schuld: verwijtbare aanmerkelijke onvoorzichtigheid, de gedraging moet verwijtbaar kunnen zijn. Dit is het geval als iemand redelijkerwijs een andere optie had dan het overtreden van de wet.
  • Preventie

    - Speciale: moet voorkomen of ontmoedigen dat de gestrafte wederom in de fout gaat

    - Generale: dat ook anderen dan de gestrafte lering trekken uit het feit dat er voor het plegen van een strafbaar feit straf opgelegd kan worden

  • Welke verhouding regelt het publiekrecht en welke rechtsgebieden vallen hieronder?

    Het publiekrecht regelt de verhouding tussen burgers en de Staat. Het strafrecht, het bestuursrecht en het staatsrecht maken deel uit van het publiekrecht.

  • Wat is het materieel strafrecht?
    Wat is strafbaar?
  • formeel strafrecht
     Formeel (Sv): bepaalt welke regels moeten worden vervolgd wanneer een norm van het materieel stamrecht is overtreden. strafprocesrecht/strafvordering. wet boek van strafvordering.
  • Je kunt uitleggen wat de begrippen legaliteitsbeginsel, strafmonopolie, generale en speciale preventie inhouden.
    Legaliteitsbeginsel: je kan niet worden gestraft als het niet in de wet staat
    Strafmonopolie: het alleenrecht om te straffen
    Speciale preventie: moet voorkomen dat de gestrafte wederom in de fout gaat en generale preventie heeft als uitgangspunt dat ook anderen dan de gestrafte lering trekken uit het feit dat er voor het plegen van een strafbaar feit straf kan worden opgelegd.
  • Strafrecht
    - Materieel (Sr): de vraag wat een strafbaar feit is, bepaald welk gedrag niet is toegestaan en welke personen daarvoor kunnen worden gestraft

    -> strafbepalingen: diefstal, moord, oplichting etc.
    -> alg. leerstukken: noodweer, poging en medeplichtigheid

    - Formeel (Sv): strafproces recht, omvat regels van het strafproces
  • Wat regelt het bestuursrecht?

    Het bestuursrecht regelt onder meer de wijze waarop het openbaar bestuur moet functioneren bij het nemen van beslissingen die de burger indirect of direct raken.

  • Wat zijn de voorwaarden van een strafbaar feit?
    - Menselijke gedraging
    - Delictomschrijving
    - Wederrechtelijkheid
    - Schuld
  • sanctierecht
    heeft betrekking op voorwaarden waaronder bepaalde straffen mogen worden opgelegd en ten uitvoer gelegd. Mag er bijvoorbeeld voor een bepaalde strafbaar feit een taakstraf worden opgelegd. te vinden in sr en sv
  • e kunt de verschillende categorieën van strafbare feiten (misdrijven en overtredingen, formele en materiële delicten, commissie- en omissiedelicten, gekwalificeerde en geprivilegieerde delicten) onderscheiden en je kunt bij een concrete delictsomschrijving aangeven tot welke categorie of categorieën deze behoort.
    Misdrijven: ernstig strafbaar feit ( doodslag)
    Overtredingen: minder ernstig strafbaar feit ( burengerucht verwekken waardoor nachtrust verstoord kan worden).
    Het onderscheid tussen de twee soorten strafbare feiten is om een aantal redenen van belang. De drie belangrijkste redenen: de indeling naar misdrijven en overtredingen bepaalt goeddeels welk soort rechter bevoegd is om kennis te nemen van een strafzaak. Een ander, meer materieelrechtelijk verschilpunt is dat poging tot overtreding en medeplichtigheid aan overtreding niet strafbaar zijn. Poging en medeplichtigheid zijn wel strafbaar in geval van misdrijven. Verder is het onderscheid van belang voor de toepassing van dwangmiddelen: veel dwangmiddelen, zoals het aftappen van een telefoon, mogen slecht worden toegepast in geval van verdenking van een misdrijf.
    Formele delict: staat in de wet omschreven als een handeling, een specifiek omschreven activiteit ( diefstal)
    Materiële delict: is de handeling niet strafbaar gesteld maar het veroorzaken van een gevolg. (doodslag)
    Commissie- delict: feiten die een actief handelen veronderstellen ( stelen, vermoorden)
    Omissiedelict: een feit dat niet word gepleegd door het handelen maar door een nalaten. (iets niet doen)
    Gekwalificeerde delict: strafbaar feit met strafverzwarende omstandigheden. (diefstal met geweld)
    Geprivilegieerde delict: een strafbaar feit die straf verlichtende werkt. ( kinderdoodslag, moeder die onder werking van vrees haar kind van het leven berooft )
  • Wetten in formele en materiële zin
    De totstandkoming en werking van wetten
  • Wie kan een verdachte van een strafbaar feit voor de strafrechter brengen en hoe wordt dit beginsel genoemd?

