Summary Handboek psychodiagnostiek voor de hulpverlening aan kinderen en adolescenten

-
ISBN-13 9789058982537
1333 Flashcards & Notes
32 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

This is the summary of the book "Handboek psychodiagnostiek voor de hulpverlening aan kinderen en adolescenten". The author(s) of the book is/are tak. The ISBN of the book is 9789058982537. This summary is written by students who study efficient with the Study Tool of Study Smart With Chris.

Summary - Handboek psychodiagnostiek voor de hulpverlening aan kinderen en adolescenten

  • 1 Hoorcollege 1

  • Wat is het doel van psychodiagnostiek van het psychosociaal functioneren 
    Het verkrijgen van een betrouwbare en valide beschrijving van het psychosociale functioneren
    Het zoeken naar en toetsen van mogelijke verklaringen voor het ontstaan en de instandhouding van problemen.
  • Psychodiagnostiek is handelingsgericht en heeft daarnaast welke doelen?
    Bepalen welke interventies passend zijn
    Bepalen wat het effect van de hulpverlening is
    Het afstemmen van het onderzoek op de hulpvragers te bevordering van hun motivatie en de gewenste veranderingen
  • Aan welke twee eisen moet diagnostiek voldoe
    Betrouwbaarheid en validiteit
  • Wat houdt betrouwbaarheid in bij diagnostiek 
    Hypothesen en toetsingen moeten zo onafhankelijk mogelijk zijn van het moment van het onderzoek, de onderzoeker of andere toevallige factoren. 
  • Wat houdt validiteit in bij diagnostiek 
    Hypothesen en toetsingen moeten daadwerkelijk betrekking hebben op datgene wat bedoeld werd te beschrijven of te toetsen
  • Diagnostiek werkt ook met een empirische cyclus, noem de vijf fasen en leg uit.
    Observatie: Het verzamelen van gegeven 

    Inductie:Het formuleren van hypothesen op basis van waarnemingen

    Deductie het afleiden van toetsbare voorspellingen uit de hypothesen en operationaliseren. Het zoeken van adequate onderzoeksmiddelen om de voorspellingen toetsbaar te maken.

    Toetsing: Het nagaan of de voorspellingen uitkomen door nieuwe gegevens te verzamelen

    Evaluatie: Het verbinden van de uitkomsten van het onderzoek aan de hypothesen. Worden deze aangenomen of verworpen? 
  • Welke vraag wordt gesteld bij een onderkennende hypothese?
    Wat zou er aan de hand kunnen zijn. 
  • Waar naar wordt gekeken bij een onderkennende hypothese
    Wat is de vraag
    Wie stelt hem
    Wie zijn er bij betrokken 
    Welke probleemaspecten spelen er? 
    Welke hulpbronnen zijn aanwezig. 
  • Wat is diagnostiek 
    Het onderzoeken van een probleem of situatie met het oog op het verkrijgen van een uniek, gedetailleerd en voldoende compleet klinisch beeld, teneinde de problematiek van de hulpvrager en haar situatie te begrijpen en verklaren met het oog op gefundeerde advisering en probleemoplossing 
  • Diaganose
    Een gedetailleerd en omvattend BEELD met een VERKLARING voor de problemen van de cliënt en zijn situatie uitmondend in een ADVIES
  • Wat wordt bedoeld met een beschrijvende diagnose
    Een classificatie middels de DSM of ICD 
  • Hoe het het als een classificatie niet mogelijk is
    Handelingsgerichte diagnostiek
  • Uit hoeveel axes is de DSM IV TR opgebouwd en beschrijf deze 
    1. Psychische ziekte
    2. persoonlijkheidsstoornissen
    3. somatisch ziekten ( lichamelijke ziekten 
    4. psychosociale en uitlokkende factoren
    5. niveau van functioneren (GAF)
  • Wat zijn de belangrijkste DSM categorieën voor kinderen noem er 7
    ADHD
    Autisme met PDD
    Gedragsproblemen (CD en ODD)
    Angststoornissen + depressie
    Hechtingsproblemen
    Verstandelijke beperking
    Leerstoornissen ( dyslexie en dyscalculie)
  • Wat zijn de voordelen van een classificatie 
    Betere communicatie met professionals en ouders
    systematisch onderzoek naar aard, voorkomen, oorzaak en gevolg
    Duidelijke koppeling met prognoses
    en behandelingsmogelijkheden 
  • Nadelen
    Stigmatiserend
    simplificerend
    gaat voorbij aan de omstandigheden en relaties die van belang zijn bij de ontwikkeling van psychopathologie 
    zet aan tot onjuist gebruik
    betrouwbaarheid 
  • Wat is het doel van een screening, assessment en classificatie 
    een geïntegreerd klinisch beeld te krijgen

    de problemen te begrijpen = onderkennen en verklaren
    een advies te geven mbt verdere begeleiding of behandeling
    of om ontwikkelingen te volgen 
  • Waarbij moet je rekening houden binnen de diagnostiek
    Kind of jeugdige in relatie tot zijn opvoeders

