Summary hf 8 verschillende dieeten

-
115 Flashcards & Notes
1 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

Summary - hf 8 verschillende dieeten

  • 8.1 dieeten

  • Wat zijn de verschillen van veel soorten dieeten
    Verschillen in samenstelling van voedingsmiddelen en verhoudingen van voedingsstoffen (macronutrienten ) en de achterliggende theorieen.
  • Wat is een nadeel van afvaldieeten
    Langdurig volgen kan leiden tot tekorten van bepaalde voedingsstoffen. 
    kunnen het niet lang volhouden 
    gewichtsverlies is niet blijvend 
    dieet met zeer lage energie inname kan zorgen voor veel gewichtsverlies in korte tijd naast vetmassa ook overmatig veel spiermassa
  • Wat zijn veel toegepast methoden
    Medicijngebruik pillen poeders en maaltijdvervangers
  • Wat is de verdeling volgens de gezondheidsraad van de energie inname
    10-25 % eiwitten 
    20-3-/35% vetten 
    40-70% verteerbare koolhydraten
  • Wat zijn de 5 categorieen afval dieeten
    Eiwitrijke dieeten
    vetarm/koolhydraatrijke 
    laag glycemische index
    bepaalde producten zijn verplicht, andere moeten gemeden worden op basis van onvoldoende wetenschappelijk onderbouwende regels
    gericht op een gezond eetpatroon
  • Wat is een eiwitrijk dieet (koolhydraatmijdend en geef een voorbeeld
    Leveren een normale hoeveelheid energie uit vet. Relatief veel energie uit eiwit en een matige hoeveelheid energie uit koolhydraten. 
    dukan, paleo, dr frank, atkins
  • Wat zijn de kenmerken pluspunten en minpunten
    Veel energie uit eiwitten en vet, weinig uit koolhydraten theorie mijden van koolhydraten gunstig effect op bloedsuiker gehalte. Plus: per hoeveelheid energie (kcal) verzadigen eiwitten meer dan koolhydraten en vetten. Behoudt meer spiermassa. Min: voeding bevat weinig vezels door gebrek aan volkoren producten op lange termijn risico op tekorten door te weinig fruit, vezels en calcium
  • Wat zijn de fysiologische effecten
    Eiwit verzadigt meer dan koolhydraten en vetten dit leidt tot een lagere energiename op korte termijn. Als de energie inneming niet wordt verlaagd zorgt een eiwit rijke voeding niet voor afvallen. 
    aantal calorieën beperkt leveren eiwitten veel energie de totale inname van eiwitten is niet meer bij een normale voeding 
  • Wat is de conclusie
    Resulteert in gewichtsverlies. Op lange termijn om het gewicht vast te houden met gezond gevarieerd en volwaardig eetpatroon
  • Wat zijn voorbeelden van eiwitrijk diepten gebaseerd op gi (glycemische index) suiker.
    Total wellbeing diet, mayo dieet, south beach dieet. 17 dagen dieet.
  • Wat zijn de kenmerkten pluspunten en min punten.
    Veel energie uit verzadigd vet, matige hoeveelheid energie uit koolhydraten. Mijnden bepaalde koolhydraten producten met lage glycemische index. 
    plus: per hoeveelheid energie kcal verzadigen eiwitten meer dan koolhydraten en vetten. Meer groente, fruit, mager vlees en vis. 
    min: tekort aan vitaminen a. In magere producten en olie zit weinig vit a lichaam zet namelijk calorieën uit groente om in vitamine 
  • Wat is het fysiologisch effect
    De gi (glycemische index) geeft een inschatting voor de snelheid waarmee de bloedsuikerspiegel stijgt als iemand koolhydraten heeft gegeten. De gL (glycemische last) houdt rekening met de hoeveelheid koolhydraten in een product en met de hoeveelheid die iemand eet voedingsmiddelen met een lage gi hebben een verzadigd effect. Onduidelijk of dit komt door lage gi of bestanddelen producten met lage gi bevatten meer eiwit en vezel en weinig vet en energie. Veel groente en fruit: verbrand aan een lagere BMI is onduidelijk relatie tussen gi en BMI. Mogelijk effect van gi onvoldoende geven uit lange termijn.