    De enige die een verdachte van een strafbaar feit voor de strafrechter kan brengen is de officier van justitie (OvJ). Dit wordt ook wel vervolgingsmonopolie genoemd. Hij is een vertegenwoordiger van het staatsorgaan dat is belast met de vervolging van verdachten (het OM).

  • Wat houdt menselijke gedraging in?
    Een gewilde spierbeweging.
  • Je kunt uitleggen wat wordt bedoeld met causaliteit en aangeven bij welke categorie strafbare feiten causaliteit van belang is.
    Causaliteit: Is de leer van oorzaak en gevolg, de causaliteit is onder andere van belang bij materiële delicten.
    Doodslag (art. 287 Sr)
    Mishandeling de dood ten gevolge hebbend (art 300 lid 3 Sr)
  • Commune strafrecht

    Het strafrecht dat in wetboeken is opgenomen

  • Hoeveel doelen heeft straffen? Noem ze op en leg ze uit.

    Straffen heeft twee doelen:

    1. Vergelding: leedtoevoeging. Het kwaad dat de dader van een strafbaar feit veroorzaakt bij het slachtoffer of aan de maatschappij als geheel, zou door het opleggen van straf in de eerste plaats 'vergolden' moeten worden door leedtoevoeging. De dader van een strafbaar feit wordt zo voelbaar geconfronteerd met het feit dat hij een strafrechtelijke norm heeft overschreden.

    2. Preventie: de preventiegedachte gaat uit van een eenvoudig principe; mensen willen geen straf krijgen, dus zullen zij gedrag dat mogelijk tot straf leidt, zoveel mogelijk proberen te voorkomen.

    2a. Speciale preventie: speciale preventie moet voorkomen of ontmoedigen dat de gestrafte wederom in de fout gaat.

    2b. Generale preventie: ook anderen dan de gestrafte moeten lering trekken uit het feit dat er voor het plegen van een strafbaar feit straf opgelegd kan worden.

  • Wat is wederrechtelijkheid?
    In strijd met de wet.
  • boek 1 algemene leerstukken
    boek 2 misdrijven
     boek 3 overtredingen  
    wetboek van strafrecht.
  • Bijzondere strafwetten

    vormen samen het bijzondere strafrecht
    Wetten in formele zin
    i.s.m. Staten-Generaal en Regering tot stand gekomen

    WvW - wegenverkeerswet 1994
    WWM - Wet wapen en munitie
    OW/Opw - Opiumwet
    Wet op het financieel toezicht
    Gezondheids- en Welzijnswet voor dieren
    Waterwet
    enz.
  • Door wie wordt een strafrechtelijke dagvaarding verzonden?

    Strafrechtelijke dagvaardingen worden verzonden door een officier van justitie om een verdachte terecht te laten staan voor de strafrechter.