    Een cliënt systeem met een pedagogische relatie

    Kind is de context, Wederzijdse beïnvloeding tussen kind en context vaak onderwerp van onderzoek 

    In welke ontwikkelingsfase is het kind
  • Hoe noem je het als er wordt gekeken naar transactionele uitgangspunten 
    Wederzijdse beïnvloeding tussen kind en context 
  • Wat is het doel van diagnostiek 
    Bijdrage tot het verminderen van een probleem of het oplossen van het probleem

    Niet alleen op risicofactoren maar ook op protectieve factoren

    Empowerment vergroten. 
  • Welke vijf vragen horen bij een systematisch aanpak?
    Over wie gaat het

    wat is het probleem

    waardoor komt dat probleem of waardoor wordt het in stand gehouden

    wat is er aan te doen

    wat is mijn advies
  • Wat zijn de kapstokken bij de vijf vragen van systematische aanpak? 
    Over wie gaat het? = Verschillende doelgroepen ( gezin, individu, leeftijd, chronische aandoening)

    Wat is het probleem? = onderkenning ( verschillende probleemgebieden

    Waardoor komt dat? = Verklaring ( biologische, cognitief-affectief, gedragsniveau

    wat is er aan te doen? = verschillende behandelingen

    Wat is mijn advies? = advies afhankelijk van behandelmogelijkheden en wensen van hulpvragers 
  • Waarvoor staat de akpviar
    Aanmelding
    Klachtanalyse
    Probleemanalyse
    Verklaringsanalyse
    Indicatieanalyse
    Advisering
    Rappotage
  • Omschrijf de vragen die horen bij AKPVIAR
    Aanmelding = Over wie gaat het

    Klachtanalyse
    Probleemanalyse = Wat is het probleem

    Verklaringsanalyse = waardoor komt dat

    Indicatieanalyse = wat is er aan te doen

    Rapportage 
    Advisering =  Wat is mijn advies?
  • Waar is de diagnostische cyclus op gebaseerd?
    Empirische cyclus ( groot) Wetenschappelijk onderzoek. 
    Hypothese worden getoetst mbv empirische gegevensverzameling

    Regulatieve cyclus (Strien) Praktijk zorgverlening
    Het zorgverleningsproces is systematisch en in fases ingedeeld. sommige fases worden herhaald indien nodig. 
  • Wat is de afkorting waarop de diagnostische cyclus is gebaseerd en welke 2 hypothese zijn er?
    Hypothese toetsend model (HTM)

    Er is sprake van.....

    onderkennende 
    verklarende hypothese 
  • Wat wordt er verwoord in de klachtanalyse
    Aanmelding en verwijzingsredenen

    Screening ( eerste informatie ten aanzien van de problemen die duidelijk worden uit de eerste vragenlijsten en dossieronderzoek)

    Klachtanalyse op grond van de hulpvraag die bij het eerste gesprek naar voren gebracht wordt. 
  • Wat is het verschil tussen klacht en probleem?
    Klacht:
    Uitspraak van cliënt waaruit blijkt dat bepaalde ervaringen als zorgwekkend of negatief worden beleefd ( hij zit nooit stil)

    Probleem:
    Er is een psychologische en opvoedkundig opzicht sprake van een bedriegende situatie ( de jongen is beweeglijk en onrustig in een mate die niet past bij de omstandigheden en bij de leeftijd  van het kind)
  • Wat is een klacht
    Uitspraak van cliënt waaruit blijkt dat bepaalde ervaringen als zorgwekkend of negatief worden beleefd. 
  • Wat houdt de probleemanalyse in?
    Probleembeschrijving in vaktermen 
    Probleemordening en benoemde 
    - ordenen obv categorieën van de cbcl of DSM 5
    - thematische ordening
    - chronologische ordening 

    Taxatie van de ernst
    - past het gedrag bij de leeftijd
    - hoe vaak treedt het probleem gedrag op
    - is het situatie gebonden 
    - is het specifiek voor psychopathologie?