  • Wat is de conclusie
    Resulteren op gewichtsverlies op lange termijn een gezond gevarieerd volwaardig eetpatroon
  • Voorbeelden van vetarm/koolhydraatrijke dieeten
    Vetvrij dieet Cornisch geriesis dieet
  • Wat zijn de kenmerken, pluspunten en minpunten
    Weinig energie uit vet, uit verzadigd vet, normale hoeveelheid energie uit eiwitten en veel energie van de koolhydraten. Vetten uit onze voeding leiden tot vetopslag in ons lichaam. Veel vezels. 
    plus: vermindering hoeveelheid vet, gevolg lagere hoeveelheid energie in voeding (gewichtsverlies) 
    min: tekort aan vet oplosbare vitamines 
  • Wat zijn de fysiologische effecten
    Verlaging vetgehalte met 10 energieprocenten- gewichtsafname van ongeveer 2 tot 3 kilo. Iemand minder energie binnen als iemand minder vet binnen krijgt (korte termijn). Op lange termijn wordt de daling in de inname deel gecompenseerd hangt af van wijze vervanging van vet. 
    bepaalde voedingsvezels stimuleren verzadiging en kunnen energie inneming verminderen meeste voedingsmiddelen met veel vezels, hoog koolhydraatgehalte, laag vetgehalte, lage energiedichtheid. BMI is lager als hoger percentage energie afkomstig is van koolhydraten uit volkoren producten minder gunstig als suiker, vet vervangt. Suiker leidt niet meteen tot aankomen. Zorgt ervoor dat er minder voedingsstoffen in een product zit per 100 gram. 
  • Wat is de conclusie
    Resulteren gewichtsverlies. Op lange termijn gezond, gevarieerd en volwaardig eetpatroon.
  • Wat zijn voorbeelden van dieetknop lage glycemische index
    Snelle fatburner dieet. GL dieet, montignac dieeet
  • Wat zijn de kenmerken, pluspunten en minpunten
    Eten en drinken van voedingsmiddelen met een lage gi leidt tot gewichtsverlies omdat ze het bloedsuikergehalte minder snel laten stijgen. 
    plus: groot gebruik: groente, fruit, peulvruchten, volkoren producten en vezels en beperking verzadigd vet. 
    min: bepaalde producten bv bonen en aardappels hebben hoge gi, maar leveren veel nuttige voedingsstoffen. Sommige dieeten hebben extra dieetregels waar geen bewijs is dat ze zorgen voor gewichtsverlies of een hoge vetverbranding. Bv glas lauw water met citroen. 
  • Wat zijn de fysiologische effecten
    Zie eiwitrijk dieet en categorie b
  • Wat is de conclusie
    Resulteerd op gewichtsverlies op lange termijn gezond, gevarieerd en volwaardig eetpatroon.
  • Bepaalde verplichte en/of te vermijden producten met onvoldoende wetenschappelijk onderbouwde regels geef voorbeelden
    Negatieve calorieën dieet, moermandieet, Carr, sapvasten, fit 4 life, detox, hormoonfactor, bloedgroep dieet.
  • Wat zijn de kenmerken, pluspunten en minpunten
    Gaan ervan uit dat ons lichaam bepaalde voedingsmiddelen bv zuivel of stoffen bv gluten niet kan verteren, met gevolg gewichtsstijging. Zeggen ook dat er giftige stoffen worden opgeslagen die met (sap) vasten worden verwijderd. Gewichtsverlies: bijkomstig. Geen wetenschappelijk bewijs. 