  • Is deze stelling juist? Elementen moeten worden bewezen en bestanddelen niet.
    Onjuist. 
    Bestanddelen moeten worden bewezen, elementen niet.
  • Op gemeentelijk niveau
    APV - Algemene Plaatselijke Verordening

    ook andere verordeningen als:

    Havenverordening - gem. R'dam
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 2:

  • Grondtrekken van het Nederlandse strafrecht
  • Kronenberg De Wilde
  • or
  • 6th

Summary - Grondtrekken van het Nederlandse strafrecht

  • 1.2 Plaats van het strafrecht

  • Wie kan een verdachte van een strafbaar feit voor de strafrechter brengen?
    Een officier van justitie.
  • Wie vertegenwoordigt de OvJ?
    De OvJ is vertegenwoordiger van het staatsorgaan dat belast is met de vervolging van verdachten ( het openbaar ministerie).
  • 1.3 Doelen van straffen

  • Welke doelen dient de oplegging van straf?
    1. Vergelding
    2. Preventie
  • Welke straffen leunen zwaar op dit principe van speciale preventie?
    Het opleggen van voorwaardelijke straffen.
  • Men onderscheidt twee soorten preventie:
    1. Speciale
    2. Generale
  • Wat is de gedachte achter de speciale preventie?
    Dat een dader die in aanraking is gekomen met de gevolgen van het overschrijden van een strafrechtelijke norm, de volgende keer wel twee keer zal nadenken, voordat hij nog eens iets dergelijks doet.
  • Welke straffen leunen zwaar op dit principe?
    Het opleggen van voorwaardelijke straffen.
  • Wat is een voorwaardelijke straf?
    Deze worden niet ten uitvoer gelegd op voorwaarde dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd niet opnieuw aan een strafbaar feit schuldig maakt.
  • Wat heeft de leer van de generale preventie als uitgangspunt?
    Dat ook anderen dan de gestrafte lering trekken uit het feit dat er voor het plegen van een strafbaar feit straf opgelegd kan worden. De gestrafte moet een voorbeeld zijn dat potentiële wetsovertreders afschrikt.
  • 1.4 Materieel strafrecht, formeel strafrecht en sanctierecht

  • In welke drie gebieden kan het rechtsgebied strafrecht worden onderverdeeld?
    1. Materieel strafrecht
    2. Formeel strafrecht
    3. Sanctierecht
  • Wat bepaalt het materiële strafrecht?
    Welk gedrag niet toegestaan is en welke personen daarvoor kunnen worden gestraft.
  • Noem een aantal onderwerpen die tot het materiële strafrecht behoren:
    - strafbepalingen (bijv. diefstal en moord);
    - algemene leerstukken die betrekking hebben op de uitsluiting van strafbaarheid (bijv. noodweer);
    - algemene leerstukken die betrekking hebben op de uitbreiding van strafbaarheid (bijv. poging en medeplichtigheid);
  • Waar vinden we voornamelijk het materiële strafrecht?
    In het WvSr.
  • Hoe wordt het formele strafrecht ook wel genoemd?
    Strafprocesrecht of de strafvordering.
  • Wat bepaalt het formele strafrecht?
    Welke regels moeten worden gevolgd wanneer een norm van het materiële strafrecht (vermoedelijk) is overtreden.
  • Waar is het strafprocesrecht voor het grootste gedeelte geregeld?
    Het WvSv.
  • Waarop heeft het sanctierecht betrekking?
    Op de voorwaarden waaronder bepaalde straffen mogen worden opgelegd en ten uitvoer gelegd.
  • Waar is het sanctierecht voornamelijk te vinden?
    Zowel in het WvSr als in het WvSv.
  • Welke onderwerpen met een formeelstrafrechtelijk karakter zijn geregeld in het WvSr?
    Ne bis in idem (art. 68 Sr) en voorwaardelijke invrijheidsstelling (art. 15 Sr).
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Summary 3:

  • Grondtrekken van het nederlandse strafrecht
  • M J Kronenberg
  • 9789013093070 or 9013093078

Summary - Grondtrekken van het nederlandse strafrecht

  • 1 Inleiding

  • Wie heeft het monopolie op straffen?