    Is een onderkennende diagnose mogelijk
  • Met welke punten houdt je rekening bij een ernsttaxatie 
    - past het gedrag bij de leeftijd
    - hoe vaak treedt het probleem gedrag op
    - is het situatie gebonden
    - is het specifiek voor de psychopathologie? 
  • Wat wordt er geformuleerd in het onderzoeksplan Noem de 4 faess 
    Hypothese
    Er is sprake van 

    Onderzoeksplan
    verloopt per onderzoekshypothese
    onderzoeksmiddel
    toetsingscriterium 

    Toetsing
    Resultaten per onderzoekshypothese

    Conclusie
    De hypothese wordt verworpen of aangenomen
  • Wat is het belang va een hypothese?
    Voor keuze en richting van de diagnostisch scenario en behadeling
    oog hebben voor een alternatieve verklarng
    Inzichtelijkheid diagnostisch proces
    theorie als basis 
    Doelgericht onderzoeken, richtlijn voor de behandeling
  • Welke vorm van stelling valt onder de onderkennende hypothese
    Er is sprake van een syndroom of classificatie 

    De ernst van de rekenproblemen duiden op dyscalculie

    Er is sprake van een angst stoornis
  • Welke vier clusters heb je bij thematische ordening van problemen 
    Cognitief functioneren

    sociaal emotioneel functioneren 

    neuromotorisch functioneren 

    Groei en gezondheid
  • Wat wordt verstaan onder cognitief functioneren 
    Leerproblemen
    Aandachtsmoeilijkheden
    prestaties en gedrag op school
  • Wat wordt verstaan onder sociaal functioneren 
    Gedragsproblemen 
    hechtingsproblemen 
    Relaties binnen het gezin
    sociale vaardigheden 
    psychopathologie 
  • Wat wordt verstaan onder neuromotorisch functioneren 
    Fijne motoriek 
    grove motoriek 
  • Wat wordt verstaan onder groei en gezondheid 
    Medische problemen 
    chronische ziekte
    Fysieke beperkingen 
  • Wat houdt de verklaringsanalyse in?
    Wat kan de verklaring zijn van de problemen of psychopathologische beelden die bij de onderkennende hypotheses zijn aangegeven en die zich uiten op gedragsniveau. 
  • Wat houdt de verklaringsanalyse in?
    Wat kan de verklaring zijn van de problemen of psychopathologische beelden die bij de onderkennende hypotheses zijn aangegeven en die zich uiten op gedragsniveau. 
  • Op welke drie verklaringen is de verklaringsanalyse gebaseerd? 
    Biologische factoren ( genetische, lichamelijke of familiare aanleg

    Sociale en contextuele omstandigheden ( opvoeding of interactie binnen het gezin, op school of met vrienden, woonsituatie en vrije tijdsbesteding 

    Cognitief - affectieve / psychologische factoren 
    ( belangrijke interpretaties 
  • Hoe omschrijf je een verklarende hypothese
    Een verklarende hypothese bevat een CONDITIE of een combinatie van condities waarmee een probleem met een zekere waarschijnlijkheid kan worden verklaard. 

    Moeder heeft last van opvoedinsstress waardoor spanning binnen het gezin is onstaan en het kind reageert door zich terug te trekken
  • Wat zegt een verklarende hypothese
    Waardoor ontstaat het probleem? 
  • Wat zijn de componenten van een verklarende hypothese?
    Een of meerdere probleemclusters
    een conditie of combinatie van conditie 
    een causale relatie 
    gebaseerd op een theoretisch kader. 
  • Wat houdt een conditie in bij een verklarende  hypothese 
    Een in een wetenschappelijke literatuur genoemde veroorzakende of in standhoudende factor 
  • Hoe ziet een verklaringsanalyse er uit
    Voorlopig denkschema ( indicaties en contra indicaties) 
    Opstellen van verklarende hypothese ( moeder heeft last van...)

    onderzoekshypothesen opstellen met een onderzoeksplan

    aannemen verwerpen of aanhouden van de hypothese

    integratief beeld 
  • Wat betekend een integratief beeld 
    Resultaat van je diagnostische informatieverzameling 
  • Welke informatie staat in een integratief beeld 
    Antwoorden op onderkennende en verklarende hypothese
    onverwachte resultaen 
    terugkoppeling naar de hulpvraag
    beschermende factoren 
    eventueel aan de hand van een definitief denkschema (pijlen schema) 
  • Welke instrumenten vallen onder de diagnostische onderzoeksinstrumenten? 
    Test, observaties, vragenlijst om te onderzoeken of je je hypothese kan aannemen of weerleggen

