Summary Hoorcolleges SEO + EP

-
225 Flashcards & Notes
2 Students
  • This summary

  • +380.000 other summaries

  • A unique study tool

  • A rehearsal system for this summary

  • Studycoaching with videos

Remember faster, study better. Scientifically proven.

PREMIUM summaries are quality controlled, selected summaries prepared for you to help you achieve your study goals faster!

Summary - Hoorcolleges SEO + EP

  • 1.1 Juridische relatievormen

  • Waarom is het huwelijksvermogensrecht van belang voor de schenk- en/of erfbelasting?
    Het huwelijksvermogensrecht bepaalt (mede) de omvang van de erfenis, het erfrecht bepaald dan de erfrechtelijke verkrijging en daar kun je dan de fiscale berekeningen van de schenk- en erfbelasting op loslaten.
  • Welke juridische samenlevingsvormen zijn er?
    1. Ongehuwd samenwonen: met en zonder notarieel samenlevingscontract
    2. Het geregistreerd partnerschap
    3. Het huwelijk
  • Zowel het huwelijk als het geregistreerd partnerschap is in Nederland, in tegenstelling tot in veel andere landen, geheel sekseneutraal.
  • 1.1.1 Ongehuwd samenwonen

  • Ongehuwd samenwonen heeft vermogensrechtelijk geen gevolgen.
  • Stel: je koopt als ongehuwd samenwonenden een woning, is deze woning dan deel van een gemeenschap?
    Ja, dit is het geval, alleen dit is een vermogensrechtelijke gemeenschap en niet een huwelijksvermogensrechtelijke gemeenschap zoals de gemeenschap van goederen.
  • Wat kun je als ongehuwd samenwonenden zoal op laten nemen in een notarieel samenlevingscontract?
    1. Dat een ieder zijn eigen vermogen houdt. Dat is eigenlijk een bevestiging van hetgeen al het geval is, immers zonder huwelijk of geregistreerd partnerschap is er geen sprake van een gemeenschap van goederen. 
    2. Een wederzijdse zorgverplichting, wat betekent dat je voor elkaar zult zorgen (ook financieel). Die zorgverplichting komt ook fiscaal weer terug!
    3. Kosten van de huishouding, voor ongehuwd samenwonenden wordt er vaak aangesloten bij de wettelijke regeling van huwelijk en geregistreerd partnerschap. Hierin heb je 2 smaken. Je betaalt ieder de helft van de kosten en houdt de vermogens gescheiden. Je ziet ook de variant dat er wordt bijgedragen naar verhouding van inkomen. 
    4. Je kunt in samenlevingscontract ook een regeling opnemen voor de gezamenlijke woning en inboedel. Dat zie je vaak bij mensen die intrekken in iemand die al een woning heeft etc. Als het dan mis loopt kan diegene er direct worden uitgezet, maar je kunt iets anders afspreken.
    5. Verblijvingsbeding: Je kunt afspreken dat bij het samen kopen van het huis, wanneer de ene partner overlijdt, dat de andere partner haar deel van het huis erft. Zo kun je zonder testament het huis overdragen aan de partner.
    6. Partnerpensioen: Als jij overlijdt, dan krijgt de partner het pensioen wat jij hebt opgebouwd. Bij gehuwden en geregistreerd partners is dit vanzelfsprekend, maar bij ongehuwd samenwonenden is dit niet zo en dus moet je dat registreren.
  • 1.1.2 Geregistreerd partnerschap

  • Wat zijn de vermogensrechtelijke verschillen tussen een geregistreerd partnerschap en een huwelijk?
    Die zijn er inmiddels in het geheel niet meer. Alles wat vermogensrechtelijk geldt voor het huwelijk, geldt ook voor het geregistreerd partnerschap!