    De Staat heeft het monopolie op straffen. Als een burger een strafbaar feit heeft gepleegd moet het verantwoording afleggen aan de overheid. Die hem vervolgens namens de samenleving een straf op kan leggen. Het civiele recht regelt meer de verhouding tussen burgers onderling.

  • Waar houdt het strafrecht zich mee bezig?
    Het strafrecht houdt zich bezig met het bestraffen van personen die een strafbaar feit hebben gepleegd en regelt wie straf kan krijgen en waarvoor.
  • Het doel van straffen
    Als leedtoevoeging. Vergelding en preventie.
  • Door wie gebeurt het straffen?
    Het straffen gebeurt niet door de burgers zelf, maar door de overheid. Het strafmonopolie berust dus bij de Staat. Dit is een kenmerkend verschil met het civiel recht.

  • Wat is speciale preventie
    Dat de dader die in aanraking is gekomen met de gevolgen van het overschrijden van een strafrechtelijke norm, de volgende keer wel twee keer zal nadenken, voordat hij nog eens iets dergelijks doet.  Speciale preventie is voorkomen of ontmoedigen.
  • Welke verhouding regelt het civiel recht?
    Het civiel recht, ook wel burgerlijk recht genoemd, regelt de verhouding tussen burgers onderling.
  • Generale Preventie
    Uitgangspunt dat ook anderen dan de gestrafte lering trekken uit het feit dat er voor het plegen van een strafbaar feit straf opgelegd kan worden.
  • Welke verhouding regelt het strafrecht?
    Het strafrecht regelt de verhouding tussen burgers en de Staat. Deze verhouding wordt ook beheerst door het bestuursrecht.
  • Materieel strafrecht
    Bepaalt welk gedrag niet toegestaan is en welke personen daarvoor kunnen worden gestraft. Het gaat hierbij in de eerste plaats om strafbepalingen ( diefstal, moord, oplichting, etc .). 
  • Wie is belast met de vervolging van verdachten?
    De officier van justitie is als vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie als enige belast met de vervolging van verdachten.
  • Waar is het materieel strafrecht geregeld?
    Het wetboek van Strafrecht.
  • Wat is het doel van straffen?
    Straffen heeft twee doelen. Enerzijds vergelding en anderzijds preventie. Vergelding, ook wel leedtoevoeging genoemd, zorgt voor morele genoegdoening. De dader van een strafbaar feit wordt immers voelbaar geconfronteerd met het feit dat hij een strafrechtelijke norm heeft overschreden. De preventiegedachte gaat uit van een eenvoudig principe, namelijk: mensen willen geen straf krijgen, dus zullen zij gedrag dat mogelijk tot straf leidt zoveel mogelijk proberen te voorkomen. Preventie kan je onderverdelen in generale- en speciale preventie. Generale preventie heeft als uitgangspunt dat ook anderen dan de gestrafte lering kunnen trekken uit het feit dat er voor het plegen van een strafbaar feit straf opgelegd kan worden. De gestrafte vormt een voorbeeld voor potentiële wetsovertreders. Speciale preventie richt zich louter op de gestrafte en moet voorkomen of ontmoedigen dat deze wederom de fout in gaat.
  • Wat is een andere benaming voor het formele strafrecht?
    Strafprocesrecht
  • Wat is het doel van straffen?
    Straffen heeft twee doelen. Enerzijds vergelding en anderzijds preventie. Vergelding, ook wel leedtoevoeging genoemd, zorgt voor morele genoegdoening. De dader van een strafbaar feit wordt immers voelbaar geconfronteerd met het feit dat hij een strafrechtelijke norm heeft overschreden. De preventiegedachte gaat uit van een eenvoudig principe, namelijk: mensen willen geen straf krijgen, dus zullen zij gedrag dat mogelijk tot straf leidt zoveel mogelijk proberen te voorkomen. Preventie kan je onderverdelen in generale- en speciale preventie. Generale preventie heeft als uitgangspunt dat ook anderen dan de gestrafte lering kunnen trekken uit het feit dat er voor het plegen van een strafbaar feit straf opgelegd kan worden. De gestrafte vormt een voorbeeld voor potentiële wetsovertreders. Speciale preventie richt zich louter op de gestrafte en moet voorkomen of ontmoedigen dat deze wederom de fout in gaat.
  • Wat bepaalt het materiële strafrecht en waar staat het?
    Het materiële strafrecht bepaalt welk gedrag niet is toegestaan en welke personen daarvoor gestraft kunnen worden en wordt voor een belangrijk deel gevonden in het Wetboek van Strafrecht.
  • Waar is het formele strafrecht geregeld?
    In het wetboek van strafvordering
  • Wat omvat het formele strafrecht en waar staat het?