    Na een eerste rond moet je op basis van de resultaten mogelijk je verder onderzoeksplan aanscherpen. Blijft een cyclisch proces. 
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Wat is LVB volgens de richtlijnen diagnostisch onderzoek LVB?
  • Significante beperkingen in de intelligentie, uitgedrukt in een totale IQ score van 70-75 of lager
  • Significante beperkingen in adaptief gedrag, ook wel (sociaal) aanpassingsvermogen genoemd. Dit kan worden onderverdeeld in conceptuele vaardigheden (zoals taal en getalbegrip), sociale vaardigheden en praktische vaardigheden (zoals persoonlijke verzorging en gebruik van vervoer).
  • De beperking moet voor het 18e jaar zijn ontstaan
Wat is de LEM?
Leertest voor etnische minderheden: voor Turkse en Marokkaanse kinderen van 5;4 tot 7;9 jaar. Er is eerst een oefenfase. Tijdens de testfase wordt hulp geboden als het kind een fout maakt door middel van goed-fout informatie en voordoen-samendoen-nadoen. De instructie is non-verbaal.
Wat is de LOK?
Leertoetsen voor Oudste Kleuters. Het betreft een rekentoets en een toets voor fonemisch bewustzijn. Bij de rekentoets gaat het bijvoorbeeld om tellen en begrippen als meer en minder, maar ook dingen in de goede volgorde leggen en geometrische figuren ordenen. Bij de toets voor fonemisch bewustzijn wordt bijvoorbeeld gekeken of het kind woorden kan onderscheiden in een zin, of het een zin kan nazeggen en of het kind weet wat van een woord overblijft als er een deel van wordt weggehaald.
Welke 3 deeltheorieën worden onderscheiden in de triarchische theorie over intelligentie van Sternberg?
  • Contextuele theorie: intelligentie moet begrepen worden in de sociaal-culturele context waarin een persoon opgroeit.
  • Ervaringstheorie: de bekwaamheid om met nieuwe soorten taken om te gaan en om processen van informatieverwerking te automatiseren.
  • Componententheorie: analyseert en identificeert elementaire informatieverwerkingsprocessen die zorgen voor verwerking van representaties van objecten en symbolen.
Wat zijn 2 belangrijke begrippen in de cultuurhistorische theorie van Vygotsky?
  • Internalisatie: een kind werkt onder leiding van een volwassene aan een taak, waarbij hij de werkwijze en denkmiddelen die de volwassene hoorbaar en zichtbaar gebruikt in het reguleren van de interactie zich eigen maakt, inclusief diens aanwijzingen voor het oplossen en vereenvoudigen van een probleemsituatie. Hierdoor leert het kind het zelf uitvoeren.
  • Zone van naaste ontwikkeling
Wat zijn de functies van dossiervorming?
  • Archivering van alle beschikbare gegevens wat het basismateriaal biedt voor kritische reflectie op het proces van diagnostiek en hulpverlening
  • Het biedt de mogelijkheid om binnen een instelling met elkaar te communiceren over de betreffende zaak
  • Het biedt in één oogopslag overzicht over het stadium van het proces van diagnostiek en behandeling
  • Bij een eventuele klacht of discussie achteraf over de handelswijze van de diagnosticus of hulpverlener kunnen beweringen worden aangetoond of weerlegd
Waar moet je rekening mee houden bij de interpretatie van (slechte) testprestaties?
  • Stoornissen in de zintuiglijke en/of motorische functies
  • Stoornissen in andere cognitieve functies zoals concentratie
  • Kwalitatieve analyse van de testgegevens
  • Gedragsobservaties
  • Emotionele problemen
  • Culturele factoren
  • Andere factoren zoals pijn, medicatie, vermoeidheid en bijzondere situaties als sinterklaas of een verjaardag
Wat is een voordeel en nadeel van de psychometrische (kwantitatieve) testbenadering?
Voordeel: het niveau van functioneren kan worden vastgesteld en vergeleken met normscore. Scores op verschillende tests kunnen vergeleken worden om tot een neurocognitief profiel te komen.
Nadeel: de testuitslag geeft onvoldoende inzicht in de wijze waarop een kind tot een bepaald resultaat komt.
Welke domeinen worden onderzocht met neuropsychologisch onderzoek?
  • Intellectueel functioneren
  • Executieve functies
  • Leren en geheugenfuncties
  • Schoolse vaardigheden
  • Taalfuncties
  • Perceptuele functies
  • (Psycho)motorische functies
  • Visueel-ruimtelijke functies
  • Visueel-constructieve functies
  • Aandacht en concentratie
  • Snelheid van informatieverwerking
  • Emotioneel en psychosociaal functioneren
Wat zijn redenen voor een neuropsychologisch onderzoek?
  • Evaluatie van de problematiek
  • Bijdrage aan de neurologische diagnose
  • Bijdrage aan de prognose en behandelingsplan
  • Evaluatie van de ontwikkeling van het kind en van de behandeling
  • Voorlichting, informatie en inzicht