    plus: geen 
    min: groot risico op tekorten aan bepaalde voedingsstoffen. Bij (sap) vasten gaat gewicht omlaag door gebrek aan voedsel. Begin veel gewichtsverlies. Snel gaat het lichaam spierweefsel afbreken
  • Wat zijn de fysiologische effecten
    Energie inname laag. Gewichtsverlies groot
  • Wat is de conclusie
    Door eenzijdigheid of mijden een groot risico op tekorten aan voedingsstoffen
  • Geef voorbeelden van dieet gericht op een gezond eetpatroon
    Happy weight, gel with the program, dr Phil dieet, EGA, afvallen op maat
  • Wat zijn de fysiologische effecten
    Uitgangspunt is een gezond, gevarieerd en volwaardig eetpatroon, hoeveelheid energie inname niet lager dan 1000 tot 1500 kcal. Gevolg gewichtsverlies niet meer dan 0,5 tot 1 kilo per week
  • Wat is de conclusie
    Mogelijk gewicht verliezen en gezond gewicht te behouden.
  • Waarom wordt een zoete smaak geassocieerd met genieten
    Aangeboren voorkeur voor zoet
    oorsprong uit onze babytijd: moedermelk is zoet van smaak er zijn 2 hoofd groepen (zoetmakers) in voedingsmiddelen. Suikers en zoetstoffen 
  • Wat zijn voorbeelden van suikers
    Sacharose (sucrose of kristalsuiker) opgebouwd uit glucose en fructose. 
    glucose (druivensuiker)
    fructose (vruchtensuiker)
    lactose( melksuiker) 
    dit zijn mono of disachariden en vallen onder macronutrienten koolhydraten. 
  • Wat zijn de kenmerken
    Brandstof onder andere voor hersenen en spieren. 
    de voorbeeld zijn snelle suikers enkelvoudige of tweevoudige koolhydraten (mono of disscharden) zijn eenvoudige moleculen, die in de mond en maag uiteenvallen in monosachariden en zo eenvoudig en zeer snel worden opgenomen. 
  • Waarom zou je ervoor kiezen om deze suikers te verkiezen boven meervoudige koolhydraten met veel vezels
    Direct energie tekort door zware lichamelijke inspanning (duurtraining of cardiovasculaire trainingen bv marathon 
    diabetes mellitis 1 of 2 waarbij een hypoglykemie optreedt. Meestal sprake van lichamelijke inspanning of stress waardoor medicijnen tabletten of insulinepomp te veel glucose uit de bloedbaan haalt die dan wordt gebruikt voor lichamelijke inspanning. 
    snelle suikers zijn van levensbelang 
  • Waarvan wordt de klassieke kristalsuiker van gemaakt
    Uit sap van de suikerbieten ook uit sap van suikerriet 
    sommige producten komt nature suikers bv lactose in melk, fructose in honing
    veel verschillende suikersoorten. Zoetkracht loopt uiteen maar leveren dezelfde hoeveelheid energie. 4 kcal per gram
  • Waarvoor wordt deze energie gebruikt
    Lichamelijke activiteit, groei, energievoorraad opgeslagen in het lichaam (lichaamsvet) als er surplus is aan macronutrienten in totaal.
  • Waar zijn zoetstoffen onder te verdelen
    Laag calorische (intensieve zoetstoffen) en polyden( extensieve zoetstoffen)
  • Wat zijn de kenmerken van laag calorische zoetstoffen
    Ze moeten light varianten en no sugar varianten een zoete smaak geven. 
    zijn ook los verkrijgbaar als tabletjes of tafelzoetstof. 
    sterke zoetkracht ca 2oo x zoeter dan suiker daardoor hoeft er maar weinig van te worden gebruikt en leveren ze een verwaarloosbare hoeveelheid calorieën 
    aantal zoetstoffen worden niet verteerd via ontlasting en urine uit het lichaam en leveren geen calorieën 
  • Wat zijn voorbeelden van deze zoetstoffen die elkaar versterken
    Aspartaam, cyclamaal, sacharine en sucralose 
    staan altijd op het etiket 
  • Welke stoffen worden kunstmatig bewerkt.
    Thaumatine (e957)
    neohesperidine dc ( e959)
    steviolglycosiden (e960)
    komen uit de natuur
    e957 uit zaden van boom
    e 959 uit sinaasappelschil 
    e 960 uit stevia plant
  • Wat is en wat zijn de kenmerken van aspartaam
    Zoetstof gemaakt in fabriek en komt niet voor in natuur. 