    Het formele strafrecht, ook wel strafprocesrecht genoemd, omvat de regels van het strafproces en is voor het grootste gedeelte geregeld in het Wetboek van Strafvordering.
  • Waar is het formele strafrecht geregeld?
    In het wetboek van strafvordering
  • Zijn de vindplaatsen van het materiële- en formele strafrecht waterdicht?
    Nee, de vindplaatsen van het materiële- en formele strafrecht zijn niet geheel waterdicht. Zo vindt men regelingen zoals ne bis in idem met een sterk formeelrechtelijk karakter in het Wetboek van Strafrecht.
  • Wat is het formele strafrecht?
    Het formele strafrecht omvat de regels van het strafproces.
  • Wat is een wet in formele zin en wat een wet in materiële zin?
    Een wet in formele zin is een wet die tot stand is gekomen in samenwerking tussen de regering en de Staten-Generaal. Een wet in materiële zin bevat algemene regels die burgers binden.
  • Wat is het formele strafrecht?
    Het formele strafrecht omvat de regels van het strafproces.
  • Wat is het verschil tussen een wet in formele zin en een wet in materiële zin?
    Een wet in formele zin heeft betrekking op de totstandkoming van de wet, terwijl een wet in materiële zin betrekking heeft op de werking van de wet.
  • Wat is het commuun strafrecht?
    Het strafrecht dat in de wetboeken is opgenomen.
  • Wat wordt er bedoeld met commune strafrecht en wat met het bijzondere strafrecht?
    Met het commune strafrecht wordt het strafrecht bedoeld dat is opgenomen in wetboeken (het Wetboek van Strafrecht en het Wetboek van Strafvordering). Daarnaast zijn er ook strafbepalingen die in andere wetten zijn opgenomen. Met het bijzondere strafrecht worden bijzondere wetten zoals de WVW 1994, de Opiumwet, de Wet wapens en munitie, de Waterwet en de Wet op het financieel toezicht bedoeld.
  • Wat is het bijzondere strafrecht?
    In de bijzondere strafwetten treft men strafbepalingen  aan die behoren tot het materiële strafrecht. Voorbeelden van bijzondere strafwetten: Wet wapen en munitatie, Opiumwet, Wet op het financieel toezicht, Gezondheids- en welzijnswet voor de dieren, Waterwet etc.
  • Zijn alle strafwetten wetten in formele zin?
    Nee, niet alle strafwetten zijn wetten in formele zin. Sommige strafwetten worden vastgesteld door lagere openbare lichamen zoals de gemeente. Hierbij kun je denken aan een APV. Artikel 91 Sr bepaalt dat de bepalingen van boek 1 van het Wetboek van Strafrecht ook van toepassing zijn op lokale strafwetgeving en bijzondere wetten.
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Je kunt uitleggen wat het verschil is tussen culpa - en opzetvarianten en wat het belang daarvan is.
Het verschil tussen opzet en schuld, is dat er bij opzet sprake is van willens en wetens handelen. Bij schuld daarentegen wordt er per ongeluk gehandeld (onvoorzichtigheid). Dit verschil is vooral van belang bij misdrijven. De bewuste culpa lijkt sterk op de voorwaardelijke opzet. Bij beide is er sprake van een dader die zich bewust is van het risico/gevaar. Als het risico je niets kan schelen, is er sprake van voorwaardelijke opzet. Als je bewust bent van de gevolgen, maar je gelooft in een goede afloop is er sprake van een bewuste culpa. Het verschil zit hem dus in de willensaspect van de dader (lichtvaardig optimistisch).
Je kunt bij een opzetdelict aangeven op welke bestanddelen het opzet betrekking heeft.
Alle delictsbestanddelen die volgen na het woord opzet, zijn met opzet gedaan. Er bestaan echter ook bestanddelen, waarop, ook als zij in de tekst pas volgen na het opzetbestanddeel, waarop, ook als zij in de tekst pas volgen na het opzetbestanddeel, het opzicht van de dader niet gericht hoeft te zijn. Dit zijn geobjectiveerde bestanddelen. Een deel van de delictsomschrijving is dan geobjectiveerd.
Je kunt de wijze waarop het bestanddeel opzet in een delictsomschrijving wordt uitgedrukt herkennen.
Als een delictsomschrijving opzet vereist, dan maakt het voor het vervullen van dit bestanddeel niet uit met welke graad van opzet er is gehandeld. Opzet kan op verschillende manieren in een delictsomschrijving zijn opgenomen. Als het woord 'opzettelijk' in de delictsomschrijving staat, is er sprake van een opzetdelict. Daarnaast kunnen ook de volgende woorden gebruikt.
- Wetende dat
- Oogmerk
-Wist of behoorde te weten
- Ingeblikte opzet (Mishandeling, opruien , verzetten)
• Je kunt de formele en materiële vragen van het beslissingsschema van art. 348 en 350 Sv benoemen en je kunt aangeven wat het verschil in aard is van deze vragen. 