  • Welke verschillen bestaan er nog tussen een geregistreerd partnerschap en een huwelijk?
    1. Het afstammingsrecht: in een geregistreerd partnerschap moet de vader het kind erkennen om vader te kunnen worden (pas dan kan het kind ook van de vader erven) (Artikel 1:199 BW)
    2. Een geregistreerd partnerschap kun je ontbinden door een verklaring bij de burgerlijke stand, mits men geen minderjarige kinderen heeft. Een echtscheiding loopt altijd via de rechter. (Artikel 1:80c BW)
    3. Scheiding van tafel en bed is niet mogelijk bij een geregistreerd partnerschap, maar wel bij een huwelijk (1:169 BW e.v.)
  • 1.2 Het huwelijksvermogensrecht in de wet

  • Het huwelijksvermogensrecht omvat in enge zin eigenlijk 3 titels. Welke titels zijn dit en waar gaan die over in grote lijnen?
    Titel 6: Algemene bepalingen tussen echtgenoten. Deze gelden altijd tussen echtgenoten ongeacht of er nu huwelijkse voorwaarden of een geregistreerd partnerschap is.
    Titel 7: De gemeenschap van goederen
    Titel 8: Huwelijkse voorwaarden
  • Wat houdt een scheiding van tafel en bed in?
    Scheiding van tafel en bed betekent dat je juridisch nog wel je getrouwd bent, maar feitelijk uit elkaar bent en vermogensrechtelijk ieder een eigen huishouding voert.
    Een scheiding van tafel en bed komt vandaag de dag nog maar heel sporadisch voor.
  • 1.2.1 Titel 6: Algemene bepalingen

  • Wat staat er in artikel 1:81 en 1:82 BW
    In 1:81 BW staat de zogeheten trouwgelofte. Je belooft elkaar trouw en je bent elkaar bijstand en hulp verschuldigd, ook in financieel opzicht. Ex. artikel 1:82 BW houdt dat ook in dat je de kosten moet dragen van kinderen die je hebt. 
  • Wat is geregeld over de kosten van de huishouding bij echtgenoten?
    Hoe de kosten van de huishouding worden verdeeld is geregeld in artikel 1:84 lid 1 BW. Dit werkt als volgt. 
    De kosten der huishouding, alsmede de kosten voor opvoeding en verzorging van de kinderen, komen als eerste ten laste van het gemeenschappelijk inkomen van de echtgenoten, daarna ten laste van hun eigen inkomen in evenredigheid daarvan, daarna ten laste van het gemene vermogen en ten slotte ten laste van het eigen vermogen.

    Deze bepaling is van regelend recht en hier kan dus van worden afgeweken.
  • Echtgenoten moeten voor bepaalde rechtshandelingen de toestemming hebben van de andere echtgenoot, willen zij die mogen uitvoeren. Waar staat dit en welke rechtshandelingen gaat het dan om?
    Het is te vinden in artikel 1:88 BW en het betreft de volgende rechtshandelingen:
    • Vervreemden of bezwaren van de echtelijke woning
    • Giften, anders dan de gebruikelijke, niet bovenmatige: geen toestemming voor de collectant. Maar bijvoorbeeld wel als het substantieel is. Wat dat is dat ligt aan de vermogenssituatie, dat kan al 100 euro zijn, maar ook 10.000 euro.
    • Verbinden als borg of hoofdelijk medeschuldenaar
    • Koop op afbetaling
  • Wat is de sanctie wanneer een echtgenoot een verboden rechtshandeling als bedoeld in Titel 6, Boek 1 uitoefent zonder toestemming van de andere echtgenoot?
    De rechtshandeling is door die andere echtgenoot dan vernietigbaar op grond van artikel 1:89 BW
Read the full summary
This summary. +380.000 other summaries. A unique study tool. A rehearsal system for this summary. Studycoaching with videos.

Latest added flashcards

Welke bepalingen in de successiewet regelen dat latente belastingschulden ook aangemerkt mogen worden als schulden en geven daarvoor de juiste waardering?
Artikel 20, leden 5 en 6, SW
De successiewet kent enkele gelijkstellingen? Wat zijn die gelijkstellingen?
De gelijkstellingen staan in artikel 19, SW.