    200 keer zoeter dan suiker
    geen calorieën 
    lichaam zet het om in fingcaline en asparagine zuur waarbij methanol ontstaat. Lichaam kan ze goed verwerken 
  • Het Italiaanse ramazzini instituut heeft 2 studies gepubliceerd waaruit zou blijken dat proefdieren kanker krijgen als gevolg van aspartaam wat is hier uit gebleken
    De EFSA (Europese voedselveiligheidautoriteit) heeft als conclusie dat de tumoren niet kwamen door de aspartaam maar omdat ze chronische ontstekingen hadden aan de ademhalingsorganen 
    de statistiek in het onderzoek klopt niet 
  • Wat zijn polyolen
    Extensieve afval/bulkzoetstoffen genoemd. 

    industrieel gemaakt maar kleine hoeveelheden van nature aanwezig in diverse fruit en groentesoorten 
    minder zoet dan suiker (sacharose) 
    0,4 tot 1 keer zoeter dan suiker
    lagere zoetkracht
    minder calorieën dan suikers
    erythrislal: enige polio met geen calorieën 
  • Waarom zijn polyolen nuttig zijn voor diabetespatienten
    Polyolen beïnvloeden niet of nauwelijks het bloedsuikergehalte
  • Wat kunnen complicaties zijn van te grote hoeveelheden ( meer dan 20 gram) polyolen
    Maagdarmklachten winderigheid, darmkramp diarree. Levensmiddelen met polyolen moeten verplicht melden overmatig gebruik kan een laxerend effect hebben.
  • Waarvoor worden polyolen gebruikt en waar komen ze in voor
    Zoetstof 
    technologische doeleinden: emulgator, stabilisator bevochtigingsmiddel, verdikkingsmiddel en textuurmiddel. 
    opname dunne darm is gering
    komen in natuur voor bv planten en bomen ( e967 xylilol) fruit, e968 erytrilol. Paddenstoelen e 421 mannilol. 
    kunstmatig gemaakt uit zetmeel en suiker
    xylitol (e967) uit houtvezels  
  • Wat heeft de gezamenlijke comité voor de levensmiddelen additieven van de FAO en de WGO (jecfa) besloten
    Polyolen veilig zijn voor de gezondheid en ad 1 beperking niet nodig is ( aanvaardbare dagelijkse inname)
  • Wat betekent e nummer
    Stoffen door de Europese autoriteit voor voedselveiligheid (Efsa) gecontroleerd zijn en gebruik veilig is pas zekerheid stof niet schadelijk voor gezondheid en niet te veel binnen kunt krijgen krijgt een stof e nummer
  • Wat zijn de negatieve effecten van gebruik aspartaam en polyolen
    Niet geschikt voor mensen met fenylkelonurie (pku) 
    laxerend effect 
  • Wanneer mag er light op de verpakking staan
    Beschermende term als er wordt voldaan aan wettelijke bepalingen. 
    super/superfood is geen beschermende term en mag altijd op de verpakking. 
    minimaal 30% minder energie kcal vet of suiker in het product zit vergeleken met het gewone product
    vermeld staan of het om energie, vet of suiker gaat
  • Wat zijn kenmerken van light producten
    Bv light frisdranken is een deel van suiker vervangen door zoetstoffen. 
    kan goed en gezond alternatief zijn voor gewoon product bv zuivelproduct. 30% minder vet en geen suiker zijn toegevoegd. 
    light betekend niet altijd minder kcal bv chips 100 gram meer koolhydraten en eiwitten en bevat dus energie
    kans bestaat dat je meer eet of drinkt waardoor je evenveel kcal binnenkrijgt 
  • Geef voorbeelden van superfoods ( mogen door iedereen gebruikt worden is niet wettelijk)
    Goji bessen cacaobonen chiazaad hennepzaad bijenpotten tarwegras kokosvet zee wier en algenxtracten
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.