Formele vragen art. 348 sv. :
Is de dagvaarding geldig?
oNee: de dagvaarding is nietig
oJa: ga naar de volgende vraag
Is de rechter bevoegd?
oNee: de rechter is onbev egd
oJa: ga naar de volgende vraag
Is de officier van justitie ontvankelijk?
oNee: de officier van justitie is niet-ontvankelijk
oJa: ga naar de volgende vraag
Is er reden tot schorsing der vervolging
oNee: ga naar de volgende v raag
oJa: de vervolging wordt geschorst
Materiële vragen art. 3 50 sv. :
Is bewezen dat het ten last e gelegde feit door de verdachte is be gaan?
oNee: de verdachte wordt vrijgesproken
oJa: ga naar de volgende vraag
Kan het bewezen verklaard e worden gekwalificeerd?
oNee: de verdacht wordt ontslagen van alle rechtsvervolging
oJa: ga naar de volgende vraag
Is het bewezen verklaarde wederrechtelijk?
oNee: de verdacht wordt ontslagen van alle rechtsvervolging
oJa: ga naar de volgende vraag
Is de verdachte verwijtbaar?
oNee: de verdacht wordt ontslagen van alle rechtsvervolging
oJa: de verdachte wordt veroodeeld.
Je kunt onderscheiden wat de twee controlemechanismen op de vervolgingsbeslissing (rechterlijke controle en democratische controle) zijn en je kunt uitleggen wat zij inhouden.
Rechterlijke controle op de vervolgingsbeslissing: Het recht van de verdachte om een bezwaarschrift in te dienen tegen de dagvaarding van de OVJ indien hij meent dat die ten onrechte naar hem is uitgegaan (art 262 SV).  Redenen: OM heeft de verkeerde persoon gedagvaard, verdachte heeft al sepotmelding ontvangen etc. 
Democratische controle op vervolgingsbeslissing: De minister van veiligheid en justitie heeft ook een zekere mate van democratische controle op het OM. De minister kan aanwijzingen geven aan het OM.
Je kunt uitleggen wat wordt bedoeld met een transactie en met een strafbeschikking en aangeven wat de verschillen en overeenkomsten zijn tussen deze afdoeningsmodaliteiten