Het zijn onder andere:
  • Ongehuwden die partner zijn op basis van artikel 1a, Sw; gelijkstelling met gehuwden
  • Aanverwantschap wordt gelijkgesteld met bloedverwantschap, maar eindigt zodra het huwelijk/GP eindigt anders dan door overlijden.
  • Pleegkinderen; met kinderen
  • en meer.

Wat is een kind voor de successiewet?
Dat is eveneens centraal geregeld in de Awr. Blijkens artikel 2, lid 3, onderdeel i, Awr is dit een eerstegraads bloed- of aanverwant
Wat regelt artikel 1a, lid 4, SW
Het vereiste dat dat men geen bloedverwanten in rechte lijn mag zijn geldt niet wanneer er sprake is van een zogeheten mantelzorg-partner. Dit is een zoon/dochter die in het jaar voor overlijden van de overledene voor hem/haar gezorgd heeft en daar van de SVB een zogeheten mantelzorgcompliment voor heeft ontvangen.
De overledene moet dan natuurlijk geen andere partner gehad hebben, anders geldt de bepaling niet.
Artikel 1a, leden 1 en 2, SW bevatten een aanscherping van de vereisten in artikel 5a, Awr. Wat houdt deze aanscherping in?
Leden 1 en 2 geven een aanscherping voor de samenwoners die niet zijn gehuwd of een geregistreerd partnerschap hebben. Zij moeten aan de volgende vereisten voldoen:
  • Beide meerderjarig zijn
  • Op hetzelfde woonadres zijn ingeschreven bij de GBA.
  • Een notarieel samenlevingscontract hebben
  • Ingevolge dat contract een wederzijdse zorgverplichting hebben (tenzij al meer dan 5 jaar samenwonend)
  • Geen bloedverwanten in rechte lijn zijn
  • Niet met een ander aan bovengenoemde voorwaarden voldoen

Verder is er in lid 2 een tijdsvereiste opgenomen, ten einde stervensplanning te voorkomen. Gedurende die periode moet minimaal aan de vereisten zijn voldaan.
  • Erfbelasting: 6 maanden
  • Schenkbelasting: 24 maanden
Hoe zit het in grote lijnen met het begrip partner in de Successiewet?
Sinds 2010 is het zo dat voor de successiewet in hoofdlijnen wordt aangesloten bij het partnerbegrip van artikel 5a, Awr, geregistreerd partnerschap  is gelijkgesteld met een huwelijk ex. artikel 2, lid 6, Awr.
Uitzonderingen op de hoofdregel vind je in de successiewet sinds 2010 in artikel 1a.
1. Een man krijgt als last van de erflater opgelegd om voor diens paard te zorgen na zijn overlijden, is dit aftrekbaar?2. Is de last om een bepaald geldbedrag te gebruiken of te besteden aftrekbaar?
In beide gevallen is het niet aftrekbaar. In situatie 1 niet omdat niet kan worden gezegd dat hier enig persoon wordt bevoordeeld, wat wel de bedoeling is.
In geval 2 niet omdat niet kan worden gesteld dat de persoon in kwestie is verarmt.
Wat is voor artikel 5, lid 1, SW het verschil tussen een legaat en een last.
Een legaat geeft een vorderingsrecht, een last niet. Een voorbeeld van een last is de verplichting aan de echtgenoot om een X bedrag te schenken aan een goed doel naar keuze. Ook lasten kunnen in aftrek genomen worden voor de toepassing van artikel 5, lid 1, SW.
Wat wordt verstaan onder 'last' in de zin van artikel 20, lid 1 en 2, SW?
Hier betreft het lasten in de zin van kosten die worden gemaakt in verband met het overlijden van de erflater. Deze kosten zijn niet aftrekbaar blijkens artikel 20, lid 1 en 2, SW behoudens de kosten voor de uitvaart.
Wat wordt verstaan onder 'last' in de zin van artikel 5, lid 1, SW?
Uiterste wilsbeschikkingen ten laste van een of meer erfrechtelijke verkrijgers voor zover het niet gaat om verplichtingen tot afgifte van legaten. Degene die door zo'n last wordt bevoordeeld verkrijgt dan ook krachtens erfrecht en moet daarover erfbelasting betalen.