Transactie = een sepot waarbij  als voorwaarde de betaling van een geldbedrag wordt gesteld
Basisgedachte =  in een eenvoudige strafzaak die, indien vervolgd, welhaast zeker op een veroordeling uitloopt, is het voor alle partijen eenvoudiger  om de zaak buiten geding af te doen
Voorwaarden:o Mag slechts worden aangeboden in geval de betreffende persoon wordt verdacht van een overtreding of van een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving niet meer dan zes jaar gevangenisstraf is gesteldo Mag alleen worden aangeboden aan officier indien het een haalbare zaak betreft. Alleen bedoeld voor beleidssepot en niet technische sepot.
Strafbeschikking = opleggen van maatregelen en boetes
 Mag slechts worden uitgevaardigd in geval van verdenking van een overtreding of van een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving niet meer dan zes jaar gevangenisstraf is gesteld.  Sancties van taakstraf, geldboete, onttrekking aan het verkeer, schadevergoeding en ontzegging van de rijbevoegdheid
Je kunt uitleggen wat wordt bedoeld met seponeren en je kunt de begrippen technisch sepot en beleidssepot onderscheiden.
Seponeren: Is volgens art. 167 SV de beslissing van OVJ om in een individuele strafzaak af te zien van vervolging.
Technische sepot: Geen mogelijkheid tot vervolging door middel van weinig bewijs, of sprake van vervolgingsbeletselen. 
Beleidssepot: Vervolging is niet wenselijk, door de geringe ernst van het feit of de omstandigheden waaronder het gepleegd wordt of wegens de vervolgingsrichtlijnen van het OM.
• Je kunt de vervolgingsbeletselen benoemen en je kun t in een eenvoudige casus aangeven of er sprake is van een vervolgingsbeletsel.
Een vervolgingsbeletsel zijn redenen in concrete gevallen waarom er niet vervolgd mag worden. 
1. Rechtsmacht 2. Leeftijd, pas vanaf 12 jaar vervolging mogelijk
3. Verjaring van het vervolgingsrecht, een strafbaar feit is verjaart
4. Overlijden van de verdachte
5. Klacht, moet eerst een klacht worden ingediend voor vervolging
6. Immuniteit van overheidsorganen, bijv. de staat maakt zich schuldig aan verontreiniging.
7. Ne bis in idem, niemand mag twee keer voor hetzelfde strafbare feit worden vervolgd art. 68 s
• Je kunt aangeven in welke g evallen Nederland rechtsmacht heeft?
Wanneer Nederland rechtsmacht heeft is te beoordelen aan de hand van de artikelen 2 t/m 8 wetboek van Strafrecht. Het houdt in dat de Nederlandse strafwet van toepassing is op een gepleegd strafbaar feit.  Rechtsmacht heet ook wel jurisdictie. Wanneer de rechtsmacht niet geldt in Nederland, dan heeft de OVJ geen recht tot vervolging.
Je kunt uitleggen wat het gelijkheidsbeginsel en vertrouwensbeginsel in relatie tot de vervolgingsbeslissing inhouden en je kunt in een eenvoudige casus aangeven of zij geschonden zijn of niet?
Gelijkheidsbeginsel = Het OM en de politie hebben een gelimiteerd aantal mensen en financiën. Er bestaat dus altijd een stelselmatige ongelijkheid in opsporing en vervolging van strafbare feiten. Vertrouwensbeginsel = verdachte mag gerechtvaardigd vertrouwen op mededelingen van politie en justitie. Als een officier van justitie aan een verdachte mededeelt dat deze ter zake van een bepaald feit niet zal worden vervolgd, eist het vertrouwensbeginsel dat de officier, behoudens bijzondere omstandigheden, deze belofte gestand doet.